Studie Besprenkelen

<<deze studie is nog in bewerking>>

Zowel in het Oude Testament als in het Nieuwe Testament komen we teksten tegen over besprenkelen.

Oude Testament

Dat gebeurde o.a. met water. Dat heeft als doel te reinigen.

Het is een praktijk van zowel de Orthodoxe als de Katholieke kerk. Het staat voor reiniging van van alles en nog wat. In Protestantse kerken komen we de besprenkeling met water tegen als werkwijze bij de doop.

  Woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1 נָזָה nazah WerkwoordH5137 Besprenkelen
Komt keer in 22 verzen voor.
KJV: sprinkle (24x).
2 זָרַק zaraq WerkwoordH2236 Besprenkelen
Komt 35 keer voor in 33 verzen. Drie keer gaat het over met water besprenkelen. Numeri 19:13 en 20
Ezechiël 36:25.
KJV: sprinkle (31x), scatter (2x), here and there (1x), strowed (1x).
3אֵזוֹב ‘ezowb Zelfstandig naamwoord mannelijk H231 Hysop. NBV: Majoraan.
Komt 10 keer voor in 10 verzen.
KJV: hyssop (10x).

Het hysop plantje werd zowel gebruikt voor het besprenkelen met water als met bloed.

1. Zaraq

H2236 matches the Hebrew זָרַק (zaraq ),  which occurs 35 times in 33.

Corresponding Greek Words G1209 dechomai, G1287 dia skorpizo, G1632 ek cheo, G4687 speiro

Exodus 9:8 8En de Here zeide tot Mozes en Aäron: Neemt uw handen vol roet uit een smeltoven, en laat Mozes dit in de lucht strooien ten aanschouwen van Farao.

Exodus 9:10 10En zij namen as uit de oven, gingen voor de farao staan, en Mozes strooide die hemelwaarts uit. Toen ontstonden er bij de mensen en de dieren zweren, die als puisten openbraken,

Exodus 24:6 6Mozes nam de helft van het bloed en deed dat in schalen, de andere helft goot hij tegen het altaar. NBG/SV sprengde hij op het altaar. HSV: sprenkelde hij op het altaar.

Exodus 24:8 8Toen nam Mozes het bloed en besprenkelde daarmee het volk. ‘Met dit bloed,’ zei hij, ‘wordt het verbond bekrachtigd dat de HEER met u heeft gesloten door u al deze geboden te geven.’

Exodus 29:16 Slacht het dier en giet het bloed tegen de zijkanten van het altaar.

Exodus 29:20 Slacht het dier en strijk wat van het bloed aan de rechteroorlel van Aäron en aan die van zijn zonen, op hun rechterduim en op de grote teen van hun rechtervoet. De rest van het bloed moet je tegen de zijkanten van het altaar gieten.

Leviticus 1:5 Hij moet de stier slachten ten overstaan van de HEER, en de priesters, de zonen van Aäron, moeten het bloed naar het altaar brengen dat bij de ingang van de ontmoetingstent staat en het tegen de zijkanten ervan gieten.

Leviticus 1:11 Hij moet het slachten aan de noordkant van het altaar, ten overstaan van de HEER, en de priesters, de zonen van Aäron, moeten het bloed tegen de zijkanten van het altaar gieten.

Leviticus 3:2 Leviticus 3:8 Leviticus 3:13 gaat over het vredeoffer waarbij ze het bloed tegen de zijkant van het altaar gieten.

Leviticus 7:2 en 14 idem voor het hersteloffer.

Leviticus 8:19 en 24 idem bij het brandoffer voor Aaron en zijn zonen.

Leviticus 9:12 en 18 idem.

Leviticus 17:6 idem met de boodschap in et bloed zit levenskracht.

Numeri 18:17 17Het eerstgeboren jong van een rund of het eerste jong van een schaap of geit mag echter niet worden vrijgekocht, want die zijn heilig. Hun bloed moet je tegen het altaar gieten en hun vet op het altaar verbranden, als een geurige gave die de HEER behaagt

Numeri 19:13 Iedereen die een dode aanraakt, het lijk van een mens, en zich niet laat reinigen, verontreinigt de tabernakel van de HEER en moet uit de gemeenschap van Israël gestoten worden. Omdat hij niet met het reinigingswater besprenkeld is blijft hij onrein; zijn onreinheid blijft hem aankleven.

Num 19:20 20Maar wie onrein is en zich niet laat reinigen, moet uit de gemeenschap gestoten worden, omdat hij het heiligdom van de HEER verontreinigd heeft. Omdat hij zich niet met reinigingswater heeft laten besprenkelen, blijft hij onrein.

2Ki 16:13 13Hij droeg persoonlijk verschillende offers op: een brandoffer, een graanoffer en een wijnoffer, en goot het bloed van de dieren voor het vredeoffer tegen de zijkanten van het altaar. 1

2Ki 16:15 gieten

2Ch 29:22 gieten

2Ch 30:16 gieten

2Ch 34:4 Het stof strooide hij uit over de graven van degenen die er offers aan hadden gebracht,

2Ch 35:11 gieten

Job 2:12 Toen ze Job vanuit de verte zagen herkenden ze hem niet, en ze barstten uit in luid geweeklaag, ze scheurden hun kleren en wierpen stof omhoog over hun hoofd.

Jesaja 28:25 Als hij het land geëffend heeft, strooit hij toch komijn en karwij, zaait tarwe in rijen, gerst in vakken en spelt langs de rand van zijn akker?

Ezechiël 10:2 De HEER zei tegen de in linnen geklede man: ‘Ga het raderwerk waarop de cherubs rusten binnen en vul er je handen met gloeiende kolen; die moet je uitstrooien over de stad.’ Ik zag hoe de man naar binnen ging.

Ezechiël 36:25 Ik zal zuiver water over jullie uitgieten om jullie te reinigen van alles wat onrein is, van al jullie afgoden.

Ezechiël 43:18 gieten

Hosea 7:8-9 Efraïm heeft zich met andere volken vermengd; hij is een misbaksel geworden. Vreemdelingen hebben zijn krachten verteerd, maar hij beseft het niet; zijn haar is grijs geworden, maar hij beseft het niet.

Het werkwoord נוּף (nuwph ), Strong H5130 matches (primitive root)

Dit woord komt 37 keer voor in 35 verzen.

The KJV translates Strongs H5130 in the following manner: wave (16x), shake (7x), offer (5x), lift up (4x), move (1x), perfumed (1x), send (1x), sift (1x), strike (1x).

## Spreuken 7:17 Ik heb het besprenkeld met mirre, met aloë en kaneel.

2. Nazah

In de bijbel wordt 24 keer in 22 verzen het Hebreeuwse werkwoord נָזָה (nazah ), Strong nummer H5137 gebruikt, dat in de meeste vertalingen met besprenkelen is vertaald.

Het besprenkelen gebeurt in de tora met verschillende stoffen namelijk olie (4x), olie en bloed (1x), bloed (12x) en water (4x), waaronder eenmaal reinigingswater.

Er worden ook verschillende zaken besprenkeld. Namelijk: gezalfde olie die op Aäron en zijn kleren en zijn zoons en hun kleren wordt besprenkeld.

Exodus 29:21. Zevenkeer met bloed in de richting van het voorhangels voor het heiligdom (Leviticus 4). Besprenkelen van het bloed aan de zijkant van het altaar (Leviticus 5). Met bloed op kleding , Leviticus 6.
‘Zo zal hij (mijn dienaar) veel volken besprenkelen’, Jesaja 52:15. Het gaat hier naar mijn mening over Jeshua. ‘zo gruwelijk, zo onmenselijk was zijn aanblik’ vers 14. Door de film the Passion weten we hoe het was. Het bloed van Jeshua werd en wordt gesprenkeld over veel volken.
Jesaja 63:3 gaat over de wraak van God over Edom. Hun bloed besprenkelde de kleren van God. Andersom dus als het vorige vers. Al in 2 Koningen 9:33 besprenkelde het bloed van Izebel de muur en de paarden toen ze uit het raam naar beneden werd geworpen.

Exodus 29:21 Besprenkel Aäron met wat bloed van het altaar en met zalfolie en sprenkel het ook over zijn kleren. Ook zijn zonen en hun kleren moet je ermee besprenkelen. Dan zullen Aäron en zijn zonen, evenals hun kleren, heilig zijn.

Leviticus 4:6 Hij moet zijn vinger in het bloed dopen en het ten overstaan van de HEER zevenmaal in de richting sprenkelen van het voorhangsel dat de heilige ruimte afschermt.

Leviticus 4:17 Hij moet zijn vinger in het bloed dopen en het ten overstaan van de HEER zevenmaal in de richting van het voorhangsel sprenkelen.

Leviticus 5:9 Hij sprenkelt wat bloed van het offerdier tegen de zijkant van het altaar, en de rest van het bloed laat hij aan de voet van het altaar uitlekken. Dan is het geschikt als reinigingsoffer.

Leviticus 6:27 (tekst komt in de NBV niet voor).

Leviticus 8:11 Hij besprenkelde het altaar zevenmaal met de olie en zalfde ook alles wat bij het altaar hoorde, evenals het wasbekken en het onderstel. Zo heiligde hij alles.

Leviticus 8:30 Mozes besprenkelde Aäron en diens kleren met wat zalfolie en bloed van het altaar. Ook de zonen van Aäron en hun kleren besprenkelde hij ermee. Zo heiligde hij Aäron en zijn zonen, evenals hun kleren.

Leviticus 14:7 en met dat bloed moet hij degene die na zijn huidvraat moet worden gereinigd zevenmaal besprenkelen. Daarna verklaart hij hem rein. De levende vogel moet hij vrijlaten in het open veld.

Leviticus 14:16 doopt zijn rechterwijsvinger in de olie en sprenkelt met zijn vinger zevenmaal wat olie in de richting van de ontmoetingstent.

Leviticus 14:27 en sprenkelt met zijn rechterwijsvinger zevenmaal wat olie in de richting van de ontmoetingstent.

Leviticus 14:51 Vervolgens moet hij het cederhout, de majoraan en het karmozijn en de andere, levende vogel in het bloed van de geslachte vogel en in het bronwater dopen en dat zevenmaal in de richting van het huis sprenkelen. (bloed en water)

Leviticus 16:14 Hij moet met zijn vinger wat bloed van de stier op de verzoeningsplaat sprenkelen en zevenmaal wat bloed op de grond ervoor.

Leviticus 16:15 Daarna moet hij de bok voor het reinigingsoffer van het volk slachten, en het bloed naar de heilige ruimte achter het voorhangsel brengen. Met het bloed moet hij hetzelfde doen als met het bloed van de stier: hij moet het op de verzoeningsplaat en op de grond ervoor sprenkelen.

Leviticus 16:19 en vervolgens met zijn vinger het altaar zevenmaal met het bloed besprenkelen. Zo reinigt hij het van de onreinheid van de Israëlieten en heiligt hij het weer.

Numeri 8:7 Je moet hen besprenkelen met reinigingswater, en vervolgens moeten ze hun hele lichaam scheren en hun kleren wassen. Daarna zijn ze rein.

Numeri 19:4 De priester Eleazar moet zijn vinger in het bloed dopen en het zevenmaal in de richting van de voorkant van de ontmoetingstent sprenkelen.

Numeri 19:18-21. Iemand die rein is moet dan een majoraantak nemen, die in het water dopen en daarmee de tent, alle vaten en de mensen die in de tent geweest zijn besprenkelen. Hetzelfde moet gebeuren met degene die beenderen, het lijk van iemand die gedood of gestorven is, of een graf heeft aangeraakt. De reine persoon moet de onreine op de derde en op de zevende dag besprenkelen. Nadat hij de onreine op de zevende dag gereinigd heeft, moet deze zijn kleren en zijn lichaam met water wassen. ’s Avonds is hij dan weer rein. Deze wet blijft voor altijd van kracht. Wie het reinigingswater sprenkelt, moet zijn kleren wassen; wie het reinigingswater aanraakt, blijft tot de avond onrein.

2 Koningen 9:33 .. en Jehu beval hun: ‘Gooi haar het raam uit!’ Ze wierpen haar (Izebel) naar beneden, zodat haar bloed tegen de stadsmuur en tegen de paarden opspatte. Jehu vertrapte haar lichaam.

Jesaja 52:15. … zo zal hij veel volken opschrikken, en koningen zullen sprakeloos staan. En zij aan wie niets was verteld, zullen zien,zij die niets hadden gehoord, zullen begrijpen.
So shall he sprinkle many nations (KJV); 15zó zal Hij vele heidenvolken besprenkelen (HSV), 15Alzo zal Hij vele heidenen besprengen (SV),

Jesaja 63:3. Ik heb de perskuip alleen getreden, geen van de volken hielp me daarbij. Ik trad hen in mijn woede, vertrapte hen in mijn toorn. Hun bloed bespatte mijn kleren, al mijn kleren werden besmeurd.

Wat kunnen we hiervan leren?

In de Bijbel wordt 24 keer nazah, het Hebreeuwse woord voor besprenkelen gebruikt. Het besprenkelen gebeurt in de tora met verschillende stoffen namelijk olie (4x), olie en bloed (1x), bloed (12x) en water (4x), waaronder eenmaal reinigingswater, zie bij punt 4.

Nieuwe Testament

Nieuwe Testament:

Hebreeën 9:13 Want als het lichaam van wie onrein is al wordt gereinigd en geheiligd wanneer het besprenkeld wordt met het bloed van bokken en stieren of bestrooid met de as van een jonge koe,

Hebreeën 9:19 Want nadat Mozes alle voorschriften van de wet aan heel het volk had voorgelezen, nam hij het bloed van jonge stieren en bokken, water, karmozijnrode wol en majoraan, en besprenkelde zowel het boek zelf als heel het volk,

Hebreeën 9:21 Vervolgens besprenkelde hij op dezelfde manier de tabernakel en alle voor de eredienst benodigde voorwerpen met het bloed.

Hebreeën 11:28 Door zijn geloof liet hij het pesachfeest vieren, en de deurposten met bloed besprenkelen opdat de doodsengel hun eerstgeborenen geen haar zou krenken.

Hebreeën 12:24 voor de bemiddelaar van een nieuw verbond, Jezus, en voor het gesprenkelde bloed dat krachtiger spreekt dan dat van Abel.

1 Petrus 1:2 door God, de Vader, voorbestemd om, geheiligd door de Geest, gehoorzaam te zijn aan Jezus Christus en met zijn bloed besprenkeld te worden. Genade zij u en vrede, in overvloed.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.