Studie Jeruzalem

Jeruzalem is ook een belangrijk onderwerp in de Bijbel.

Soms de naam Jeruzalem gebruikt om de plaats aan te duiden waar dingen gebeuren. Een andere keer wordt het belang van de stad onderstreept.

Jeruzalem was eerst alleen de naam van een stad, maar het is een begrip geworden, waarvan de betekenis in de loop van de tijd is gegroeid.

Zo heeft het zich ontwikkeld.
1. Eerst alleen een stad ergens in de heuvels van Judea. Toen door koning David gekozen als hoofdstad van het koninkrijk van Israël. Hij zag dit ook als de plek waar de eerste tempel is gebouwd.
2. In de tijd van koning Hizkia kreeg de stad een grote uitbreiding naar het Westen.
3. Vervolgens is interessant hoe de stad er uit zag in de tijd van Jezus en wat er inhoudelijk over de stad werd gezegd en wat er met de stad zou gaan gebeuren en wat ook is gebeurd.
4. Tenslotte is van belang om de moderne geschiedenis van de stad te weten, vanaf 1948 tot nu toe. Het is nu weer de hoofdstad van Israël, althans, dat is wat de staat Israël bepaalt heeft. Vele landen hebben Israël als hoofdstad over Israël niet erkend.

Voor, na en tussendoor in dit rijtje van de lange geschiedenis is ook allerlei met deze stad gebeurd. Daar gaat het summier over. Vooral om het overzicht niet te verliezen. Het belangrijkste om te weten is, dat Jeruzalem bedoeld is om een stad van vrede te zijn. Een stad als huis van gebed voor alle volken.

Geschiedenis zoals die in de Bijbel is te lezen.

Vroege geschiedenis

Melchizedek uit de tijd van Abraham was koning van Salem, waarschijnlijk Jeruzalem. Een man met een enorme geestelijke allure. Genesis 14:18 en Hebreeën 7:1-2.

In de tijd van Jozua waren de Jebusieten, de inwoners van o.a. Jeruzalem, één van de zes volken, die moesten worden verdreven uit Israël.

In Jozua 10 wordt de slag van Israël tegen vijf koningen van steden waaronder Jeruzalem beschreven. De koningen met hun legers werden verslag, maar uiteindelijk konden de inwoners van ​Jeruzalem, de Jebusieten, door de ​stam​ ​Juda​ niet worden verdreven (Jozua 15:63).

De stam Benjamin veroverderde de stad in de tijd van Jozua. Maar ze bleven samen met de Jebusieten in Jeruzalem wonen. Zie Richteren 1. En zo werd het weer een stad van de Jebusieten.

De stad van koning David

Een nieuwe wending gaat zich afspelen als David tot koning wordt gekroond. Als eerste voor Judea. De hoofdstad wordt Hebron.

Toen David koning ging worden van heel Israël ging hij zoeken naar een nieuwe plaats als hoofdstad. Er waren bij hem twee overwegingen. Een politieke: het moest een plaats zijn die voor ieder van de twaalf stammen acceptabel zou zijn. Een godsdienstige: waar zou de God van Israël het meest hulp kunnen bieden. Voor die laatste heb je een plaats nodig dat je afhankelijk bent van de hulp van God. Jeruzalem is zo’n stad. Het is hoog gelegen, dus een water probleem. Het ligt aan de rand van de woestijn, gevaarlijk omdat die woestijn zomaar een stuk zou kunnen opschuiven. En het heeft bij de berg Moriah de geschiedenis van het bijna offer van Isaak door Abraham.

Figuur 1 De stad in de tijd van koning Salomo

David koos dus voor Jeruzalem. Een stad die in die tijd in handen was van de Jebusieten. En tot een moeilijk inneembare vesting was gemaakt. De stad lag tussen het Kidron dal en het centrale dal.

David kwam met zijn leger vanuit het zuiden, vanuit Hebron. De heuvel waar hij over kwam zo later de heuvel van Achitofel gaan worden. Daar waar hij slechte raad gaf aan Absolom. Het werd later daarom de heuvel van de boze raad genoemd. De plek waar nu de United Nations zijn gevestigd.

David overwon (door via de tunnel voor het water de stad in te gaan?). Het dichtst bij de berg Sion/Moria was het paleis van David, met stenen die de heuvel op gesjouwd moesten worden. De huizen lagen iets lager op de helling tussen het Kidrondal en het Centrale Dal. Het water werd opgevangen in de vijver van Siloam. De 1e tempel was klein, werd gegrondvest door David maar gebouwd door Salomo. Op de berg Moria.

De stad uit de tijd van David en zijn opvolgers is nu nog op twee plekken dicht bij elkaar te zien. “De City of David National Park” en nu ook aan de overkant van de weg een nieuwe opgraving.

De stad in de tijd van koning Hizkia

Koning David regeerde veertig jaar rond 1000 jaar voor Christus. Koning Hizkia 300 jaar later.

Figuur 2: de stad in de tijd van koning Hizkia

In de tijd van Hizkia, die alleen over het 2 stammenrijk regeerde, werd het 10 stammenrijk aangevallen door Assyriers. Ze veroverden de hoofdstad en deporteerden de inwoners.

Velen vluchtten naar Jeruzalem. Ze gingen daar wonen buiten de muren.  Om de stad en ook hen te beschermen, werd de stad ommuurd met een pakweg zes meter brede muur.

Figuur 3 Een stukje muur van koning Hizkia

Zo’n 120 jaar later, in 587 voor Christus kwamen de Babyloniers en die verwoesten de stad en deporteerden ook de bewoners. Een stuk van die muur is nu nog te zien. Het ligt in de Joodse wijk van de stad enkele honderden meters ten westen van de Klaagmuur.

Figuur 4 Een koninklijke zegel uit de tijd van Hizkia

In de City of David zijn 42 zegels gevonden met oud-Hebreeuws schrift uit de tijd van koning David en zijn opvolgers. De Babyloniërs hebben alles verbrand van het paleis van David, waardoor die zegels hard zijn gebakken.

Er is hier ook een kapiteel met een patroon zoals dat in Libanon voorkwam. Het zou van koning Hiram kunnen zijn, die aan David ook cederhout van de Libanon leverde.

De stad in de tijd van de Tweede Tempel

Gouverneur Zerubbabel  en hogepriester Jozua kwamen als eerste terug om de stad weer op te bouwen. (Zie het boek Haggai). Dat was in het jaar 538.

Ezra begon met de herbouw van de tempel in het jaar 520 tot 516 voor Christus. De 2e tempel werd op dezelfde plek gebouwd als de 1e tempel. Daarna kwam Nehemia in 445, die met de herbouw van de muren van Jeruzalem begon.

Figuur 5: de tempel in de tijd van Jezus

De latere koning Herodus vergrootte de tempel en maakte er een imposant geheel van. Met winkels en een veemarkt buiten de tempelmuren. Een brede brug leidde over die bedrijvigheid heen de tempel in. Op de tekening die gids Jaakov liet zien (zie foto) is te zien waar deze opgang aansloot. Wat nu de klaagmuur is, is gearceerd.

Jaakov liet op de zuid-west hoek van het tempelplein zien hoe groot de stenen zijn: 9 m lang, 1m dik en 1 m hoog. Ze liggen verspringend op elkaar, elke volgende laag 2 cm minder ver. Als je met je ogen dichtbij de muur omhoog kijkt, zie je hoe kaarsrecht de muur omhoog gaat. Er zijn bij de uitgang van de tunnel hefwerktuigen tentoongesteld om te laten zien hoe ze het misschien deden.

Als je door de tunnel loopt van de City of David naar onderaan het tempelplein, is er een bocht in de tunnel. Ergens is het plafond sterk gemaakt in een gewelfconstructie omdat er iets zwaars op rust: de stadsmuur.

Moriah ligt op de berg Sion. Zo formuleerde onze Israëlische gids het. De kerk heeft vanwege de weerzin tegen Israël of het Oud Testament de berg Sion op een andere plek gesitueerd. Namelijk de berg die ten Westen van de berg Sion ligt. Hoe noemt men in Israël deze berg? Dat wist de gids niet. Op kaarten staat het genoemd als de Westelijke heuvel.

Figuur 6: de stad ten tijde van Jezus

Je kunt nu nog enigszins de diepte van het centrale dal zien. Die tussen de Klaagmuur en het Westelijk deel van de stad. Wat langs de zuidmuur op een asfalt weg lijkt is als je goed kijkt een brug. De opgraving die ten zuiden van de weg is gemaakt laat nog meer de diepte zien.

Aan de zuidwest punt kun je de onderste lagen van de muur nog zien. Die stenen blokken van Herodus liggen zo’n zes meter onder het huidige niveau. De blokken liggen op de rotsachtige ondergrond van de berg.

Aan het eind van zijn leven is Jezus zeer bedroefd over deze stad. Jezus weende bij het zien van de stad. En dat is te begrijpen. Het ging van kwaad tot erger in de jaren na Jezus dood. Vooral de jaren rond het jaar 70 waren verschrikkelijk. Vele mensen werden verraden door eigen mensen en ook koelbloedig vermoord. Na de opstand van de joden in het jaar 66 namen de Romeinen de stad in en  verwoesten van Jeruzalem. De tempel werd in brand gestoken. Het enige overblijfsel van de tempel was een deel van de Westelijke muur, die nu bekendstaat als de Klaagmuur.

In het jaar 135 werd Jeruzalem door joden, onder leiding van Bar Kochba, veroverd, de Tweede Joodse Opstand. Ze maakten Jeruzalem opnieuw tot hun hoofdstad en richtten er een voorlopige tempel op. De reactie van Hadrianus bleef niet uit, hij heroverde de stad en gaf haar een andere naam, Aelia Capitolina. Op de Tempelberg werd een Romeinse tempel gebouwd ter verering van Jupiter. De Joden werd de toegang tot de stad ontzegd.

Woorden in het Oude Testament

Hieronder is het voor vier woorden uitgezocht. Alleen het Oude Testament.

Er zijn ook allerlei andere woorden voor Jeruzalem. Die krijgen ook aandacht in deze studie.

Hebreeuws woordSoort woordStrongOpmerkingen
1יְרוּשָׁלַם YĕruwshalaimLocatienaamH3389Jeruzalem.
Komt 643 keer voor in 600 verzen.
KJV: Jerusalem (643x).
2צִיּוֹן  TsiyownLocatienaamH6726Sion
Komt 154 keer voor in 154 verzen.
KJV: Zion (153x), Sion (1x).
3מוֹרִיָּה MowriyahLocatienaamH4179Het woord komt 2 keer voor in 2 verzen. Genesis 22:2 en 2 Kronieken 3:1. Moriyah betekent: gezien door Jah.
4עֹפֶל  `OphelLocatienaamH6077Ofel. Het woord komt 5 keer voor in 5 verzen. KJV: Ophel (5x).

1. Jeruzalem

Het woord komt in Jozua 10 voor het eerst voor.

In 2 Samuel 5 wordt de verovering door koning David van Jebus genoemd. Er staat niet hoe David dat deed. Er wordt wel een opmerking gemaakt hoe je de stad kan innemen. Namelijk door de water toevoer af te snijden.

Direct na de verovering staat in 2 Samuel 5:9 David​ ging in de bergvesting wonen en noemde deze de Davidsburcht. Hij liet een ​muur​ bouwen die liep van het Millobolwerk tot aan het paleis.

2. Sion

In 2 Samuel 5:7 komt voor de eerste keer de naam Sion voor. De ene keer dat de KJV in Sion vertaalt is in Psalm 65:1.

Sion is de berg waar op de top de tempel destijds is gekomen. Het is wel bijzonder dat deze berg zo belangrijk is geworden. Het is namelijk niet de hoogste berg. Zowel ten Oosten, Zuiden, Westen als Noorden liggen er hogere bergen. Daarom is er in een lied opgenomen: “Rondom Jeruzalem zijn bergen”.

Dat Sion niet de hoogste berg is heeft natuurlijk ook een geestelijke betekenis. De God van Israël is niet ergens hoog en ver weg, maar dichtbij. Het komt naar ons toe.

Sion is één van de meest centrale thema’s van het Joodse volk. Het is dan ook een voorwerp van strijd voor de vijanden van Israël. Bij hen is zionist een belangrijk scheldwoord. Het is wel de plek, die het meest verbonden is met God, de schepper van hemel en aarde.

3. Moria

De naam Moria kom je maar twee keer tegen in de Bijbel. Het is een beschrijving van de berg Sion. Moriyah betekent zoiets als: gezien door Jah. Of gekozen door Jah. Jah is de naam van God.

Genesis 22:2. ‘Roep je zoon, je enige, van wie je zoveel houdt, Isaak, en ga met hem naar het gebied waarin de Moria ligt. Daar moet je hem offeren op een berg die ik je wijzen zal.’

2 Kronieken 3:1. Toen begon Salomo met de bouw van de tempel voor de HEER, in Jeruzalem, op de berg Moria, waar zijn vader David een verschijning had gehad, op de dorsvloer van de Jebusiet Ornan die David als bouwplaats had aangewezen.

4. Ofel.

Dat is een woord dat maar vijf keer wordt gebruikt. Ofel is het gebied tussen de burcht van David en het gebied van de tempel. Het gebied is zowel op de eerste als de tweede figuur te zien.

Voorbede voor de stad

De set van teksten hieronder is verzameld voor gebruik om de bidden op de muren van Jeruzalem. Ze zijn verzameld door Bart Repko.

Hij gaf als aanwijzing: Spreek ze luidt uit, proclameer ze en zeg erbij: “We herinneren u aan uw woord!”.

De bouwer van Jeruzalem, dat is de HEER, Hij brengt de ballingen van Israël bijeen. Hij geneest wie gebroken zijn en verzorgt hun diepe wonden. (Psalm 147:2,3)

Volk van Jeruzalem, dat op de Sion woont, je hoeft geen tranen meer te storten. Want Hij zal zich over je ontfermen als je weeklaagt, Hij zal antwoorden zodra Hij je hoort. 20 De Heer zal jullie brood geven in de benauwenis en water in de nood. Hij die jullie onderricht gaf, zal zich niet langer verbergen. (Jesaja 30:19,20)

Aanschouw dan Sion, de stad waar wij onze feesten weer vieren. Met eigen ogen zul je Jeruzalem zien, een oord waar je ongestoord kunt wonen, een tent die nooit wordt afgebroken, waarvan geen tentpin ooit wordt uitgerukt en geen touw wordt losgemaakt. Daar toont de HEER ons zijn macht. (Jesaja 33:20,21)

Wie door de HEER bevrijd zijn, keren terug. Jubelend komen zij naar Sion, gekroond met eeuwige vreugde. Gejuich en vreugde trekken de stad binnen, gejammer en verdriet vluchten eruit weg. (Jesaja 35:10)

Spreek Jeruzalem moed in, maak haar bekend dat haar slavendienst voorbij is, dat haar schuld is voldaan, omdat zij een dubbele straf voor haar zonden uit de hand van de HEER heeft ontvangen. (Jesaja 40:2)

Ontwaak, ontwaak, Sion, en bekleed je met je kracht! Bekleed je met je pronkgewaad, Jeruzalem, heilige stad. Nooit meer zul je worden betreden door wie onbesneden is, of onrein. Klop het stof van je af en sta op, Jeruzalem, neem plaats op de troon. De ketenen om je hals zijn losgemaakt, gevangen vrouwe Sion. (Jesaja 52:1,2)

Hoor! Je wachters verheffen hun stem, samen barsten ze uit in gejuich, want ze zien het met eigen ogen: de HEER keert terug naar Sion. Breek uit in gejubel, ruïnes van Jeruzalem, want de HEER troost zijn volk, Hij koopt Jeruzalem vrij. (Jesaja 52:8,9)

Ik herschep Jeruzalem in een jubelende stad en schenk haar bevolking vreugde. Dan zal Ik over Jeruzalem jubelen en Mij verblijden over mijn volk. Geen geween of geweeklaag wordt daar nog gehoord. (Jesaja 65:18,19)

Maar in de steden van Juda en de straten van Jeruzalem, die nu verwoest zijn, waar mens noch dier meer leeft, zullen vreugdezangen klinken, zullen bruid en bruidegom van blijdschap zingen, zal te horen zijn: “Loof de HEER van de hemelse machten, want Hij is goed, eeuwig duurt zijn trouw.” (Jeremia 33:10,11)

De HEER brult vanaf de Sion, Hij gromt vanuit Jeruzalem, zodat hemel en aarde beven. Maar voor zijn volk is de HEER een toevlucht, Israël biedt Hij bescherming. (Joël 4:16)

Nooit gaat Juda ten onder en Jeruzalem blijft altijd bewoond. Zou Ik die bloedschuld niet wreken? O zeker zal Ik die wreken! Want de HEER woont op de Sion. (Joël 4:20,21)

Maar jullie vinden een toevlucht op de Sion; de Sion wordt weer een heilige plaats. (Obadja 17)

Jubel, vrouwe Sion, zing van vreugde, Israël, juich met heel je hart, vrouwe Jeruzalem! De HEER heeft het vonnis over jou tenietgedaan en je vijand verdreven. De HEER, de koning van Israël, is in je midden, je hebt geen kwaad meer te vrezen. (Sefanja 3:14,15)

‘Dit zegt de HEER van de hemelse machten: Brandend van liefde neem Ik het op voor Jeruzalem en Sion, en ziedend van woede ben Ik op de zelfgenoegzame volken. Ik had mijn toorn immers al weer laten varen, maar zij hebben mijn volk steeds harder aangepakt. Daarom – zegt de HEER – keer Ik vol erbarmen terug naar Jeruzalem.’ (Zacharia 1:14-16)

Opnieuw zullen mijn steden overvloeien van voorspoed, opnieuw zal de HEER Sion troosten, opnieuw zal Hij Jeruzalem uitverkiezen. (Zacharia 1:17)

Op heilige grond zal de HEER het volk van Juda voorgoed in bezit nemen en opnieuw zal Hij Jeruzalem uitverkiezen. Wees stil voor de HEER, al wat leeft, want Hij komt uit zijn heilige woning naar buiten. (Zacharia 2:16,17)

Maar nu heb Ik me voorgenomen om het volk van Jeruzalem en Juda goed te doen. Geef dus de moed niet op. (Zacharia 8:15)

Het huis van David en de inwoners van Jeruzalem echter zal Ik vervullen met een geest van mededogen en inkeer. Ze zullen zich weer naar Mij wenden, en over degene die ze hebben doorstoken, zullen ze weeklagen als bij de rouw om een enig kind; hun verdriet zal zo bitter zijn als het verdriet om een oudste zoon. (Zacharia 12:10)

Zacharia … over vorige meer rondom hoort er ook bij.

Samenvatting

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.