Studie Maaltijd van de Heer

De studies beschrijven wat er in de boeken van de Bijbel staat over een bepaald onderwerp.

Deze studie heeft “de maaltijd van de Heer” als onderwerp. Ikzelf heb al een hele weg afgelegd naar de betekenis van de maaltijd van de Heer. Wellicht zal het u als lezer ook zo vergaan.

De teksten uit de Bijbel zijn uit de NBG vertaling, tenzij anders is vermeld.

Overzicht vanuit teksten

In alle vier evangeliën lezen we over de maaltijd van de Heer. De verschillen tussen Matteüs en Marcus zijn klein. De teksten staan in de volgende paragraaf en de kleine verschillen heb ik onderstreept.

Het evangelie van Lukas houdt een andere volgorde aan. Op grond van dit evangelie zou je eerst de wijn kunnen drinken en daarna het brood kunnen eten.

Het evangelie van Lucas is een tekst, die geschikt is om voor te lezen bij de viering van de maaltijd. Het deel van de tekst, die je zou kunnen gebruiken uit het geheel, is vet gemaakt.

De evangelist Johannes geeft ook de maaltijd van de Heer aan maar op een eigen manier. Johannes voegt de voetwassing toe bij de voorbereiding en geef veel meer informatie over het verraad van Judas. En Johannes verhaalt van het onderwijs van Jezus direct na de maaltijd.

De apostel Paulus besteedt in zijn brief aan de Korintiërs ook aandacht aan de maaltijd van de Heer en geeft aandacht aan het element van zelfonderzoek.

Hieronder een overzicht van de onderdelen en de vindplaatsen in de tekst:

 Matteus 26Marcus 14Lukas 22Johan-nes 131 Korin-tiërs 11
Voor-
bereiding pascha
17-1912-167-13  
De voetwassing   1-17 
Begin van de maaltijd201714-15  
Het verraad van Judas21-2518-2121-2318-30 
Brood en wijn26-2822-2417 wijn 19 brood 20 wijn 23-25
Toekomst292516 en 18 26
Afsluiting van de maaltijd3026   
Extra  woorden en gebed van Jezus   Joh 14 t/m 17 
Vermanende woorden van Paulus    27-30
Afsluiting van de avond   Joh 18:1 

Teksten over de maaltijd

Hieronder staan de teksten van alle vier evangeliën, die over de maaltijd van de Heer gaan.

Matteüs 26: 17 Op de eerste dag van het feest der ongezuurde broden, kwamen de discipelen bij Jezus en zeiden: Waar wilt Gij, dat wij toebereidselen maken voor U om het Pascha te eten? 18  Hij zeide: Gaat naar de stad tot die-en-die en zegt tot hem: De Meester zegt: Mijn tijd is nabij; bij u houd Ik met mijn discipelen het Pascha. 19  En de discipelen deden, zoals Jezus hun had opgedragen, en zij maakten het Pascha gereed. 20  Toen het avond geworden was, lag Hij aan met de twaalf discipelen. 21  En terwijl zij aten, zeide Hij: Voorwaar, Ik zeg u, dat een van u Mij verraden zal. 22  En zeer bedroefd, begonnen zij, een voor een, tot Hem te zeggen: Ik ben het toch niet, Here? 23  Hij antwoordde hun en zeide: Die zijn hand met Mij in de schotel heeft gedoopt, die zal Mij verraden. 24  De Zoon des mensen gaat wel heen gelijk van Hem geschreven staat, doch wee die mens, door wie de Zoon des mensen verraden wordt. 25 Het ware voor die mens goed geweest, als hij niet geboren was.  Judas, zijn verrader, antwoordde en zeide: Ik ben het toch niet, Rabbi? Hij zeide tot hem: Gij hebt het gezegd. 26  En terwijl zij aten, nam Jezus een brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het aan zijn discipelen en zeide: Neemt, eet, dit is mijn lichaam. 27  En Hij nam een beker, sprak de dankzegging uit en gaf hun die en zeide: Drinkt allen daaruit. 28  Want dit is het bloed van mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden. 29  Doch Ik zeg u, Ik zal van nu aan voorzeker niet meer van deze vrucht van de wijnstok drinken, tot op die dag, dat Ik haar met u nieuw zal drinken in het Koninkrijk mijns Vaders. 30  En na de lofzang gezongen te hebben vertrokken zij naar de Olijfberg.

Marcus 14:17 En toen het avond geworden was, kwam Hij met de twaalven. 18 En terwijl zij aanlagen en aten, zeide Jezus: Voorwaar, Ik zeg u, dat een van u Mij verraden zal; een die met Mij eet. 19 Zij begonnen bedroefd te worden en één voor één tot Hem te zeggen: Ik toch niet? 20 En Hij zeide tot hen: Eén van de twaalven, die met Mij in de [ene] schotel indoopt. 21 Want de Zoon des mensen gaat wel heen gelijk van Hem geschreven staat, doch wee die mens, door wie de Zoon des mensen verraden wordt. Het ware voor die mens goed, als hij niet geboren was. 22 En terwijl zij aten, nam Hij een brood, sprak de zegen uit, brak het, gaf het hun en zeide: Neemt, dit is mijn lichaam. 23 En Hij nam een beker, sprak de dankzegging uit, en gaf hun die en zij dronken allen daaruit. 24 En Hij zeide tot hen: Dit is het bloed van mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt. 25 Voorwaar, Ik zeg u, Ik zal voorzeker niet meer van de vrucht van de wijnstok drinken, tot op die dag, dat Ik haar nieuw zal drinken, in het Koninkrijk Gods. 26 En na de lofzang gezongen te hebben, vertrokken zij naar de Olijfberg.

In deze tekst staat in vet een gedeelte, dat je zou kunnen gebruiken als je zelf de maaltijd van de Heer viert.

Lucas 22:14 Toen het zover was, ging hij samen met de apostelen aanliggen [voor de maaltijd]. 15 Hij zei tegen hen: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit Pesachmaal met jullie te eten voor de tijd van mijn lijden aanbreekt. 16 Want ik zeg jullie: ik zal geen pesachmaal meer eten voordat het zijn vervulling heeft gevonden in het koninkrijk van God.’ 17 Hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en zei: ‘Neem deze beker en geef hem aan elkaar door. 18 Want ik zeg jullie: vanaf nu zal ik niet meer drinken van de vrucht van de wijnstok tot het koninkrijk van God gekomen is.’ 19 En hij nam een brood, sprak het dankgebed uit, brak het brood, deelde het uit en zei: ‘Dit is mijn lichaam dat voor jullie gegeven wordt. Doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.’ 20 Zo nam hij na de maaltijd ook de beker, en zei: ‘Deze beker, die voor jullie wordt uitgegoten, is het nieuwe verbond dat door mijn bloed gesloten wordt. 21 Maar weet wel dat degene die mij zal uitleveren samen met mij aan deze tafel aanligt. 22 Want de Mensenzoon moet heengaan zoals het voor hem bepaald is, maar wee de mens die hem zal uitleveren.’ 23 Ze vroegen zich onder elkaar af wie van hen zoiets zou kunnen doen. [NBV]

Johannes 13:21  Na deze woorden werd Jezus ontroerd in de geest en Hij getuigde en zeide: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: een van u zal Mij verraden. 22  De discipelen zagen elkander aan, in het onzekere, van wie Hij sprak. 23  Een van de discipelen, dien Jezus liefhad, lag aan de boezem van Jezus; 24  hem dan gaf Simon Petrus een wenk en zeide tot hem: Zeg, wie het is, van wie Hij spreekt. 25  Deze, aanstonds zich aan de borst van Jezus werpende, zeide tot Hem: Here, wie is het? 26  Jezus dan antwoordde: Die is het, voor wie Ik het stuk brood indoop en wie Ik het geef. Hij doopte dan het stuk brood in en nam het en gaf het aan Judas, de zoon van Simon Iskariot. 27  En na dit stuk brood, toen voer de satan in hem. Jezus dan zeide tot hem: Wat gij doen wilt, doe het met spoed. 28  Maar niemand van de aanliggenden begreep, waartoe Hij hem dit zeide; 29  want sommigen meenden, dat Jezus, omdat Judas de kas hield, tot hem zeide: Koop wat wij nodig hebben voor het feest, of dat hij iets aan de armen moest geven. 30  Hij nam dan het stuk brood en vertrok terstond. En het was nacht.

De apostel Paulus schrijft twee keer in zijn eerste brief aan de gemeente van Korinthe over de maaltijd van de Heer.

1 Korintiërs 11:23 Want zelf heb ik bij overlevering van de Here ontvangen, wat ik u weder overgegeven heb, dat de Here Jezus in de nacht, waarin Hij werd overgeleverd, een brood nam, 24  de dankzegging uitsprak, het brak en zeide: Dit is mijn lichaam voor u, doet dit tot mijn gedachtenis. 25  Evenzo ook de beker, nadat de maaltijd afgelopen was, en Hij zeide: Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed, doet dit, zo dikwijls gij die drinkt, tot mijn gedachtenis. 26  Want zo dikwijls gij dit brood eet en de beker drinkt, verkondigt gij de dood des Heren, totdat Hij komt. 27  Wie dus op onwaardige wijze het brood eet of de beker des Heren drinkt, zal zich bezondigen aan het lichaam en bloed des Heren. 28  Maar ieder beproeve zichzelf en ete dan van het brood en drinke uit de beker. 29  Want wie eet en drinkt, eet en drinkt tot zijn eigen oordeel, als hij het lichaam niet onderscheidt. 30  Daarom zijn er onder u velen zwak en ziekelijk en er ontslapen niet weinigen.

In dit deel in vet een gedeelte, die je ook bij de viering zou kunnen gebruiken.

1 Korintiërs 10: 14 Daarom dan, mijn geliefden, ontvlucht de afgoderij! 15 Ik spreek immers tot verstandige mensen; beoordeelt dan zelf, wat ik zeg. 16 Is niet de beker der dankzegging, waarover wij de dankzegging uitspreken, een gemeenschap met het bloed van Christus? Is niet het brood, dat wij breken, een gemeenschap met het lichaam van Christus? 17 Omdat het één brood is, zijn wij, hoe velen ook, één lichaam; wij hebben immers allen deel aan het ene brood. 18 Ziet, hoe het gaat bij het Israël naar het vlees: hebben niet zij, die de offers eten, gemeenschap met het altaar? 19 Wat wil ik hiermede dan zeggen? Dat een afgodenoffer iets is, of dat een afgod iets is? 20 Integendeel, dat hun offeren een offeren is aan boze geesten en niet aan God en ik wil niet, dat gij in gemeenschap komt met de boze geesten. 21 Gij kunt niet de beker des Heren drinken èn de beker der boze geesten, gij kunt niet aan de tafel des Heren deel hebben èn aan de tafel der boze geesten. 22 Of willen wij de Here tot naijver wekken? Zijn wij soms sterker dan Hij? (NBG vertaling)

De elementen

Hieronder worden zeven elementen van de maaltijd van de Heer behandeld.

De naamgeving van de maaltijd

In de evangeliën en in de brief van Paulus komen we drie namen of begrippen tegen voor wat wij het Avondmaal of het Heilig Avondmaal noemen. In het Oude Testament is er ook een uitdrukking, die wordt gehanteerd.  

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1לֶחֶם יַיִן
lechem
yayin
UitdrukkingH3899 H3196Brood en wijn
Komt eenmaal voor
KJV: bread and wine
2πάσχα paschaZelfstandig naamwoord
onzijdig
G3957Pascha
Komt 29 keer voor in 27 verzen. 
KJV: Passover (28x), Easter (1x).
3δειπνέω deipneōWerkwoordG1172Maaltijd
Komt vier keer voor
KJV: sup (3x), supper (1x).
4κυριακός δειπνέω kyriakos deipneōUitdrukkingG2960
G1172
Maaltijd van de Heer
Komt eenmaal voor
KJV: the Lord’s supper.
5κύριος
τράπεζα
kyrios
trapeza
UitdrukkingG2962
G5132
De tafel van de Heer
Komt eenmaal voor.
KJV: the Lord’s table

Het begrip brood en wijn komt eenmaal voor in de Bijbel en wel in het boek Genesis.
Genesis 14:18. Melchisedek, de koning van Salem, liet brood en wijn brengen. Hij was een priester van God, de Allerhoogste.

Pascha kan zowel het feest als alleen de maaltijd tijdens het feest betekenen. De NBV vertaalt het soms met Pesachmaal.

Eten, dineren, maaltijd houden. Het woord komt vier keer voor. Twee keer in verband met het avondmaal in Lukas 22 en 1 Korintiërs 11. En verder in Lukas 17:8 en Openbaringen 3:20, daar staat ‘zie ik sta aan de deur en ik klop’.

Het begrip de maaltijd van de Heer komt eenmaal voor namelijk in 1 Korintiërs 11:20

Het uitdrukking de tafel van de HEER komt ook eenmaal voor namelijk in 1 Korintiërs 10:21. Dit is een verwijzing naar de maaltijd van de Heer. Zo heeft de NBV het ook vertaalt. Nog tweemaal gaat het over een tafel waar de kruimels onder vallen voor de volken. Zie Matteus 15:27 en Marcus 7:28.

Zo zal het laatste Pesachmaal er ongeveer hebben uitgezien

Het avondmaal, het Heilig Avondmaal, de maaltijd van de Heer, de  eucharistieviering en dergelijke zijn woorden, die in de kerk zijn bedacht maar komen in de Bijbel niet voor.

Eucharistie betekent dankzegging en dat is wel een element van de maaltijd van de Heer.  

Ik heb ook wel eens gehoord dat men de maaltijd ‘brood en wijn’ noemde, dat kom je eenmaal in het Oude Testament tegen.

Bij Paulus is de maaltijd vooral het eten, van het paaslam en dergelijke den ik. Dat zie je aan zijn verwoording in 1 Korintiërs 10:25 staat: “de beker als de maaltijd afgelopen is”.

Een aantal keren wordt ook het woord aanliggen gebruikt. Men zat niet op stoelen, maar men lag op kleden of lage banken. Dat was de manier waarop men dat toen deed. Het plaatje geeft er een indruk van.

Wat het meest dicht komt bij benamingen in de Bijbel is de maaltijd of de tafel van de Heer.

Dankgebed

Het is bij het volk Israël gebruikelijk om te danken voor het eten en daarna voor het drinken. Dat gebeurt in de kerk ook bij het avondmaal. Eerst voor het brood, “dat wij dankzeggende zegenen” en daarna voor de wijn. Misschien dat dit gebruik van Israël via de maaltijd van de Heer nog eens ingeburgerd raakt bij onze gewone maaltijden. Velen van ons bidden om een zegen voor de maaltijd en sluiten af met een dankgebed. De joden danken voor de maaltijd. Voor zover ik weet sluiten ze de maaltijd niet af.

Uit Lukas 22: Hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en daarna En hij nam een brood, sprak het dankgebed uit, en daarna.

Brood en wijn, vlees/lichaam en bloed

Het brood dat men eet wijst op het lichaam van Jezus. Dat lichaam dat verbroken werd tot genezing van ons lichaam. Er is ook een beeld dat de gemeente van God  het lichaam van Jezus is. Het volk Israël gebruikt matses als het brood.

De wijn wijst op het bloed van Jezus. De wijn wijst op de verzoening met God door het bloed dat Jezus voor ons vergoten heeft. Verzoening brengt ons weer in de verhouding dat we Gods kinderen zijn.

Het eten van mijn vlees en het drinken van mijn bloed zijn uitdrukkingen van Jezus, zie het hoofdstuk over Johannes 4 en 6. Het gaat er om dat je als persoon je vereenzelvigt met Jezus. Met zijn uitspraken, met zijn daden en in het dagelijks leven nog steeds met deze Jezus, waarmee we door de Heilige Geest contact hebben.

Het verraad van Judas

Het verraad van Judas beslaat een belangrijk deel van de tekst van het avondmaal. Het bijzondere moment met de Heer heeft ook een pijn kant en een zonde kant. Bij 1 Korintiërs zie je dat terugkomen doordat er opgeroepen wordt tot zelfonderzoek. Dat is blijkbaar nodig om ook niet in de verte te lijken op Judas. De evangelist Johannes geeft meer tekst over het verraad van Judas dan aan de  maaltijd.

Doe dit telkens opnieuw om mij te gedenken.

Jezus vraagt terwijl hij er nog bij is, in leven is, om iets te doen tot zijn gedachtenis. Dit komt alleen in Lukas en 1 Korintiërs naar voren. In Lukas zegt Jezus bij het brood ‘doe dit telkens opnieuw om mij te gedenken’. In 1 Korintiërs staat dat bij zowel het brood als de wijn. In de tijd van Paulus was met ‘brood en wijn’ vieren al een vaste gewoonte van de gemeente geworden.

Het Pesachmaal werd eenmaal per jaar gegeten, maar dit eten van brood en drinken van de wijn doen we vaker. Dit heeft ook te maken met de brood en wijn maaltijden uit het oude verbond, zie een volgende paragraaf.

De toekomst

In vier van de vijf genoemde gedeelten van de Bijbel over de maaltijd van de Heer komt de blik op de toekomst naar voren.
Matteus 26:29.  Doch Ik zeg u, Ik zal van nu aan voorzeker niet meer van deze vrucht van de wijnstok drinken, tot op die dag, dat Ik haar met u nieuw zal drinken in het Koninkrijk mijns Vaders.
Lukas 22: 16. Want ik zeg jullie: ik zal geen pesachmaal meer eten voordat het zijn vervulling heeft gevonden in het koninkrijk van God.’ 18. Want ik zeg jullie: vanaf nu zal ik niet meer drinken van de vrucht van de wijnstok tot het koninkrijk van God gekomen is.’
1 Korintiërs 11:26.  Want zo dikwijls gij dit brood eet en de beker drinkt, verkondigt gij de dood des Heren, totdat Hij komt.

Het koninkrijk van God komt en is nu. Het brood eten en de beker drinken is het verkondigen van de dood van de Heer totdat Hij komt. Het lijkt me de lijfelijke komst van Messias Jezus.

Ik zal geen pesachmaal meer eten voordat het zijn vervulling heeft gevonden in het koninkrijk van God. Is het zo dat wij het steeds weer eten en straks ook Jezus weer als het koninkrijk van God is gekomen. Gaat Jezus het dan ook weer eten?

Het geeft ook aan dat het van belang is om de andere onderdelen dan brood en wijn van het Pesachmaal te kennen.  Hierover schrijf ik dan ook in een volgende paragraaf.

Het nieuwe verbond

Vier van de vijf genoemde teksten uit de Bijbel noemen het nieuwe verbond bij de maaltijd van de Heer.

Matteüs 26:28.  Want dit is het bloed van mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt tot vergeving van zonden.
Marcus 14:24. Dit is het bloed van mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt
Lukas 22:20. Deze beker, die voor jullie wordt uitgegoten, is het nieuwe verbond dat door mijn bloed gesloten wordt.
1 Korintiërs 11:25. Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,

Het nieuwe verbond wordt door het bloed van Jezus gesloten. Het is een verbond in het bloed van Jezus. Het is het bloed van Jezus verbond. En dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van de zonden. Door te drinken nemen we deel aan het verbond. Dat betekent dat we ook onze kant van het nieuwe verbond moeten invullen, waarmaken. Ik denk dan aan “maak alle volken tot discipelen van Jezus, onderwijzen, genezen en bevrijden”. Dat doen we over het algemeen niet.

Jezus verwijst met deze woorden, althans zo wordt gedacht, naar dit gedeelte uit de profetieën van Jeremia.
Jeremia 31:33-34. Maar dit is het verbond dat ik in de toekomst met Israël zal sluiten – spreekt de HEER: Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en hem in hun hart schrijven. Dan zal ik hun God zijn en zij mijn volk. Men zal elkaar niet meer hoeven te onderwijzen met de woorden: “Leer de HEER kennen,” want iedereen, van groot tot klein, kent mij dan al – spreekt de HEER. Ik zal hun zonden vergeven en nooit meer denken aan wat ze hebben misdaan.

Ik  denk dat we in de kerk niet of nauwelijks in de gaten hebben dat door de wijn te drinken we het nieuwe verbond aangaan met de Heer om ons leven in dienst van Hem te stellen. Dat we met Hem volken tot discipelen gaan maken, dat we volken gaan onderwijzen, dat we de gaven van de Geest gebruiken zodat tekenen en wonderen ons volgen. Beseffen we wel dat dat onze kant is van het verbond? Ik denk het niet.  

Johannes 6: eet mijn lichaam, drink mijn bloed

In Johannes 6 gaat het over de spijziging van 5000 mensen. Het gesprek daarna lokt uitspraken van Jezus uit over geestelijk brood, terwijl er ook nog over drinken en dorst wordt gesproken. Hier komt al aan de orde wat bij het laatste pesachmaal met de Heer aan de orde is gekomen namelijk dat we Jezus vlees eten en zijn bloed drinken.

Johannes 6:35 Jezus zeide tot hen: Ik ben het brood des levens; wie tot Mij komt, zal nimmermeer hongeren en wie in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten.

Johannes 6:48-51. Ik ben het brood des levens. Uw vaderen hebben in de woestijn het manna gegeten en zij zijn gestorven; dit is het brood, dat uit de hemel nederdaalt, opdat wie ervan eet, niet sterve. Ik ben het levende brood, dat uit de hemel nedergedaald is. Indien iemand van dit brood eet, hij zal in eeuwigheid leven; en het brood, dat Ik geven zal, is mijn vlees, voor het leven der wereld.

Johannes 6:53-58. Jezus dan zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij gij het vlees van de Zoon des mensen eet en zijn bloed drinkt, hebt gij geen leven in uzelf. Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven en Ik zal hem opwekken ten jongsten dage. Want mijn vlees is ware spijs en mijn bloed is ware drank. Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem. Gelijk de levende Vader Mij gezonden heeft en Ik leef door de Vader, zo zal ook hij, die Mij eet, leven door Mij. Dit is het brood, dat uit de hemel nedergedaald is; niet gelijk de vaderen gegeten hebben en gestorven zijn; wie dit brood eet, zal in eeuwigheid leven.

Door deel te nemen aan de maaltijd van de Heer laten we zien dat het ons ernst is met het vereenzelvigen met Jezus. Nog meer door onze kant van het verbond serieus te nemen.

Johannes 4 laat zien, bij het gesprek met de Samaritaanse vrouw bij de waterput wat er met ons kan gebeuren als we ons met Jezus verbinden. Namelijk dat we een fontein worden van levend water.
Johannes 4:10 Jezus antwoordde en zeide tot haar: Indien gij wist van de gave Gods en wie het is, die tot u zegt: Geef Mij te drinken, gij zoudt het Hem gevraagd hebben en Hij zou u levend water hebben gegeven.
Johannes 4:13-14. Jezus antwoordde en zeide tot haar: Een ieder, die van dit water drinkt, zal weder dorst krijgen; maar wie gedronken heeft van het water, dat Ik hem zal geven, zal geen dorst krijgen in eeuwigheid, maar het water, dat Ik hem zal geven, zal in hem worden tot een fontein van water, dat springt ten eeuwigen leven.

Relatie ‘maaltijd van de Heer’ en Pesach.

De maaltijd van de Heer was een Pesachmaal

De maaltijd van de Heer was destijds een Pesachmaal. Het lam werd ’s middags door Petrus en Johannes voorbereid, geslacht en gebraden.

Matteüs en Marcus benadrukken drie aspecten: het breken van het brood (de matzes), de derde beker met wijn en de lofzang. De evangelist Lucas vertelt van de eerste beker en het brood en dan de beker van de dankzegging.

Er werden twee bekers wijn voor de maaltijd genuttigd. Daarna werd gegeten. En na de maaltijd de derde beker, de beker van de verlossing. Dat zegt Jezus iets bijzonders. Ook staat er dat Jezus samen met Judas zijn hand doopt. Dat wijst ook op het Pesachmaal.

Pascha betekent dan ook  in het Nederlands “overspringen”. Het oordeel spring het huis over waar deze maaltijd werd gevierd.

De onderdelen van de Pesachmaaltijd. In het midden staat het Hebreeuwse woord Pesach.

Het Pascha, wat in de NBV Pesachmaal heet, noemen de joden de sedermaaltijd. Seder betekent in het Nederlands “volgorde” of “orde” omdat er wel dertien elementen met een betekenis waren bij de maaltijd, die ook in een bepaalde volgorde moesten gebeuren. Het aansteken van de kaarsen, de 1ste beker met wijn, die van de dankzegging, de peterselie, de matzes, de 2de beker met de vragen van het jongste kind, het lam, de bittere kruiden en de kleiachtige saus, de feestmaaltijd, de afikoman, de 3de beker van de verlossing, de 4de beker van de aanneming en de zegen. Bij de kleine lettertjes hieronder worden de elementen en de volgorde beschreven.

In Exodus is beschreven hoe dat moest worden gevierd.

De sederavond met de sedermaaltijd is de start van het zeven dagen durende Pesach feest. De maaltijd en het feest zijn instellingen van God op een dramatisch moment gedaan in de geschiedenis van Israël. Het spande er om: Zou God het volk van Israël verlossen uit de handen van de dictatuur van Egypte? Dan moest er iets zeer ingrijpends gebeuren. En dat zou er ook gebeuren. Alle eerstgeborenen zouden sterven. Maar door het houden van deze maaltijd ontliep het volk Israël dit oordeel van God.

Was Jezus Pesachmaal een dag te vroeg?

Het is dus zo dat Jezus op de 14de van de maand Nisan het Pesachmaal vierde en de dag erna op de 15de zelf als Paaslam diende. Dat lijkt te wringen. Er is toch een vastgestelde dag voor het Pesach maal?

In onderstaand artikel uit het blad Melach HaArets wordt op dit onderwerp ingegaan. Bij de instelling van Pesach in Egypte nog moest men de maaltijd houden op de avond van de 14de  van de maand. Later die nacht zouden de eerstgeborenen van Egypte sterven.  De avond en nacht erna, de 15de dus was de nacht waarin men vertrok de vrijheid tegemoet. Beladen met geschenken van het  volk van Egypte.

Als de HEER de woorden geeft voor de Torah, dan blijkt dat de paasmaaltijd in de avond van de 15de moet worden gevierd. Zie Deuteronomium 16:5-6. U mag de dieren voor het pesachoffer niet slachten in elk van de steden die de HEER, uw God, u zal geven, maar u moet dat op de ene plaats doen die hij zal uitkiezen om er zijn naam te laten wonen, en wel ’s avonds, bij zonsondergang, het tijdstip waarop u uit Egypte vertrok.  Het tijdstip waarop het volk uit Egypte vertrok was de 15de van de maand.

Het komt mij voor dat er toen al een opening werd gemaakt door de HEER voor later. Als Jezus zou komen dan had Jezus de mogelijkheid om op de 14de volgens de traditie van de eerste Pesach de paasmaaltijd op de 14de te vieren en de dag erna zelf het Paaslam kunnen zijn.

Wat hier nog achter zou kunnen zitten is, dat er hier opnieuw een bevrijding was, zoals destijds met het volk Israël in Egypte.

Het blad schrijft ook dat het best zou kunnen zijn dat in de tijd van Jezus dat niet eens zo ongebruikelijk was om het Pesachmaal al de 14de te vieren.

Brood en wijn in het Oude Testament

Er zijn meer teksten in het Oude Testament waar brood en wijn aan de orde zijn. Je zou kunnen zeggen dat de originele bijzondere maaltijd bestond uit brood en wijn. Voor het volk Israël zijn allerlei elementen toegevoegd. Maar nu in de tijd van het nieuwe verbond de aandacht vooral weer ligt op brood en wijn is het goed om te weten in welke situaties dat destijds ook al voorkwam. Zo lijkt de vroege kerk dat ook begrepen te hebben. In diverse oude kerken komen mozaïeken en fresco’s voor van het brood en de wijn dat Melchizedek liet brengen.

Genesis 4: 18-20. En Melchisedek, de koning van Salem, liet brood en wijn brengen. Hij was een priester van God, de Allerhoogste en sprak een zegen over Abram uit: ‘Gezegend zij Abram door God, de Allerhoogste, schepper van hemel en aarde. Gezegend zij God, de Allerhoogste: uw vijanden leverde hij aan u uit.’ Abram gaf aan Melchisedek een tiende van wat hij had heroverd.

Andere teksten uit het Oude Testament over brood en wijn:
Deuteronomium 29:4-5. Veertig jaar lang heeft hij u door de woestijn geleid en in al die tijd raakten uw kleren en uw sandalen niet versleten, en had u geen brood en geen wijn of andere drank nodig. Dat moest u ervan doordringen dat hij, de HEER, uw God is.

Ruth 2:14. Toen het etenstijd was zei Boaz tegen haar: ‘Kom maar hier en neem een stuk brood en doop het in de wijn.’ Ze ging naast de maaiers zitten, en hij gaf haar geroosterd graan. Ze at tot ze genoeg had en ze hield zelfs nog over.

Psalm 104:14-15. Gras laat U groeien voor het vee en gewassen die de mens moet verbouwen. Zo zal hij brood winnen uit de aarde en wijn die het mensenhart verheugt, geurige olie die het gelaat doet stralen, ja brood dat het mensenhart versterkt.

Spreuken 4:17. Ze doen zich te goed aan het brood van goddeloosheid, zwelgen in de wijn van het geweld.

Spreuken 9:5. ‘Kom, eet het brood dat ik je geef, drink de wijn die ik heb gemengd.

Prediker 9:7. Dus eet je brood met vreugde, drink met een vrolijk hart je wijn. God ziet alles wat je doet allang met welbehagen aan.

Klaagliederen 2:12. Ze blijven hun moeders vragen: ‘Is er geen brood en wijn?’,versmachtend op de pleinen van de stad, als gewonden op het slagveld; in de armen van hun moeders stroomt het leven uit hen weg.

Andere bronnen

Hier enkele bronnen buiten de Bijbel, die aanvullende informatie geven over de maaltijd van de Heer.

Uit lesmateriaal City Life Church

Het Encounter boek van de City Life Church in Den Haag geeft achtergronden van de maaltijd door te kijken naar de achterliggende gedachten bij de instelling van het Pesachmaal.

Zij schrijven: “Om de maaltijd van de Heer, het avondmaal, te begrijpen moeten we teruggaan naar waar het begon: het Pesach maal. Het boek Exodus beschrijft dat Pesachmaal”.

Zij schrijven: “Om de maaltijd van de Heer, het avondmaal, te begrijpen moeten we teruggaan naar waar het begon: het Pesach maal. Het boek Exodus beschrijft dat Pesachmaal”.

Het avondmaal, net als het Pesachmaal:
1. Is een instelling van de HEER (Exodus 12:1. ” De HEER zei tegen Mozes en Aäron ….)
2. Is het kenmerk van een nieuw begin/start/leven (Exodus 12:2. “Voortaan moet deze maand bij jullie de eerste van het jaar zijn).
3. Bevestigt Gods macht en genade. Macht, zie Exodus 12:12. Ik zal die nacht rondgaan door Egypte, en ik zal daar alle eerstgeborenen doden, zowel van de mensen als van het vee, en ik zal alle Egyptische goden van hun voetstuk stoten, want ik ben de HEER. Genade zie Exodus 12:13. Maar jullie zal ik voorbijgaan: aan het bloed zal ik jullie huizen herkennen, en door dat merkteken zal de dodelijke plaag waarmee ik Egypte straf, jullie niet treffen.
4. Zet zijn rijkdommen vrij. Psalm 105:37. Hij liet zijn volk vertrekken met zilver en goud, niemand in hun stammen ging strompelend weg.
5. Schept een verwachting dat God gaat handelen. Exodus 12:12 en 29. Exodus 12:12. Ik zal die nacht rondgaan door Egypte, en ik zal daar alle eerstgeborenen doden, zowel van de mensen als van het vee, en ik zal alle Egyptische goden van hun voetstuk stoten, want ik ben de HEER. Exodus 12:29 Midden in de nacht doodde de HEER alle eerstgeborenen in Egypte, van de eerstgeborene van de farao, zijn troonopvolger, tot de eerstgeborene van de gevangene, en ook al het eerstgeboren vee.
6. Zet Gods rijkdommen vrij. Exodus 12:35-36. Ze hadden gedaan wat Mozes had opgedragen en de Egyptenaren om zilveren en gouden sieraden en om kleren gevraagd. En de HEER had ervoor gezorgd dat de Egyptenaren hun goedgezind waren, zodat ze op hun verzoek ingingen. Zo beroofden ze de Egyptenaren.

Het bijzondere is dat Jezus tijdens het Pesach feest is als het eenjarige lam dat bij het Pesachfeest werd uitgekozen, afgezonderd van de kudde, werd geslacht en gegeten.

De dag ervoor werd, zeer bijzonder en speciaal, een maaltijd gehouden waarbij de Heer als het ware regelt dat wij als zijn volgelingen deze dan nog toekomstige gebeurtenis kunnen gedenken en herbeleven. Hij doet dat met brood, dat wordt gebroken zoals zijn lichaam zal worden verbroken. Met wijn dat wordt vergoten zoals zijn bloed zal worden vergoten.

Maar het gaat verder. Het brood wijst ook naar de gemeente van mensen die in Hem willen leven. In zijn overwinning. De wijn wijst ook op de verzoening, de verlossing van de straf van God. En de wijn wijst ook op het nieuwe leven.

<tekst van het encounter blad>
Net als met het Pascha zegt Jezus: ik wil dat jij met vreugde je herinnert en feestviert over wat mijn dood voor jou heeft verzekerd. De vrucht van mijn dood mag jij vieren.

Ik wil dat jij:
– Geniet van de vrijheid van vergeving,
– Elk geschenk van overwinning aanvaard,
– Elk voorziening om te leven aanneemt- inclusief financiën en gezondheid,
– In de vrijheid van elke binding of gebondenheid  komt,
– Deelgenoot wordt van mijn genezende aanwezigheid en kracht,
– Een nieuw begin uitspreekt.                                                          ‘·

Hij  wil dat wij ons herinneren dat door het kruis Zijn perfecte  reddingswerk volledig was volbracht:
Volledige rechtvaardiging voor elke gelovige; niet alleen worden wij elk vergeven, maar in Christus worden wij beschouwd als nooit te hebben gezondigd (Romeinen 3: 23-26),
Volledige heerschappij over alle machten van de hel; dit maakt alle zielse of geestelijke banden verbroken en brengt bevrijding nu over elke aandoening uit de hel,
Volledige beschikbaarheid  van genezing voor elke dimensie van onze persoonlijkheid, gebracht door Zijn lijden, “Door zijn striemen bent u genezen” (Jesaja 53:5),
Volledige vrijzetting van Gods liefde; uitgestort door Zijn Geest om onze zielen te vullen met vrede en om verzoenende vrede te brengen in herstelde eenheid in verstoorde menselijke relaties (Romeinen 5:5; 2 Korintiërs 5: 15-21).

Als u avondmaal viert, verklaar één of meerdere van deze waaiheden  aan elkaar en pas zo toe wat Jezus vooru  heeft gedaan aan het kruis.
<<tot zover de tekst van het encounter boekje>>

De protestantse en katholieke traditie

In de protestantse traditie kent men sinds de reformatie een drietal documenten die men als de basis van de protestantse kerk ziet. Dat drietal is de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Heidelbergse Catechismus en de Dordtse Leerregels. Daarnaast heeft men voor belangrijke onderwerpen  onderwijs vastgelegd in formulieren.

Artikel 35 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis gaat over het Heilig Avondmaal (1 ½ A4-tje). De Heidelbergse Catechismus kent 52 zondagen als een soort van hoofdstukken. De zondagen 28, 29 en 30 gaan over ‘het Heilig Avondmaal Onzes HEEREN’ (2 ½ pagina). Daarnaast is er het formulier om het heilig Avondmaal te houden (zes pagina’s).

Het formulier wordt in orthodox protestantse diensten nog steeds gelezen. De week voorafgaand aan de zondag van de viering wordt het eerste deel van het formulier gelezen en is er na afloop van de dienst Censura Morum. Een mogelijkheid om onchristelijke zaken te noemen van mensen, die daardoor zouden moeten worden belemmerd om aan  het avondmaal deel te nemen.

Het tweede deel van het formulier leest de predikant tijdens de dienst waarin het heilig Avondmaal wordt gehouden. Het formulier gaat uitgebreid in op zelfonderzoek (de waarachtige beproeving) en bevat ook een gebed, het Onze Vader, de geloofsbelijdenis en een belangrijk deel van Psalm 103.

Sterk in genoemde documenten is de aandacht voor bezinning en bekering. Ook het vieren samen met de Heer in zijn sterven en in zijn overwinnend leven aan de rechterhand van God. Dat het geestelijke in het zichtbare uitwerking heeft is een gedachte die veel zegen heeft gegeven en nog geeft.

Het overwinnend leven wordt echter niet uitgewerkt voor wat dat voor ons als gelovigen zou betekenen. Deelnemers aan het Heilig Avondmaal worden helaas niet aangemoedigd om als discipel van Jezus te gaan wandelen en daarbij zijn werken te doen.

Wat ook nauwelijks in deze documenten aan de orde komt, is de relatie met het Oude Testament. De basis van de maaltijd van de Heer is het Pesachmaal. Ook het vieren van brood en wijn komt in het Oude Testament voor. Jezus was het paaslam, de betekenis daarvan. Het doorkijkje naar Pinksteren en Grote Verzoendag. Het komt allemaal niet voor. In deze tijd, waarin de Geest volgens mij duidelijk maakt dat we ons weer meer met onze wortels in het Oude Israël moeten verbinden zou er aanvullend onderwijs moeten worden gegeven. Deze studie hoopt daar een kleine bijdrage bij te leveren.

Zondag 30 vraag 80 gaat in op de mis in de Rooms Katholieke kerk. Volgens dit document is de opvatting in deze kerk: ’ten eerste dat de levenden en de doden alleen dan door het lijden van Christus vergeving van zonden hebben, indien Christus nog dagelijks door de priesters in de mis voor hen geofferd wordt; ten tweede dat Christus lichamelijk in de gedaante van brood en wijn aanwezig is en daarom ook in die gedaante aangebeden moet worden’. In hoeverre zondag 30 een goed beeld geeft van de katholieke leer weet ik niet.

De evangelische en pinksterkerken hebben niet zoiets als een vastgelegde visie zover ik weet. Er zijn ook veel protestantse kerken die eigen versies hebben gemaakt van het formulier of die in de praktijk andere opvattingen hebben dan in die drie eerder genoemde formulieren staan.

Brood en wijn bij het Avondmaal volgens Calvijn

Gaat de betekenis van het brood en de wijn bij het Avondmaal verder dan het zichtbare eten en drinken?

Johannes Calvijn schrijft: Zoals wij in een soortgelijk geval een zeer geschikt voorbeeld hebben: Toen onze Heere bij de doop van Christus Zijn Geest wilde doen verschijnen, stelde Hij Hem voor in de gedaante van een duif. Wanneer nu de heilige Johannes de Doper deze geschiedenis verhaalt, dan zegt hij, dat hij de Heilige Geest heeft zien nederdalen (Joh. 1:32).

Bij nader onderzoek zullen we ontdekken, dat hij slechts de duif gezien heeft, omdat de Heilige Geest naar Zijn wezen onzichtbaar is. Maar omdat wij weten, dat dit visioen geen ijdele vertoning was, maar een zeker teken van de tegenwoordigheid van de Heilige Geest, zo mogen wij toch gerust zeggen, dat hij Hem gezien heeft, omdat Hij Zich immers aan hem heeft voorgesteld overeenkomstig zijn bevatting.

Zo nu staat het ook met de gemeenschap die wij hebben met het lichaam en bloed van onze Heere Jezus. Dat is een geestelijke verborgenheid, welke met het oog niet wordt gezien noch met het menselijk verstand begrepen. Daarom wordt het ons door zichtbare tekenen afgebeeld, naar dat onze zwakheid vereist; op dusdanige wijze echter, dat het niet louter een teken is, maar verbonden met de waarheid en het wezen ervan. En daarom wordt het brood met goed recht lichaam genoemd, omdat het ons dit niet alleen voorstelt, maar ons ook aanbiedt.

Tot zover Calvijn. Een opvatting die zo dicht bij de katholieke opvatting dat ik het verschil niet zo kunnen uitleggen.

Allerlei overige bronnen

Artikel uit blad Melach HaAretz van jan/febr. 2016. “Was Jezus laatste Pesachmaal een dag te vroeg?” [3 pagina’s, als pdf bij mij te krijgen].

Het boek ‘Eet van mijn vlees Drink van mijn bloed’  van Anna Mendez gaat vooral in op Johannes 6 en op de betekenis van brood en wijn, vlees/lichaam en bloed.

John G. Lake schrijft ook over het Avondmaal <opzoeken waar>

Traktaat van het Heilig Avondmaal door Johannes Calvijn 29 bladzijden http://www.hetgekrookteriet.com/Preken/Calvijn/Traktaat_HA_Calvijn.pdf . (indien niet meer beschikbaar op internet, dan nog bij mij ter verkrijgen) Oorspronkelijke titel: Le traite de la Sainte Cène). Vertaling Dr. H. Kakes.

Het klassieke formulier voor het houden van het heilig Avondmaal dat in protestants orthodoxe kerken wordt gebruikt.

De Nederlandse Geloofsbelijdenis http://www.online-bijbel.nl/belijdenisgeschrift/nederlandse-geloofsbelijdenis/

De Heidelbergse Catechismus http://www.refo500.nl/content/files/Files/Catechism/HC-nederlands.pdf

Samenvatting

Hoe zou je de maaltijd kunnen vieren? Ik zou  het inderdaad houden bij brood en wijn. Misschien ook wel mooi om eenmaal per jaar tijdens het Pesachfeest de sedermaaltijd te vieren. Om onze wortels in Israël te benadrukken. Dat kan geen kwaad nu we ons zo hebben losgemaakt van onze wortels.

Een gemeente is er al als twee of drie zijn vergaderd. Dat kan dus ook in kleine kring thuis zijn bijvoorbeeld. Zoals met je eigen echtgenoot. Een mooi moment om de maaltijd van de Heer te vieren. Ook mooi als er veel meer mensen zijn.

Hoe zou je het kunnen vieren? In ieder geval kun je de verzen van Lukas 22 lezen en ook die van 1 Korintiërs.

Ik zou ook  dankzegging voor het brood en de wijn doen om de dankzegging te leren volgens de Bijbel.

In mijn PKN thuisgemeente de Sint Janskerk in Gouda worden mooie woorden uitgesproken bij het uitdelen van het brood en de wijn. Het zou goed zijn om de verwijzing naar het nieuwe verbond toe te voegen. Het is natuurlijk wel belangrijk dat we als gemeente dan wel beseffen wat dat inhoud. Er zou eerst onderwijs over moeten komen, voordat de verwijzing in de tekst kan worden gemaakt.

Mijn verwachting is dat de mijn gemeenteleden vooral bij verzoening denken dat we van de schuld zijn vrijgesproken. Maar verzoening is veel meer. Die goede boodschap dat evangelie zou ik ook uitdragen. Mits men dat wil ontvangen natuurlijk. Verzoening is dat we als mens in de oude luister terug kunnen komen. Dat we weer verantwoordelijkheid dragen, Gods kracht kan weer door ons heen gaat werken. Gods leiding is in ons leven weer zichtbaar gaat worden. Dat we merken dat voor God niets onmogelijk is.

De tekst bij het uitdelen van het brood zou ik hetzelfde houden, maar dan wel de diepere betekenis van verzoening uitleggen. Die tekst is:
– het brood dat wij breken is het lichaam van Christus
– neemt, eet, gedenkt en geloof dat het lichaam van onze Heer is verbroken tot een volkomen verzoening van al onze zonden.

De tekst voor het rondgaan van de beker zou ik als volgt uitspreken:
– de beker der dankzegging waarover wij de dankzegging uitspreken is de gemeenschap met het bloed van Christus.
– neemt, drinkt allen daar uit, gedenkt en gelooft dat het bloed van Jezus ons deel laat hebben aan het nieuwe verbond.

Alleen bij die laatste woord is “tot een volkomen verzoening van al onze zonden” vervangen door “ons deel laat hebben aan het nieuwe verbond”. Mijn voorgestelde tekst lijkt me voor verbetering vatbaar. Ik hoor graag van iemand als er een beter tekst is.

Het is wel goed om voor dat deze woorden worden uitgesproken om wat onderwijs te geven over het woord “verzoening”. Verzoening is een breed woord, het betekent

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.