Studie Sabbatsjaar

Wat wij kennen zijn dagen, die een rustdag zijn, dat het een sabbat is. In de Bijbel gaat het ook over sabbatsjaren of rustjaren.

Een sabbatsjaar, een sabbatical, is een bekend begrip in Nederland. Een jaar lang niet werken, in tevredenheid terugkijken. Dat jaar iets anders gaan doen en wellicht met frisse moed weer verder gaan. Bedrijven hebben er zelfs regelingen voor.

Zoals bij veel begrippen in de Bijbel hanteert de Bijbel diverse synoniemen en belicht het verschillende kanten van het onderwerp.

De geciteerde teksten zijn uit de NBV vertaling, tenzij anders is aangegeven.

Studievragen

Bij dit onderwerp zou je de volgende vragen kunnen stellen.

Wat is een sabbatsjaar?
Hoe is het sabbatsjaar ontstaan?
Wat beoogt het sabbatsjaar?
Heeft het sabbatsjaar een relatie met andere instellingen?

Hebben de Nederlandse vertalingen de woorden rond het sabbatsjaar goed vertaald?

Hebben de kerken en christelijke gemeenten het onderwijs van de Bijbel over dit onderwerp ter harte genomen?

Wat zou de bedoeling van God zijn om de mensheid te leren?

Bij het hoofdstuk Lessen zijn de antwoorden op deze vragen te vinden.

Oude Testament

Het Oude Testament geeft ruim aandacht aan de sabbat, de rustdag maar noemt ook een jaar van de sabbat. Dat is niet een zevende dag maar een zevende jaar.

Jaar van de Sabbat

Het spreken over een jaar van sabbat komt maar heel beperkt voor en dan in de verschillende boeken op een andere manier.

 WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1שַׁבָּת
shabbath
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk of
vrouwelijk
H7676Rustdag, sabbat.
Komt 108 keer voor in 89 verzen.
KJV: sabbath (107x), another (1x).
2שָׁנָה שַׁבָּת shabbath
shane
CombinatieH7676
H8141
Sabbat en jaar
Deze woorden komen twee keer in één vers voor
3שַׁבָּתוֹן
šabāṯôn
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
H7677Rust
Komt 11 keer voor in 10 verzen
KJV: rest (8x), sabbath (3x)
4שְׁבִיעִי
šᵊḇîʿî
Bijvoeglijk
mannelijk of
vrouwelijk
H7637Zeven
Komt 98 keer voor in 84 verzen
KJV: seventh (96x), seven (1x), seventh time (1x).
5שְׁבִיעִי שָׁנָה
šᵊḇîʿî
shane
CombinatieH7637
H8141
Zevende jaar
Komt 5 keer voor
KJV: the seventh year

Ad. 1: het woord sjabbat betekent rust en komt veel voor als duiding van de zevende dag in een week. Dit is onderwerp van de studie Rustdag.

Ad. 2: de uitdrukking sabbatsjaar komt alleen twee keer voor in het vers dat over het jubeljaar gaat. Leviticus 25:8. Na zeven sabbatsjaren komt er een jubeljaar.

Ad. 5: de combinatie zeven en jaar, het zevende jaar komt drie keer voor als aanduiding van sabbatsjaar en twee keer in combinatie met de vrijkoop van slavernij namelijk in Exodus 21:2 hieronder en in Deuteronomium 15:12, zie volgende hoofdstuk.

Exodus 21:2. Wanneer je een Hebreeuwse slaaf koopt, moet hij je zes jaar lang dienen; in het zevende jaar mag hij als vrij man vertrekken, zonder iets te hoeven betalen. 

In de tekst hieronder gaat het over het zevende jaar in relatie tot rust.

Leviticus 25:1-4. De HEERE sprak tot ​Mozes​ bij de berg Sinaï: Spreek tot de Israëlieten, en zeg tegen hen: Wanneer u gekomen bent in het land dat Ik u geven zal, dan moet het land rust krijgen, een ​sabbat​ voor de HEERE. Zes jaar mag u uw ​akker​ bezaaien, zes jaar mag u uw wijngaard ​snoeien​ en de opbrengst ervan inzamelen. Maar in het zevende jaar moet het voor het land ​sabbat​ zijn, een periode van volledige rust, een ​sabbat​ voor de HEERE. Uw ​akker​ mag u niet bezaaien en uw wijngaard mag u niet ​snoeien.

Opmerking: in vers 4 komt zowel het woord sabbat twee keer voor als het woord sabbatown, Strong H7677, dat in vet is afgedrukt en is vertaald met ‘periode van volledige rust’.

Leviticus 25:5-7. Wat er na uw laatste oogst nog opkomt, mag u niet oogsten, en de ​druiven​ van uw ongesnoeide wijnstok mag u niet plukken. Het is een jaar van volkomen rust voor het land. De opbrengst van de ​sabbat​ van het land zal voor u als voedsel dienen: voor u en uw ​slaaf​ en uw ​slavin, uw dagloner en uw bijwoner, die bij u als ​vreemdeling​ verblijven. Ook voor uw ​vee​ en voor de wilde dieren die in uw land leven, mag heel de opbrengst ervan als voedsel dienen. [HSV]

Opmerking: ook hier is het woord sabbatown vertaald met volkomen rust voor het land.

De tekst in Leviticus 25:8-15 gaat vervolgens over het jubeljaar, zie aparte studie over dit onderwerp en vanaf vers 16 gaat het weer over het sabbatsjaar.

Leviticus 25:16-22. Hoe meer jaren er nog resten, des te hoger de prijs; hoe minder jaren, des te lager, want wat verhandeld wordt is het aantal oogsten. Benadeel je volksgenoten niet. Toon ontzag voor je God; Ik ben de HEER, jullie God. Leef mijn bepalingen na, houd je aan mijn regels en handel ernaar, dan zul je onbezorgd in je land kunnen leven. Het land zal zijn opbrengst geven en jullie zullen volop te eten hebben. Je zult er onbezorgd kunnen wonen, en mochten jullie je afvragen wat je in het zevende jaar zult eten als je niet mag zaaien en oogsten, bedenk dan dat Ik jullie het zesde jaar zal zegenen met een oogst die voor drie jaar toereikend is, zodat je in het achtste jaar weer kunt zaaien en tot in het negende jaar kunt leven van de oude oogst, totdat je dat jaar de oogst kunt binnenhalen.

Hier gaat het over land dat je kunt kwijtraken. Dat krijg je niet terug bij het sabbatsjaar maar wel bij het jubeljaar.

Leviticus 25:23-28. Land mag nooit verkocht worden zonder recht van terugkoop, want het land behoort Mij toe en jullie zijn slechts vreemdelingen die bij Mij te gast zijn. In heel jullie land moet voor grond altijd het lossingsrecht blijven gelden. Wanneer een van jullie tot armoede vervalt en een deel van zijn grond moet verkopen, kan zijn losser, zijn naaste verwant, zich aanmelden om het voor hem terug te kopen. Gebeurt dat niet, maar beschikt hij na verloop van tijd zelf over voldoende middelen om de verkochte grond terug te kopen, dan moet hij nagaan hoeveel jaren er sinds de verkoop zijn verstreken en het resterende deel van het oorspronkelijke bedrag terugbetalen aan degene aan wie hij het verkocht had. Dan kan hij naar zijn eigen grond terugkeren. Vindt hij niet voldoende middelen om de koper terug te betalen, dan blijft het stuk grond tot aan het jubeljaar in handen van de koper. Maar in het jubeljaar valt het aan de verkoper terug en kan hij naar zijn eigen grond terugkeren.

Opmerking 1: dit maakt ook het verschil in regels duidelijk tussen het sabbatjaar en het jubeljaar. De grond wordt niet bij het sabbatsjaar maar bij het jubeljaar teruggegeven. Over de gebouwen die er op staan, zie studie jubeljaar.
Opmerking 2: dit hoofdstuk loopt nog tot vers 55 met allerlei geboden voor bescherming van de armen.

Het hoofdstuk Leviticus 26 gaat over zegen en vloek. Deze tekst als voorbeeld.
Leviticus 26:27-28. Als jullie hierna nog niet naar mij willen luisteren en tegen mij in blijven gaan, zal ik van mijn kant nog eens zo hard tegen jullie in gaan en je zevenvoudig voor je ​zonden​ straffen.

Hieronder twee tekst gedeelten waarbij het gaat over sabbatsjaren

Leviticus 26:32-35. Ik zal van het land een woestenij maken, tot ontsteltenis van je vijanden, die het zullen bezetten. En jullie zal ik onder vreemde volken verstrooien; je zult moeten vluchten voor het getrokken ​zwaard. Je land zal een woestenij zijn en je steden zullen in puin liggen. Zo, doordat het land braak ligt terwijl jullie naar het land van je vijanden verdreven zijn, wordt het schadeloos gesteld voor de rust die het heeft moeten ontberen. Dan zal het rusten ter vergoeding van de sabbatsjaren. Zolang het land braak ligt, heeft het de rust die jullie het, toen je er woonde, tijdens de sabbatsjaren niet hebben gegund.

Opmerking: het woord jaar komt in de Hebreeuwse tekst niet voor. Er wordt over sabbatten gesproken en over het land niet bewerken, dan moet het wel over een sabbatsjaar gaan.

Leviticus 26:40-43. Wanneer zij hun ongerechtigheid zullen belijden, mét de ongerechtigheid van hun vaderen, hun trouwbreuk, die zij tegen Mij gepleegd hebben, en ook dat zij tegen Mij zijn ingegaan – zodat Ik ook Zelf tegen hen inging en hen in het land van hun vijanden bracht – of wanneer dan hun onbesneden hart vernederd wordt en zij behagen scheppen in de straf voor hun ongerechtigheid, dan zal Ik denken aan Mijn verbond met Jakob. En ook aan Mijn verbond met Izak, en ook aan Mijn verbond met Abraham zal Ik denken, en Ik zal denken aan het land.
Terwijl het land door hen verlaten is en behagen schept in zijn sabbatsjaren – het ligt er immers omwille van hen verlaten bij – hebben zijzelf behagen in de straf voor hun ongerechtigheid, omdat, ja, omdat zij Mijn bepalingen verwierpen en hun ziel van Mijn verordeningen walgde. [HSV]

Opmerking: hier staat in het Hebreeuws het woord sabbat in het meervoud. Dat woord is met sabbatsjaren vertaald. En het land blijft leeg en verheugd zich op haar sabbatten.

Deuteronomium 15:12-18. Wanneer iemand uit uw volk, een Hebreeuwse man of vrouw, zich als slaaf of slavin aan u verkoopt, moet deze u zes jaar lang dienen; in het zevende jaar moet u hem of haar de vrijheid teruggeven. Wanneer u dan de betreffende persoon in vrijheid laat vertrekken, mag u hem niet met lege handen laten gaan. U moet hem met gulle hand een deel geven van uw kudde, van uw graan en uw wijn, of van wat de HEER u ook maar heeft toebedeeld. Bedenk dat u zelf slaaf bent geweest in Egypte totdat de HEER, uw God, u bevrijdde. Daarom geef ik u vandaag dit gebod. Maar indien hij niet bij u weg wil, omdat hij het goed bij u heeft en aan u en uw familie gehecht is geraakt, moet u een priem door zijn oor in uw deur steken. Daarmee wordt hij voorgoed uw slaaf. En met een slavin moet u hetzelfde doen. Laat het u niet hard vallen als u hen moet laten gaan, want zij hebben in zes jaar trouwe dienst hetzelfde gedaan als een dagloner, voor de helft van het geld. De HEER, uw God, zal u erom zegenen in alles wat u doet.

Opmerking 1: in neem aan dat deze regel geen gelijkloop heeft met de sabbatsjaren. Het zevende jaar kan voor een slaaf ieder jaar zijn.
Opmerking 2: hier is het centrale woord ‘vrij’. Laat de slaaf vrij. Vrij is het bijvoeglijk naamwoord chofsji, Strong H2670.

2 Kronieken 36:20-21. En wie overgebleven was van het zwaard, voerde hij weg naar Babel, en zij werden hem en zijn zonen tot slaven, tot het koninkrijk van Perzië ging regeren, om het woord van de HEERE, bij monde van Jeremia gesproken, te vervullen, totdat het land behagen zou scheppen in zijn sabbatsjaren. Het rustte al de dagen van de verwoesting, totdat de zeventig jaar vervuld waren.

Opmerking 1: de termijn van zeventig jaar was dus vanwege het niet in acht nemen van de sabbatsjaren. Dat is hier de verklaring van het oordeel. Blijkbaar heeft men het gebod van het sabbatsjaar, 70 keer niet in acht genomen. Een sabbatsjaar moest men na zes jaren een jaar lang vieren. Het gaat dus over een periode van 7 keer 70 jaar oftewel 490 jaar.
Opmerking 2: Na zeven sabbatsjaren was er ook nog een extra sabbatsjaar, het jubeljaar. Die twee jaren moet je wellicht als één jaar tellen. Dan komt er bij het totaal aantal jaren nog tien bij.
Opmerking 3: deze tekst is ook opgenomen in de studie Jubeljaar.

Nehemia 10:31. Ook zullen wij de waren en de verschillende graansoorten die de bevolking van het land ons op sabbat te koop aanbiedt niet van hen kopen, op sabbat noch op feestdagen, en elk zevende jaar zullen wij het land braak laten liggen en alle schulden kwijtschelden.

Opmerking: Nehemia formuleert het voornemen van het land, elk zevende jaar zal men het land braak laten liggen. Zoals God had geboden.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Het gaat in de Bijbel niet om begrippen, maar om dingen doen. Het woord sabbatsjaar komt bin dit onderwerp niet voor. Je kunt nauwkeuriger spreken van jaren waarbij het hele jaar een sabbat is.

Dat was de bedoeling. Na zes jaar, zes dagen lang werken in zeven dagen dat er dan een heel jaar zou zijn van niet werken, van sabbat.

Na zes jaar komt een Hebreeuwse slaaf vrij. Exodus 21:2

Soms staat er in het Hebreeuws sabbatown, waarschijnlijk bedoelt met dan een hele periode van volstrekte rust. Leviticus 25:4 en 5.

Met zo’n jaar van sabbat maak je het land blij. Leviticus 26:43.

De Heere God waarschuwt als je die jaren van sabbat niet doet, dan zorg ik er voor dat door narigheid het land toch niet wordt gebruikt. Leviticus 26:32-35.

De mensen, die zich als slaaf hebben verkocht zullen ook het zevende jaar weer vrij worden. Deuteronomium 15:12-18.

Jaar van de vrijheid (sjemiettah)

Het sabbatsjaar wordt ook wel het jaar van de vrijheid en van vrij zijn genoemd. Hieronder de gegevens van deze woorden

 WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1שְׁמִטָּה
shĕmittah
Zelfstandig
naamwoord
vrouwelijk
H8059Vrijheid
Komt 5 keer voor in 4 verzen.
KJV: release (5x).
2שָׁמַט shamatWerkwoordH8058Vrij zijn, loslaten.
Komt 9 keer voor in 8 verzen.
KJV: release (2x), throw down (2x), shake (1x), stumble (1x), discontinue (1x), overthrown (1x), let rest (1x).

Het woord sjemiettah heeft als wortel het werkwoord sjamat wat loslaten, vrij maken en laten vallen betekent. Tijdens de sjemiettah worden voor de mensen die schulden hebben dat losgemaakt, vrijgelaten of laten vervallen.

De sjemieetta, de kwijtschelding wordt steeds verbonden met het zevende jaar.

Ad 1. Sjemiettah
Hieronder alle verzen waar het woord sjemiettah in voorkomt.

Deuteronomium 15:1-6. Elk zevende jaar moet u algemene kwijtschelding verlenen. Dat houdt het volgende in: elke schuldeiser moet iedereen die iets van hem heeft geleend zijn schuld kwijtschelden; hij mag zijn volksgenoot, zijn broeder, niet tot afbetaling dwingen, want de kwijtschelding is afgekondigd in de naam van de HEER. Van een buitenlander mag u wel betaling vorderen, maar wat u van een volksgenoot te goed hebt moet u kwijtschelden. Overigens zal niemand van u in armoede leven, zozeer zal de HEER u zegenen in het land dat hij u in bezit zal geven, tenminste, als u hem gehoorzaamt en de geboden die ik u vandaag voorhoud zorgvuldig naleeft; dan zal de HEER, uw God, u zeker zegenen, zoals hij beloofd heeft. U zult aan veel volken leningen verstrekken, maar zelf hoeft u niet te lenen. U zult over veel volken macht uitoefenen, maar zij niet over u.

Opmerking 1: elk zevende jaar is de kwijtschelding.
Opmerking 2: in deze tekst komt zowel het zelfstandig naamwoord kwijtschelding sjemietta als het werkwoord kwijtschelden sjamat voor.

Deuteronomium 15:7-11. Zou er in een van de steden in het land dat de HEER, uw God, u zal geven toch iemand uit uw eigen volk gebrek lijden, dan mag dat u niet koud laten. U mag uw hand niet op de zak houden, maar u moet diep in de buidel tasten en hem lenen zo veel als hij nodig heeft. Wees niet zo berekenend om bij uzelf te denken: Het zevende jaar, het jaar van de kwijtschelding, komt eraan – waardoor u zich afsluit voor de ellende van uw volksgenoot en hem met lege handen laat gaan. Als hij dan de HEER zijn nood klaagt om wat u hem hebt aangedaan, zal het u als zonde worden aangerekend. Geef hem dus ruimhartig en zonder spijt, en de HEER, uw God, zal u erom zegenen in alles wat u doet en onderneemt. Armen zullen er altijd zijn bij u. Daarom druk ik u op het hart om vrijgevig te zijn tegenover iedereen in uw land die in armoede leeft of er slecht aan toe is.

Deuteronomium 31:9-11. Mozes stelde zijn hele onderricht op schrift en gaf de boekrol aan de Levitische priesters, die de ark van het verbond met de HEER moesten dragen, en aan de oudsten van Israël. Hij droeg hun daarbij het volgende op: ‘Lees deze voorschriften elk zevende jaar, het jaar van de kwijtschelding, tijdens het Loofhuttenfeest voor aan alle Israëlieten. Want dan komt heel Israël naar de plaats die de HEER uitkiest, om daar voor hem te verschijnen.

Ad 2. Sjamat
Het woord sjamat komt twee keer in bovengenoemde teksten voor en verder nog in onderstaande teksten.

Exodus 23:10-11. Zes jaar achtereen mag je je land inzaaien en de oogst binnenhalen. Maar het zevende jaar moet je het land braak laten liggen en het met rust laten, dan kunnen de armen onder jullie ervan eten; wat zij nog overlaten is voor de dieren van het veld.

Opmerking: het woord shamat is met ‘braak laten liggen’ vertaald. Ook dit moet het zevende jaar.

In 2 Samuel 6:6, 2 Koningen 9:33, 1 Kronieken 13:9 en Psalm 141:6. betekent het woord sjamat laten vallen, loslaten.

Jeremia 17:4. Het land dat Ik je schonk, zul je moeten verlaten, Ik maak je de slaaf van je vijanden in een onbekend land. Want het vuur van mijn toorn is ontstoken en zal altijd blijven woeden.

Opmerking: dit is ook een soort loslaten. De HEER hield het land voor het volk Israël vast, maar vanwege hun slechte gedrag doet de HEER dat niet meer.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Het land moet je kunnen loslaten na zes jaar een heel jaar lang. Je moety het braak laten liggen. Exodus 23:10-11

Er wordt steeds vermeld: elk zevende jaar is de kwijtschelding. Deuteronomium. En het jaar om het land te laten rusten. Exodus 23:10-11

Het is ook het jaar om schulden kwijt te schelden. Van een buitenlander maar je wel betaling vragen. Deuteronomium 15:2.

De HEER zal zorgen voor zoveel overvloed dat niemand armoede zal hoeven te lijden. Deuteronomium 15:5

Wanneer iemand last heeft van armoede moet je diep in je buidel tasten en geen rekening houden met het feit dat je het in het zevende jaar behoort kwijt te schelden. Als je dat doet zal de HEER je zegenen. Deuteronomium 15:7-11.

Het onderwijs voor het jaar van de kwijtschelding moest ieder zevende jaar tijdens het Loofhuttenfeest worden voor gelezen. Het jaar van de kwijtschelding werd het gestart op het feest namelijk Grote Verzoendag. Deuteronomium 31:9-11.

Het volk Israël kwam haar belofte om de HEER trouw te blijven niet na. Toen dat honderden jaren duurde, liet de HEER weten zijn belofte van behoud van het land ook los te laten. Jeremia 17:4.

Jaar van loslaten (natasj)

Dit zijn de gegevens van het woord natash dat ook wordt gekoppeld met een jaar en met de zevende.

 WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1נָטַשׁ natashWerkwoordH5203Verlaten, loslaten
Komt 40 keer voor in 39 verzen
KJV: forsake (15x), leave (12x), spread (3x), spread abroad (1x), drawn (1x), fall (1x), joined (1x), lie (1x), loosed (1x), cast off (1x), miscellaneous (3x).

Ad 1. Het werkwoord natasj kun je vertalen met ‘verlaten’, ‘er niet naar omzien’ en ‘loslaten’.

Soms ook in de betekenis dat de Heer ons niet moet loslaten, Zoals in deze twee teksten.
Psalm 94:14. Nee, de HEER zal zijn volk niet verstoten, zijn liefste bezit niet verlaten.
Spreuken 6:20. Mijn zoon, houd vast aan wat je vader je opdraagt, verwerp de lessen van je moeder niet.

Het woord natasj komt twee keer voor in verband met het idee van het sabbatsjaar. Eenmaal in Exodus 23:11 in combinatie met zevende en eenmaal in combinatie met zevende en jaar in het boek Nehemia.

Exodus 23:10-12. Zes jaar achtereen mag je je land inzaaien en de oogst binnenhalen. Maar het zevende jaar moet je het land braak laten liggen en het met rust laten, dan kunnen de armen onder jullie ervan eten; wat zij nog overlaten is voor de dieren van het veld. Met je wijngaard en je olijfgaard moet je hetzelfde doen. Zes dagen lang mag je werken, maar op de zevende dag moet je rust houden; dan kunnen ook je rund en je ezel uitrusten en kunnen je slaven en de vreemdelingen die voor je werken op adem komen.

Opmerking 1: ook hier wordt de relatie gelegd met het zevende jaar.
Opmerking 2: deze tekst ziet ook het verband tussen het sabbatsjaar en de sabbat.

Nehemia 10:32-34. Ook zullen wij de waren en de verschillende graansoorten die de bevolking van het land ons op sabbat te koop aanbiedt niet van hen kopen, op sabbat noch op feestdagen, en elk zevende jaar zullen wij het land braak laten liggen en alle schulden kwijtschelden. Tevens nemen wij als verplichting op ons om per jaar een derde ​sjekel​ bij te dragen aan de dienst in de tempel van onze God, en wel voor het toonbrood, de dagelijkse graan- en brandoffers, voor de offers op sabbat, het nieuwemaansfeest en de hoogtijdagen, en voor de heilige gaven, de offers om verzoening voor Israël te bewerken, en voor de overige diensten in de tempel van onze God.

Opmerking 1: in deze tekst is het werkwoord weer vertaalt met ‘braak laten liggen’.
Opmerking 2: het alle schuld kwijtschelden is niet de vertaling van het woord sjamietta. De letterlijke vertaling van het laatste stuk van vers 32 is: ‘we zouden loslaten het zevende jaar en de zwaarte iedere hand’. Het kan dus op meer betrekking hebben dan het gebruik van de grond en van financiële schuld.
Opmerking 3: het laatste woord van vers 32 is het woord ‘jad’. Dit Hebreeuwse woord betekent in de eerste plaats ‘hand’, maar kan ook allerhande andere betekenissen hebben. Leuk om te zien hoe ‘de zwaarte iedere hand’ wordt vertaalt. Sommigen doen iets met het woord hand. De SV: allerhande schuld. HSV: allerhande rente. NBG: geen enkele schuld.
Opmerking 4: de NASB vertaalt het woord ‘jad’ maar eenmaal met ‘debt’ d.w.z. schuld, alle 1614 andere keren met een ander woord. Op internet kon ik het begrip ‘jad debt’ vinden. Dat staat voor een moeilijk te innen schuld.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Hier wordt ook nog benadrukt dat de armen en de dieren van de opbrengst van het land ook kunnen genieten. Exodus 23:10-12

In de tijd van Nehemia ging en weer allerlei geboden weer opvolgen, die men lange tijd had nagelaten. Nehemia 10:32-34

Nieuwe Testament

Toen ik aan deze studie begon dacht ik dat alleen in het Oude Testament het sabbatsjaar te vinden zou zijn. Dat is letterlijk ook wel zo, maar de principes komen terug in het onderwijs van Jezus. Zoiets als: geef de keizer wat van de keizer is maar geef God wat van God is. <<er zal ook nog wel ander onderwijs van Jezus zijn dat hier past>>

Andere bronnen

Van de christelijke wereld heb ik nog geen boeken gevonden die over het Sabbatsjaar gaan. Vanuit Jodendom is er vanzelfsprekend wel over dit onderwerp nagedacht. Er zijn vanuit de niet gelovige wereld wel een flink aantal boeken over de sabbatical.

Op de site van de Protestantse Theologische Universiteit staat een artikel van februari 2022, zie link Er staat o.a. ‘het Joodse jaar 5782, dat in september 2021 begon, is een zogenaamd sjabbatjaar. 

En verder: “Sociale rechtvaardigheid. Het sjabbatjaar lijkt een perfect model van sociale rechtvaardigheid, als tenminste iedereen de juiste intenties heeft. In de Tosefta, een Joods geschrift van het begin van onze tijdrekening, staat beschreven hoe een gemeenschap dat kan organiseren: de lokale overheid oogst alles dat opkomt, en verdeelt het dan gelijk over alle inwoners. Communisme zoals het ooit bedoeld was? En: heeft dit ooit gewerkt?

En verder: “Geen ideale wereld. Al in de Bijbel zien we dat mensen gewaarschuwd moesten worden, vooral wat het kwijtschelden van schulden betreft. Mensen zouden wel eens niet meer zo bereid kunnen zijn om iemand geld uit te lenen naarmate het sjabbatjaar dichterbij kwam (Deut. 15:9). Hillel, de grote Joodse geleerde uit de eerste eeuw, zag dat het probleem waarvoor de Bijbel al waarschuwt, zich ook echt voordeed: mensen konden geen leningen meer krijgen naarmate het zevende jaar dichterbij kwam. Hij stelde daarom een nieuwe regel op, die bekent staat als de prosbul. Voor een uitleg zie link.

In de Babylonische Talmoed traktaat zie link  staat beschreven hoe die verklaring in zijn werk ging: De persoon die de lening wilde geven ging naar de rechtbank en verklaarde in aanwezigheid van rechters en getuigen dat het sjabbatjaar geen effect zou hebben op de lening: hij zou die altijd mogen terugvorderen. Dat lijkt een slimmigheid die helemaal zijn doel voorbijschiet, maar zo zagen de rabbijnse geleerden het niet. Ze zeiden dat Hillel de prosbul opstelde “voor het herstel van de wereld”, tikkoen olam. Het is beter dat mensen toch nog kunnen lenen met deze aanpassing, dan dat niemand meer iets kan lenen. Soms moet een ideaal systeem een beetje worden aangepast omdat mensen nu eenmaal niet ideaal zijn.

Herstel van de wereld. Niet alleen de prosbul, maar ook het sjabbatjaar als zodanig wordt in de Joodse traditie gezien als een middel tot tikkoen olam. In deze tijd is het een model waar de hele wereld iets van kan leren: niet alleen de mensen, maar ook de dieren en het land varen er wel bij. Reeds in de Bijbel staat dat ook de dieren in het zevende jaar vrij toegang moeten krijgen tot al het gewas (Lev 25:7). Dat het goed is voor het land om te rusten is iets wat traditionele boeren nog toepassen in het drieslagsysteem, een systeem waarbij iemands land in drie stukken wordt verdeeld, waarvan er telkens een deel braak ligt.

Sjabbatjaar vandaag? Wordt het sjabbatjaar nog toegepast? Weinig. Ten eerste gelden de regels alleen voor het land Israël. Daar proberen orthodoxe Joodse boeren er zich nog aan te houden. Maar dan met allerlei omwegen die het economisch houdbaar maken, zoals bijvoorbeeld alleen producten van niet-Joden kopen, of allerlei constructies met de tijdelijke verkoop van land. Wie kan het hen kwalijk nemen als alleen zij anders ten onder zouden gaan? Het sjabbatjaar was bedoeld voor een kleine agrarische maatschappij waar ieder zijn eigen voedsel teelt, niet voor grote stedelijke gemeenschappen.

Buiten Israël hoeft het eigenlijk niet, maar daar zijn er idealistische groepen die in het klein het sjabbatjaar proberen te volgen. Hun motivatie is waar het allemaal om te doen was: rechtvaardige verdeling van goederen en iedereen gelijke kansen geven. Anderen stellen een aangepaste lezing voor: vandaag zijn er andere manieren om verantwoord met voedsel om te gaan. De wereld schreeuwt om een eerlijke verdeling, en om minder verspilling.

Er reageerde op dit artikel ene Gert F. Dekker die meld dat Ssemittah het onderwerp was van zijn doctoraalscriptie aan de UvA lang geleden. En daarna ben ik een aantal keren in Israël geweest om te onderzoeken welke ontwikkelingen zich daar afspelen dienaangaande. Ik heb daar toen een artikel over geschreven en ook een lange film gemaakt met interviews van vele Joodse mensen die aan Sjemittah inhoud willen geven. Het is allemaal al enige tijd geleden maar jouw artikel roept dit weer op.

Op de site van het Zoeklicht staat in een artikel van 2014. De staat Israël wil aan deze leefregel, door de Here God in de Thora gegeven, gehoor geven. De Knesset heeft hiervoor een speciale commissie benoemd, die hulp verlenen (voorlichting) bij het naleven van deze leefregel. Boeren die inkomsten missen, krijgen compensatie.

Lessen

Hier proberen we antwoorden te geven op de vragen.

Wat is een sabbatsjaar?
Ieder zevende jaar is een sabbatsjaar. In dat jaar mag er niet gezaaid en geoogst worden. Men mag wel gebruiken wat er spontaan opkomt. In het achtste jaar mag er weer gezaaid worden wat dan in het negende jaar kan worden geoogst.

Hoe is het sabbatsjaar ontstaan?
Het is door God bij de start van het volk Israël voorgeschreven.

Wat beoogt het sabbatsjaar?
Het sabbatsjaar beoogt hulp voor de armen. Dat kan zijn omdat ze niet ijverig zijn geweest, pech hebben gehad of ongelukkige keuzen hebben gemaakt. Hoe dan ook. Ze worden geholpen.

In de boeken Exodus en Deuteronomium wordt dit jaar het jaar van het loslaten genoemd. Je kunt ook vertalen met het in vrijheid geven of het woord kwijtschelden gebruiken. Hier wordt het woord sjemiettah gebruikt. En zo is het begrip in het Jodendom bekend als de sjemiettah.

Om de sabbatsjaren of de sjemiettah te kunnen uitvoeren is overvloed nodig. En dat zal er alleen komen als we Gods geboden gaan volgen. En er is vertrouwen nodig. Je moet het kunnen loslaten. Ik schrijf dit in april 2020 midden in de Corona tijd, dan merk je dat de economie loslaten heel lastig is.

Heeft het sabbatsjaar een relatie met andere instellingen?
Zeker, het jubeljaar is nog wat radicaler. De grond van een voormalige eigenaar komt dan weer in bezit van die eigenaar.

Rust voor de mens, het land en de dierenKwijtschelding schulden. Hebr. slaven komen vrijHet land komt weer vrij/teruggegeven
1Sjabbatdag
2Sjabbatjaarjaarja
3Jubeljaarjaarja

Hebben de Nederlandse vertalingen de woorden rond het sabbatsjaar goed vertaald?
Ik vind van wel.

Hebben de kerken en christelijke gemeenten het onderwijs van de Bijbel over dit onderwerp ter harte genomen?
Onder invloed van de Bijbel heeft onze maatschappij allerlei regelingen getroffen om mensen met schulden te helpen. Slavernij is zonder meer verboden in Nederland.

De leden van kerken en christelijke gemeenten hebben wellicht via de politiek hun invloed.

Wat zou de bedoeling van God zijn om de mensheid te leren?
Geef elkaar een nieuwe kans om met een nieuwe start beter te leven. En voor als je pech hebt gehad om dan een keer te gaan leven zoals het zou zijn zonder pech. En ook: neem eens een flinke tijd, een heel jaar lang, tijd voor rust.

Dit soort zaken zijn in onze maatschappij een begrip geworden. Lang niet iedereen zal een sabbatical nemen, maar het is een bekend begrip. Schuldhulpmaatje en de strijd tegen mensenhandel oogsten ook algemeen waardering.

Het is ook goed om het land rust te geven. Dat is voor onze maatschappij een worsteling omdat het in lijkt te gaan tegen geld verdienen.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.