Studie Lijden

Deze studie gaat over het moeilijk hebben in het algemeen. Lijden dus. Dat kan komen door de omstandigheden, die zwaar zijn of dat er pijn is in je lichaam of in je ziel. Daar gaat het in deze studie over.

<<deze studie bevat alleen nog maar over twee begrippen wat er in het Nieuwe Testament over is gezegd>>

Lijden/ervaren

Hieronder een groep woorden, die in het Nieuwe Testament meestal met lijden wordt vertaald.

WoordSoort woordStrongOpmerking:
1πάσχω
paschō
WerkwoordG3958
SB3434
Lijden
Komt 42 keer voor in 41 verzen.
KJV: suffer (39x), be vexed (1x), passion (with G3588) (1x), feel (1x).
2κακοπαθέω kakopatheōWerkwoordG2553
SB2265
Lijden
Komt vier keer voor in vier verzen.
KJV: endure hardness (1x), suffer trouble (1x), endure affliction (1x), be afflicted (1x).
3συμπάσχω sympaschōWerkwoordG4841
SB
Meelijden
Komt twee keer voor
KJV: suffer with (2x).
4πάθημα
pathēma
Zelfstandig
naamwoord
onzijdig
G3804
SB3284
Positieve of negatieve ervaring.
Komt 16 keer voor in 16 verzen.
KJV: suffering (11x), affliction (3x), affection (1x), motion (1x).
5πάθος
pathos
Zelfstandig
naamwoord
onzijdig
G3806
SB3286
Ervaringen
Komt 3 keer voor in 3 verzen.
KJV: inordinate affection (1x), affection (1x), lust (1x).

Het werkwoord pascho betekende in het Grieks ervaren of ondervinden. Dat kan iets goeds of iets kwaads zijn. In de Bijbel wordt het bijna altijd in negatieve zin gebruikt. Enkele keren zou het ook iets positiefs kunnen zijn of iets algemeens, zoals in Galaten 3:4.

Bij het tweede woord kakopatheo staat het woord kakos, is kwaad, er doelbewust bij. De schrijver laat er dan geen misverstand over bestaan dat het om iets kwaads ondervinden gaat. Twee keer komt ook het woord meelijden, samen met iemand lijden, voor.

Er zijn ook een tweetal zelfstandig naamwoorden. Ook die gaan over wat impact kan hebben op een mens. Bij dat woord kan het ook mooie impact hebben op een mens. In de Bijbel komt het met die betekenis niet voor.

Twee keer gaat het over een heel andere vorm van impact, namelijk verleidingen, die ons op een andere manier in prolemen brengen. Zie het aparte hoofdstuk hierover.

Alle teksten van de woorden, die in de tabel staan, worden hieronder geciteerd.

Er is ook nog een zelfstandig naamwoord maar dat woord benadrukt de ervaringen, het beleven. Dat woord past qua betekenis niet in dit rijtje.

In de wereld en in de christelijke wereld wel het lijden gebruikt voor natuurrampen en ernstige ziekten. Dat komen we bij de teksten voor dit woord niet tegen. Pijn lijden als gevolg van lichamelijke en psychisch komt wel bij het volgende hoofdstuk ‘pijn lijden’ voor.

Ik heb de teksten gesorteerd naar onderwerp. Allereerst gaat het om het lijden van Christus en hoe wij daarin kunnen delen. Vervolgens om het lijden van mensen. <<>>

Lijden van Christus

Matteüs 16:21. Vanaf die tijd begon Jezus zijn leerlingen duidelijk te maken dat Hij naar Jeruzalem moest gaan en veel zou moeten lijden door toedoen van de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden, en dat Hij gedood zou worden, maar op de derde dag uit de dood zou worden opgewekt.

Matteüs 17:12. En Ik zeg jullie dit: Elia is al gekomen, maar in plaats van hem te erkennen hebben ze met hem gedaan wat ze wilden. Zo zal ook de Mensenzoon door hun toedoen moeten lijden.’

Marcus 8:31. Hij begon hun te leren dat de Mensenzoon veel zou moeten lijden en door de oudsten van het volk, de hogepriesters en de schriftgeleerden verworpen zou worden, en dat Hij gedood zou worden, maar drie dagen later zou opstaan;

Marcus 9:12. Hij antwoordde: ‘Elia komt inderdaad eerst en herstelt alles, maar over de Mensenzoon staat toch geschreven dat Hij veel moet lijden en met verachting behandeld zal worden?

Lucas 9:22. Hij zei: ‘De Mensenzoon zal veel moeten lijden en door de oudsten, de hogepriesters en de schriftgeleerden worden verworpen en gedood, maar op de derde dag zal Hij uit de dood worden opgewekt.’

Lucas 17:25. Maar eerst moet Hij veel lijden en door deze generatie verworpen worden.

Lucas 22:15. Hij zei tegen hen: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit pesachmaal met jullie te eten voor de tijd van mijn lijden aanbreekt.

Lucas 24:26. Moest de messias al dat lijden niet ondergaan om zijn glorie binnen te gaan?’

Lucas 24:46. Hij zei tegen hen: ‘Er staat geschreven dat de messias zal lijden en sterven, maar dat Hij op de derde dag zal opstaan uit de dood,

Handelingen 1:3. Dat Hij leefde heeft Hij hun na zijn lijden en dood herhaaldelijk bewezen door gedurende veertig dagen in hun midden te verschijnen en met hen over het koninkrijk van God te spreken.

Handelingen 3:18. Zo heeft God echter in vervulling doen gaan wat Hij bij monde van alle profeten had aangekondigd: dat zijn messias zou lijden.

Handelingen 17:3. … toonde hij aan dat de messias moest lijden en sterven en daarna uit de dood moest opstaan. ‘Deze messias,’ zo zei hij, ‘is Jezus, die ik u nu verkondig.’

Handelingen 26:23. … namelijk dat de messias zou lijden en sterven en dat Hij als eerste van de doden zou opstaan om aan zijn eigen volk en aan de andere volken het licht te verkondigen.’
Opmerking: hier staat het eenmalig voorkomende bijvoeglijk naamwoord παθητός (pathētos) G3805

Lijden van mensen

Matteüs 17:15. … en zei: ‘Heer, heb medelijden met mijn zoon, want hij is maanziek en lijdt daar erg onder; hij valt dikwijls in het vuur of in het water.

Matteüs 27:19. Terwijl hij op de rechterstoel zat, werd hem een boodschap van zijn vrouw gebracht: ‘Laat je niet in met die rechtvaardige! Om Hem heb ik namelijk vannacht in een droom veel moeten lijden.’

Marcus 5:26. Ze had veel ellende doorgemaakt door de behandeling van allerlei artsen, aan wie ze haar hele vermogen had uitgegeven zonder dat ze ergens baat bij had gehad; integendeel, ze was alleen maar achteruitgegaan.
Opmerking: andere vertalingen: ze had veel geleden.

Lukas 13:2. En Jezus antwoordde en zei tegen hen: Denkt u dat deze Galileeërs grotere zondaars zijn geweest dan alle andere Galileeërs, omdat zij zulke dingen geleden hebben? [HSV]

Hier gaat het over wat de apostel Paulus zal moeten meemaken. Handelingen 9:16. Ik zal hem tonen hoezeer hij moet lijden omwille van mijn naam.’

Handelingen 28:5. Paulus schudde de slang echter van zich af in het vuur en bleef volstrekt ongedeerd. 
Opmerkingen: letterlijk staat er: hij ondervond geen enkel letsel

Romeinen 8:17. En als we zijn kinderen zijn, zijn we ook zijn erfgenamen: erfgenamen van God, samen met Christus. Want wij delen in zijn lijden om ook met Hem te kunnen delen in Gods luister.
Opmerking: hier staat het woord συμπάσχω sympaschō wat meelijden betekent.

Romeinen 8:18. Ik ben ervan overtuigd dat het lijden van deze tijd in geen verhouding staat tot de luister die ons in de toekomst zal worden geopenbaard.
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

1 Korintiërs 12:26. Wanneer één lichaamsdeel pijn lijdt, lijden alle andere mee; wanneer één lichaamsdeel met respect behandeld wordt, delen alle andere in die vreugde.
Opmerking: na het eerste woord dat met lijden is vertaalt, staat ook hier het woord συμπάσχω sympaschō wat meelijden betekent

2 Korintiërs 1:5-7. Want zoals wij volop delen in het lijden van Christus, zo delen wij volop in de troost die God ons door Christus geeft. Ondervinden we tegenspoed, dan is het opdat u bemoedigd en gered wordt. Worden we bemoedigd, dan is het opdat u de moed krijgt te volharden in hetzelfde lijden als wij ondergaan. De hoop die wij voor u hebben is dus gegrond: we weten dat zoals u deelt in ons lijden, u ook deelt in de troost die ons gegeven wordt.

Opmerking: in deze tekst staat drie keer het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen. In vers 6 staat ook het werkwoord pascho dat met ondergaan is vertaald.

Wat we hebben ervaren


Het leven met Jezus kent moeilijke en vreugdevolle momenten. Soms is wat op je afkomt lastig, maar vooral als je op weg bent kan het je enorm bemoedigen. Het leven met Jezus is niet saai. Van het leven met Jezus leer je en het bouwt je op.

Het leven van Jezus zelf ging ook van heel lastige en nare momenten tot heel mooie momenten. Zelfs aan het kruis ontving nog iemand het eeuwige leven.

Hieronder de teksten, waarbij de Griekse woorden dikwijls met ‘lijden’zijn vertaald, maar wat je ook anders zou kunnen opvatten.

Galaten 3:4. Is alles wat u hebt meegemaakt dan voor niets geweest? Dat kan toch niet!
Opmerking: de HSV vertaalt: Hebt u tevergeefs zoveel geleden? Als het toch eens tevergeefs was!

Filippenzen 1:29. Aan u is de genade geschonken niet alleen in Christus te geloven, maar ook omwille van Hem te lijden.

Filippenzen 3:10. Ik wil Christus kennen door de kracht van zijn opstanding te ervaren, door te delen in zijn lijden en aan Hem gelijk te worden in zijn dood,
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval, gezien de context, nare ervaringen.

Kolossenzen 1:24. Ik ben verheugd dat ik nu voor u lijd en dat ik in mijn lichaam mag aanvullen wat er nog ontbreekt aan het lijden omwille van Christus, ten behoeve van zijn lichaam, de kerk,

Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen. Voor het lijden omwille van Christus is het Griekse woord thlipsis gebruikt, woordnummer G2347, dat je met verdrukking kunt vertalen. Zie ook bij het hoofdstuk over dit woord

1 Tessalonicenzen 2:14. Het is u, broeders en zusters, immers net zo vergaan als Gods gemeenten in Judea die Christus Jezus toebehoren. U hebt even zwaar onder uw stadsgenoten geleden als zij onder de Joden.

2 Tessalonicenzen 1:5. Ze zijn het bewijs dat God rechtvaardig oordeelt wanneer Hij u zijn koninkrijk, waarvoor u nu lijdt, waardig acht.

2 Timoteüs 1:8. Schaam je er dus niet voor om van onze Heer te getuigen; schaam je ook niet voor mij, die omwille van Hem gevangenzit, maar deel in het lijden voor het evangelie, met de kracht die God je geeft.
Opmerking: de apostel Paulus gebruikt hier eenmalig het Grieks woord συγκακοπαθέω, sygkakopatheō, woordnummer G4777. Het woord syn staat voor met of samen en kakos ging over slecht en dan het woord voor ervaren.

2 Timoteüs 1:11b-12a. Ik ben aangesteld als verkondiger, apostel en leraar van dit evangelie; daarom moet ik dit alles ondergaan.

2 Timoteüs 2:3. Deel in het lijden als een goed soldaat van Christus Jezus.
Opmerking: hier staat in het Grieks kakopatheō, iets naars ervaren.

2 Timoteüs 2:9. … en omwille van dit evangelie heb ik veel te verduren; ik ben zelfs als een misdadiger gevangengezet. Maar het woord van God laat zich niet gevangenzetten. 
Opmerking: hier staat in het Grieks kakopatheō, iets naars ervaren. De HSV vertaalt: Daarvoor lijd ik verdrukkingen.

2 Timoteüs 3:11. … en je hebt hetzelfde lijden en dezelfde vervolgingen ondergaan die mij in Antiochië, Ikonium en Lystra hebben getroffen. Ik heb ze allemaal doorstaan, de Heer heeft mij steeds weer gered. Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

2 Timoteüs 4:5. Jij echter moet in alles nuchter zijn, je lijden aanvaarden, je werk als verkondiger van het evangelie doen, je dienende taak vervullen.
Opmerking: hier staat in het Grieks kakopatheō, iets naars ervaren.

Hebreeën 2:9-10. … wel zien we dat Jezus, die voor korte tijd lager geplaatst was dan de engelen, vanwege zijn lijden en dood met eer en luister gekroond is. Door Gods genade kwam zijn dood iedereen ten goede. Want om vele kinderen in zijn luister te laten delen achtte God, voor wie en door wie alles bestaat, het passend de grondlegger van hun redding door het lijden naar de uiteindelijke volmaaktheid te voeren.

Opmerking: hier staat twee keer het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

Hebreeën 2:18. Juist omdat Hij zelf, toen Hij op de proef werd gesteld, het lijden doorstaan heeft, kan Hij ieder die beproefd wordt bijstaan.

Hebreeën 5:8. Hoewel Hij zijn Zoon was, heeft Hij moeten lijden, en zo heeft Hij gehoorzaamheid geleerd.

Hebreeën 9:26. want dan zou Hij sinds de grondvesting van de wereld telkens opnieuw hebben moeten lijden. Nee, Hij heeft zich bij de voltooiing van de tijden eenmaal geopenbaard, om met zijn offer de zonde teniet te doen.

Hebreeën 10:32. Herinner u de dagen van weleer, toen u, door het licht beschenen, in een moeizame worsteling met het lijden hebt standgehouden:
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

Hebreeën 13:12. Daarom heeft ook Jezus, om met zijn eigen bloed het volk te heiligen, buiten de stadspoort geleden.

Jakobus 5:10. Neem een voorbeeld aan het geduldige lijden van de profeten die in de naam van de Heer spraken.
Opmerking: hier gebruikt de apostel Jacobus een woord dat eenmalig in het Nieuwe Testament voorkomt. Het is het zelfstandig naamwoord van het gelijknamige werkwoord κακοπάθεια, kakopatheia, woordnummer G2552

Jakobus 5:13. Als een van u het moeilijk heeft, laat hij bidden; is hij vrolijk, laat hij een loflied zingen.
Opmerking: hier staat in het Grieks kakopatheō, iets naars ervaren. DE HSV vertaalt: Is iemand onder u in lijden?

1 Petrus 1:11. Zij probeerden vast te stellen op welke tijd en op welke omstandigheden Christus’ Geest, die in hen werkzaam was, doelde toen deze voorzegde dat Christus zou lijden en daarna in Gods luister zou delen.
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

1 Petrus 2:19. Het is een blijk van genade als iemand, doordat zijn aandacht op God gericht is, in staat is onverdiend leed te verdragen. Immers, wanneer u de slagen verdraagt die u krijgt als straf voor wangedrag, levert dat u toch geen aanzien op? Het is echter een blijk van Gods genade wanneer u verdraagt wat u moet lijden voor uw goede daden. Dat is uw roeping; ook Christus heeft geleden, omwille van u, en heeft u daarmee een voorbeeld gegeven. Treed dus in de voetsporen van Hem die geen enkele zonde beging en nooit bedrieglijke taal sprak. Hij werd gehoond en hoonde zelf niet, Hij leed en dreigde niet, Hij liet het oordeel over aan Hem die rechtvaardig oordeelt.

1 Petrus 3:14. Maar zelfs als u zou lijden omwille van de gerechtigheid, dan bent u toch gelukkig te prijzen. Wees daarom niet bang voor de mensen en laat u door niets in verwarring brengen;

1 Petrus 3:17-18. Het is beter te lijden – indien God dat wil – omdat men goeddoet dan omdat men kwaad doet. Ook Christus immers heeft, terwijl Hij zelf rechtvaardig was, geleden voor de zonden van onrechtvaardigen, voor eens en altijd, om u zo bij God te brengen. Naar het lichaam werd Hij gedood maar naar de geest tot leven gewekt.

1 Petrus 4:1. Nu dan, omdat Christus tijdens zijn leven op aarde heeft geleden, moet u zich wapenen met dezelfde gezindheid als Hij. Immers, wie in zijn aardse leven geleden heeft, heeft afstand genomen van de zonde.

1 Petrus 4:13. Hoe meer u deel hebt aan Christus’ lijden, des te meer moet u zich verheugen, en des te uitbundiger zal uw vreugde zijn wanneer zijn luister geopenbaard wordt.
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

1 Petrus 4:15. Laat niemand van u moeten lijden omdat hij een moordenaar is, een dief, misdadiger of onruststoker.

1 Petrus 4:19. Daarom moeten allen die lijden omdat God dat wil, het goede blijven doen en hun leven in handen leggen van de trouwe schepper.

1 Petrus 5:1. Ik doe een beroep op de oudsten onder u. Als uw mede-oudste en als ooggetuige van Christus’ lijden, en omdat ik evenals u zal delen in de luister die binnenkort zal worden geopenbaard, vraag ik u: <<
Opmerking: hier staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

1 Petrus 5:9-10. Stel u tegen hem teweer, gesterkt door uw geloof, in het besef dat uw broeders en zusters, waar ook ter wereld, hetzelfde lijden moeten doorstaan. Maar al moet u nog korte tijd lijden, God, de bron van alle genade, die u geroepen heeft om in Christus deel te krijgen aan zijn eeuwige luister, Hij zal u sterk en krachtig maken, zodat u staande zult blijven en niet zult wankelen.
Opmerking: in het eerste vers staat het zelfstandig naamwoord pathēma dat duidt op positieve of negatieve ervaring. In dit geval gezien de context nare ervaringen.

Openbaring 2:10. Wees niet bang voor het lijden dat u nog te wachten staat. Sommigen van u zullen door de duivel in de gevangenis worden gegooid, en zo op de proef worden gesteld; tien dagen lang zult u het zwaar te verduren hebben. Wees trouw tot in de dood, dan zal Ik u als lauwerkrans het leven geven.

Hier is vertaald met lijden, maar dat staat niet in het Grieks

In het Nederland gebruiken we het woord lijden in allerlei situaties dat in het Grieks van de Bijbel dat niet voorkomt. We komen tegen ‘honger lijden’, ‘gebrek lijden’, ‘onrecht lijden’ en ‘pijn lijden’.

Lucas 6:25. Wee jullie die nu verzadigd zijn, want je zult honger lijden. Wee jullie die nu lachen, want je zult treuren en huilen.
Opmerking: er staat hongeren.

Lucas 15:14. Toen hij alles had uitgegeven, werd dat land getroffen door een zware hongersnood, en begon hij gebrek te lijden.
Opmerking: er staat dat hij te kort kwam. hysterio G3502.

1 Korintiërs 4:11. Tot op de dag van vandaag lijden we honger en dorst, hebben we nauwelijks kleren, worden we mishandeld, leiden we een zwervend bestaan.
Opmerking: er staat in het Grieks hongeren en dorsten.

Filippenzen 4:12. Ik weet wat het is om gebrek te lijden, maar ook wat het is om in rijkdom te leven. Ik heb alles aan den lijve ondervonden: overvloed en honger, rijkdom en gebrek.
Opmerking: er staat dat hij te kort kwam. hysterio G3502.

2 Petrus 2:12-13. Maar deze mensen, die net redeloze dieren zijn, van nature bestemd om gevangen en gedood te worden, lasteren wat ze niet eens kennen. Ze zullen aan hun eigen verderfelijke gedrag ten onder gaan en onrecht lijden als loon voor hun eigen onrecht. Ze genieten ervan om zich op klaarlichte dag volledig te laten gaan. En wanneer ze samen met u aan een feestmaal deelnemen, zijn ze een smet en schandvlek op uw gezelschap, omdat ze zwelgen in hun bedrieglijke genot.
Opmerking: hier staat dat mensen last hebben van ‘lijden’ vanwege hun eigen slechte gedrag.

1 Johannes 3:17. Hoe kan Gods liefde in iemand blijven die genoeg heeft om van te bestaan maar zijn hart sluit voor een broeder of zuster die hij gebrek ziet lijden?
Opmerking: hier staat dat een broeder of zuster iets nodig heeft, dat is in dit geval vertaald met gebrek ziet lijden.

Openbaring 7:16. Dan zullen ze geen honger meer lijden en geen dorst, de zon zal hen niet meer steken, de hitte hen niet bevangen.
Opmerking: er staat in het Grieks hongeren en dorsten.

Openbaring 9:5. Doden mochten ze hen niet, alleen pijnigen, vijf maanden lang; die mensen zouden pijn moeten lijden alsof ze door een schorpioen gestoken waren.
Opmerking: in deze zin staat tweemaal het zelfstandig naamwoord pijniging βασανισμός, basanismos, woordnummer G929 en eenmaal het werkwoord pijnigen βασανίζω, basanizō, woordnummer G928.

Dit woord wordt in het komende hoofdstuk verder onderzocht.

Wat je kunt meemaken door verleidingen

In de teksten hieronder worden de woorden gebruikt, die we hierboven vertalen met lijden of het lijden.

Romeinen 7:5. Toen we nog volgens aardse maatstaven leefden, werd heel ons doen en laten beheerst door de zondige hartstochten die de wet in ons opriep, en droegen we alleen vrucht voor de dood.

Opmerking: door waar de omgeving hen in beïnvloedde kwamen allerlei hartstochten boven.

Galaten 5:24. Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn aardse natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen. 

Opmerking: wat van buitenaf op je afkomt en wat van binnen in je kan ontstaan, begeerte, ἐπιθυμία (epithymia), woordnummer G1939 dat hebben we aan het kruis geslagen.

Pijn lijden

Wat wij noemen als pijn lijden, daar is in het Grieks ook een woord voor.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1βασανίζω basanizōWerkwoordG928
SB836
Pijnigen
Komt 12 keer voor in 12 verzen.
KJV: torment (8x), pain (1x), toss (1x), vex (1x), toil (1x).
2βασανισμός
basanismos
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
G929
SB837
Pijniging
Komt zes keer voor in vijf verzen.
KJV: torment (6x).
3βασανιστής
basanistēs
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
G930
SB838
Pijniger
Komt eenmaal voor
KJV: tormentor (1x).
4βάσανος basanos Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
G931
SB839
Komt 3 keer voor in 3 verzen
KJV: torment (3x)
ὀδυνάω odynaōWerkwoordG3600Komt 4 keer voor in 4 verzen

Als de vertalers van een werkwoord en zelfstandig naamwoord maken of andersom dat staat er hieronder een opmerking over.

Hieronder alleen als mensen worden gepijnigd. In Matteüs 14:24 en Marcus 6:48 gaat het om een boot, die door de wind en de golven wordt gepijnigd.

Pijn lijden

Matteüs 4:24. Het nieuws over Hem verspreidde zich in heel Syrië. Allen die ergens aan leden en gekweld werden door een ziekte of door pijn, en ook bezetenen en maanzieken en verlamden, werden bij Hem gebracht en Hij genas hen.
Opmerking: hier het zelfstandig naamwoord basanos.

Matteüs 8:6. ‘Heer,’ zei hij, ‘mijn knecht ligt thuis verlamd op bed en lijdt hevige pijn.’

Openbaring 12:2. En zij was zwanger en schreeuwde het uit in barensnood en in haar pijn om te baren.

Pijn laten lijden, folteren

Hier gaat het drie keer om dezelfde geschiedenis, namelijk bij de bezetene van Gardera.

Matteüs 8:29. Ze begonnen te schreeuwen en te roepen: ‘Wat hebben wij met Jou te maken, Zoon van God? Ben Je hier gekomen om ons pijn te doen nog voordat de tijd daarvoor is aangebroken?’
Marcus 5:7. … en luid schreeuwend zei hij: ‘Wat heb ik met Jou te maken, Jezus, Zoon van de allerhoogste God? Ik bezweer Je bij God: doe me geen pijn!’
Lucas 8:28. Toen hij Jezus zag, viel hij schreeuwend voor Hem neer en riep luidkeels: ‘Wat heb ik met Jou te maken, Jezus, Zoon van de allerhoogste God? Ik smeek Je, doe me geen pijn!’

Hier gaat het om de heer, die kwaad werd omdat een dienaar die veel was kwijtgeschlden zelf niet kwijtschold.
Matteüs 18:34. En zijn heer was zo kwaad dat hij hem in handen van de folteraars gaf tot hij de hele schuld zou hebben terugbetaald. Zo zal mijn hemelse Vader ook ieder van jullie behandelen die zijn broeder of zuster niet van harte vergeeft.’

En hier gaat het om de pijniging van de rijke man en de arme Lazarus. Lucas 16:23. Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde. Hij riep: “Vader Abraham, heb medelijden met mij en stuur Lazarus naar me toe. Laat hem het topje van zijn vinger in water dopen om mijn tong te verkoelen, want ik lijd pijn in deze vlammen.” Maar Abraham zei: “Kind, bedenk wel dat jij je deel van het goede al tijdens je leven hebt ontvangen, terwijl Lazarus niets dan ongeluk heeft gekend; nu vindt hij hier troost, maar lijd jij pijn.
Opmerking: het eerste woord is de vertaling van het zefstandig naamwoord basanos, de laatste twee keer gaat het om het werkwoord ὀδυνάω odynaō G3600 dat je met een minder heftig woord kunt vertalen.

Lucas 16:27-29. Toen zei de rijke man: “Dan smeek ik u, vader, dat u hem naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb nog vijf broers. Hij kan hen dan waarschuwen, zodat ze niet net als ik in dit oord van martelingen terechtkomen.” Abraham zei: “Ze hebben Mozes en de Profeten: laten ze naar hen luisteren!”

2 Petrus 2:7-8. Maar Lot, die rechtvaardig was en zwaar leed onder de losbandige levenswandel van die wettelozen, redde Hij. Deze rechtvaardige woonde in hun midden; dag in dag uit werd zijn rechtschapen ziel gekweld wanneer hij hoorde en zag hoe ze zich aan God noch gebod stoorden.

Openbaring 9:5. Doden mochten ze hen niet, alleen pijnigen, vijf maanden lang; die mensen zouden pijn moeten lijden alsof ze door een schorpioen gestoken waren.
Opmerking: hier eerst het werkwoord en daarna twee keer het zelfstandig naamwoord.

Openbaringen 11:10. De mensen die op aarde leven juichen om de dood van de twee profeten, en opgetogen sturen ze elkaar geschenken, want die profeten waren een grote kwelling voor hen geweest.

Openbaringen 14:9-11. Zij werden gevolgd door een derde engel, die met luide stem riep: ‘Als iemand het beest en zijn beeld aanbidt en het merkteken op zijn voorhoofd of zijn hand krijgt, zal hij de wijn van Gods woede moeten drinken, die onverdund in de beker van zijn toorn is geschonken. Hij zal in vuur en zwavel worden gepijnigd, onder de ogen van de heilige engelen en van het lam. De rook van die pijniging zal opstijgen tot in eeuwigheid. Wie het beest en zijn beeld aanbidden, of wie het merkteken van zijn naam draagt, ze krijgen geen rust, overdag niet en ’s nachts niet.’

Openbaring 18:7. Geef haar net zo veel pijn en rouw te dragen als zij zich luister en overvloed heeft gegund. Ze zegt bij zichzelf: Ik zit hier als een koningin, niet als een arme weduwe. Voor mij geen rouw!

Openbaring 18:10. Zij blijven van verre staan uit vrees voor haar pijniging en zeggen: Wee, wee de grote stad Babylon, de sterke stad, want in één uur is uw oordeel gekomen. [HSV]

Openbaring 18:15. De kooplieden van deze waren, die door haar rijk zijn geworden, zullen huilend en treurend op grote afstand blijven staan uit vrees voor haar pijniging, [HSV]

Openbaringen 20:10. En de duivel, die hen misleidde, wordt in de poel van vuur en zwavel gegooid, bij het beest en de valse profeet. Daar zullen ze dag en nacht worden gepijnigd, tot in eeuwigheid.

Verdrukking, benauwdheid, ellende, nood.

Er zijn diverse woorden en uitdrukkingen in de Bijbel, die je met verdrukking, benauwdheid, nood, ellende en verschrikking zou kunnen vertalen.

In het Oude Testament gaat het om persoonlijke nood, maar vooral over de verdrukking en nood voor het volk Israël.

In het Nieuwe Testament gaat het vooral om persoonlijke nood en van de gemeente vanwege het vertrouwen in Jezus als Heer.

Oude Testament

Ik heb vier Hebreeuwse woorden gevonden, die je met deze woorden zou kunnen vertalen.

 WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1צוֹק  tsowqZelfstandig naamwoord vrouwelijk en mannelijkH6695Grote angst, benauwdheid.
Komt 4 keer voor in 4 verzen.
KJV: anguish (4x).
2צָרָה  tsarahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH6869Leed, benauwdheid. ellende
Komt 73 keer voor in 72 verzen.
KJV: trouble (44x), distress (8x), affliction (7x), adversity (5x), anguish (5x), tribulation (3x), adversary (1x).
צַר
ṣar
Bijvoeglijk naamwoordH6862Vijand,
Komt 110 keer in 107 verzen voor
KJV: enemy (37x), adversary (26x), trouble (17x), distress (5x), affliction (3x), foes (2x), narrow (2x), strait (2x), flint (1x), sorrow (1x), miscellaneous (9x).
3פַּחַד paḥaḏ Zelfstandig naamwoord
mannelijk
H6343Komt 49 keer voor in 48 verzen.
KJV: fear (40x), dread (3x), great (2x), terror (2x), dreadful (1x), greatly (1x).
4אֵיד ‘eydZelfstandig naamwoord mannelijkH343Vernietiging
Komt 24 keer voor in 22 verzen.
KJV: calamity (17x), destruction (7x).
5אֵימָה ‘eymahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH367Terreur
Komt 17 keer voor in 17 verzen
KJV: terror(s) (7x), fear (5x), terrible (2x), dread (1x), horror (1x), idols (1x).
עֵת `eth  צָרָה  tsarahCombinatie van tijd en tsarah.H6256 H6869Een tijd van moeite, verdrukking.
Komt in 10 verzen voor.
KJV: ‘time of your tribulation’ (1x)

Het is mij niet gelukt om te ontdekken welke woord staat voor de grootste ellende en wat daarna.

Het woord tsowq komt maar vier keer voor. Overzichtelijk. Daar begin ik maar het eerst mee. Typisch dat het op ons woord ‘schok’ lijkt. Er zijn wel meer Hebreeuwse woorden, die in onze taal voorkomen.

Daarna in deze studie de meest voorkomende woorden eerst. De woorden tsarah en tsar als eersten. Het woord pachad. En dan de woorden ‘eyd en ‘eyma die respectivelijk 24 en 17 keer voorkomen.

Nood, ellende צוֹק  tsowq

Dit zijn de vier verzen waar het woord צוֹק  tsowq in voorkomt. In drie van de vier teksten worden ook nog andere woorden uit de tabel gebruikt. Dat geeft extra nadruk op de ellende.

Deze tekst is een ernstige waarschuwing wat iemand persoonlijk kan overkomen als hij goede raad van het boek van de Spreuken niet wil aannemen.
Spreuken 1:26-28. Daarom lach ik om je ongeluk, schater ik het uit om je ellende (‘eyd), wanneer ellende (pachad) op je afkomt als een storm, ongeluk als een onweer over je losbarst, leed (tsarah) en nood (tsowq) je treffen. Dan zul je me roepen, maar ik antwoord niet, je zult me zoeken, maar je vindt me niet.

In Jesaja hoofdstuk 8 gaat het over het oordeel wat het volk van Juda zal treffen. En dat is ook gebeurd enkele jaren later.
Jesaja 8:21-22. Men zal er terneergedrukt en hongerig rondtrekken. Wanneer het gebeurt dat men hongerlijdt, zal men uitbarsten in woede, en zijn ​koning​ en zijn God ​vervloeken. Of men de blik nu naar boven richt, of naar de aarde kijkt, zie, er zal benauwdheid (tsarah) en duisternis zijn, angstaanjagende (tsowq) donkerheid. En men zal voortgedreven worden, het donker in. [HSV]

Opmerking: Er worden in het boek Jesaja diverse redenen genoemd voor het oordeel. Voor deze tekst staat het in het kader van niet vragen en luisteren van God.
Jesaja 8:19. En wanneer men tot u zegt: Vraagt de geesten van doden en de waarzeggende geesten, die daar piepen en mompelen – zal een volk niet zijn God vragen? Zal men voor de levenden de doden (vragen)?

Jesaja heeft zijn profetie in hoofdstk 30, vanaf vers 6 de verdere tekst als titel ‘de profetie over de dieren’ meegegeven. Dat is het beeld, maar het gaat over het volk Israël. Het gaat over hun oordeel omdat ze niet willen gehoorzamen en godenbeelden vereren.
Jesaja 30:6. Profetie​ over de dieren van het Zuiden. Door een land van ellende (tsarah) en ontbering (tsowq) – het domein van leeuwin en leeuw, van adder en vliegende gifslang – vervoeren zij hun schatten op ezelsruggen, hun rijkdommen op kamelenbulten, naar een volk dat niets te bieden heeft.

Opmerking: uiteindelijk zal er ook voor hen genade zijn, zie bijvoorbeeld deze tekst.
Jesaja 30:18. En toch wacht de HEER op het ogenblik dat Hij jullie genadig kan zijn; toch zal Hij zich oprichten om zich over jullie te ontfermen. Want de HEER is een God van recht. Gelukkig de mens die op Hem wacht.

De vierde keer dat het woord tsowq voorkomt is in het boek Daniël. Als Daniël onderzoek doet naar het moment dat het volk zal terugkeren naar Jeruzalem dan ontdekt hij in het boek van de profeet Jeremia dat de terugkeer na zeventig jaar zou zijn.

Een ontdekking, die voor hem aanleiding is om voorbede te doen en God te smeken. En dan, vers 21 en 22; terwijl ik mijn gebed nog uitsprak, vloog Gabriël, de man die ik eerder in het visioen had gezien, snel naar mij toe. … Hij begon mij uitleg te geven.  En dit is o.a. de uitleg.

Daniel 9:25. Je moet weten en begrijpen: Vanaf het ogenblik waarop het woord is uitgegaan dat ​Jeruzalem​ hersteld en weer opgebouwd zal worden tot het tijdstip waarop een ​gezalfde​ vorst verschijnt, zullen zeven ​weken​ verstrijken; en het herstel en de wederopbouw van de stad, met pleinen en wallen en al, zal tweeënzestig ​weken​ duren, en het zal een tijd van verdrukking zijn.

Opmerking 1: dit is een tekst door sprekers en schrijvers over de eindtijd wordt genoemd. Het lijkt m.i. te gaan over verdrukking van Jeruzalem en omgeving. Wat zou de reden zijn om te denken dat het de hele wereld zou betreffen?

Opmerking 2: wat met ‘gezalfde vorst’ is vertaald, daar staat in het Hebreeuws het woord messiach, gezalfde, en het woord nagid, dat vorst, prins of leider betekent, woordnummer H5057. Die uitdrukking zou kunnen gaan over Jezus of o.a. over Jezus of over nog iemand anders.

Opmerking 3: in de tekst staat ‘zeven weken’. Het Hebreeuws kent geen woord voor ‘week’, maar spreekt van zevens en dat kan slaan op een periode van zeven dagen of zeven weken of zeven jaren of op nog wat anders.

Ellende, benauwdheid צָרָה  tsarah

Er zijn 72 verzen met het woord tsarah en dan nog 107 verzen met het verwante woord tsar. Er wordt heel wat afgeleden door de mensen van het volk Israël. Hier slechts een enkele tekst. De andere teksten heb ik niet gelezen. Ik hoop dat deze enkele teksten toch een enigszins een getrouw beeld geven van wat de Bijbel met dit woord bedoeld te zeggen.

In de torah komt vijf keer het woord tsara voor, drie keer in het boek Genesis en twee keer in het boek Deuteronomium.

De twee keer dat het woord in het boek Genesis voorkomt, gaat het om persoonlijk en familieleed.

Deze tekst is een uitspraak van aartsvader Jacob.
Genesis 35:3. Laten we naar ​Betel​ gaan: daar wil ik een ​altaar​ bouwen voor de God die naar mij heeft omgezien toen ik diep in de ellende zat en die mij op mijn hele ​reis​ terzijde heeft gestaan.’

En dit zeggen de broers tegen elkaar over hun broer Jozef als ze nog niet weten wie hij is en hun genade zal schenken.
Genesis 42:21. Toen zeiden zij tegen elkaar: Werkelijk, wij zijn schuldig vanwege onze broer. Wij zagen zijn zielsbenauwdheid toen hij ons om ​genade​ smeekte, maar wij luisterden niet! Daarom komt deze benauwdheid over ons.

De twee keer dat het woord in Deuteronomium voorkomt gaat het over verdrukking, die het volk Israël te wachten zal staan als men zich niet aan Gods geboden zal houden.

Deuteronomium 31:16-18. De Here zeide tot Mozes: Zie, gij gaat bij uw vaderen te ruste en dit volk zal overspelig de vreemde goden gaan nalopen van het land, waarin het komt; zij zullen Mij verlaten en mijn verbond verbreken, dat Ik met hen gesloten heb. Te dien dage zal mijn toorn tegen hen ontbranden, Ik zal hen verlaten en mijn aangezicht voor hen verbergen, zodat zij verteerd worden en vele rampen en benauwdheden hen treffen. Dan zullen zij te dien dage zeggen: Hebben die rampen ons niet daarom getroffen, omdat onze God niet in ons midden is? Doch Ik zal te dien dage mijn aangezicht volkomen verbergen vanwege al het kwaad, dat zij gedaan hebben: dat zij zich tot andere goden hebben gewend. [NBG]

Opmerking1: het kwaad, hier twee keer als ‘rampen’ vertaalt en tsara, met benauwdheden vertaalt zullen het volk treffen. Waarom? Om al het kwaad dat het volk heeft gedaan.

Opmerking 2: Het kwaad komt niet omdat God straft, maar omdat God zijn aangezicht voor het volk verbergt. En waarom doet God dat? De reden, die hier is aangegeven is omdat het volk andere goden zijn gaan nalopen.

En deze tekst geeft een vervolg aan en wijst naar het lied van Mozes dat in hoofdstuk 32 staat.
Deuteronomium 31: 21. Wanneer dan vele rampen en benauwdheden hen treffen, dan zal dit lied tegen hen getuigenis afleggen, want het zal in de mond van hun nageslacht niet verstommen. Immers, Ik ken de gezindheid die zij heden koesteren, voordat Ik hen breng naar het land, dat Ik hun onder ede beloofd heb.

Van de vele teksten waarin de woorden tsara en tsar voorkomen staan er in dit hoofdstuk nog twee, die over het leed van het volk gaan. Die ik zo gauw zag in het boek Richteren en Kronieken. De twee tekst gaat ook over de volken rondom Isaël.

Deze tekst in Richteren geeft de oorzaak aan van de benauwdheden en ook wat je moet doen voor uitredding. En dat is volgens de tekst erkenning van je schuld en vragen om bevrijding.
Richteren 10:13-16. Maar telkens keren jullie Mij weer de rug toe om andere goden te dienen. Daarom bevrijd Ik jullie niet meer. Roep die goden maar te hulp aan wie jullie de voorkeur hebben gegeven. Laten zij jullie maar redden in deze tijd van nood!’ Toen zeiden de Israëlieten tegen de HEER: ‘Wij hebben gezondigd. Doe met ons wat U goeddunkt, alleen, bevrijd ons nog deze ene keer.’ En ze deden de vreemde goden weg en dienden de HEER. Toen kon de HEER niet langer aanzien hoe moeilijk Israël het had.

Opmerking 1: de wereld in die tijd miste een land dat op een goede manier het goede voorbeeld gaf. Een priester die onderricht gaf werd node gemist.

Dit is een profetie van Azaria in de tijd van koning Asa.
2 Kronieken 15:3-7. Lange tijd was Israël zonder de ware God, zonder priester die onderricht gaf, en zonder wet; doch keerden zij in hun benauwdheid (tsar) tot de Here, de God van Israël, terug en zochten zij Hem, dan liet Hij Zich door hen vinden. In die tijden was er geen vrede voor hem die uitging noch voor hem die inging, maar er was grote beroering (mehuma) onder al de inwoners der landen: volk botste tegen volk en stad tegen stad, want God bracht hen in beroering (hawman) door allerlei benauwdheid (tsara). Gij dan, weest sterk, en laten uw handen niet verslappen, want uw werk zal beloond worden. [NBG]

Opmerking 1: hier komen we nog weer twee woorden tegen, die niet in de tabel staan. Het woord mehuma, woordnummer H4103 en hawman. woordnummer H2000.

<nog verder bij de rest van de teksten bekijken of er nog zijn met wereldwijde impact>>

Ellende אֵיד ‘eyd

Het woord éyd, dat ellende betekent, komt 24 keer voor. Zou dat begrip worden gebruikt om een komende grote ellende te beschrijven?

Een achttal keer komt dit woord voor in combinatie met dag, woordnummer H3117. Een komende dag van ellende dat zou ook zomaar in het Oude Testament kunnen staan.

Echter dat is niet het geval. Het gaat een aantal keren over ellende voor mensen persoonlijk. Ellende, een dag van ellende, voor het volk Israël of voor de Judeeërs. Maar ook voor andere volken, de vijanden van Israël.

Hier eerste de geprofeteerde ellende voor Israël en de Judeeërs.

Hier gaat het over de dag van het onheil dat voor het volk Israël komt. De HEER zal ze vertrooien wat ook in de vijfde eeuw voor Christus is gebeurd.
Jeremia 18:17. Als de oostenwind zal ik het volk verstrooien, ik jaag het voor zijn vijand uit. Op de dag dat het ten onder gaat keer ik het de rug toe, wend ik mij af.’

En dan hier over de geprofeteerde ellende voor de vijanden van Israël.
Deuteronomium 32:35. Aan Mij komt de wraak en de vergelding toe, op het tijdstip dat hun voet wankelt. Voorzeker, de dag van hun ondergang is dichtbij, en spoedig komen de dingen die hen te wachten staan. [HSV]

Hier gaat om ellende over het leger van de Egyptenaren.
Jeremia 46:21. Zelfs zijn huursoldaten zijn in zijn midden als gemeste kalveren, maar ook zij keren zich om. Zij slaan tezamen op de vlucht, zij houden geen stand, want de dag van hun ondergang is over hen gekomen, de tijd van de vergelding aan hen.

Ellende wordt ook genoemd voor Moab (Jeremia 48), de volken die nakomeling zijn van Ezau (Jeremia 49) en het gebergte van Seïr (Ezechiel).

Hier gaat het over de dag van ellende van de Judeeërs. De HEER is kwaad dat de volken het plezier over hadden. Daardoor roepen ze ook ellende over zichzelf af.
Obadja 1:13. Die dag had je de poorten van de stad niet binnen mogen gaan, je had je op die dag van onheil niet mogen verlustigen in het kwaad dat mijn volk werd aangedaan, en op die dag van ongeluk had je je niet mogen vergrijpen aan hun bezittingen.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Het volk Israël heeft al veel ellende moeten doorstaan. De vertrooiing van het volk Israël had direct te maken met hun leven, dat afweek van wat ze met de God van Israël waren overeengekomen.

Voor de vijanden van het volk wordt ook ellende voorspelt. Dat was er al in geschiedenis. En dag die profetische woorden blijken gezien de gebeurtenissen in deze tijd, nog steeds actueel te zijn. We kunnen dan ook die volken en landen het meest helpen door de vijandschap t.a.v. Israël af te leggen.

Een tijd van moeite עֵת `eth  צָרָה  tsarah

Richteren 10:14. Ga weg en roep tot de ​goden​ die u verkozen hebt. Laten die u verlossen ten tijde dat u in nood verkeert! [HSV. De NBV vertaalt het woord ’tijd’ niet]

Nehemia 9:27. U hebt hen overgegeven in de hand van hun tegenstanders en die hebben hen benauwd. Maar als zij ten tijde van hun benauwdheid tot U riepen, hoorde U hen vanuit de hemel en gaf U hun, overeenkomstig Uw grote ​barmhartigheid, verlossers, die hen uit de hand van hun tegenstanders verlosten. [HSV. De NBV vertaalt het woord ’tijd’ niet]

Psalm 9:9. Moge de HEER een burcht zijn voor de verdrukte, een burcht in tijden van nood.

Psalm 10:1. Waarom, HEER, bent u zo ver en verbergt u zich in tijden van nood?

Psalm 37:39. De rechtvaardigen vinden redding bij de HEER, hij is hun toevlucht in tijden van nood.

Jesaja 33:2.  O HEER, wees ons ​genadig, op u vestigen wij onze hoop.  Wees ons tot steun, iedere dag opnieuw, red ons in tijden van nood.

Jeremia 14:8. Bron van hoop voor Israël, redder in tijden van nood, waarom bent u als een ​vreemdeling​ in dit land, als een reiziger die maar één nacht blijft? [over wie gaat het?]

Jeremia 15:11. HEER, ik heb voor hen toch tot u ​gebeden, voor hen gepleit in tijden van rampspoed en nood? [Jeremia wijst op het verleden]

Jeremia 30:7. Wee! Die vreselijke dag kent zijn gelijke niet! Het volk van ​Jakob​ komt in grote nood, maar het wordt gered. [deze profetie gaat over de tijd dat Israël weer naar het land is teruggekeerd, maar dat er dan grote nood is]

Daniel 12:1. In die tijd zal Michaël opstaan, de grote vorst, die de kinderen van je volk terzijde staat. Het zal een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan. In die tijd zal je volk worden gered: allen die in het boek zijn opgetekend.

De HSV vertaalt dikwijls met ‘in tijden van benauwdheid’

Wat kunnen wij van deze teksten leren?

In Richteren en Nehemia gaat het om tijden van nood/benauwdheid, in de geschiedenis.

In de Psalmen gaat het om persoonlijke tijden van nood/benauwdheid.

Jesaja 33 is een gebed om hulp in de tijd van nood die ze meemaken.

In Jeremia 14 wordt de Heer een redder genoemd in tijden van nood. Inderdaad dat is Hij. Jeremia 15 is een gebed van Jeremia in tijd van nood.

Jeremia 30 en Daniël 12 gaan inderdaad om een vreselijke tijd voor de tijd, de toekomst, vanaf de tijd dat het werd opgeschreven. Zo’n 2500 jaar geleden. Goed om deze teksten verder te bestuderen.

Grote verdrukking

In het Hebreeuws komt het bijvoeglijk naamwoord גָּדוֹל gadowl voor, Strong 1419, dat je één op één met ‘groot’ kunt vertalen.

Het woord komt 529 keer voor in 499 verzen. De KJV vertaalt met: great (397x), high (22x), greater (19x), loud (9x), greatest (9x), elder (8x), great man (8x), mighty (7x), eldest (6x), miscellaneous (44x).

Hoe vaak zou het woord gadowl in combinatie met de vier verdrukking woorden in de Bijbel zijn gebruikt?

Een grote tsowq komt in de Bijbel niet voor. En tsowq is wellicht op zich al erg genoeg.

Eenmaal komt het woord groot in combinatie met tsarah voor. En dat is in deze tekst. Het gaat over de tijd van Nehemia. Hij werd in het jaar 445 voor Christus aangesteld als landvoogd over Jeruzalem en het gebied om de stad.

Nehemia 9:36-37. Kijk naar ons: nu zijn wij slaven! In het land dat u onze voorouders hebt gegeven om er te eten van de vruchten en van al het goede dat het opbrengt, in dat land zijn wij slaven. Omdat wij gezondigd hebben, valt alle rijke oogst toe aan de koningen die u over ons hebt aangesteld, die over ons lichaam regeren en die met ons vee doen wat ze willen. Wij leven in grote ellende.”

<<toevoegen>>

Verdrukking in het Nieuwe Testament

In het Nieuwe Testament komt een woord voor dat je met verdrukking kunt vertalen en een woord dat gaat over verdrukking vanwege het geloof. Daar gebruiken wij het woord ‘vervolging’ voor.

spreekt 45 keer in 43 teksten over verdrukking, thilipsis. Een viertal keer over grote verdrukking.

WoordSoort WoordStrongOpmerkingen:
1θλῖψις thlipsisZelfstandig
naamwoord
vrouwelijk
G2347
SB2119
Verdrukking
Komt 45 keer voor in 43 verzen. KJV: tribulation (21x), affliction (17x), trouble (3x), anguish (1x), persecution (1x), burdened (1x), to be afflicted (with G1519) (1x).
θλίβω thlibōWerkwoordG2346
SB2118
Verdrukken
Komt 10 keer voor in 10 verzen.
KJV: trouble (4x), afflict (3x), narrow (1x), throng (1x), suffer tribulation (1x).
2ἀνάγκη anagkēZelfstandig naamwoord
vrouwelijk
G318
SB382
Nood
Komt 18 keer voor in 18 verzen.
KJV: necessity (7x), must needs (3x), distress (3x), must of necessity (2x), need (with G2192) (1x), necessary (1x), needful (1x).
3στενοχωρία stenochōriaZelfstandig
naamwoord
vrouwelijk
G4730
SB4113
Benauwdheid
Komt vier keer voor in vier verzen.
KJV: distress (3x), anguish (1x).

Het zelfstandig naamwoord verdrukking θλῖψις thlipsis en het werkwoord verdrukken worden ook voor dagelijkse situaties gebruikt. Marcus 3:9 gaat er over dat ze Jezus in de menigte dreigden te verdrukken. Het woord wordt ook wel eens gebruikt om stress aan te geven. 2 Korintiërs 4:8. In alles zijn we in de druk, maar niet in het nauw.

De NBV vertaalt het woord ook wel met verschrikking of met tegenspoed.

Er is ook het woord anagke, dat je met nood kunt vertalen. Het woord ἀνάγκη anagkē komt van ἀνά (G303) dat bij of in betekent en ἀγκάλη (G43), dat arm betekent. In armoede zou je kunnen vertalen.

En het woord stenochōria, dat komt van stenos, dat smal betekent en choria dat land, gebied betekent. Een kleine ruimte maakt benauwd. Een combinatie van deze woorden met ‘groot’, woordnummer G3173, komt voor bij het woord verdrukking. De combinatie μέγας θλῖψις megas thlipsis komt vier keer voor. Zie hieronder.

Een grote nood komt ook eenmaal voor, namelijk in Lukas 21:23.

Verdrukkingen, vervolgingen, noden en benauwdheden komen voor in allerlei vormen en situaties.

Bij mensen in hun persoonlijke situatie, voor gelovigen in het algemeen, voor het volk Israël of voor andere volken en zelfs voor de hele wereld.

In deze volgorde staan ze in deze studie hieronder.

In de persoonlijke sfeer

Matteüs 13:21. Hij heeft echter geen wortel in zichzelf, maar hij is iemand van het ogenblik; en als er verdrukking of vervolging komt omwille van het Woord, struikelt hij meteen. [HSV]

Marcus 4:17 zelfde tekst als Matteüs 21]

In deze tekst van Johannes komt het woord twee keer voor, slechts een keer in de vertaling.
Johannes 16:21. Wanneer een vrouw baart, heeft zij droefheid, omdat haar tijd gekomen is, maar wanneer zij het ​kind​ gebaard heeft, denkt zij niet meer aan de benauwdheid, vanwege de blijdschap dat een mens ter wereld gekomen is. [HSV]

Handelingen 20:22-23. Nu ben ik op weg naar Jeruzalem, gedreven door de Geest, zonder te weten wat me daar te wachten staat, behalve dan dat de heilige Geest me in iedere stad verzekert dat gevangenschap en vervolging mijn deel zullen zijn.

Romeinen 2:9. Verdrukking en benauwdheid (zal komen) over ieder levend mens, die het kwade bewerkt, eerst de Jood en ook de Griek; [NBG]
Opmerking: benauwdheid is de vertaling van het Griekse woord stenochoria.

1 Korinthiërs 7:28. Maar ook wanneer gij trouwt, dan doet gij daarmede geen kwaad, en wanneer een jongedochter trouwt, dan doet ook zij daarmede geen kwaad. Maar wèl staat zulke mensen verdrukking voor het vlees te wachten, die ik u gaarne besparen zou. [NBG]

De NBV vertaalt met ‘zware belasting’ ipv verdrukking voor het vlees.

En hier gaat het over een profetes in Tyatyra, die de engel een Isebel noemt.
Openbaringen 2:22. Ik zal haar ziek maken en hen die overspel met haar plegen in ellende storten, tenzij ze met haar breken.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Verdrukking kan een persoonlijke zaak zijn. Dat kan ook omdat je jezelf in die situatie hebt gebracht.

Voor de volgelingen van Jezus

Johannes 16:33. Deze dingen heb Ik tot u gesproken, opdat u in Mij vrede zult hebben. In de wereld zult u verdrukking hebben, maar heb goede moed: Ik heb de wereld overwonnen. [HSV]

Romeinen 5:3. En niet alleen (hierin), maar wij roemen ook in de verdrukkingen, daar wij weten, dat de verdrukking volharding uitwerkt, [NBG]

Romeinen 8:35. Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking of benauwdheid, of vervolging of honger, of naaktheid, of gevaar, of het zwaard? [NBG]
Opmerking: benauwdheid is de vertaling van het Griekse woord stenochoria.

Romeinen 12:12. Weest blijde in de hoop, geduldig in de verdrukking, volhardend in het gebed, [NBG]

Opmerking: bij de laatste twee teksten in de Romeinen brief vertaalt de NBV met tegenspoed. Dat is een wezenlijk ander woord. Heeft meer met pech te maken dan met tegenwerking. Ik weet niet wat juist is.

2 Korinthiërs 1:3-6. Geloofd zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, de Vader der barmhartigheden en de God aller vertroosting, die ons troost in al onze druk, zodat wij hen, die in allerlei druk zijn, troosten kunnen met de troost, waarmede wijzelf door God vertroost worden. Want gelijk het lijden van Christus overvloedig over ons komt, zo valt ons door Christus ook overvloedig vertroosting ten deel. Worden wij verdrukt, het is u tot troost en heil; worden wij getroost, het is u tot een troost, die zijn kracht toont in het doorstaan van hetzelfde lijden, dat ook wij ondergaan. [NBG]

2 Korinthiërs 1:8-9. Want wij willen u niet onkundig laten, broeders, van de verdrukking, die ons in Asia overkomen is: bovenmate en boven vermogen hebben wij een zware last te dragen gehad, zodat wij zelfs aan ons leven wanhoopten; ja, voor eigen besef achtten wij ons als ter dood verwezen, opdat wij niet op onszelf vertrouwen zouden stellen, maar op God, die de doden opwekt. [NBG]
Opmerking: ook hier vertaalt de NBV met tegenspoed.

In 2 Korintiërs 6:4-5. Maar in alles bewijzen wij onszelf als dienaars van God, in veel volharding: in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden,
in slagen, in gevangenissen, in oproer, in ingespannen arbeid, in nachten zonder slaap, in vasten.
Opmerking: benauwdheid is de vertaling van het Griekse woord stenochoria. Nood is de vertaling van ananke.

1 Tessalonicenzen 3:4. … want ook toen wij bij u waren, zeiden wij u reeds, dat wij zouden verdrukt worden, zoals gij ook weet, dat geschied is.

2 Tessalonicenzen 1:1-7. Wij behoren God te allen tijde om u te danken, broeders, zoals gepast is, omdat uw geloof zeer toeneemt en uw aller liefde jegens elkander sterker wordt, zodat wij zelf over u roemen bij de gemeenten Gods, vanwege uw volharding en uw geloof onder al uw vervolgingen en de verdrukkingen, die gij doorstaat: een bewijs van het rechtvaardige oordeel Gods, dat gij het Koninkrijk Gods waardig geacht zijt, voor hetwelk gij ook lijdt, indien het inderdaad recht is bij God, aan uw verdrukkers verdrukking te vergelden, en aan u, die verdrukt wordt, verkwikking tezamen met ons, bij de openbaring van de Here Jezus van de hemel met de engelen zijner kracht, [NBG]

1 Timoteüs 5:10. … en bekendstaan om hun goede daden, kinderen hebben opgevoed, gastvrij zijn geweest, gelovigen de voeten hebben gewassen en zich hebben ingezet voor verdrukten, die, kortom, allerlei goede daden hebben verricht.

Hier een tekst over vervolgingen.
2 Timoteüs 3:10-12. Jij daarentegen bent mij trouw gevolgd in mijn leer, mijn levenswijze, streven, geloof, geduld, liefde, volharding, en je hebt hetzelfde lijden en dezelfde vervolgingen ondergaan die mij in Antiochië, Ikonium en Lystra hebben getroffen. Ik heb ze allemaal doorstaan, de Heer heeft mij steeds weer gered. Allen die vroom en in eenheid met Christus Jezus willen leven, zullen worden vervolgd.

Hebreeën 11:37. Zij zijn gestenigd, op zware proef gesteld, doormidden gezaagd, met het zwaard vermoord; zij hebben rondgezworven in schapevachten en geitevellen, onder ontbering, verdrukking en mishandeling.

Openbaringen 1:9. Ik, Johannes, uw broeder, die net als u in ellende verkeer, maar ook door Jezus met u deel in het koninkrijk en in standvastigheid – ik was op het eiland Patmos omdat ik over God had gesproken en van Jezus had getuigd. 

Hier gaat het om de gemeente van Smyrna.
Openbaringen 2:9-10. Ik weet van de ellende en de armoede waarin u verkeert, hoewel u rijk bent. Ik weet hoe u belasterd wordt door mensen die zich Joden noemen en het niet zijn, maar bij Satan horen. Wees niet bang voor wat u nog te wachten staat. Sommigen van u zullen door de duivel in de gevangenis worden gegooid, en zo op de proef worden gesteld; tien dagen lang zult u het zwaar te verduren hebben. Wees trouw tot in de dood, dan zal ik u als lauwerkrans het leven geven.

Vanaf 2 Korintiërs 4 tot en met Openbaringen heb ik achttien teksten niet geciteerd, die ook gaan over de verdrukkingen van het discipelschap.

Als gelovigen kun je in de verdrukking komen vanwege het Woord. Dat is van alle tijden. Dat is ook nu nog in allerlei landen. In Nederland hebben we vrijheid van meningsuiting. Er zijn alleen taboe onderwerpen waarbij de mensen je scheef zullen aankijken als je een andere mening hebt.

Voor het volk Israël

Matteüs 24:9. Dan zullen zij u overleveren aan verdrukking en u doden, en u zult door alle volken gehaat worden omwille van Mijn Naam. [HSV]

Matteüs 24:21. Want het zal een tijd zijn van enorme verschrikkingen, zoals er sinds het ontstaan van de wereld tot nu nooit geweest zijn en er ook niet meer zullen komen. [deze tekst staat ook in de volgende paragraaf]

Matteüs 24:29. Meteen na de verschrikkingen van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan geen licht meer geven, de sterren zullen uit de hemel vallen en de hemelse machten zullen wankelen.

In Marcus 13:19 en 24 staan dezelfde teksten als Matteüs 24:9 en 21.

Lukas 21:20-23. Zodra gij nu Jeruzalem door legerkampen omsingeld ziet, weet dan, dat zijn verwoesting nabij is. Laten dan die in Judea zijn, vluchten naar de bergen, en die binnen de stad zijn, de wijk nemen, en die op het land zijn, er niet binnengaan, want dit zijn de dagen van vergelding, waarin alles wat geschreven is, in vervulling gaat. Wee de zwangeren en de zogenden in die dagen! Want er zal grote nood zijn over het land en toorn over dit volk.
Opmerking: grote nood is de vertaling van ananke megale (G3173).

In Matteüs 24 gaat het om een toekomst met verdrukking, die toen nog komen moest. En in Openbaringen over een menigte voor de troon, die uit de verdrukkingen de grote, komt. Zie paragaaf hieronder.

Wereldwijd

Ik heb één tekst gevonden, die over een verdrukking wereldwijd zou kunnen gaan.

Openbaring 7:14. Ik antwoordde: ‘U weet het zelf, heer.’ Hij zei tegen me: ‘Dat zijn degenen die uit de grote verschrikkingen gekomen zijn. Ze hebben hun kleren witgewassen met het bloed van het lam.
Opmerking: Zie verder de paragraag: grote verdrukking.

Vervolgen en vervolgingen

Als het gaat om vervolgingen zijn er allerlei dingen op te merken.

 WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1διώκω diōkōWerkwoordG1377
SB1236
Vervolgen
Komt 44 keer voor in 43 verzen.
KJV: persecute (28x), follow after (6x), follow (4x), suffer persecution (3x), miscellaneous (3x).
2διωγμός diōgmosZelfstandig
naamwoord
mannelijk
G1375
SB1234
Vervolging.
Komt tien keer voor in negen verzen.
KJV: persecution (10x).
3ἐκδιώκω ekdiōkōWerkwoordG1559
SB1403
Eruit vervolgd, uitgedreven
Komt 2 keer voor in 2 verzen.
KJV: persecute (2x).

Dan zijn er de woorden diogmos en dikio, die vervolging en vervolgen betekenen. Het is letterlijk volgen, achtervolgen. Het is in de zin van najagen. Dat kan in de slechte zin zijn om in de gevangenis te gooien of te doden. Dat kan ook in de goede zin zijn, jaag de liefde na, 1 Korintiërs 14:1 of jaag de vrede na Hebreeën 12:14.

Ekdioko komt in Lukas 11:49 en 2 Tessalonicenzen 2:15 voor.

Een grote vervolging komt eenmaal voor namelijk in Handelingen 8.
Handelingen 8:1. En er ontstond te dien dage een zware vervolging tegen de gemeente te Jeruzalem; en allen werden verstrooid over de streken van Judea en Samaria, met uitzondering van de apostelen.

Matteüs 5:10-12. Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel. Gelukkig zijn jullie wanneer ze je omwille van Mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten. Verheug je en juich, want je zult rijkelijk beloond worden in de hemel; zo immers vervolgden ze vóór jullie de profeten.

Matteüs 5:44. Dit zeg Ik daarover: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen.

Matteüs 10:23. Wanneer ze jullie vervolgen in de ene stad, vlucht dan naar de volgende. Ik verzeker jullie: voor je in elke stad van Israël bent geweest, is de Mensenzoon gekomen.

Matteüs 13:21. … maar hij heeft geen wortel in zich, doch is iemand van het ogenblik; wanneer echter verdrukking of vervolging komt om der wille van het woord, komt hij terstond ten val. [NBG]
Zie ook Marcus 4:17.

Matteüs 23:34. Daarom, luister! Ik stuur profeten en wijzen en schriftgeleerden naar jullie toe. Jullie zullen sommigen van hen doden, kruisigen zelfs, en anderen in jullie synagogen geselen en van stad tot stad vervolgen.

Marcus 10:30. … zal het honderdvoudige ontvangen: in deze tijd broers en zussen, moeders en kinderen, huizen en akkers, al zal dat gepaard gaan met vervolging, en in de tijd die komt het eeuwige leven.

Lucas 11:47-51. Wee jullie, want jullie bouwen graftomben voor de profeten, terwijl jullie voorouders hen hebben gedood. Jullie zijn getuigen die instemmen met de daden van jullie voorouders, want zij hebben hen gedood en jullie bouwen de tomben! Daarom heeft God in zijn wijsheid gezegd: “Ik zal profeten en apostelen naar hen zenden, maar ze zullen sommigen van hen doden en anderen vervolgen.” Voor het bloed van al de profeten dat sinds de grondvesting van de wereld vergoten is, zal van deze generatie genoegdoening worden geëist, van het bloed van Abel tot het bloed van Zecharja, die omkwam tussen het altaar en het heiligdom. Ja, Ik zeg jullie, van deze generatie zal genoegdoening worden geëist!

Lucas 21:12. Maar eerst zullen jullie worden mishandeld en vervolgd en uitgeleverd aan de synagogen, jullie zullen worden opgesloten in de gevangenis en worden voorgeleid aan koningen en gouverneurs omwille van mijn naam.

Johannes 5:16. Het was omdat Jezus zulke dingen deed op sabbat, dat de Joden Hem wilden vervolgen.

Johannes 15:20. Denk aan wat Ik gezegd heb: een slaaf is niet meer dan zijn meester. Ze hebben Mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen; maar wie zich gehouden heeft aan wat Ik zeg, zal zich ook houden aan wat jullie zeggen.

Handelingen 7:52. Wie van de profeten hebben uw voorouders niet vervolgd? Degenen die de komst van de rechtvaardige aankondigden hebben ze gedood, en zelf hebt u nu de rechtvaardige verraden en vermoord,

Handelingen 9:4-5. Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je Mij?’ Hij vroeg: ‘Wie bent U, Heer?’ Het antwoord was: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt.

Handelingen 13:50. Maar de Joden stookten de aanzienlijke vrouwen, die God vereerden, en de voornaamsten der stad op, en zij verwekten een vervolging tegen Paulus en Barnabas en dreven hen uit hun gebied.

Handelingen 22:4. Ik heb de aanhangers van de Weg tot de dood toe vervolgd. Mannen en vrouwen heb ik gevangengenomen en laten opsluiten.

Handelingen 22:7-8. Ik viel op de grond en hoorde een stem tegen me zeggen: “Saul, Saul, waarom vervolg je Mij?” Ik vroeg: “Wie bent U, Heer?” En de Heer antwoordde: “Ik ben Jezus van Nazaret, die jij vervolgt.”

Handelingen 26:11. In de synagogen probeerde ik keer op keer hen door strafmaatregelen te dwingen hun geloof af te zweren; ik bestreed hen zo vurig dat ik hen zelfs in de steden buiten onze grenzen vervolgde.

Handelingen 26:14-15. We vielen allen op de grond en ik hoorde een stem in het Hebreeuws tegen me zeggen: “Saul, Saul, waarom vervolg je Mij? Je schaadt alleen jezelf, als een onwillige os die tegen de ossenprik trapt.” Ik vroeg: “Wie bent U, Heer?” De Heer antwoordde: “Ik ben Jezus, die jij vervolgt.

Romeinen 8:35. Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking of benauwdheid, of vervolging of honger, of naaktheid, of gevaar, of het zwaard?

Romeinen 12:14. Zegen uw vervolgers; zegen hen, vervloek hen niet.

1 Korintiërs 4:12. … en zwoegen we voor ons eigen brood. Worden we bespot, dan zegenen we; worden we vervolgd, dan verdragen we het.

1 Korintiërs 15:9. Want ik ben de minste van de apostelen, ik ben de naam apostel niet waard omdat ik Gods gemeente heb vervolgd.

2 Korintiërs 4:9. We worden vervolgd, maar worden niet in de steek gelaten. We worden geveld, maar gaan niet te gronde.

Galaten 1:13. U hebt gehoord hoezeer ik me vroeger inzette voor de Joodse levenswijze: fanatiek vervolgde ik de gemeente van God en ik probeerde haar uit te roeien.

Galaten 5:11. En wat mijzelf betreft, broeders en zusters, als ik nog altijd de besnijdenis zou verkondigen, waarom word ik dan vervolgd? Dan zou het kruis toch geen aanstoot meer geven?

Galaten 6:12. Degenen die u dwingen u te laten besnijden willen daarmee goede sier maken, alleen maar om te voorkomen dat ze worden vervolgd omwille van het kruis van Christus.

2 Korintiërs 12:10. Daarom schep ik vreugde in mijn zwakheden, in beledigingen, nood, vervolging en ellende die ik onderga omwille van Christus. In mijn zwakheid ben ik sterk.
Opmerking: nood is de vertaling van ananke, ellende is de vertaling van het Griekse woord stenochoria.

1 Tessalonicenzen 2:15. Die hebben de Heer Jezus en de profeten gedood en ons tot het uiterste vervolgd. Ze zijn God niet welgevallig en keren zich tegen alle mensen,

2 Tessalonicenzen 1:4. Wij spreken dan ook in de gemeenten van God vol trots over uw standvastigheid en trouw onder de vervolgingen en onderdrukking die u moet doorstaan.

2 Timoteüs 3:11-12. … en je hebt hetzelfde lijden en dezelfde vervolgingen ondergaan die mij in Antiochië, Ikonium en Lystra hebben getroffen. Ik heb ze allemaal doorstaan, de Heer heeft mij steeds weer gered. Allen die vroom en in eenheid met Christus Jezus willen leven, zullen worden vervolgd.

Er zijn nog vier teksten, die gaan over het werkwoord vervolgen.

Andere bronnen

In de middeleeuwen was er in de kerk een hele cultuur over het lijden van Christus. Hoe zwaar had Christus geleden om onze zonden. Dat moest wel leiden tot deemoed.

De schilderijen uit de Middeleeuwen getuigen van deze cultuur.

Er zijn ook veel boeken geschreven over het lijden. Dikwijls geformuleerd als ‘Het probleem van het lijden’. Want dat is dan de vraag: “Waarom moeten we als christenen nog lijden”. En nog wat algemener gesteld “Waarom is er zoveel lijden in de wereld?

Overwegingen

Het Griekse woord dat in onze vertalingen met lijden is vertaald gaat meer over het beleven, hoe we iets meemaken, ervaren. Dat kan fijn zijn of vervelend.

Op een paar uitzonderingen na ging het in het Nieuwe Testament over het meemaken van nare dingen. Vervolging, gevangenneming, geseling en kruisiging.

De teksten gaan er vooral over hoe we met die nare omstandigheden kunnen omgaan.

Er is veel lijden in onze tijd doordat mensen een lichamelijk of psychisch probleem hebben zonder dat het vanbuitenaf is veroorzaakt. Voor die mensen is nodig en/of: genezing, traumaverwerking of bekering van ongezond leven of denken.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.