Brief over de Hel

<<deze pagina is nog in bewerking>>

Op deze site is geprobeerd om zo duidelijk mogelijk onderwijs te geven over wat in de Bijbel staat. Maar deze pagina is een pleidooi.

Als u gelooft, waarvan u denkt dat het in de Bijbel staat, dat mensen na hun dood naar de hemel of niet de hel gaan. En bij de hel denkt dat je daar voor altijd, eeuwig durende enorme pijnen zal lijden, dan ga ik een beroep op uw overtuiging doen. Ik ga u proberen stap voor stap tot andere gedachten te leiden over de hel.

Waarom probeer ik dat? Drie redenen. Ten eerste omdat ons idee over de hel behoorlijk afwijkt van wat in de Bijbel staat. Het maakt ons leven beter als we de waarheid leren kennen. Ten tweede omdat het verhaal van de kerk voor buitenstaanders ongeloofwaardig is. Ze gaan er niet meer in geloven. En terecht. En ten derde omdat we van God een bruut maken, wat een totaal oneerlijk beeld van God geeft.

Hoe is de overtuiging over de hel ontstaan?

De kerkelijke opvatting over de hel is pas na enige tijd na het onstaan van de kerk ontwikkeld. En het heeft daarna tot nu toe, dus eeuwenlang stand gehouden. Ook toen nieuwe kerken werden gesticht nam men de opvattingen over de hel steeds mee.

Dit zijn de mogelijke oorzaken van die overtuiging. Het was wellicht de behoefte aan een simpel verhaal. Je gaat als je dood bent naar de hemel of naar de hel. Het was wellicht de behoefte om de zorg voor de mensen serieus te nemen, door de gevolgen van een verkeerd leven zwaar aan te zetten. Het was wellicht gemakzucht. Mensen begeleiden om een nieuw mens te worden kost veel energie, je laat dat maar aan het leven na dit leven over. Het was wellicht ook brute machtspolitiek van de kerk. Als je mensen maar flink angst aanjaagt dan blijven ze je wel trouw.

Heer, wees ons genadig dat we Uw zachte hand om ons op het goede pad te brengen zo hebben verdraaid in angst zaaien en uitsluiten.

Bijna iedereen in de kerk denkt dat de ideeën over de hel in de Bijbel staan. Ook ik. Totdat ik er studie naar ging doen dus en ontdekte dat het op allerlei punten in de Bijbel anders staat.

De vertalingen van de Bijbel hebben aan dat idee dat het uit de Bijbel komt er sterk bijgedragen. De Statenvertaling vertalen <<aantal noemen>> Hebreeuwse en Griekse woorden, die natuurlijk voor andere dingen staan steeds met het woord hel. Ze gooien veel op één hoop. De NBG heeft met de introductie van het woord ‘dodenrijk’ en de NBV met de introductie van het woord ‘gehenna’ goed werk gedaan om een meer helder beeld te geven. Waarvoor hulde! Verderop in de tekst meer hierover.

Dodenrijk of hel

Allereerst twee woorden, een Hebreeuws en een Grieks woord, die voor hetzelfde staan en die je met dodenrijk zou kunnen vertalen.

In het Oude Testament komt 65 keer het Hebreeuwse woord ‘sjeool’ voor en in het Nieuwe Testament komt 11 keer het Griekse woord ‘hades’ voor. In die relatief weing woorden zit ook al een boodschap. De Bijbel richt zich vooral op het leven op aarde.

Alle teksten van de Bijbel zullen hieronder worden geciteerd. Om u een compleet beeld te geven. Ik ben benieuwd of u een tekst kunt ontdekken war gedreigd wordt met de hel.

Alle teksten, die over de sjeool en de hades gaan heb ik naar onderwerp gesorteerd. Allereerst over hoe het dodenrijk er uit ziet en hoe het daar is.

Heeft diverse ruimten

Er zijn diepere en minder diepe delen. Dit zegt God in het lied van Mozes.
Als het vuur van mijn toorn is ontstoken zal het branden tot in het diepste dodenrijk [NBV] Deuteronomium 32:22.

Er is ook een afgrond in het dodenrijk. Spreuken 27:20. <<staat hier niet én>>

Jesaja 14:15. in het dodenrijk in de allerdieptste put.

Jesaja 57:9. … tot diep in het dodenrijk.

Toen hij (de rijke man) in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde. Lucas 16:23.

Door het verhaal van Jezus over de rijke man en de arme Lazarus weten we dat er op zijn minst twee ruimten zijn in het dodenrijk door de kloof gescheiden. De één een nare plek en de andere bij Abraham.

Hoe is het in het dodenrijk?

Voor Job is de sjeool een mogelijke schuilplaats.
O, geef mij een schuilplaats in het dodenrijk en verberg me daar totdat uw woede is geluwd, stel een tijd vast en kijk dan weer naar mij om. Job 14:13.

In het dodenrijk kan God niet meer worden geloofd. Psalm 6:6.

Als schapen verblijven zij in het dodenrijk, en de dood is hun ​herder. In de morgen vertrappen de oprechten hun ​graf, hun lichaam teert weg in het dodenrijk en vindt geen rust. Psalm 49.

Er zijn geen daden en gedachten, geen kennis en geen wijsheid in het dodenrijk. Prediker.

De sfeer in de sjeool is beklemmend als de hartstocht. Hooglied.

In het dodenrijk zijn de ooit machtigste mensen zwak. Wormen zijn je bed en maden je deken. Jesaja 14:9-11.

Er is verstilling. In de sjeool weet men nog wel wie je was en wat je kon, maar je kunt niet meer uitrichten. Ezechiël 31 en 32.

Het dodenrijk was er voor iedereen

De macht van het dodenrijk is dat het was de normale gang voor mensen dat je als je stierf een schim werd in de sjeool of hades.

In het boek Job en in Psalm 89 is dat zo geformuleerd.
Zoals wolken verwaaien en verdwijnen, zo daalt de mens voorgoed af in het dodenrijk. Job 7:9.
Leeft er iemand die de dood niet zal zien, die ontkomt aan de greep van het dodenrijk? Psalm 89:49.

Er is dreiging vanuit het dodenrijk.

Het dodenrijk is een zelfstandige grootheid met een eigen karakter.
“Nee, het dodenrijk zal u niet loven”. Jesaja 38:18. Dodenrijk, waar zijn je kwellingen? Hosea 13:14.

Job 24:19. Zoals droogte en hitte smeltwater doen verdwijnen, zo rukt het dodenrijk hen die gezondigd hebben weg.

Psalmen 18:6. De banden van het dodenrijk omklemden mij, op mijn weg lagen de valstrikken van de dood.  (SV: Banden der hel omringden mij, strikken des doods bejegenden mij.)

Banden van de dood omknelden mij, angsten van het dodenrijk grepen mij aan, ik voelde angst en pijn. Psalm 116:3 en 2 Samuel 22:5-6.

Psalm 141:7. Verspreid als de aarde, geploegd en omgewoeld, ligt ons gebeente bij de muil van het dodenrijk.

Er is bescherming tegen de dreiging van het dodenrijk. Hier een citaat van Jezus. “En ik zeg je: jij bent Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen, en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigen”. Matteüs 16:18.

Het overweldigen door het dodenrijk kan ook zomaar wel gebeuren voor een hele gemeenschap. Hier een citaat van Jezus: “En jij dan, Kafarnaüm, je denkt toch niet dat je tot in de hemel zult worden verheven? In het diepst van het dodenrijk zul je afdalen”! Matteüs 11:23 en Lukas 10:15.

En hier een citaat uit het boek Openbaringen. “Toen zag ik een vaalgeel paard. De ruiter heette Dood, en Dodenrijk vergezelde hem. Zij kregen toestemming om op een vierde deel van de aarde dood en verderf te zaaien, door middel van het zwaard, hongersnood, dodelijke ziekten en wilde dieren”. Openbaring 6:8.

Reacties van mensen op het dodenrijk

We lezen in de Bijbel hoe het dodenrijk voor mensen in de tijd van de Bijbel was.

Acceptatie dat het einde nadert

Het dodenrijk heeft invloed op de mensen, die nog leven.

Het feit dat het dodenrijk er aparte is dat het dodenrijk of de hel ook zijn invloed al heeft hier op aarde. Aartsvader Jacob heeft het er al over in Genesis. Voor aartsvader Jacob zou het de hel zijn als zijn zoon Benjamin zou overlijden. Ook het treuren over zijn zoon Jozef, die omgekomen zou zijn is voor hem een hel. Vier keer in Genesis 37, 42 en 44.

In 1 Koningen 2:6-9 lezen we van iemand, die in vrede naar het dodenrijk te laten nederdalen.

Job 17:13-16. Ja, mijn ​huis​ staat in het dodenrijk, in de duisternis spreid ik mijn ​bed. Tot het ​graf​ roep ik: “Jij bent mijn vader,” en tot de wormen: “Moeder, zuster!” En waar is dan mijn hoop, mijn hoop, wie kan die nog bespeuren? Daalt hij met mij af naar het dodenrijk? Dalen we samen af in het stof?’

Ook in het boek Job spreekt Job over mensen, die rustig afdalen naar het dodenrijk.
Hun leven kent slechts voorspoed en rustig dalen ze af naar het dodenrijk. Job 21:13.

Psalm 88:4. … ik word door rampen bezocht, mijn leven nadert het dodenrijk.

Anderen probeerden het moment vooruit te schuiven.

Natuurlijk was er verlangen om het dodenrijk nog niet binnen te gaan.
Hier gaat het om koning Hizkia. Hij noemt het heengaan door de poorten van het dodenrijk. Hij zal genezen en nog vijftien jaar krijgen.
Jesaja 38:10. Ik zeide: In de bloei mijner dagen moet ik heengaan door de ​poorten​ van het dodenrijk.

En ook hoe je het binnengaan in het dodenrijk voorlopig kunt ontlopen.
Spreuken 15:24. De levensweg van een verstandig mens voert omhoog, hij blijft op verre afstand van de diepte van het dodenrijk.

Hier gaat om het redden van een vroegtijdige dood door een moeilijk kind hard op te voeden.
Spreuken 23:14. Sla het met de stok, en je redt het van het dodenrijk.

Op een akkoord gooien met het dodenrijk.

In Jesaja 28 gaat het om mensen, die een verbond sloten met de sjeool.

Wij zien de hel als een straf en de hemel als een beloning van God, maar hier gaat over mensen, die op eigen initiatief naar de sjeool of de hemel gingen.
Amos 9:2. Al kruipen ze de onderwereld in, ik breng ze naar boven; al klimmen ze de hemel in, ik haal ze naar beneden. 

Spreuken 5:5. Haar pad voert naar het graf, haar voeten dalen af in het dodenrijk.
Spreuken 7:27. Haar woning is de toegang tot het dodenrijk, van daar daal je af tot in de kamers van de dood.

Spreuken 9:18. Maar wie zij naar zich toe lokt weet niet dat hij afdaalt naar de schimmen, hij daalt af tot in het dodenrijk.

Bidden dat God kwaaddoeners z.s.m. naar het dodenrijk stuurt.

Koning David gaf opdracht, zie 1 Koningen 2:6-9 om iemand niet in vrede in het dodenrijk te laten nederdalen, maar met bloed.

Psalm 9:18. Laten de goddelozen weggaan naar het dodenrijk, alle volken die God zijn vergeten.

Hetzelfde gebed komt ook in Psalm 31 voor. En Psalm 55.

Verlangen en hoop om niet in het dodenrijk te komen.


In de tijd van het Oude Testament bad koning David al om het dodenrijk niet te hoeven zien. Of gaat het om de komende messias?
Psalm 16:10. U levert mij niet over aan het dodenrijk en laat uw trouwe dienaar het graf niet zien.
In Psalm 30:4 staat eenzelfde profetische vergezicht. Psalm 30:2-4. Hoog wil ik u prijzen, HEER, want u hebt mij gered en mijn vijand geen reden gegeven tot vreugde. HEER, mijn God, ik riep tot u om hulp en u hebt mij genezen. HEER, u trok mij uit het dodenrijk omhoog, ik daalde af in het ​graf, maar u hield mij in leven.
Maar mij zal God vrijkopen uit de macht van het dodenrijk, mij zal hij wegnemen, Psalm 49:16.
U hebt mijn ziel aan het diepst van het ​graf​ ontrukt, Psalm 86:13.

Het dodenrijk wordt nooit verzadigd om op te nemen, Spreuken 27 en 30. Alle volken en alle naties, Habakuk 2:5.

We weten trouwens van Henoch en Elia. Henoch wandelde met God en was er ineens niet meer. Elia werd met geestelijke paarden en wagens opgehaald uit de hemel. Van Mozes is het graf niet bekend.

Pas na de opstanding van Jezus is er voor de gelovigen de mogelijkheid om de sjeool of hades te ontlopen. Maar dat is een ander onderwerp.

Gods is er, ook in het dodenrijk.

Kunt gij de geheimen Gods doorgronden, de Almachtige doorgronden ten einde toe? Zij zijn hoog als de hemel; wat kunt gij doen? dieper dan het dodenrijk; wat kunt gij weten? [NBG] Job 11:7-8.
Het dodenrijk ligt open voor hem: niets in de afgrond blijft verborgen. Job 26:6.

Klom ik op naar de hemel – u tref ik daar aan, lag ik neer in het dodenrijk – u bent daar. Psalm 139:8.
De Heer doorgrond het dodenrijk. Spreuken 15.

God stuurt mensen naar de sjeool

In Numeri gaat het over mensen, die opgestaan waren tegen de HEER en Mozes, Korach en zijn kinderen. Zij gingen levend naar het dodenrijk of de hel. Het staat er, maar ik kan me dit niet goed voorstellen. Numeri 16:28-33.

Er staat niet dat God mensen naar de sjeool stuurt. Het staat er zo. God opent de aarde onder de mensen zodat ze levend naar de sjeool gingen.

God kan mensen vrijkopen uit het dodenrijk

Hosea 13:14. Waarom zou ik hen dan vrijkopen uit de macht van het dodenrijk

Het is helemaal de vraag of de leerlingen van Jezus, de gelovigen, maar dan ook echt de serieuze gelovigen na de opstanding van Jezus naar het dodenrijk gaan. Maar dat is een ander onderwerp.

God spaart mensen van het dodenrijk

In één voorbeeld noemt de Bijbel letterlijk dat iemand vanuit de sjeool weer tot leven kwam.
Jona was in de buik van de sjeool. Jona 2:2.

Wat al de hoop was onder mensen tijdens het Oude Verbond wordt met Jezus werkelijkheid. God leverde hem niet over aan het dodenrijk.
Zoals David al bad. “Want u zult mij niet overleveren aan het dodenrijk en het lichaam van uw trouwe dienaar zal niet tot ontbinding overgaan”. Handelingen 2:27.
En dit zijn ook woorden van David: “Hij heeft de opstanding van de messias voorzien en gezegd dat deze niet aan het dodenrijk zou worden overgeleverd en dat zijn lichaam niet tot ontbinding zou overgaan. Handelingen 2:31.

Opmerking: twee keer worden twee dingen over Jezus gezegd. Hij werd niet aan het dodenrijk overgeleverd. Zijn lichaam ging niet tot ontbinding over.

Jezus heeft de sleutels van het dodenrijk

Dit zegt Jezus tegen de apostel Johannes.
Openbaring 1:18. Ik ben degene die leeft; ik was dood, maar ik leef, nu en tot in eeuwigheid. Ik heb de sleutels van de dood en van het dodenrijk.

De apostel Paulus schreef eerder al dit:
1 Korintiërs 15:55. Dood, waar is je overwinning? Dodenrijk waar is je angel.

Het dodenrijk zal verdwijnen

Het dodenrijk is een zelfstandig fenomeen. Hoe is het ontstaan? Na de zondeval wellicht? Ik weet het niet. Maar het is er.

Openbaring 20:13-14. De zee stond de doden die ze in zich had af, en ook de dood en het dodenrijk stonden hun doden af. En iedereen werd geoordeeld naar zijn daden.  Toen werden de dood en het dodenrijk  in de vuurpoel  gegooid. Dit is de tweede dood: de vuurpoel.

De gehenna

Twaalf keer staat in de Griekse tekst van het Nieuwe Testament het woord ‘gehenna’. Gehenna is de Vergriekste vorm van een Hebreeuwse uitdrukking.

De Hebreeuwse uitdrukking is Gé Hinnom. Gé is het Hebreeuwse woord voor dal. Hinnom was de meneer van wie het dal destijds was. Hij offerde in dat dal zonen van hem. Waarom? Dat staat er niet bij in de Bijbel maar occulte mensen doen dat om occulte geestelijke macht te verwerven.

In het Oude Israël ging men ook die praktijk van Hinnom doen. O.a. koningen van Israël deden dat. Deze praktijken waren de God van Israël een gruwel. Er zijn elf teksten in het Oude Testament te vinden over dit dal, Strong H2011 Gay Hinnom.

In de tijd van Jezus was het dal van Hinnom de vuilnisbelt van de stad Jeruzalem. Het stonk er en het brandde regelmatig zoals dat bij een vuilnisbelt het geval is. Als je een bezoek brengt aan de oude stad Jeruzalem dan kun je er zo naar toe lopen, het is zo’n 500 meter lopen vanaf de zuidelijke muur van de stad richting het zuiden.

Omdat ook de apostel Jacobus dit woord ook gebruikt denk ik dat het een beeld was van de meest occulte plek, die je maar kan bedenken. Occulte plekken hebben hun consekwenties in leven en in sterven. Die consekwenties zijn vreselijk.

Het is cruciaal voor een goed leven om in je denken en doen ver van die plek verwijderd te blijven.

Hier de twaalf teksten waar het woord ‘gehenna’ in voorkomt. Ik heb ze gesorteerd naar onderwerp. Er lijken mij vijf onderwerpen of thema’s te zijn. Bij één thema, het tweede thema, gaat het om een lichaamsdeel verwijderen om jezelf te redden. Daar gaan wel zes teksten over.

Bij schelden kom je vuur van de Gehenna tegen

Thema één gaat over schelden en de consekwenties daar van.

Matteüs 5:22. En ik zeg zelfs: ieder die in woede tegen zijn broeder of zuster tekeergaat, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht. Wie tegen hen “Nietsnut!” zegt, zal zich moeten verantwoorden voor het Sanhedrin. Wie “Dwaas!” zegt, zal voor het vuur van de Gehenna komen te staan. [SV: helse vuur]

Uitleg: let op schelden heeft drie gevolgen. Je moet je verantwoorden voor het gerecht en voor het Sanhedrin en je komt voor het vuur van de Gehenna staan.

Gehoorzaam zijn is je redding.

Thema twee gaat over het verwijderen van een lichaamsdeel om jezelf te redden.

Hier staan alle zes teksten, die over dit thema gaan. Let op. De eerste twee teksten gaan er over dat heel je lichaam in de hel wordt geworpen. Je lichaam in de hel? De opvatting is toch dat je ziel in de hel komt? Hier wringen onze opvattingen met de woorden in de Bijbel.

De volgende teksten versterken dit beeld alleen nog maar. De derde tekst: ‘in bezit van twee handen de gehenna ingaan”. Vierde tekst: ‘twee voeten in de gehenna’. Vijfde en zesde tekst: met twee ogen in de gehenna.

Ik denk dat Jezus met zijn woorden bedoelt dat door slecht gedrag het slecht zal gaan met je lichaam en dat je uiteindelijk op een slechte plek in het dodenrijk terecht komt.

Ik denk verder dat Jezus bedoelt dat je radicaal moet zijn bij het volgen van Hem. Neem de relatie met Jezus serieus en ook zijn onderwijs. Zijn adviezen voor een goed leven.

Hier de teksten.
Matteüs 5:29. Als je rechteroog je op de verkeerde weg brengt, ruk het dan uit en werp het weg. Je kunt immers beter een van je lichaamsdelen verliezen dan dat heel je lichaam in de Gehenna geworpen wordt. 
Matteüs 5:30. En als je rechterhand je op de verkeerde weg brengt, hak hem dan af en werp hem weg. Je kunt immers beter een van je lichaamsdelen verliezen dan dat heel je lichaam naar de Gehenna gaat. [let op: hier staat je verkeerde weg gevolgen heeft voor je lichaam]
Marcus 9:43. Als je hand je op de verkeerde weg brengt, hak hem dan af: je kunt beter verminkt het leven binnengaan dan in het bezit van twee handen naar de Gehenna te moeten gaan, naar het onblusbare vuur.
Marcus 9:45. Als je voet je op de verkeerde weg brengt, hak hem dan af: je kunt beter kreupel het leven binnengaan dan in het bezit van twee voeten in de Gehenna geworpen worden. 
Marcus 9:47. En als je oog je op de verkeerde weg brengt, ruk het dan uit: je kunt beter met één oog het koninkrijk van God binnengaan dan in het bezit van twee ogen in de Gehenna geworpen worden.
Matteüs 18:9. Brengt je oog je op de verkeerde weg, ruk het dan uit en werp het weg: je kunt beter met één oog het leven binnengaan dan in het bezit van twee ogen in het vuur van de Gehenna (SV: helse vuur) geworpen worden. 

Nog een opmerking bij de vijfde en zesde tekst. Door radicaal te zijn gaan we niet de gehenna binnen, maar het Koninkrijk van God, zie 9:47 of het leven binnengaan, zie 18:9.

(Als je de opvatting hebt dat gehenna de hel is, dan zou je verwachten dat in deze teksten de hemel wordt genoemd).

Als je gehoorzaam wil zijn denk dan aan dingen als trouw, eerlijk, gul, vriendelijk en ruimhartig zijn.

Beducht zijn voor wie je ziel kan doden.

Het derde thema: dat je beducht moet zijn om wie je ziel kan laten sterven.

Je hoeft niet beducht te zijn dat God je ziel laat sterven, want God zorgt zelfs voor mussen.
Matteüs 10:28-29. Wees niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden. Wees liever bang voor hem die in staat is én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna. Wat kosten twee mussen? Zo goed als niets. Maar er valt er niet één dood neer als jullie Vader het niet wil.

Voor wie moet je dan wel beducht zijn? Soldaten of beulen doden alleen het lichaam. ‘Hem die in staat is’ om te ruïneren lijkt mij te gaan over verleiders, die mensen op het verkeerde pad willen brengen. Of verleidelijke gedachten die helemaal verkeerd zijn.

Verleidelijke slechte gedachten en daden zorgen ervoor dat de ziel van een mens dood gaat. Je kan gewetenloos worden. Dat begrip ‘je ziel doden’ kwam ik ook tegen bij de bekende geleerde Erasmus in zijn boek Handboek van de Christensoldaat. Zie de studie over dit onderwerp. Wat ik hier schrijf is in lijn zijn teksten.

Dit is de tekst uit het evangelie van Lukas die ook over dit thema gaat.
Lucas 12:5. Ik zal jullie zeggen voor wie je bang moet zijn. Wees bang voor hem die de macht heeft om iemand niet alleen te doden maar ook in de Gehenna te werpen. Ja, ik zeg jullie, wees bang voor hem!

Ik denk bij deze tekst aan gewetenloze leiders met een ideologie, zoals de leiders van de Islamitische Staat en van Nazi’s uit de Tweede Wereldoorlog.

Zorg niet voor volgelingen van de Gehenna.

Thema 4: maak mensen geen ‘kinderen’ van de Gehenna.

Matteüs 23:15. Wee jullie, schriftgeleerden en farizeeën, huichelaars, jullie bereizen landen en zeeën om één enkele proseliet te winnen, en wanneer je hem eenmaal voor je gewonnen hebt, wordt hij dankzij jullie tot een hellekind in het kwadraat. [Hellekind is de vertaling van ‘huios gehenna’, SV: kind van de hel]

Huichelen is anders voordoen, dan je bent. Is ook de indruk wekken dat je iets goed doet maar intussen niets doet of kwaad doet. Het is een gedrag dat verleidelijk is om na te volgen.

Hier spreek Jezus ook tegen de schriftgeleerden en Farizeeën in die dagen. Het waren onder de Romeinen de machtshebbers.
Matteüs 23:33. Slangen zijn jullie, addergebroed, hoe denken jullie te kunnen ontkomen aan een veroordeling tot de Gehenna?

De context geeft aan dat ze hun macht verkeerd gebruiken zelfs om mensen, die Jezus naar ze toe stuurt martelen en doden. Voor zulke mensen is de Gehenna.

Let op wat je zegt

Thema 5: wat je zegt kan leiden tot confrontatie met vuur van de Gehenna. Dit gaat niet alleen over schelden zoals bij thema één, maar ook wat je zegt in het algemeen.

De apostel Jacobus schrijft over het gevaar van de tong, ook in deze tekst waarin het woord gehenna in voorkomt.
Jakobus 3:6. Onze tong is net zo’n vlam: een wereld van onrecht, die onze lichaamsdelen in brand steekt. Want hij besmet het hele lichaam, hij steekt het rad van het leven in brand, met vuur uit de Gehenna.

De Statenvertaling en de HSV vertalen gehenna steeds met hel. Dat is prima als je er ook maar aan denkt dat de hel ook al hier op aarde is. Ook de verleidingen van de hel zijn er.

De buitenste duisternis

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.