Studie Hemel

Voor veel mensen is de hemel een plek waar je later als je dood bent hopelijk naar toe gaat. Je kunt je afvragen wat de Bijbel daar over zegt. Wat zegt de Bijbel over hoe de hemel er uit ziet? En hoe het leven daar is? En hoe je daar kunt komen.

Ik kan u alvast verklappen dat de Bijbel inderdaad het nodige over de hemel zegt. Dat wel, maar dat de aandacht in de Bijbel vooral gaat naar wat de hemel nu al voor je kan betekenen. Wat de hemel nu al voor jou kan doen. En wat jij nu al kan doen voor de hemel. Dat laatste ook.

In deze studie is uitgebreid gekeken wat het Nieuwe Testament over de hemel zegt en summier over wat het Oude Testament over de hemel zegt.

Er is een aparte studie over het koninkrijk der hemelen. Bij onderwerp #3. Over allerlei hemelse manifestaties gaat het bij onderwerp 9# De hemel helpt de aarde. Over geestelijke wezens zoals engelen en demonen gaat het bij onderwerp #34. Er komt ook een aparte studie over de tabernakel en de tempel als hemelse plaatsen hier op aarde. En dan is bij dit onderwerp ook nog een studie over dodenrijk.

De hemel in het Oude Testament.

Er is maar één woord in het Oude Testament dat je met ons woord hemel kunt vertalen en dat is het woord sjamaïm. Aan de uitgang van dit woord kun je zien dat het een meervoud is. Het is dus beter om te vertalen met ‘hemelen’.

Ik heb tot nu toe maar één combinatie gevonden met het woord sjamaïm en dat is sha’ar dat poort betekent. De poort van de hemelen dus.

Er zijn ook aan de hemelen verwante begrippen, die staan in het volgende hoofdstuk.

Hebreeuws woord Soort woord Strong Opmerkingen
1שָׁמַיִם shamayim Zelfstandig
naamwoord mannelijk
H8064 Hemelen
Komt 420 keer voor in 395 verzen.
KJV: heaven (398x), air (21x), astrologers (with H1895) (1x).
2שַׁעַר  שָׁמַיִם sha`ar shamayim Combi H8179 H8064 Poort van de hemel.
Eenmaal in Genesis 28:17.
KJV: gate of heaven (1x)

Het woord sjamaïm is een veelgebruikt woord in het Oude Testament. Een overzicht en analyse van de teksten waarin dit woord voorkomt is door mij nog niet gemaakt. Hieronder alleen wat in Genesis 1 staat, een enkele tekst uit het Oude Testament die mij bekend was en de tekst over de poort van de hemelen

Sjamaïm in Genesis 1.

In Genesis 1 wordt al over de hemel gesproken. Laten we eens puzzelen wat daar allemaal voor woorden in Genesis 1 voorkomen, zodat we ook beter begrijpen wat de context van de hemel is.

Het Hebreeuwse woord is ‘sjamaïm’. Een uitgang van een woord op ‘im’ is altijd meervoud. ‘Sjamaim’ staat in relatie tot ‘maïm’ dat water betekent. Ook meervoud dus. Hemelen en wateren? Verder gaat het over God. Hier ook in het meervoud: ‘elohim’.

Dan zijn er een aantal begrippen die wel in het enkelvoud staan. De aarde ‘erets’, denk aan de benaming ‘erets Israël’. En verder komt ook het woord ‘raqi’, het luchtruim voor en ‘tehom’, de diepte.

Handig om te weten. Het Hebreeuws schildert. In het Westen houden we van rekensommen: hoe is het heelal opgebouwd, welke delen zou je kunnen onderscheiden. Het Hebreeuws schildert, als tweemaal ongeveer hetzelfde wordt gezegd, dan is het daardoor belangrijk gemaakt net als je op een schilderij twee keer eenzelfde beeld ziet.

We lezen nu Genesis 1:1-2 en 6-8 in de letterlijke vertaling van de Studiebijbel. Ik heb er mijn opmerkingen bij gezet. De nadruk zie je in vers 6 en 7. Nog goed om te weten ‘ha’ is het lidwoord, ‘we’ is het voegwoord en. En ‘la’ is de samenvoeging van lidwoord en voegwoord.

1 In het begin schiep God (elohim) de hemel(en) (ha-sjamaim) en de aarde (ha-erets).
Hier wordt de achtergrond van het schilderij opgezet.

2 En de aarde (we-ha-erets) was vormloos (tohu) en leeg (we-bohu) en duisternis (we-choschek) op de oppervlakte van (pane) van de  diepte (tehom) en de geest van (we-ruach) God (elohim) zweefde de oppervlakte van (pane) van de wateren (ha-maim).

Hier wordt geschetst dat in het begin het helemaal niet zo goed was. ‘Tohu we bohu’ staat voor grote narigheid. Komt nog ‘duisternis’ en ‘diepte’ bij. Maar ….. dan gaat ‘elohim’ verder aan de slag.

Vervolgens gaat het in Genesis over het licht en de duisternis van vers drie tot en met vijf, dan weer verder met vers 6.

6. En zei God (elohim) laat er zijn een luchtruim (raqi) in het midden van de wateren (ha-maim) en laat het zijn scheiding makend tussen wateren (maim) en de wateren (la-maim).

7. En maakte God (elohim) het luchtruim (et ha-raqi) en maakte scheiding tussen de wateren (ha-maim) die van onder het luchtruim (la-raqi) en tussen de wateren (ha-maim) die boven het luchtruim (la raki) en het was zo.  

8. En noemde God (elohim) het luchtruim (la raqi) hemel(en) (sjamayim) en het was avond en het was ochtend dag tweede. 

Het gaat hier over zichtbare dingen, maar de geestelijke wereld zit daar weer achter, zoals bij de hemel, of moeten we zeggen hemelen, later in de Bijbel ook blijkt.

Sjamaïm in Oude Testament.

In Genesis 1 komt de hemel voor, in totaal komt het zelfstandig naamwoord ‘shamaïm’ 420 keer voor in het Oude Testament (Strong H8064).

Het gaat over de zichtbare hemel als gesproken wordt over de vogels van de hemel, meer dan 20 keer, en de sterren van de hemel, meer dan dertig keer.

Het gaat ook over de onzichtbare hemel. Verhef u boven de hemelen, God, laat uw glorie heel de aarde vervullen. (2x in Psalm 57 en eenmaal in 108). Hoogste hemelen (Psalm 148)

De vertalers van de Bijbel hebben moeite om te bepalen of je ‘sjamaïm’ in hemel of hemelen moet vertalen. De Statenvertaling (SV) vertaalt 78 keer met ‘hemelen’ en 242 keer met ‘hemel’ en dan nog 143 keer met ‘hemels’. De NBV vertaalt slechts vijf keer het woord ‘sjamaïm’ met ‘hemelen’.

Zou mooi zijn als iemand deze summiere tekst aan gaat vullen. <wie is bereid?>

De poort van de hemelen

Een poort heb je bij een oude stad of kasteel. Het kan ook een toegangsplek zijn van een geestelijke plaats. Hier voor de hemelen. In de studie van het dodenrijk tref je ook teksten over de poort van het dodenrijk.

Hier de eerste tekst, die over een poort gaat. Lot verleende deze engelen, geestelijke machten van God, toegang tot de stad.
Genesis 19:1. De twee engelen kwamen ’s avonds in Sodom aan. Lot zat juist in de stadspoort. Zodra hij hen zag stond hij op, ging hun tegemoet en boog zich diep voor hen neer.

En hier ontdekte Jacob, een later familielid van Lot, de poort van de hemelen.
Genesis 28:16-17. Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker,’ zei hij, ‘op deze plaats is de HEER aanwezig. Dat besefte ik niet.’ Eerbied vervulde hem. ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit,’ zei hij, ‘dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!’

Huis of plaats van God

Naast de hemel komen we in de Bijbel ook andere aanduidingen tegen over waar God woont. Hieronder zijn ze te zien.

Hebreeuws woord Soort woord Strong Opmerkingen
1יְהֹוָה בַּיִת bayith Yĕhovah Combi H1004 H3068 Huis van de HEER.
Komt 234 keer voor.
KJV: the house of the Lord (234x)
2 אֱלֹהִים  בַּיִת bayith ‘
elohiym
Combi H1004
H430
Huis van God.
Komt 92 keer voor.
KJV: the house of God (92x).
3מָקוֹם יְהֹוָה maqowm
Yĕhovah
Combi H4725
H3068
Plaats waar de HEER is.
Eenmaal in Genesis 28:16
KJV: house of God (1x)
4 קֹדֶשׁ מָעוֹן qodesh ma`own   Combi H6944
H4583
Heilige woning.
Komt vijf keer voor.
KJV: holy habitation (4x), holy dwelling place (1x)
5קֹדֶשׁ אֲדָמָה qodesh ‘adamahCombiH6944 H127Heilige grond.
Komt twee keer voor.
KJV: holy ground (1x), holy land (1x)

En het bayit, wat we wel kennen van de plaats Bethlehem, bayit lechem, het is het woord voor huis of woning. Het gaat hier dan om het huis van God.

De begrippen ‘huis van de HEER’ en ‘huis van God’ komen samen meer dan driehonderd keer voor. De anderen een enkele keer.

Bayit JHWH Huis van de Heer

Het gaat in de Bijbel 234 keer over het ‘huis van de HEER’. Met het huis van de HEER gaat het om de tabernakel, die door de woestijn werd gedragen en die later bij Silo stond. In latere boeken noemt de Bijbel de tempel als het huis van de HEER. Het was de woning van de HEER op aarde. Allerlei beelden in de tabernakel of de tempel herinnerden aan beelden in de hemel.

De uitdrukking komt maar drie keer voor in de eerste vijf boeken van de Bijbel, de Torah. Hier staan ze.

Exodus 23:19. De eerstelingen van de eerste vruchten van uw land moet u in het ​huis​ van de HEERE, uw God, brengen. [HSV. Exodus 34:26 zelfde tekst]

Deuteronomium 23:18. U mag geen ​hoerenloon​ of hondengeld in het ​huis​ van de HEERE, uw God, brengen ter inlossing van welke gelofte dan ook, want die zijn beide een gruwel voor de HEERE, uw God. [HSV]

Wat er allemaal over het huis van de HEER is geschreven, is nog goed om aan te vullen <actie voor wie wil aan vullen>.

Omdat de Psalmen dikwijls dieper inzicht geven, hier de eerste twee teksten over het huis van de HEER in de Psalmen.

Psalm 23:6. Geluk en ​genade​ volgen mij alle dagen van mijn leven, ik keer terug in het ​huis​ van de HEER tot in lengte van dagen.

Psalm 27:4. Ik vraag aan de HEER één ding, het enige wat ik verlang: wonen in het ​huis​ van de HEER alle dagen van mijn leven, om de ​liefde​ van de HEER te aanschouwen, hem te ontmoeten in zijn tempel.

Bayit Elohim Huis van God

De uitdrukking huis van God komt minder vaak voor. Eenmaal in de eerste vijf boeken van de Bijbel en wel deze tekst.

Genesis 28:16-17. Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker,’ zei hij, ‘op deze plaats is de HEER aanwezig. Dat besefte ik niet.’ Eerbied vervulde hem. ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit,’ zei hij, ‘dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!’

In de boeken Jozua, Richteren en zo verder verwijst het huis van God naar de tabernakel en vanaf de bouw van de tempel door koning Salomo naar de tempel.

Hier de tweede tekst met de uitdrukking ‘huis van God’.

Jozua 9:23. Nu dan, vervloekt bent u! U zult voor altijd slaven zijn, houthakkers en waterputters voor het huis van mijn God. [HSV. Het huis van God was hier de tabernakel]

Het zou mooi zijn als iemand verder ook in deze uitdrukking duikt. Wat staat er in de Bijbel over het huis van God en is er nog verschil in betekenis met het huis van de HEER. <actie voor wie wil aan vullen>.

Plaats waar de Heer is

Hier dezelfde tekst, die we ook al zagen bij het huis van God en de poort van de hemel. In twee teksten drie uitdrukkingen over dit onderwerp. Een kerntekst van de Bijbel over dit onderwerp.

Genesis 28:16-17. Toen werd Jakob wakker. ‘Dit is zeker,’ zei hij, ‘op deze plaats is de HEER aanwezig. Dat besefte ik niet.’ Eerbied vervulde hem. ‘Wat een ontzagwekkende plaats is dit,’ zei hij, ‘dit is niets anders dan het huis van God, dit moet de poort van de hemel zijn!’

Ik heb verder maar één tekst gevonden waar het gaat om een plaats waar de HEER aanwezig is. Deze komt er nog een beetje in de buurt.
Exodus 33:21. Toen sprak de HEER: ‘Er is een plaats op de rots waar je dicht bij mij kunt komen staan.

Qodesh Maown Heilige Woning

Deze uitdrukking komt in vijf teksten voor. Hieronder staan alle vijf teksten.

Deuteronomium 26:15. HEER, zie vanuit uw ​heilige​ woning​ in de hemel neer en schenk uw volk Israël en het land dat u ons hebt gegeven uw ​zegen, zoals u onze voorouders hebt gezworen; ​zegen​ dit land van melk en honing.’ [NBV]

2 Kronieken 30:27. Toen stonden de Levitische priesters op, en zegenden het volk; en hun stem werd gehoord; want hun gebed kwam tot Zijn heilige woning in de hemel. [HSV]

Psalm 68:6. Vader van de wezen en Rechter van de ​weduwen: dát is God in Zijn ​heilige​ woning. [HSV]

Jeremia 25:30. En jij – profeteer dit alles, zeg tegen hen: De HEER brult uit de hoge hemel, hij gromt vanuit zijn ​heilige​ woning, hij buldert over zijn kudde. Als een druiventreder schreeuwt hij tegen de bewoners van de aarde. [NBV]

Zacharia 2:13. Wees stil voor het aangezicht van de HEERE, alle vlees, want Hij is ontwaakt uit Zijn ​heilige​ woning. [HSV] Wees stil voor de HEER, al wat leeft, want hij komt uit zijn ​heilige​ woning​ naar buiten. [NBV]

Qodesh Adama Heilige Grond

Het woord adama kun je zowel met grond als land vertalen. Qodesh, heilig betekent: behorend bij de leefwereld van God. De uitdrukking ‘qodesh adama’ komt twee keer voor. Hier staan beide teksten.

Dit is bij het verhaal van Mozes bij de brandende braambos.
Exodus 3:5. ‘Kom niet dichterbij,’ waarschuwde de HEER, ‘en trek je sandalen uit, want de grond waarop je staat, is heilig.

En dit een prachtige profetie over de toekomst voor Sion, Jeruzalem en Juda.
Zacharia 2:10-13. Juich en verblijd u, dochter van Sion, want, zie, Ik kom, en zal in uw midden wonen, spreekt de HEERE. Veel heidenvolken zullen op die dag bij de HEERE gevoegd worden en zij zullen Mij tot een volk zijn, en Ik zal in uw midden wonen. Dan zult u weten dat de HEERE van de legermachten Mij tot u gezonden heeft. De HEERE zal Juda in eigendom nemen als Zijn deel in het heilige land. Hij zal Jeruzalem nog verkiezen. Wees stil voor het aangezicht van de HEERE, alle vlees,
want Hij is ontwaakt uit Zijn heilige woning. [HSV]

Dat is dus een soort belofte voor de toekomst. Dat Sion, Jeruzalem, Judea een heilig land worden. Grond of land waar God woont.

Wat kunnen we van deze teksten leren?

Er is sprake van een huis van de HEER of God in de hemel. Een afgezonderde plek in de hemel?

Dat was de grote ontdekking van aartsvader Jacob. Dat de HEER een plek had op aarde en vandaar kon je ook naar de hemelen kijken of zelfs wel binnengaan. Genesis 28:16-17.

De tabernakel en de tempel waren plekken waar God woonde tussen zijn volk. Een stukje hemel op aarde.

God heeft zijn heilige woning in de hemelen. God is daar een Vader voor wezen en een rechter voor weduwen. Daar brult hij ook over het onrecht. Ons gebed kan tot hem doordringen.

Eerst was er een klein plekje waar God was, de plek van de brandende braambos. In de toekomst heel Juda.

Hemel(en) in het Nieuwe Testament

Het woord hemel komt in diverse varianten van één woord voor in het Nieuwe Testament.

Grieks woord Soort woord StrongOpmerkingen:
1οὐρανός ouranos Zelfstandig naamwoord mannelijk G3772 SB3255 Hemelen
Komt 281 keer voor in 264 verzen.
KJV: heaven (268x), air (10x), sky (5x), heavenly (with G1537) (1x).
2οὐράνιος ouranios Bijvoeglijk
naamwoord
G3770
SB3253
Hemelse
Komt 9 keer voor in 9 verzen
KJV: heavenly (9x).
3οὐρανόθεν ouranothenBijwoordG3771
SB3254
Van de hemel afkomstig. Komt 2 keer voor
KJV: from heaven (2x).
4 ἐπουράνιος epouranios   Bijvoeglijk naamwoord G2032
SB1851
Bij het hemelse
Komt 21 keer in 18 verzen voor.
KJV: heavenly (16x), celestial (2x), in heaven (1x), high (1x).

Opmerking: In de handschriften, die o.a. de NBG hanteert komen er drie teksten voor met het woord ouranios namelijk Mat 5:48, 18:35 en 23:9, terwijl in de handschriften, die de Blue Letter Bible hanteert deze als ouranos worden geschreven.

De hemel is een veelgebruikt woord in het Nieuwe Testament, totaal meer dan 300 keer.

Van deze vier woorden geven de teksten bij nummer 2 en 3 beperkte informatie. Daar begin ik maar mee.

Daarna gaat het over het woord bij nummer 1 in de tabel. Dat is een lang hoofdstuk waarbij nog niet eens alle teksten naar voren komen.

Het woord bij nummer 4 is een apart begrip. Een apart hoofdstuk in deze studie.

Ouranios en ouranothen hemels en van de hemel

Nummer 2 in de tabel, ouranios, hemels, komt zeven keer voor als ‘Hemelse Vader’ in het evangelie van Matteüs. Het is een soort synoniem voor de Vader, die in de hemelen is, een uitdrukking, die ook in het boek van Matteüs dikwijls naar voren komt.

In Lukas 2 gaat het om een hemelse legermacht. Dat is bij de aankondiging van de geboorte van Jezus bij de herders.
Lukas 2:13. En plotseling was er bij de engel een menigte van de hemelse legermacht, die God loofde en zei: Eer zij aan God in de hoogste hemelen, en vrede op aarde, in mensen een welbehagen.

Het uitdrukking ‘legermacht van de hemel’ komt ook in het boek Handelingen voor, maar dan wel in de zin van allerlei goden, die in de hemel zijn.
Handelingen 7:40-42. … en zij zeiden tegen Aäron: Maak voor ons goden die vóór ons uit zullen gaan, want wat die Mozes betreft, die ons uit het land Egypte geleid heeft, wij weten niet wat er met hem gebeurd is.
En zij maakten in die dagen een kalf en brachten een offer aan die afgod, en zij waren verblijd over de werken van hun handen. En God keerde Zich af en gaf hen over om het hemelleger te dienen. [HSV]

Verwijzing: Deze kijk op de situatie toen bij het volk Israël komen we ook tegen in het woord 4 van de tabel, die verwijst o.a. naar de hemelse gewesten waar ook boze machten zijn.

En tenslotte in Handelingen 26 vertelt de apostel Paulus over die bijzondere gebeurtenis van Paulus bij Damascus.
Handelingen 26:19. Daarom, koning Agrippa, ben ik die hemelse verschijning niet ongehoorzaam geweest. [HSV]

Het woord dat met ‘verschijning’ is vertaald is optasia G3701, dat ook wordt gebruikt bij Zacharias in de tempel, bij de opstanding van Jezus als de bezoekers van het graf engelen hebben gezien en als Paulus schrijft over zijn ervaring van de derde hemel. Verderop in deze studie

Ouranothen
Nummer 3 in de tabel ouranothen betekent afkomstig van de hemel. Het bijwoord ouranothen komt twee keer voor in de Bijbel en betekent ‘van’ of ‘uit de hemel afkomstig’.

Uit een toespraak van Paulus in de stad Lystre toen ze hem als een god wilde vereren.
Handelingen 14:14-17. Mannen, waarom doet u dit? Ook wij zijn mensen net zoals u, en wij verkondigen u juist dat u zich van deze zinloze dingen moet bekeren tot de levende God, Die de hemel, de aarde, de zee en alles wat erin is, gemaakt heeft. Hij heeft in de tijden die achter ons liggen al de heidenen hun eigen wegen laten gaan, hoewel Hij Zichzelf toch niet onbetuigd liet door goed te doen: Hij gaf ons vanuit de hemel regen en vruchtbare tijden en verzadigde ons hart met voedsel en vreugde.

En over Paulus scheen een licht van de hemel destijds bij Damascus.
Handelingen 26:12-13. Toen ik daarvoor ook naar Damascus reisde, met volmacht en in opdracht van de overpriesters, zag ik, koning, midden op de dag, op de weg een licht, sterker dan de glans van de zon, dat mij en hen die met mij meereisden, vanuit de hemel omscheen.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Regen en vruchtbare tijden krijgen we vanuit de hemel. Handelingen 14.

Paulus kreeg een bijzondere verschijning vanuit de hemel. Handelingen 26.

Ouranos de hemel of ouranoi de hemelen

Het aantal keer dat dit woord hemel voorkomt is te veel om alle teksten van te noemen. In ieder geval komen alle teksten over de hemel in het boek van Matteüs naar voren.

Voor het Griekse deel van de Bijbel hebben de evangelisten en apostelen het woord ‘ouranos’ gekozen. Dat woord gebruikten de Grieken om de hemel mee aan te duiden. Volgens Hesiodos, een bekende Griekse dichter, hangt deze hemelkoepel zo hoog boven de aarde (Gaia) als de Tartaros (het diepste deel van de onderwereld) onder haar ligt. Een bronzen aambeeld zou tien dagen nodig hebben om vanaf Ouranos naar het aardoppervlak te vallen. Ouranos was ook een persoon uit de Griekste mythologie, maar werd zelden als een persoon afgebeeld (bron: Wikipedia).

Het Hebreeuwse woord ‘sjamaim’ staat altijd in het meervoud. Maar in het Grieks hebben de schrijvers zowel een enkelvoud voor hemel gebruikt, ‘ouranos’, als een meervoud ‘ouranoi’.

Omdat de NBV altijd vertaalt met het enkelvoud hemel, worden hier steeds de teksten uit de HSV geciteerd. Er zal toch wel een bedoeling zitten achter het wisselend gebruik van enkelvoud en meervoud. Daar ga ik van uit.

De hemel in het boek van Matteüs.

Het boek Matteüs is kampioen in het gebruik van het woord hemel of hemelen namelijk 74 keer van de 286 keer dat dit woord in het Nieuwe Testament voorkomt. Dat komt vooral omdat Matteüs het koninkrijk van God, het koninkrijk van de hemelen noemt. En dat hij ook regelmatig spreekt over de Vader, die in de hemelen is.

Verder gaat het over nog allerlei andere zaken wat de hemelen betreft. Zie de paragrafen hieronder.

Wat staat er over het koninkrijk van de hemelen?

Het gaat wel zo’n dertig keer in het boek Matteüs over het koninkrijk van de hemelen. Bij onderwerp #3 op deze site ‘de nieuwe maatschappij’ is een studie over koninkrijk van God of van de hemelen ondergebracht. Daar verwijs ik naar voor dit deel.

Wat staat er over de Vader, die in de hemelen is.

Matteüs schrijft ook een aantal keer over de Vader, die zoals hij beschrijft, in de hemelen is. Een variant op hemelse Vader wat hierboven aan de orde kwam.

Mattheüs 5:16. Laat uw licht zo schijnen voor de mensen, dat zij uw goede werken zien en uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken.

Mattheüs 5:45. … zodat u kinderen zult zijn van uw Vader, Die in de hemelen is, want Hij laat Zijn zon opgaan over slechte en goede mensen, en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen.

Mattheüs 5:48. Weest u dan volmaakt, zoals uw Vader, Die in de hemelen is, volmaakt is.

Mattheüs 6:1. Wees op uw hoede dat u uw liefdegave niet geeft in tegenwoordigheid van de mensen om door hen gezien te worden; anders hebt u geen loon bij uw Vader, Die in de hemelen is.

Matteüs 6:9-10. Bidt u dan zo: Onze Vader, Die in de hemelen zijt . Uw Naam worde geheiligd. Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel zo ook op de aarde.

Matteüs 10:32-33. Ieder dan die Mij belijden zal voor de mensen, die zal Ik ook belijden voor Mijn Vader, Die in de hemelen is. Maar wie Mij verloochenen zal voor de mensen, die zal Ik ook verloochenen voor Mijn Vader, Die in de hemelen is.

Mattheüs 11:25. In die tijd antwoordde Jezus en zei: Ik dank U, Vader, Heere van de hemel en van de aarde, dat U deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, en ze aan jonge kinderen hebt geopenbaard.

Matteüs 12:50. Want wie de wil van Mijn Vader doet, Die in de hemelen is, die is Mijn broeder en zuster en moeder.

Matteüs 16:17. En Jezus antwoordde en zei tegen hem: Zalig bent u, Simon Barjona, want vlees en bloed hebben u dat niet geopenbaard, maar Mijn Vader, Die in de hemelen is.

Matteüs 18:10. Pas op dat u niet een van deze kleinen veracht. Want Ik zeg u dat hun engelen in de hemelen altijd het aangezicht zien van Mijn Vader, Die in de hemelen is.

Matteüs 18:14. Zo is het ook niet de wil van uw Vader, Die in de hemelen is, dat een van deze kleinen verloren gaat.

Matteüs 23:9. En u mag niemand op de aarde uw vader noemen, want Eén is uw Vader, namelijk Hij Die in de hemelen is.

Wat kunnen van deze teksten leren?
Uit deze teksten blikt de nauwe band met de hemel.

Als wij goed bezig zijn, zullen de mensen de Vader verheerlijken.

Wij kunnen kinderen zijn van de Vader, die in de hemelen is. Hij wil dé Vader voor ons zijn.

De Vader is volmaakt. Zou mooi zijn als we ook zo volmaakt zijn.

Als je iets goeds doet zonder het bekend te maken, ziet de Vader in de hemelen dat. Hij zal je ervoor belonen. Als je Jezus erkent, dan zal Jezus jou erkennen bij de Vader in de hemelen.

Wij bidden tot Onze Vader, die in de hemelen is. Hij hoort ons blijkbaar.

De Vader is de Heer, dat is ‘de baas’ van zowel de hemel als de aarde. Dat wil overigens niet zeggen dat alles wat het gebeurt volgens zijn wil is. Helaas niet. Er is veel opstand en ongehoorzaamheid. In ieder geval is het Gods wil dast geen van de kleinen verloren gaat.

De engelen zien altijd het aangezicht van de Vader, die in de hemelen is.

De Vader in de hemel openbaart ons belangrijke dingen. Vooral aan jonge kinderen.

Wat staat er over de zichtbare hemel?

In het boek Matteüs gaat het drie keer over de vogels in de hemel en eenmaal over het weer.

Mattheüs 6:26. Kijk naar de vogels in de lucht: zij zaaien niet en maaien niet, en verzamelen niet in schuren; uw hemelse Vader voedt ze evenwel; gaat u ze niet ver te boven?

Mattheüs 8:20. En Jezus zei tegen hem: De vossen hebben holen, en de vogels in de lucht nesten, maar de Zoon des mensen heeft niets waarop Hij het hoofd kan neerleggen.

Matteüs 13:32. Dat is wel het kleinste van al de zaden, maar als het opgegroeid is, is het het grootste van de tuingewassen en het wordt een boom, zodat de vogels in de lucht een nest komen maken in zijn takken.

Mattheüs 16:1-3. En de Farizeeën en de Sadduceeën kwamen naar Hem toe om Hem te verzoeken, en zij vroegen Hem of Hij hun een teken uit de hemel wilde laten zien. Maar Hij antwoordde en zei tegen hen: Als het avond geworden is, zegt u: Mooi weer, want de hemel is rood; en ‘s morgens: Vandaag storm, want de hemel is somber rood. Huichelaars! De aanblik van de lucht weet u wel te onderscheiden, en kunt u de tekenen van de tijden niet onderscheiden?

Toelichting: dit is wel een bijzondere tekst. Als je het weer van de hemel kan beoordelen, moet je toch ook de tekenen van de tijd kunnen beoordelen. Dat is blijkbaar eenzelfde soort proces. Als je dat dan niet doet ben je een huichelaar. Een huichelaar is iemand, die inconsequent is.

Uit de hemel(en).

Mattheüs 3:16-17. En nadat Jezus gedoopt was, kwam Hij meteen op uit het water; en zie, de hemelen werden voor Hem geopend, en Hij zag de Geest van God als een duif neerdalen en op Zich komen. En zie, een stem uit de hemelen zei: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!

Mattheüs 21:25. De doop van Johannes, vanwaar was die, uit de hemel of uit de mensen? En zij overlegden met elkaar, en zeiden: Als wij zeggen: Uit de hemel, dan zal Hij tegen ons zeggen: Waarom hebt u hem dan niet geloofd?

Mattheüs 28:2. En zie, er vond een grote aardbeving plaats, want een engel van de Heere, die uit de hemel neerdaalde, ging erheen, rolde de steen van de opening weg en ging erop zitten.

Wat kun je van deze teksten leren?
Dit kan er zomaar uit de hemel komen: een stem of een engel. Kwam ook letterlijk de doop van Johannes uit de hemel zoals hier staat? Het lijkt me dat je hier uit moet begrijpen dat Johannes de Doper inspiratie uit de hemel kreeg om te dopen.

Autoriteit van de hemel

Hier twee teksten, die gaan over de hemel als de troon van God. Hier gaat het om de autoriteit van de hemel te gebruiken om je woorden te bekrachtigen.
Matteüs 5:34. Maar Ik zeg u: Zweer in het geheel niet, niet bij de hemel, want dat is de troon van God.
Matteüs 23:22. … en wie zweert bij de hemel, die zweert bij de troon van God en bij Hem Die daarop zit.

Dit is het gezag dat Kapernaüm had kunnen krijgen.
Matteüs 11:23. En u, Kapernaüm, die tot de hemel toe verhoogd bent, u zult tot de hel toe neergestoten worden. Want als in Sodom de krachten waren gebeurd die in u hebben plaatsgevonden, dan zou het tot op de huidige dag gebleven zijn.

En dit is wat Jezus aankondigt dat zijn discipelen zouden krijgen. Sleutels en de macht om de binden en te ontbinden. Na de opstanding krijgt Jezus alle macht.

Mattheüs 16:19. En Ik zal u de sleutels van het Koninkrijk der hemelen geven; en wat u bindt op de aarde, zal in de hemelen gebonden zijn; en wat u ontbindt op de aarde, zal in de hemelen ontbonden zijn.

Mattheüs 18:18-19. Voorwaar, Ik zeg u: Alles wat u op de aarde bindt, zal in de hemel gebonden zijn; en alles wat u op de aarde ontbindt, zal in de hemel ontbonden zijn. Verder zeg Ik u dat, als twee van u op de aarde iets, wat dan ook, eenstemmig verlangen, het hun ten deel zal vallen van Mijn Vader, Die in de hemelen is.

‘Kleinen’, kinderlijk gelovigen hebben autoriteit omdat ze engelen hebben, die dichtbij de troon staan.
Mattheüs 18:10. Pas op dat u niet een van deze kleinen veracht. Want Ik zeg u dat hun engelen in de hemelen altijd het aangezicht zien van Mijn Vader, Die in de hemelen is.

Deze twee teksten gaan over de autoriteit van Jezus.
Mattheüs 21:9. De menigte die vooropliep en die volgde, riep: Hosanna, de Zoon van David! Gezegend Hij Die komt in de Naam van de Heere! Hosanna, in de hoogste hemelen !
Mattheüs 28:18. En Jezus kwam naar hen toe, sprak met hen en zei: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde.

Wat kunnen we nu al in de hemel hebben.

Mattheüs 5:12. Verblijd en verheug u, want uw loon is groot in de hemelen, want zo hebben ze de profeten vervolgd die er vóór u geweest zijn.

Matteüs 6:20. … maar verzamel schatten voor u in de hemel, waar geen mot of roest ze verderft, en waar dieven niet inbreken of stelen.

Matteüs 19:21. Jezus zei tegen hem: Als u volmaakt wilt zijn, ga dan heen, verkoop wat u hebt, en geef het aan de armen, en u zult een schat hebben in de hemel; en kom dan en volg Mij.

Als toevoeging een tekst uit een brief van Paulus.
Filippenzen 3:20-21. Maar wij hebben ons burgerrecht in de hemel, en van daar verwachten wij onze redder, de Heer Jezus Christus. Met de kracht waarmee hij in staat is alles aan zich te onderwerpen, zal hij ons armzalig lichaam gelijkmaken aan zijn verheerlijkt lichaam. 

Wat kunnen we van deze teksten leren?
We kunnen loon ontvangen in de hemel. Of een schat of schatten verzamelen. Volgens de laatste tekst ontvingen de mensen van de gemeente van Filippi ook het burgerrecht in de hemel. Een soort paspoort voor de hemel.

Over de toekomst

Mattheüs 5:18. Want, voorwaar, Ik zeg u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles geschied is.

Mattheüs 22:30. Want in de opstanding nemen ze niet ten huwelijk en worden ze niet ten huwelijk gegeven, maar ze zijn als engelen van God in de hemel.

Mattheüs 24:29-31. En meteen na de verdrukking van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal zijn schijnsel niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden. En dan zal aan de hemel het teken van de Zoon des mensen verschijnen; en dan zullen al de stammen van de aarde rouw bedrijven en zij zullen de Zoon des mensen zien, als Hij op de wolken van de hemel komt met grote kracht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn engelen uitzenden onder luid bazuingeschal, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenbrengen uit de vier windstreken, van het ene uiterste van de hemelen tot het andere uiterste ervan.

Mattheüs 24:35-36. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen zeker niet voorbijgaan. Maar die dag en dat uur is aan niemand bekend, ook aan de engelen in de hemel niet, maar alleen aan Mijn Vader.

Mattheüs 26:64. Jezus zei tegen hem: U hebt het gezegd. Maar Ik zeg u: Van nu aan zult u de Zoon des mensen zien zitten aan de rechter hand van de kracht van God en zien komen op de wolken van de hemel.

Voor de toekomst.
2 Petrus 3:13. Wij verwachten echter naar zijn belofte nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, waar gerechtigheid woont. [NBG]

Over opzien naar de hemel

Er staat vier keer in de Bijbel over Jezus dat Hij ‘zag op naar de hemel’. Dat was zijn manier van bidden. Drie keer gaat het om een gebed voor de vijf broden en de twee vissen en één keer is het een gebed bij de genezing van een dove man.

Hier alleen het voorbeeld uit het boek van Matteüs over het gebed voor de vijf broden en twee vissen.
Matteüs 14:19. En Hij beval de scharen, dat zij in het gras zouden gaan zitten, nam de vijf broden en de twee vissen, en Hij zag op naar de hemel, sprak de zegen uit, brak de broden en gaf ze aan zijn discipelen en de discipelen gaven ze aan de scharen. [NBG]

Marcus 7:34. … en Hij zag op naar de hemel en zuchtte en zeide tot hem: Effata, dat is: wordt geopend! [NBG]

Over naar de hemel gaan

Ik heb gezocht of onze uitdrukking ‘naar de hemel gaan’ ook in de Bijbel voorkomt. Deze heb ik gevonden.

Lucas 2:15. Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’

Johannes 3:13. Er is toch nooit iemand opgestegen naar de hemel behalve degene die uit de hemel is neergedaald: de Mensenzoon?

Handelingen 1:9-11. Toen hij dit gezegd had, werd hij voor hun ogen omhooggeheven en ​opgenomen​ in een wolk, zodat ze hem niet meer zagen. Terwijl hij zo van hen wegging en zij nog steeds naar de hemel staarden, stonden er opeens twee mannen in witte gewaden bij hen. Ze zeiden: ‘Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie hem naar de hemel hebben zien gaan.

Handelingen 2:34. David is weliswaar niet naar de hemel opgestegen, maar toch zegt hij: “De Heer sprak tot mijn Heer: ‘Neem plaats aan mijn rechterhand.

Handelingen 11:10. Dat gebeurde tot driemaal toe; daarna werd alles weer omhooggetrokken naar de hemel. [Het gaat hier om een visioen die de apostel Petrus kreeg. Het gaat om een voorwerp dat op een groot ​linnen​ kleed leek, het werd aan vier punten uit de hemel neergelaten tot vlak bij Petrus. Hij keek er aandachtig naar en zag de lopende en kruipende dieren van de aarde, en ook de wilde dieren en de vogels van de hemel]

Romeinen 10:6. En over de rechtvaardigheid die op grond van geloof geschonken wordt staat geschreven: ‘Zeg niet bij uzelf: Wie zal opstijgen naar de hemel?’ – en dat betekent: wie zal Christus naar beneden brengen? [dit was een gedachtegang in de tijd van Paulus <<verder uitzoeken>>]

Openbaring 11:12. Er klonk een luide stem uit de hemel, die tegen hen zei: ‘Kom hierboven.’ Toen stegen ze in de wolk op naar de hemel, voor het oog van hun vijanden. [het gaat hier om twee getuigen, die profeteerden en grote dingen deden, maar werden gedood door het beest. Maar ze gingen weer leven en stegen op naar de hemel]

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Engelen, die wij hier zien, gaan weer terug naar de hemel. Zoals toen de herders de boodschap van hen kregen dat Jezus is geboren.

Er zijn ook voorwerpen of misschien moet je zeggen, beelden, die uit de hemel komen en er weer naar terug gaan.

Jezus ging naar de hemel, bij de hemelvaart. Ook de twee getuigen uit het boek Openbaringen stijgen op naar de hemel.

Jezus is nu in de hemel

Jezus steeg op naar de hemel bij de hemelvaart en zit nu aan de rechterhand van de kracht van God. Er staat niet letterlijk dat Jezus nu in de hemel is.
Matteüs 26:64. Maar Ik zeg u: Van nu aan zult u de Zoon des mensen zien zitten aan de rechterhand van de kracht van God en zien komen op de wolken van de hemel.

Jezus is ver boven de hemel verheven. Zal dat de zichtbare hemel zijn? Daar gaan de volgende twee teksten over.
Hebreeën 7:26. Een ​hogepriester​ als hij hadden we ook nodig, iemand die ​heilig, schuldeloos en zuiver is, van de zondaars afgescheiden en ver boven de hemel verheven.
Efeziërs 4:10. Hij, die nedergedaald is, Hij is het ook, die is opgevaren ver boven alle hemelen, om alles tot volheid te brengen. [NBG. De NBV vertaalt hier met hemelsferen, terwijl er ouranos en dat is ‘hemel’ staat]

De hemel aan het eind van ons leven.

Dit is het meest uitgebreide stuk over de hemel aan het eind van ons leven.

Het gaat om stuk uit de tweede brief aan de Korintiërs, die ik in drie stukken laat zien.
2 Korintiërs 5:1-3. Wij weten dat wanneer onze aardse tent, het lichaam waarin wij wonen, wordt afgebroken, we van God een woning krijgen: een eeuwige, niet door mensenhanden gemaakte woning in de hemel. Wij zuchten in onze aardse tent en zouden willen dat onze hemelse woning er nu al over wordt aangetrokken. We zijn er echter zeker van dat we ook ontkleed niet naakt zullen zijn.

Toelichting. de laatste zin ‘dat we ook ontkleed niet naakt zullen zijn’ is in andere handschriften ‘dat we eenmaal bekleed niet naakt zullen zijn’. Wat zou de goede tekst zijn? Het lijkt die eerste want die geeft aan dat we weer zullen zijn als Adam en Eva in de hof.

2 Korintiërs 5:4-6. Zolang we in onze aardse tent verblijven zuchten we onder een zware last, omdat we niet willen dat deze kleding wordt uitgetrokken; we willen dat er nieuwe over wordt aangetrokken, zodat het sterfelijke door het leven wordt verslonden. Hiervoor heeft God zelf ons gereedgemaakt, door ons de Geest als onderpand te geven. Dus wij blijven altijd vol goede moed, ook al weten we dat zolang dit lichaam onze woning is, we ver van de Heer wonen.

2 Korintiërs 5:7-10. We leven in vertrouwen op God; wat komen gaat is nog niet zichtbaar. We blijven vol goede moed, ook al zouden we ons lichaam liever verlaten om onze intrek bij de Heer te nemen. Daarom ook stellen wij er een eer in te doen wat God wil, zowel in dit bestaan als in ons bestaan bij hem. Want wij moeten allen voor de rechterstoel van Christus verschijnen, zodat ieder van ons krijgt wat hij verdient voor wat hij in zijn leven heeft gedaan, of het nu goed is of slecht.

Epouranios en hemelse gewesten

Het woord epouranios komt 21 keer voor in 18 verzen in negen varianten. Het woord ‘epouranios’ is net als ‘ouranios’ een bijvoeglijk naamwoord. Het voorvoegsel ‘ep’ betekent o.a. ‘bij’.

Het is de gewoonte van de schrijvers van de Bijbel om veel verschillende woorden te gebruiken, die net een nuance andere betekenis hebben. In dit geval is de betekenis zoiets als ‘dichterbij het hemelse’ of zoiets als ‘bij de hemelse dingen’. De NBG vertaalt dat ook in Hebreeën 9:23.

Johannes 3:12. Als Ik aardse dingen tegen u zei en u niet gelooft, hoe zult u geloven als Ik hemelse dingen tegen u zeg?

De tekst van 1 Korintiërs 15:35-49 is een enorm inzicht gevend stukje van Paulus over dingen waar wij niet zoveel van weten. Het gaat vooral over de opstanding van de doden, maar hier de teksten waar het over het hemelse gaat:
1 Korintiërs 15:39-40. Alle vlees is niet hetzelfde vlees, want het vlees van mensen is verschillend, en het vlees van dieren is verschillend, en dat van vissen is verschillend, en dat van vogels is verschillend. En er zijn hemelse lichamen en er zijn aardse lichamen, maar de heerlijkheid van de hemelse is verschillend, en die van de aardse is verschillend.
1 Korintiërs 15:48-49. De eerste mens is uit de aarde, stoffelijk; de tweede Mens is de Heere uit de hemel. Zoals de stoffelijke is, zo zijn ook de stoffelijke mensen, en zoals de Hemelse is, zo zijn ook de hemelse mensen. En zoals wij het beeld van de stoffelijke gedragen hebben, zo zullen wij ook het beeld van de Hemelse dragen. [HSV]

Ook een bijvoeglijk naamwoord kan in het Grieks diverse verbuigingen hebben al naar gelang de positie van het woord. Één verbuiging van ‘epouraniois’, is die van een onzijdig meervoud. Die je volgens de Studiebijbel het best kunt vertalen met een plaatsaanduiding.

Deze vervoeging komen we alleen tegen in de brief aan de Efeziërs tegen en dan wel vijf keer. Hier gaat Paulus dus iets bijzonders duidelijk maken.

De vraag was: hoe gaan de vertalers met die plaatsaanduiding om. De Statenvertaling hield het alleen op het woord ‘hemel’ bij de vertaling. De NBG vertaling koos wel voor een plaatsaanduiding namelijk ‘gewesten’. De HSV volgde de NBG vertaling. De NBV vertaalt vier van de vijf keer met het woord sferen, hemelsferen. Maar een sfeer is wel een vaag woord.

Hier die vijf verzen in de NBG vertaling:
Efeziërs 1:3. Gezegend zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, die ons met allerlei geestelijke zegen in de hemelse gewesten gezegend heeft in Christus. 
Efeziërs 1:20. … die Hij heeft gewrocht in Christus, door Hem uit de doden op te wekken en Hem te zetten aan zijn rechterhand in de hemelse gewesten
Efeziërs 2:6. … en heeft ons mede opgewekt en ons mede een plaats gegeven in de hemelse gewesten, in Christus Jezus, 
Efeziërs 3:10. …  opdat thans door middel van de gemeente aan de overheden en de machten in de hemelse gewesten de veelkleurige wijsheid Gods bekend zou worden, 
Efeziërs 6:12. Want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten

Uitleg van dit gedeelte:
Nu al zijn we met onze geest aanwezig in de hemelse gewesten
Jezus zit aan de rechterhand van God in de hemelse gewesten, Zij zijn daar aanwezig.
Wij hebben in die hemelse gewesten ook een plaats.
De gemeente van Christus heeft tot taak om de veelkleurige wijsheid Gods bekend te maken in de hemelse gewesten.
In die hemelse gewesten hebben we te worstelen teen overheden en machten.

Overigens geeft Paulus ook aan dat er lagere aardse gewesten zijn.
Efeziërs 4:9. ‘Wat betekent dit: Hij is opgevaren, anders dan dat Hij ook nedergedaald is naar de lagere, aardse gewesten?’
(Deze tekst komt ook aan de orde bij de studie van het dodenrijk.)

In deze teksten hierboven is te lezen dat er ook nare machten zijn in de hemelse gewesten. Dat wordt ook nog een keer onderstreept in onderstaande tekst.
1 Korintiërs 8:3-6. Maar wanneer iemand God liefheeft, is hij door God gekend. Wat nu het eten van offervlees betreft: wij weten dat er in de hele wereld niet één afgod (eidolon) echt bestaat en dat er maar één God is. Ook al zijn er zogenaamde goden (theos) in de hemel of op aarde – en zo zijn er immers heel wat goden (theos) en heren (kurios) –, wij weten: er is één God, de Vader, uit wie alles is ontstaan en voor wie wij zijn bestemd, en één Heer, Jezus Christus, door wie alles bestaat en door wie wij leven.

En we verwijzen ook nog even naar Handelingen 7:40-42 waar het gaat om het volk Israël, die het gouden kalf ging aanbidden aan het begin van deze studie.

In de brief aan de Hebreeën worden er nog diverse interessante koppelingen gemaakt van het hemelse met andere dingen.
– hemelse roeping (Hebr. 3:1)
– hemelse gave (Hebr.6:4)
– de dienst van de priesters in het Oude Testament was een schaduw van de hemelse dienst (Hebr. 8:5)
– een hemels vaderland (Hebr. 11:16)
– hemelse Jeruzalem (Hebr. 12:22)

Hebreeën 11:14-16. Door zo te spreken lieten ze blijken op doorreis te zijn naar een vaderland. En daarmee bedoelden ze niet het vaderland waaruit ze weggetrokken waren, anders waren ze daarheen wel teruggekeerd. Nee, ze keken reikhalzend uit naar een beter vaderland: het hemelse. Daarom schaamt God zich er niet voor hun God genoemd te worden en heeft hij voor hen een stad gereedgemaakt.

Andere benamingen van de hemel

Behalve over de hemel geeft de Bijbel nog andere benamingen aan, die lijken te gaan over de hemel. Hier staan ze.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1παράδεισος paradeisosZelfstandig naamwoord
mannelijk
G3857
SB
Paradijs
Komt drie keer voor. KJV: paradise (3x).
2οἰκίᾳ τοῦ ΠατρόςZelfstandig naamwoordG3624
(3x) of
G3614
(1x) en
G3962
Huis van de vader
KJV: my father’s house (1x), my Father’s house, his father’s house (1x)
3κόλποις
kolpos
Zelfstandig naamwoord
mannelijk
G2859Boesem/schoot.
Komt zes keer voor in zes verzen.
KJV: bosom (5x), creek (1x).

Het paradijs en het huis van de vader, zijn plekken waar God aanwezig is. Het derde woord, de boezem is een speciale plaats op die plek waar God aanwezig is.

Het paradijs

Het woord paradijs komt drie keer voor in het Nieuwe Testament. Het woord komt niet voor in het Oude Testament, daar heet wat wij het paradijs noemen ‘de hof van Eden’.

Paradijs is volgens Wikipedia een van oorsprong Perzisch woord voor de prachtige parken van hun koningen en vorsten. Opmerkelijk dat Jezus dit niet van oorsprong Hebreeuwse woord gebruikt. Waarom zou dat zijn? Omdat het toch net wat anders is dan de hof van Eden? Of is het omdat het in Joodse geschriften wordt gebruikt? Ik denk dat laatste.

Jezus praat over het paradijs tegen de moordenaar aan het kruis.
Lucas 23:43. Jezus antwoordde: ‘Ik verzeker je: nog vandaag zul je met mij in het paradijs zijn.’ 

Iemand wees mij op de dubbele doelgroep van deze boodschap. Het was aan de moordenaar gericht, maar ook aan alle mensen. De toegang tot het paradijs was afgesloten, zie tekst hieronder, maar de toegang was vanaf die dag dat Jezus stierf weer open.

Genesis 3:23-24. Daarom stuurde hij de mens weg uit de tuin van Eden om de aarde te gaan bewerken, waaruit hij was genomen. En nadat hij hem had weggejaagd, plaatste hij ten oosten van de tuin van Eden de cherubs en het heen en weer flitsende, vlammende zwaard. Zij moesten de weg naar de levensboom bewaken.

De apostel Paulus verwijst ook naar dit paradijs. Het stukje tekst dat ook spreekt over de derde hemel, zie een volgende paragraaf.
2 Korintiërs 12:4. … werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken.

De apostel Johannes noemt het in zijn boek Openbaringen. Het paradijs is van God wordt daar gezegd.
Openbaring 2:7. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt. Wie overwint zal ik laten eten van de levensboom die in Gods paradijs staat.” 

Het huis van mijn Vader

In het Oude Testament is het huis van God de tabernakel en later de tempel. Wij denken bij het huis van de vader aan de hemel. Geven de teksten, die in de Bijbel staan aan dat we aan de hemel moeten denken?

Het zou ook betrekking kunnen hebben op ons aardse leven. Sterker het lijkt meer te gaan over ons aardse leven en misschien gaat het ook wel over het leven na dit leven.

Johannes 14:2. In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou ik anders gezegd hebben dat ik een plaats voor jullie gereed zal maken? [NBV]
In het huis mijns Vaders zijn vele woningen – anders zou Ik het u gezegd hebben – want Ik ga heen om u plaats te bereiden. [NBG]  

De woorden ‘kamers’ of ‘woningen’ is de vertaling van μονή (monē) Strong nummer G3438.

Over het huis van de Vader ging het ook al eerder in het boek Johannes. Hier is het huis van de vader de benaming van de tempel in Jeruzalem in de tijd van Jezus.
Johannes 2:15-16. Hij maakte een zweep van touw en joeg ze allemaal de ​tempel​ uit, met hun schapen en runderen. Hij smeet het ​geld​ van de wisselaars op de grond, gooide hun tafels omver en riep tegen de duivenverkopers: ‘Weg ermee! Jullie maken een markt van het huis van mijn Vader!’

Verder komt het huis van de vader voor in deze tekst. In deze tekst komt ook de schoot van Abraham aan de orde. Daar geef ik een uitgebreid citaat.
Lukas 16:27. En hij zei: Ik vraag u dan, vader, dat u hem naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb vijf broers. Laat hij dan tegenover hen getuigenis afleggen, opdat ook zij niet komen in deze plaats van pijniging.

Tenslotte komt deze tekst ook voor in het boek Handelingen. Het gaat hier over het huis waar Mozes de borst kreeg van zijn moeder.
Handelingen 7:20. In die tijd werd Mozes geboren. Hij was bijzonder mooi. Hij werd drie maanden opgevoed in het huis van zijn vader. [HSV]

Dit Griekse woord komt alleen in dit vers voor.
Johannes 14:23. Jezus​ antwoordde en zeide tot hem: Zo iemand Mij liefheeft, die zal Mijn woord bewaren; en Mijn Vader zal hem ​liefhebben, en Wij zullen tot hem komen, en zullen woning bij hem maken. [NBG]

Wij gaan niet alleen in het huis van de Vader wonen, maar de Vader en de Zoon komen ook bij ons wonen.

Abraham, die in de verte te zien is.

Het verhaal van de rijke man en de arme Lazarus geeft ook een plaatje van de situatie als we sterven. In de Griekse tekst staat dat de rijke man in de hades was. Het dodenrijk vertaalt de NBV, de hel vertaalt de HSV. En Abraham die is in de verte door de rijke man te zien. Lazarus is in zijn schoot.

Abraham is in de verte. Jezus noemt de hemel niet. Waarom niet? Geen idee.

Lucas 16:19-23. En er was een rijk man, die gekleed ging in purper en fijn linnen en elke dag schitterend feest hield. En er was een bedelaar, Lazarus genaamd, vol zweren, nedergelegd bij zijn voorportaal, die verlangde zijn honger te stillen met wat van de tafel van de rijke afviel; zelfs kwamen de honden zijn zweren likken. Het geschiedde, dat de arme stierf en door de engelen gedragen werd in Abrahams schoot. Ook de rijke stierf en hij werd begraven. En toen hij in het dodenrijk zijn ogen opsloeg onder de pijnigingen, zag hij Abraham van verre en Lazarus in zijn schoot [NBG].

De schoot van Abraham duidt op de nabije en vertrouwelijke plek die Lazarus kreeg bij de man, die in die tijd als hoogste en meest geëerde werd gezien namelijk Abraham.

Dit gedeelte gaat met deze tekst verder, hier komen nog meer gegevens aan de orde.
Lukas 16:24- En hij riep en zei: Vader Abraham, ontferm u over mij en stuur Lazarus naar mij toe en laat hem de top van zijn vinger in het water dopen en mijn tong verkoelen, want ik lijd vreselijk pijn in deze vlam.
Abraham echter zei: Kind, herinner u dat u het goede deel ontvangen hebt in uw leven en Lazarus evenzo het kwade. En nu wordt hij vertroost en u lijdt pijn. En bovendien is er tussen ons en u een grote kloof aangebracht, zodat zij die van hier naar u zouden willen gaan, dat niet kunnen en ook zij niet die vandaar naar ons zouden willen gaan.
En hij zei: Ik vraag u dan, vader, dat u hem naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb vijf broers. Laat hij dan tegenover hen getuigenis afleggen, opdat ook zij niet komen in deze plaats van pijniging. [HSV]

Blijkbaar kon men elkaar zien en de rijke man kon zelfs met Abraham spreken. Zou dat zo kunnen in het dodenrijk? Er is ook een grote kloof. Tussen waar Abraham is en die andere plek, die een plaats van pijniging is.

Het was de gewoonte van Oosterlingen, om bij de maaltijd aan te liggen op rustbanken, waarbij het hoofd van de een rustte tegen den boezem, de schoot, van de andere. Zo lag de discipel, dien Jezus liefhad, in zijn schoot bij de maaltijd van de Heer.
Johannes 13:21-25. Toen Jezus deze dingen gezegd had, raakte Zijn geest in beroering, en Hij getuigde en zei: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u dat een van u Mij zal verraden. De discipelen dan keken elkaar aan, in twijfel over wie Hij dat zei. En een van Zijn discipelen, die Jezus liefhad, lag aan in de schoot van Jezus. Simon Petrus dan wenkte deze, dat hij vragen zou wie het toch zou kunnen zijn, over wie Hij sprak. En deze ging tegen Jezus’ borst liggen en zei tegen Hem: Heere, wie is het?

Misschien heeft de apostel Johannes aan dit beeld gedacht, toen hij zijn evangelie begon met te schrijven over Jezus.
Johannes 1:18. Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem ons verklaard. [HSV]

Hier gaat het om wat je krijgt als je iets koopt. In die tijd ontving met dat blijkbaar in een soort voorschoot. Althans dat beeld heb ik er bij.
Lukas 6:38. Geef en aan u zal gegeven worden: een goede, vastgedrukte, geschudde, overlopende maat zal men u in de schoot geven, want met dezelfde maat waarmee u meet, zal er bij u ook gemeten worden.

In Handelingen 27:39 gaat het over een boezem een baai aan de kust.

De derde hemel

Het begrip derde hemel komt een keer in de Bijbel voor.
2 Korintiërs 12:1-5. Ik word er wel toe gedwongen hoog van mezelf op te geven. Daarom zal ik, hoewel het geen enkel doel dient, het hebben over visioenen en openbaringen die de Heer ons schenkt. Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen – werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken. Van zo iemand wil ik hoog opgeven. Wat mijzelf betreft zal ik me slechts op mijn zwakheid laten voorstaan

Een uitleg is dat drie verschillende lagen hemelen zijn te onderkennen. De eerste hemel is dan de hemel die wij zien als we omhoog kijken. De tweede waar engelen en demonen zijn. De derde hemel is de plaats waar God is. Overigens komt het begrip ‘eerste hemel’ en ‘tweede hemel’ niet in de Bijbel voor. Wat wel voorkomt is het begrip hemelse gewesten, zie punt 4, die je als de tweede hemel kunt zien.

Op de site van “de broeders in Christus” komt het idee voor dat je de volgorde eerste, tweede en derde in de tijd moet plaatsen. De eerste hemel was dan bij de schepping, na de zondvloed de tweede en als er in de toekomst een nieuw hemel en een nieuwe aarde komt, dan is dat de derde hemel.

We hebben ook het spreekwoord “in de zevende hemel zijn”. Dat komt uit de Joodse Talmoed. In de Talmoed wordt verteld dat God oorspronkelijk op aarde woonde, maar na de eerste zonde van de mens naar de eerste hemel vertrok. Bij iedere volgende zonde ging hij naar een hemel die verder weg lag, tot de zevende hemel. [bron: site Onze Taal]

<<in het boek Geboren om vrij te zijn staan nog een paar getuigenissen van de derde hemel>>

Tot zover de omhoog richting, naar de eerste, tweede en derde hemel. De omlaag richting is er ook, zie de studie over het dodenrijk.

Andere bronnen.

Er zijn enkele boeken over de hemel. Zij gaan vooral over hoe mooi de hemel is en hoe we er later van kunnen genieten.

Het boek van Joni Eareckson Tada de Hemel, uit 1995.
Het boek “De jongen die in de hemel was” met het verhaal over de vierjarige Colton Burpo. Dat boek werd in 2014 verfilmd. De titel is “Heaven is for Real”.

Er is ook een boek getiteld “De jongen die uit de hemel terugkwam”, maar dat bleek later een verzonnen verhaal geweest te zijn. Bronnen: demorgen.be en de Evangelische Omroep.

Het boek ‘Hemels, mijn reis van negen dagen voorbij de dood,’ is ook een indrukwekkend boek. Het is een verslag uit 1848 van Marietta Davis, een jonge vrouw die in de hemel is geweest.

Er zijn ook schilders, die onder inspiratie de hemel hebben geschilderd. En daar dikwijls dan ook allerlei research voor hebben gedaan.

Samenvatting

Er is een enorme hulp vanuit de hemel. Dat was zo in de geschiedenis en dat is heden ten dage ook zo. Meer dan 90% van de teksten over de hemel gaan over de hemel als onderdeel van ons huidige leven. Een klein deel gaat over de hemel in de toekomst. De toekomst als we sterven en de toekomst bij het eind van de tijd.

Het oude volk Israël kreeg een concrete zichtbare plaats van de hemel hier op aarde. Dat was eerst de tabernakel en later de tempel. Daar vond toen vooral het contact van de hemel met de aarde plaats en andersom.

Voor de tijd van vandaag is in principe het koninkrijk van de hemelen rechtstreeks op iedere plaats op aarde te vestigen. De oproep van Johannes de Doper geldt nog steeds: kom tot inkeer. En Jezus woorden over het koninkrijk der hemelen. Het koninkrijk komt en is nu.

Je kunt ‘koninkrijk der hemelen’ het ook korter zeggen. De hemel komt en is nu.

De hulp van de hemel is heel divers. Engelen, stemmen, visioenen, inspiratie, roepingen, gaven, vruchten etc.

Uiteindelijk gaat dat koninkrijk der hemelen hier op aarde doorbreken in de toekomst. Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde komt.

Voor degenen, die sterven voordat het zover is, is er het paradijs, het huis van de vader met de vele woningen. We zullen een woning hebben in de hemel.

Opvallend is, dat we ‘naar de hemel gaan’ niet zozeer in de Bijbel is terug te vinden. Jezus ging wel naar de hemel. En ook de twee getuigen waarvan we in Openbaringen lezen. Misschien is dat om de boodschap dat de hemel er vooral voor nu is te benadrukken.

En tenslotte kun je ook aan hemelse plaatsen denken hier op aarde waar de mensen God wilde dienen en eren. Kerkgebouwen, kapellen, kloosters, of een kruis op een hoge berg. Soms zijn ze niet zuiver, maar soms wel. Of in Israël zoals het meer van Galilea, de doopplekken in de Jordaan of de klaagmuur.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.