Studie Schuld

Er zijn twee emoties, die dicht bij elkaar staan: schuldgevoel en schaamte. Beiden kunnen, als ze groot zijn, zowel schuldgevoel als schaamte, zorgen voor een deuk in je bestaan.

Er is echter wel deels een andere oorzaak. Schaamte is er vaak omdat je je schaamt voor jezelf. Door wie je bent. Door je identiteit. Doordat je je minderwaardig voelt.

Schuldgevoel komt dikwijls doordat je iets hebt gedaan waar je je schuldig over voelt. Die schuld kan heel aanwijsbaar zijn. Je bent bijvoorbeeld schuldig aan een ongeval. Of je hebt bij iemand een bedrag open staan wat je nog moet terug betalen.

Of je nu wel of niet schuld hebt is soms onduidelijk. Je kan daar zelf heel anders over denken, dan je omgeving. Je voelt je schuldig omdat je ouders zijn gescheiden. Je voelt je schuldig omdat je misbruikt bent.

Woorden vooraf

Schuld is een belangrijk begrip in de kerk. “Wij zijn schuldig voor God”. “Jezus doet onze schuld weg”. De eerste een belangrijk begrip in de reformatorische wereld en de tweede in de evangelische wereld.

We gaan in deze studie opzoeken wat de Bijbel zegt over schuld en hoe je daarmee om zou moeten gaan. Zou er ook iets in de Bijbel staan over schuldgevoel? We zullen het zien.

Vooral wil ik wel al zeggen dat het rijtje zoals vele mensen dat van de kerk kennen er in de Bijbel anders uitziet.

Het bekende rijtje van de kerk is zo ongeveer: we zondigen, we zijn schuldig, we vragen vergeving, we ontvangen vergeving.

In de Bijbel is het rijtje globaal: we doen dingen, die verkeerd zijn, we erkennen dat en we nemen stappen voor verzoening ook met God. De stap ‘schuldig zijn’, ‘schuldig weten’ is een onderdeel van erkennen.

De onderwerpen uit de context zijn zonden, onderwerp #48, vergeving, onderwerp #18 en verzoening, onderwerp #45 bij de studie van Yom Kippur.

In de Bijbel gaat het om concrete aanwijsbare zonden, om ruimhartige erkenning van die zonden en ook om een dankbare ontvangst van de verzoening. Ook dat je de zonden aflegt, bij sommige soorten zonden is een radicale breuk in één keer mogelijk, maar bij anderen, die onderdeel zijn van je karakter kan een jarenlange worsteling nodig zijn. Maar de overwinning is de inspanning meer dan waard.

Cultuurverschil met Midden Oosten

Men zegt wel eens dat in het Westen, dus ook in ons land, er een schuldcultuur is en dat in het Midden Oosten met name de Arabische landen en Israël er een schaamtecultuur is.

Wat me al snel opviel is dat er in de ene vertaling veel meer schuld en schuldig voorkomt, dan in andere vertalingen. Hier wat resultaten op een rijtje.

KJVSVHSVNBGNBVGNBBGT
schuld9393458128123133
schuldig265877557411094
schuldbelijdenis0002010
Totaal3597111115202234227

Opvallend is dat in de modernere vertalingen als de NBV, de Groot Nieuws Bijbel en de Bijbel in Gewone Taal zoveel schuld en schuldig voorkomt. Lijkt een cultuur puntje.

De King James vertaling (KJV) heeft het minst schuld en schuldig. Er zijn twee teksten waar het woord ‘guilt’ in voorkomt. En dan nog zeven teksten waar het woord ‘debt’ in voorkomt. Het gaat dan om financiële schuld.

De teksten waar ‘guilt’ in voorkomt zijn Deuteronomium 19:13 en Deuteronomium 21:9. In de NBV zijn deze woorden vertaalt met “bloedschuld”, maar het gaat er om hoe je van bloed kunt bevrijden. Zie het aparte hoofdstuk ‘Bloedschuld?”.

Vervolgens zijn er 26 teksten waar ‘guilty’ oftewel schuldig in voorkomt, dat heb ik verder niet uitgezocht.

In de KJV komt het woord schuldbelijdenis ook niet voor, wel komt zes keer het woord ‘confession’ oftewel bekentenis. Dat heeft een andere klank dan ‘belijdenis’. Zie verder het hoofdstuk “schuldbelijdenis”.

Van de aantallen in de tabel is te zien dat de oudere vertalingen minder ‘schuld’ noemen dan de nieuwere. De invloed van de cultuur is terug te vinden in de vertalingen. Blijkbaar is in onze tijd ‘schuld’ heel belangrijk.

Hoe dikwijls komen de woorden voor schuld in het Hebreeuws en Grieks voor. Daar geven de volgende hoofdstukken antwoord op.

Schuld in het Oude Testament

Het was een beetje zoeken naar het Hebreeuwse woord voor schuld. Hieronder toch een paar woorden. Het woord ligt ook tegen overtreding aan.

Als je in het krijt bij iemand komt te staan, dan wil je dat rechtzetten. Voor God kon je dan een offer voor hem doen. (In onze tijd kan je geld geven of je tijd)

Hieronder alle teksten, mits anders aangegeven, uit de HSV vertaling.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1אָשַׁם ‘ashamWerkwoordH816Komt 35 keer voor in 32 verzen.
KJV: guilty (14x), desolate (6x), offend (6x), trespass (4x), certainly (1x), destroy (1x), faulty (1x), greatly (1x), offence (1x).
2אָשָׁם ‘ashamZelfstandig naamwoord mannelijkH817Schuld, fout,
Komt 46 keer voor in 41 verzen.
KJV: trespass offering (34x), trespass (8x), offering for sin (1x), sin (2x), guiltiness (1x).
3אָשֵׁם ‘ashemBijvoeglijk naamwoordH818Schuldig/foutief
Komt 3 keer in 3 verzen voor.
KJV: guilty (2x), faulty (1x).
4אַשְׁמָה ‘ashmahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH819Schuld
Komt 19 keer voor in 17 verzen.
KJV: trespass (13x), sin (4x), offend (1x), trespass offering (1x).

Schuld in het boek Genesis

De woorden in de tabel hierboven komen twee keer voor in het boek Genesis. Er was dus al een algemeen weten van schuld, terwijl er nog geen wet van God was gegeven, waardoor de schuld duidelijk werd.

In Genesis 26 lezen we hoe de koning van de Filistijnen een aanzoek deed bij de vrouw van Izak. Maar Izak zei uit voorzichtigheid niet dat het zijn vrouw was, maar dat het zijn zus was. Bijna werd ze de vrouw van deze koning.

Genesis 26:8-11. Toen hij daar al lange tijd geweest was, gebeurde het dat Abimelech, de koning van de Filistijnen, uit het venster keek en zag, en zie, Izak was zijn vrouw Rebekka aan het liefkozen. Toen riep Abimelech Izak en zei: Nee maar, zie, zij is uw vrouw! Hoe kunt u dan zeggen: Zij is mijn zuster? Izak antwoordde hem: Omdat ik dacht dat ik anders om haar zou moeten sterven. Abimelech zei daarop: Wat hebt u ons aangedaan? Hoe gemakkelijk had er één van het volk met uw vrouw kunnen slapen, en dan zou u een schuld over ons gebracht hebben!
Toen gebood Abimelech heel het volk: Wie deze man of zijn vrouw aanraakt, zal zeker gedood worden.

Jozef wordt door zijn broers, omdat ze hem vervelend vinden, verkocht aan slavenhandelaren. Maar die Jozef maakt een opmerkelijke carrière. Hij wordt onderkoning van Egypte en in die rol ontmoet hij zijn broers weer.
Genesis 42:21. Toen zeiden zij tegen elkaar: Werkelijk, wij zijn schuldig vanwege onze broer. Wij zagen zijn zielsbenauwdheid toen hij ons om genade smeekte, maar wij luisterden niet! Daarom komt deze benauwdheid over ons. [HSV]

Schuld in de Torah toen we geboden er waren

Het schuldig zijn of worden ontstaat vooral als God de wet aan het volk Israël geeft en het volk Israël zich daar ook onder zegen en vloek met de wet verbonden heeft. Als ze na die verbintenis niet deden wat in de wet stond, dan waren ze schuldig.

In het boek Exodus komen de woorden in de tabel hierboven niet voor. In het boek Leviticus des temeer namelijk 37 keer. In Numeri zes keer. En in het boek Deuteronomium komen de woorden uit de tabel ook niet voor.

In Leviticus kun je altijd met ‘schuld’ of ‘schuldig’ vertalen of met ‘mijn schuld’ en dan kun je het ook met ‘schuldoffer’ vertalen.

Leviticus 4 schuld zonder opzet.

Wanneer heb je schuld of ben je schuldig als je iets doet zonder opzet en wat moet je dan doen? Wat je moest was duidelijk. Je moet een dier offeren.

Let op de verschillende doelgroepen per alinea. Een persoon. Het hele volk. Een leider. En tenslotte weer een lid van de gemeenschap.

Het woord komt voor het eerst voor in het vierde hoofdstuk van het boek Leviticus. Dat hoofdstuk begint met deze aanhef.
Leviticus 4:1. De HEERE sprak tot Mozes: Spreek tot de Israëlieten en zeg: Als een persoon zondigt door een onopzettelijke overtreding van enig gebod van de HEERE, iets wat niet gedaan mag worden, maar wat hij toch doet tegen één van de geboden. – ook als de priester, de gezalfde, gezondigd heeft, zodat het volk schuldig wordt – dan moet hij voor zijn zonde, die hij begaan heeft, als zondoffer aan de HEERE een jonge stier aanbieden – het jong van een rund – zonder enig gebrek.

Leviticus 4:13. Als echter heel de gemeenschap van Israël zonder opzet gezondigd heeft en de zaak voor de ogen van de gemeente verborgen is gebleven, en zij iets gedaan hebben tegen enig gebod van de HEERE, wat niet gedaan mag worden, en dus schuldig zijn geworden. [HSV]

Leviticus 4:22-24. Als een leider gezondigd heeft en zonder opzet tegen een van alle geboden van de HEERE zijn God iets gedaan heeft wat niet gedaan mag worden, zodat hij schuldig is, of als zijn zonde, die hij daartegen begaan heeft, hem later bekendgemaakt wordt, dan moet hij zijn offergave brengen: een geitenbok, een mannetje zonder enig gebrek. Dan moet hij zijn hand op de kop van de bok leggen en hem slachten op de plaats waar men het brandoffer slacht voor het aangezicht van de HEERE. Het is een zondoffer.

Het offer heeft in dit geval een chattat Strong H2403 een zondeoffering. Een offer vanwege de zonde.

In deze tekst gaat het om een gewoon lid van de gemeenschap. De procedure is dezelfde gedachte maar een eenvoudiger uitvoering.
Leviticus 4:27. Als één persoon uit de bevolking van het land zonder opzet gezondigd heeft omdat hij iets gedaan heeft tegen een van de geboden van de HEERE, iets wat niet gedaan mag worden, zodat hij schuldig is geworden.

Leviticus 5 zonden, die je zou kunnen goedpraten

Ging het in Leviticus 4 om onopzettelijke overtredingen, hier gaat het om overtredingen, die je wellicht zou kunnen goedpraten. De bedoeling is om dat niet te doen.

Er worden zes voorbeelden gegeven. Steeds wordt er het schuldig zijn genoemd, behalve in de eerste zin, daar staat draagt hij zijn zonde of ongerechtigheid. Wat dat inhoudt begrijp ik niet.

Leviticus 5:1-7. Als een persoon zondigt doordat hij een uitgesproken vervloeking hoort en hij dus getuige is, of dat hij het gezien heeft of het te weten gekomen is, als hij het niet vertelt, dan draagt hij zijn ongerechtigheid. Of als een persoon ook maar iets onreins aanraakt – het kadaver van een onrein wild dier, of het kadaver van een onrein stuk vee, of het kadaver van een onrein kruipend dier – ook al is het voor hem verborgen gebleven, dan is hij toch onrein en schuldig. Of als hij iets onreins van een mens aanraakt, wat voor onreins van hem het ook is, waardoor hij onrein wordt, ook al is het voor hem verborgen gebleven, en hij het later te weten komt, dan is hij toch schuldig. Of als een persoon zweert om iets goeds te doen of iets kwaads, terwijl de woorden ondoordacht over zijn lippen komen – naar alles wat de mens ondoordacht in een eed kan uitspreken – hoewel het voor hem verborgen is, en hij het later te weten komt, dan is hij toch aan een van die woorden schuldig. Het zal gebeuren, als iemand aan een van deze dingen schuldig is, dat hij dan moet belijden waarin hij gezondigd heeft.
Hij moet vervolgens als zijn schuldoffer vanwege zijn zonde, die hij begaan heeft, aan de HEERE een vrouwtje uit het kleinvee brengen: een lam of een geit als zondoffer. Zo zal de priester verzoening voor hem doen vanwege zijn zonde. Maar als zijn vermogen ontoereikend is voor een stuk kleinvee, dan moet hij de HEERE zijn schuldoffer brengen voor de zonde die hij begaan heeft: twee tortelduiven of twee jonge duiven, één als zondoffer en één als brandoffer.

Let op: er staat twee keer in de vertaling ‘schuldoffer’ in het Hebreeuws staat er ‘zijn ashem’. Dat had je ook met ‘zijn schuld’ kunnen vertalen. Je moet dan een dier offeren, een zondoffer.

Leviticus 5:14-16. De HEERE sprak tot Mozes: Wanneer een persoon trouwbreuk pleegt en zonder opzet zonde begaat tegen de heilige dingen van de HEERE, dan moet hij als zijn schuldoffer een ram zonder enig gebrek uit het kleinvee aan de HEERE brengen, tegen een door u bepaalde waarde van enkele sikkels zilver, gerekend volgens de sikkel van het heiligdom, als schuldoffer. Zo moet hij het heilige waartegen hij gezondigd heeft, vergoeden en er een vijfde deel aan toevoegen. Hij moet dat aan de priester geven. Zo zal de priester met de ram van het schuldoffer verzoening voor hem doen, en het zal hem vergeven worden.

Leviticus 5:17-19. En wanneer een persoon zondigt en één van alle geboden van de HEERE overtreedt, wat niet gedaan mag worden, ook al wist hij het niet, dan is hij toch schuldig en moet hij zijn ongerechtigheid dragen. Hij moet een ram zonder enig gebrek uit het kleinvee tegen een door u bepaalde waarde als schuldoffer naar de priester brengen. De priester zal zo verzoening voor hem doen voor zijn zonde, die hij zonder opzet en zonder het te weten gedaan heeft, en het zal hem vergeven worden. Het is een schuldoffer, want hij heeft zich zeker schuldig gemaakt tegenover de HEERE.

Leviticus 7 onderwijs over offers voor schuld

Het schuldoffer of ‘mijn schuld’ is heiliger dan heilig. Waarom is dat? Omdat later Jezus het schuldoffer zou worden?

Leviticus 7:1-7. Dit nu is de wet voor het schuldoffer. Het is allerheiligst. Op de plaats waar men het brandoffer slacht, moet men ook het schuldoffer slachten. Men moet het bloed ervan rondom op het altaar sprenkelen. Daarvan moet men al zijn vet aanbieden, de staart en het vet dat de ingewanden bedekt; en ook de beide nieren met het vet dat eraan vastzit, tegen de lendenen aan, en het net over de lever, dat men tegelijk met de nieren moet verwijderen. De priester moet die vervolgens op het altaar in rook laten opgaan als een vuuroffer voor de HEERE. Het is een schuldoffer. Al wie mannelijk is onder de priesters mag het eten; op een heilige plaats moet het gegeten worden. Het is allerheiligst. Zoals het zondoffer is, zo ook het schuldoffer; er is één wet voor. Het is voor de priester die daarmee verzoening gedaan heeft.

Opvallend: degene, die het offert uitvoert mag er ook van genieten. Zo ook Jezus, die zich als schuldoffer heeft gegeven. Wij offeren nu hem door zijn woorden en persoon serieus te nemen. Zo is er voor ons verzoening.

Leviticus 14: bij melaatsheid

Bij melaatsheid is er ook sprake van schuld. Acht keer in dit hoofdstuk wordt zelfs over schuld gesproken. Wij westerse mensen zouden over een ziekte spreken, die je kunt overkomen.

Het is een uitgebreide schuld werkwijze, die moet worden uitgevoerd als de melaatse is genezen. Is dat omdat een melaatse heel lang met werkwijzen maar aangerommeld heeft.

Leviticus 19: bij grote overtredingen

De werkwijze om weer vrij te komen van de schuld is ook bij grote zonden hetzelfde. Leviticus geeft dan dit voorbeeld.

Leviticus 19:20-22. En wanneer een man met een vrouw geslapen heeft en gemeenschap met haar gehad heeft, terwijl zij als slavin voor een andere man bestemd is en nog niet daadwerkelijk vrijgekocht of vrijgelaten is, dan moet er straf komen. Zij mogen niet gedood worden, want zij was nog niet in vrijheid gesteld. Hij moet dan zijn schuldoffer voor de HEERE bij de ingang van de tent van ontmoeting brengen, een ram als schuldoffer. Dan zal de priester met de ram van het schuldoffer verzoening voor hem doen voor het aangezicht van de HEERE over zijn zonde, die hij begaan heeft, en hem zal vergeving worden geschonken van zijn zonde, die hij begaan heeft.

Schuld in het boek Numeri

In deze tekst gaat het over ‘trouwbreuk’. Het lijkt me dat het over bezit gaat, die je onrecht matig hebt toegeëigend.

Numeri 5:5-7. De HEERE sprak tot Mozes: Spreek tot de Israëlieten en zeg: Wanneer een man of een vrouw één van al de zonden van de mens doet, door trouwbreuk te plegen tegen de HEERE, dan is die persoon schuldig. Zij moeten hun zonde, die zij gedaan hebben, belijden; daarna moet hij van zijn schuld de volle waarde vergoeden en er bovendien nog een vijfde deel aan toevoegen. Hij moet het geven aan hem tegenover wie hij zich schuldig heeft gemaakt. Maar als die man geen losser heeft om aan hem de schuld te vergoeden, is de schuld die vergoed moet worden aan de HEERE, voor de priester, naast de ram van verzoening waarmee hij voor zichzelf verzoening moet doen.

En dit gaat er over als je je nazireeërschap moet afbreken doordat iemand in je directe omgeving plotseling stierf.
Numeri 6:12. Daarna moet hij opnieuw de dagen van zijn nazireeërschap aan de HEERE wijden; hij moet als schuldoffer een lam van een jaar oud brengen. En de vorige dagen vervallen, omdat zijn nazireeërschap verontreinigd was.

En tenslotte is dit ook een bijzondere tekst. Als de mensen iets aan een priester geven voor de verzoening mag de priester het houden. Het is een heilige gave voor hem.
Numeri 18:9. Van de allerheiligste dingen die van het vuuroffer zijn overgebleven, zal dit voor u zijn: al hun offergaven, met al hun graanoffers, en met al hun zondoffers, en met al hun schuldoffers, waarmee zij Mij hun schuld vergoeden. Dat is het allerheiligste voor u en uw zonen.

Schuld in latere tijden

De woorden uit de tabel komen nog 46 keer voor in later boeken dan de Torah, maar dan meestal in een andere betekenis dan schuld. Hieronder alle teksten waar ik de betekenis van schuld meende te ontwaren.

Schuld in de geschiedenis boeken.

Op gegeven moment probeert de legerleider Joab koning David met zijn eigen zoon te verzoenen. Hij schakelt een vrouw in, die een verhaal vertelt waarbij de koning de schuldige is.
2 Samuel 14:13. De vrouw zei: Waarom hebt u dan zoiets tegen het volk van God bedacht? Nu de koning dit woord gesproken heeft, is hijzelf als een schuldige, want de koning haalt de door hem verstotene niet terug. [HSV]

De mensen van het volk Israël hadden vrouwen getrouwd uit andere volken. Iets wat niet toegestaan was. Zij vonden zichzelf schuldig.
Ezra 10:19. Zij gaven hun hand erop dat zij hun vrouwen zouden doen vertrekken, en aangezien zij schuldig waren, offerden zij een ram uit het kleinvee voor hun schuld. [HSV]

In de wijsheid boeken

Hier drie teksten over schuld in de wijsheid boeken.

Met Strong H816
Psalm 5:11. Verklaar hen schuldig, o God, laat hen ten val komen met hun opvattingen; verdrijf hen om hun vele overtredingen, want zij zijn U ongehoorzaam.
Psalm 34:22-23. Het kwaad brengt de goddeloze de dood; wie de rechtvaardige haten, worden schuldig verklaard. De HEERE verlost de ziel van Zijn dienaren; allen die tot Hem de toevlucht nemen, worden niet schuldig verklaard.

Hier wel schuldig in de tekst, maar het heeft een andere betekenis.

Psalm 68:21. Ja, God zal de kop van Zijn vijanden verpletteren, de harige schedel van wie met zijn schuldige wandel doorgaat.

Psalm 69:6. O God, Ú weet van mijn dwaasheid, mijn schulden zijn voor U niet verborgen.

Spreuken 14:9. De dwaas spot met een schuldoffer, maar onder de oprechten heerst welwillendheid.

Spreuken 17:15. Wie de goddeloze vrijspreekt en wie de rechtvaardige schuldig verklaart, zijn voor de HEERE een gruwel, allebei. [HSV]

Er staat in het Hebreeuws letterlijk: ‘wie rechtvaardigt degene, die kwaad doet en kwaad doet aan de rechtvaardige ….. ‘.

In deze vertaling zit één keuze waar ik totaal niet mee eens ben en één keuze, die voor discussie vatbaar is.

Waar ik niet mee eens ben. Dat vertalers degene, die kwaad doen vertalen met goddelozen. Alsof daar de breuklijn ligt. Je kunt als je christelijk bent kwaad doen en als je niet christelijk bent juist goed doen.

De KJV vertaalt naar mijn idee wel goed.
KJV: He that justifieth the wicked, and he that condemneth the just, even they both are abomination to the LORD.

Spreuken 30:10. Belaster een slaaf niet bij zijn heer, anders zal hij u vervloeken en zult u schuldig zijn.

In de profetenboeken

Dit is wat ik in de profetenboeken heb kunnen vinden over schuldig zijn of worden.

Het gaat hier over de stad Jeruzalem, het volk Edom en slechte leiders, die schuld op zich laden. Als er geen verzoening wordt gedaan heeft het nare gevolgen.

Hier gaat het om het kwaad dat er in Jeruzalem is. Daarom zijn ze schuldig.
Ezechiël 22:4. … door uw bloed, dat u vergoten hebt, bent u schuldig geworden en door uw stinkgoden, die u gemaakt hebt, hebt u zich verontreinigd. U hebt uw dagen dichtbij gebracht en bent tot uw jaren gekomen. Daarom heb Ik u aan de heidenvolken overgegeven tot smaad en aan al de landen tot spot.

Ezechiël 25:12. Zo zegt de Heere HEERE: Omdat Edom uit enkel wraakzucht gehandeld heeft tegen het huis van Juda en zij een zware schuld op zich hebben geladen door zich op hen te wreken,

Zacharia 11:4-5. Zo zegt de HEERE, mijn God: Weid die slachtschapen. Hun kopers doden hen maar voelen zich niet schuldig; hun verkopers zeggen: Geloofd zij de HEERE, dat ik rijk geworden ben; en hun herders sparen hen niet.

Dit is een voorbeeld dat schuldgevoel wel goed zou zijn. Of besef van schuld.

Wat kunnen we leren van het Oude Testament?

We kunnen leren dat de HEER heel duidelijk is in het aangeven wanneer we schuldig zijn. Dat ook al wisten we het niet en er later achter kwamen dat we een overtreding hebben begaan schuldig kunnen zijn. De HEER geeft ons inzicht in situaties, die voor ons onduidelijk kunnen zijn.

De HEER geeft ook aan wat er moet gebeuren. De overtreding erkennen en een dier offeren. Dan is de lucht weer opgeklaard. Er is ook nog de jaarlijkse herdenkingsdag Yom Kippur. Zie de studie over dat onderwerp.

Als we de voorgeschreven handelingen niet doen, dan moeten we zelf ‘onze ongerechtigheden dragen’ zoals in Leviticus 5:17 staat. Er staat niet dat de HEER straft of dat we moeten boeten, maar dit staat er.

Het lijkt me dat je ongerechtigheid dragen zich kan uiten in allerlei narigheid. Kun je beter de veilige weg kiezen.

Schuld in het Nieuwe Testament

Er zijn een viertal woorden in het Grieks, die iets met schuld te maken hebben. Hier staan ze.

GrieksSoort woordStrongOpmerkingen:
1ὀφειλέτης opheiletēsZelfstandig naamwoord
mannelijk
G3781
SB3262
Schuldenaar
Komt 7 keer voor in 7 verzen
KJV: debtor (5x), sinner (1x), which owed (1x).
2ὀφειλή opheilēZelfstandig naamwoord
vrouwelijk
G3782
SB3263
Schuld
Komt 2 keer voor in 2 verzen.
KJV: debt (1x), dues (1x).
3ὀφείλημα opheilēmaZelfstandig naamwoord
onzijdig
G3783
SB3264
Schuld
Komt 2 keer voor in twee verzen
KJV: debt (2x).
4ὀφείλω opheilōWerkwoordG3784
SB3265
Schuldig zijn. verplicht zijn.
Komt 36 keer voor in 35 verzen.
KJV: ought (15x), owe (7x), be bound (2x), be (one’s) duty (2x), be a debtor (1x), be guilty (1x), be indebted (1x), miscellaneous (7x).
5ἔνοχος enochosBijvoeglijk naamwoordG1777
SB1603
Strafbaar.
Komt 10 keer voor 8 verzen
KJV: in danger of (5x), guilty of (4x), subject to (1x).

Alle teksten met bovenstaande woorden komen in deze studie aan de orde.

Deze reeks woorden hebben de betekenis van schuldig of verschuldigd zijn. Is aan de orde bij mensen, die een materiële schuld hebben, bijvoorbeeld een geldlening. Kan ook de betekenis hebben van een verplichting hebben, in de schuld staan, in het krijt staan.

Schuld in de relatie met God

In een paar teksten gaat het over schuld in de relatie met God.

De meest bekende teksten waar deze woorden in voorkomen, zijn die van het Onze Vader.
Matteüs 6:12. Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij hebben vergeven wie ons iets schuldig was.
Lukas 11:4. Vergeef ons onze zonden, want ook wijzelf vergeven iedereen die ons iets schuldig is.

Het Griekse woord dat met ‘vergeven’ is vertaald kun je ook met ‘loslaten’ vertalen. Je laat wat iemand jou nog schuldig is, los.

Hebt u dat wel eens meegemaakt. Dat je een schuld had bij iemand en dat die zei: “Laat maar zitten. Je hoeft niet terug te betalen”. Of dat je dit zelf tegen een ander hebt gezegd?

In Matteüs 6 wordt schuld tegenover schuld gezet. Lukas 11 wordt schuld tegenover onze zonden gezet. Hier komen we tegen dat zonden een schuld veroorzaakt bij God. Komt dat nog vaker voor in het Nieuwe Testament? Niet gevonden. Slechts één tekst dus.

Opvallend in Matteüs 6 is ook dat de vergeving is gekoppeld met het schoonmaken van de relatie met je medemens.

Hier refereert Jezus aan een ramp, die in het Oude Testament is beschreven.
Lukas 13:4-5. Of die achttien die stierven doordat de Siloamtoren op hen viel – denken jullie dat zij schuldiger waren dan alle andere mensen die in Jeruzalem wonen? Zeker niet, zeg ik jullie, maar als jullie niet tot inkeer komen, zul je allemaal net zo sterven als zij.’

Ik lees dit er in. God maakt het niet uit wie nou meer of minder schuldig is, Hij wil dat we tot inkeer komen. Met de bedoeling dat we vrucht dragen. Zie de teksten, die op dit gedeelte volgen. Wat zijn vruchten? Goede daden.

Verplicht zijn tot iets.

Paulus schrijft dat hij gedreven is om bij iedereen langs wil komen. Daar voelt hij zich toe verplicht.
Romeinen 1:14. Ik sta in de schuld bij Grieken en niet-Grieken, bij wijzen en onverstandigen. [HSV]

Hier zijn we dus niet verplicht aan (schuldig aan).
Romeinen 8:12-13. Welnu, broeders, wij zijn aan het vlees niet verplicht om naar het vlees te leven. Want als u naar het vlees leeft, zult u sterven. Als u echter door de Geest de daden van het lichaam doodt, zult u leven. [HSV]
Uitleg: naar het vlees leven is leven in onvolwassenheid. Zonder zelfbeheersing bijvoorbeeld. Je door je lichamelijke behoeften laten leiden. Dood de daden van het lichaam en je zult leven.

Dit is een algemene regel.
Romeinen 13:7-8. Geef iedereen wat hem toekomt: belasting aan wie u belasting verschuldigd bent, accijns aan wie u accijns verschuldigd bent, ontzag aan wie ontzag toekomt, eerbied aan wie eerbied toekomt. Wees elkaar niets schuldig, behalve liefde, want wie de ander liefheeft, heeft de gehele wet vervuld. 
Nadruk: Als christenen ben je verplicht elkaar lief te hebben.

Paulus meldt dat de volgelingen uit de volken vonden dat men de mensen in Jeruzalem wel iets verplicht was vanwege het evangelie dat ze ontvingen.
Romeinen 15:27. Zij hebben het namelijk goedgevonden, en zij zijn het ook aan hen verplicht. Immers, als de heidenen aan hun geestelijke weldaden deel gekregen hebben, zijn zij ook verplicht hen met stoffelijke te dienen.

Paulus schrijft deze voor de joden deze pittige woorden.
Galaten 5:3. Ik verzeker u dat iedereen die zich laat besnijden verplicht is om de wet volledig na te leven.
Uitleg: het gaat hier om mensen, die gelovig werden uit de volken. De Joodse mannen waren al besneden en dat gebruik zal ook wel verder zijn gegaan om joodse pas geboren jongetjes te besnijden.

Het vierde woord in deze tabel gaat er vrijwel altijd over dat we verplicht tot iets zijn, iets verschuldigd zijn. Daar gaan veel teksten over met een hele diversiteit aan inhouden. Hier de hele lijst.

Als je zweert ben je verplicht om het na te komen (Matteüs 23:16 en 18)
Slaven zijn tot iets verplicht (Lukas 17:10)
De discipelen zijn verplicht om elkaar de voeten te wassen (Johannes 13:14)
De leiders van het Joodse volk zijn verplicht om de wet te handhaven (Johannes 19:7)
En hier één, die voor ons heel logisch is, maar in de tijd van Paulus niet vanzelfsprekend was. Wij zijn niet verplicht om te denken dat het goddelijke gelijk is aan beelden van goud, zilver of steen. (Handelingen 17:29)

Wij, die sterk zijn, zijn verplicht om de gevoeligheden van de zwakken te verdragen (Romeinen 15:1)
Als je alle niet goede mensen zou willen mijden, zou je verplicht zijn om uit de wereld te gaan. Onzin dus. (1 Korintiërs 5:10).
Een man is verplicht aan zijn vrouw te geven wat haar toekomt (1 Korintiërs 7:3)
Als je naar je toekomstige vrouw verlangt, ben je verplicht haar te trouwen. (1 Korintiërs 7:36).
De ploeger is verplicht om te ploegen met hoop (anders gaat hij toch niet aan de slag als hij niet de hoop had op een oogst?) (1 Korintiërs 9:10)
De man is niet verplicht om zijn hoofd te bedekken en de vrouw is verplicht om een macht op het hoofd te hebben (1 Korintiërs 11: 7 en 10)
De Korintiërs waren verplicht om Paulus aan te bevelen (2 Korintiërs 12:11)
Kinderen zijn niet verplicht om voor hun ouders te sparen, maar ouders voor hun kinderen (2 Korintiërs 12:14)
De mannen zijn verplicht om hun vrouwen lief te hebben (Efeziërs 5:28)
Wij zijn verplicht om God, ‘om u’ schrijft Paulus, te danken. Te danken dus voor de mensen, die aan je zorg zijn toevertrouwd. (2 Tessalonicenzen 1:3 en 2:13)

Jezus was verplicht om aan zijn broers en zussen gelijk te worden, alleen dan kon hij tussen God en zijn volk hogepriester, die verzoening bewerkt voor hun zonden. (Hebreeën 2:17)
Een hogepriester is verplicht om voor zijn eigen zonden offers te brengen. (Hebreeën 5:3)
Ze waren verplicht om inmiddels toch wel leraren te zijn. ( Hebreeën 5:12)

Als je zegt in Jezus te blijven, ben je ook verplicht in de voetstappen van Jezus te wandelen. (1 Johannes 2:6)
Omdat Jezus zijn leven voor ons heeft gegeven, ben je verplicht je leven te geven voor je broeders en zusters. (1 Johannes 3:16)
Omdat God ons zo heeft liefgehad , zijn wij ook verplicht elkaar lief te hebben. (1 Johannes 4:11)
Rondreizende evangelisten zijn wij verplicht gastvrij te ontvangen. (3 Johannes 8).

Een verplichting rond financiën

Soms gaat het in het Nieuwe Testament over geld dat iemand nog schuldig is.
In de gelijkenis, die begint in Matteüs 18:24 over de ‘talenten’ waarmee de mensen moeten werken. Zes keer wordt schuld en schuldig zijn genoemd.
In Lukas 7 en 16 gaat het ook dit soort zaken.
In Filemon 18 idem.

Strafbaar

Het Griekse woord ἔνοχος enochos komt in acht verzen voor. Ik vind de mooiste vertaling ‘strafbaar’. Je kunt ervoor een straf krijgen. Misschien wordt je over het hoofd gezien, misschien is men je genadig, maar je begeeft je op glad ijs.

Matteüs 5:21-22. Jullie hebben gehoord dat destijds tegen het volk is gezegd: “Pleeg geen moord. Wie moordt, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht.” En ik zeg zelfs: ieder die in woede tegen zijn broeder of zuster tekeergaat, zal zich moeten verantwoorden voor het gerecht. Wie tegen hen “Nietsnut!” zegt, zal zich moeten verantwoorden voor het Sanhedrin. Wie “Dwaas!” zegt, zal voor het vuur van de Gehenna komen te staan.

Matteüs 26:66. Wat denkt u? En zij antwoordden en zeiden: Hij is schuldig en verdient de dood. [HSV, zelfde tekst in Marcus 14:64.]
Letterlijk staat er in het Grieks: “hij verdient de dood”. De Joodse leiders konden niet zelf de straf uitspreken, dat moest Pilatus gaan doen.

Als je de zonde tegen de Heilige Geest doet ben je strafbaar met het eeuwige oordeel.
Marcus 3:28-29. Voorwaar, Ik zeg u dat alle zonden de mensenkinderen vergeven zullen worden, en de lasteringen die zij ook maar uitgesproken zullen hebben; maar wie gelasterd zal hebben tegen de Heilige Geest, die heeft geen vergeving in eeuwigheid, maar is schuldig en verdient het eeuwige oordeel. [HSV]

En hier: strafbaar zul je zijn van het lichaam en het bloed van de Heer. Schuldig tegenover vertaalt de NBV. Schuldig aan vertaalt de HSV
1 Korintiërs 11:27. Daarom maakt iemand die op onwaardige wijze van het brood eet en uit de beker van de Heer drinkt, zich schuldig tegenover het lichaam en het bloed van de Heer.

Dit is wat Jezus doet voor hen die strafbaar waren tot slavernij, hij bevrijd ons.
Hebreeën 2:15. .. en allen zou bevrijden, die gedurende hun ganse leven door angst voor de dood tot slavernij gedoemd waren.

Uitleg: dus als je steeds onder het juk leeft, van ik moet dit en ik moet dat omdat het anders mijn dood is, dan bevrijd Jezus je van dit juk.

Strafbaar ben je als je op één punt van de geboden struikelt.
Jakobus 2:10. Want wie de hele wet in acht neemt, maar op één punt struikelt, die is schuldig geworden aan alle geboden. [HSV]

God ging ook een verplichting aan

Ik heb ook een tekst gevonden waarbij God een mens verplicht was. Het was dan wel vanwege zijn een uitspraak van God zelf. Hij had Abraham’s geloof tot gerechtigheid gerekend, waardoor was God aan Abraham iets schuldig.

Romeinen 4:3-5. Want wat zegt de Schrift? En Abraham geloofde God, en het is hem tot gerechtigheid gerekend. Aan hem nu die werkt, wordt het loon niet toegerekend naar genade, maar naar wat men hem verschuldigd is. Bij hem echter die niet werkt, maar gelooft in Hem Die de goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend tot gerechtigheid. [HSV]

Het lijkt me dat dit vaker kan voorkomen ook is voorgekomen dan alleen bij Abraham. Dat God een mensen een belofte doet. Hij gaat dat dan ook nakomen.

Schuldig in allerlei vertalingen

Omdat in de Nederlandse schuld een belangrijk onderwerp is, gaan vertalingen ook in die richting. Tenminste hieronder de NBV. De vertaling daarna van de HSV doet dat niet. Die houdt het op zonde.

Johannes 15:22-24. Ze zouden niet schuldig zijn als ik niet was gekomen en tegen hen had gesproken. Maar nu hebben ze geen excuus voor hun zonde. Wie mij haat, haat ook mijn Vader. En ze zouden niet schuldig zijn als ik niet bij hen had gedaan wat niemand anders ooit heeft gedaan. Maar ze hebben het gezien en toch mij en mijn Vader gehaat.

De HSV vertaalt hier met:
Johannes 15:22-24. Als Ik niet gekomen was en tot hen gesproken had, hadden zij geen zonde, maar nu hebben zij geen voorwendsel voor hun zonde. Wie Mij haat, haat ook Mijn Vader. Als Ik onder hen niet de werken gedaan had die niemand anders gedaan heeft, hadden zij geen zonde, maar nu hebben zij ze gezien en Mij en Mijn Vader gehaat.

Hieronder ook een interessante tekst.
Romeinen 3:19. Wij weten dat de wet in alles wat hij zegt alleen tot degenen spreekt die aan de wet zijn onderworpen. Maar uiteindelijk wordt ieder mens het zwijgen opgelegd en staat de hele wereld schuldig voor God.

De HSV vertaalt met: dat de hele wereld doemwaardig wordt voor God.
De Statenvertaling: dat de gehele wereld voor God verdoemelijk zij.
De NBG: dat de gehele wereld strafwaardig worde voor God.
NASB: accountable for God.
NIV:  the whole world held accountable to God.

Het woord dat met schuldig voor God is vertaald, is hypodikos, G5267. De interlinear bible vertaalt met ‘under judgment’.

Ik heb de indruk dat de NBV vertaling met ‘schuldig voor God’ het minst passend is. De NBG, NASB en NIV vertalen in de richting van ‘under judgment’. Ik denk dat doemwaardig en verdoemelijk oud Nederlandse woorden zijn, die ook ‘under judgment’ betekenen.

Het lijkt me dat dé betekenis is, dat we ons ten allen tijde kan worden gevraagd om rekenschap af te leggen aan God. Schuldig ben je pas, als je in overtreding bent.

In de NBV tekst hieronder is het woord ‘schuldig’ toegevoegd. Romeinen 5:6. Toen wij nog hulpeloos waren is Christus immers voor ons, die op dat moment nog schuldig waren, gestorven.

De SV, HSV en NBG geven aan dat Christus ‘voor goddelozen’ is gestorven. Het gaat hier om mensen zonder respect voor het heilige. In het Grieks asebes, Strong G765.

Schuldbelijdenis?

Het woord schuldbelijdenis is een bekend woord in de kerktaal, maar in vertalingen van de Bijbel een zeldzaam woord.

Ik heb het woord niet in de NBV, HSV en SV vertalingen gevonden. Wel twee keer in de NBG vertaling van 1951.

Hier die twee teksten in de NBG vertaling.

Daniël 9:3-4. En ik richtte mijn aangezicht tot de Here God om te bidden en te smeken, in vasten en in zak en as. En ik bad tot de Here, mijn God, en deed schuldbelijdenis en zeide: Ach Here, Gij grote en geduchte God, die vasthoudt aan het verbond en de goedertierenheid jegens hen die U liefhebben en uw geboden bewaren. [NBG51]

Er staat hier het Hebreeuwse woord yadah wat kennen betekent. Je zou het hier een bekentenis kunnen noemen.

Hosea 14:3. Komt met woorden van schuldbelijdenis, bekeert u tot de Here , zegt tot Hem: Vergeef de ongerechtigheid geheel en al, en wees genadig; wij bieden als offerstieren de belijdenis onzer lippen. {NBG51]

In het Hebreeuws: ‘Neem je woorden’, de NBG voegt er aan toe ‘van schuldbelijdenis’. Dit lijkt een logische toevoeging vanuit onze schuldbelijdenis cultuur. In de Bijbel staat dit dus niet.

In de KJV komt het woord ‘confession’ voor oftewel ‘bekentenis’.

Het komt o.a. voor bij Achan bij Ai in het dal van Achor. Wij zouden zeggen dat was een grote schuld. Maar hier staat ‘erken wat je gedaan hebt’. De woorden schuld of zonde komen in de tekst niet voor.

Bij Hizkia en Ezra gaat ‘confession’ het om erkennen van God als Heer. Ook bij Daniël gaat het om erkennen van de zaken zoals ze lagen. In de andere teksten gaat het om getuigen. Romeinen 10:10, met de mond getuig je tot redding en in 1 Titus 6:13 gaat het om Jezus, die voor Pontius Pilatus een goed getuigenis gaf.

Komt schuldbelijden in het Nieuwe Testament voor?

Dr J.P. Versteeg ziet in het boek ‘Bijbelwoorden op de man af’ voor het onderwerp schuld als kerntekst Handelingen 19:8. Zie hieronder. Opmerkelijk is dat het in deze tekst niet gaat over schuld, maar over occulte praktijken, die worden erkend.

Handelingen 19:18-20. En velen van hen die geloofden, kwamen hun zondige daden belijden en bekennen. Velen ook van hen die toverkunsten uitgeoefend hadden, brachten hun boeken bijeen en verbrandden die in tegenwoordigheid van allen. En men berekende de waarde ervan en kwam uit op vijftigduizend zilverstukken. Zo nam het Woord van de Heere met kracht toe en werd steeds sterker. [HSV]

De NBV vertaalt het onderstreepte gedeelte met ‘praktijken opbiechten’. De HSV voegt het woord ‘zondige’ aan de daden toe. Dat staat er niet in het Grieks. Gezien de tekst gaat het om occulte praktijken.

Dus we moeten niet denken in dit verband aan een kerklid, maar aan mensen die tot dan toe er niet bij hoorden en met duistere praktijken bezig waren, tovenaars, waarzeggers en dat soort mensen.

Er staat in deze tekst eerst erkennen, G1843, dan vertellen G312 van daden G4234.

Vertellen G312 komt achttien keer voor, maar slechts deze keer in over iets wat niet goed is. Daden G4234 komt zes keer voor en naast deze ook in deze tekst over wat niet goed is.

Kolossenzen 3:9-10. Lieg niet tegen elkaar, aangezien u de oude mens met zijn daden uitgetrokken hebt, en de nieuwe mens aangetrokken hebt, die vernieuwd wordt tot kennis, overeenkomstig het beeld van Hem Die hem geschapen heeft.

In deze tekst gaat het ook niet over schuld, maar om iets wat je moet doen, namelijk de oude mensen uittrekken.

Het woord erkennen komt wel vaker voor, zie de tabel.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1ἐξομολογέω exomologeōWerkwoordG1843
SB1668
Bekennen of erkennen
Komt 11 keer voor in 11 verzen.
KJV: confess (8x), thank (2x), promise (1x).

Matteüs 3:5-6. Toen liep Jeruzalem, heel Judea en heel het land rondom de Jordaan naar hem uit, en zij werden door hem gedoopt in de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden. [HSV] Zelfde tekst ook in Marcus 1:5.

Zonden is alles wat niet goed gaat in je leven. Relatie problemen, persoonlijke problemen. Foute keuzen, die je hebt gemaakt. Foute praktijken. Wat niet is naar Gods geboden. De bedoeling is dat je ze naar voren brengt. Bekend maakt. Openhartig er over bent. Niet achterhoudt.

Dit is de vierde tekst, die gaat over zonden erkennen.
Jacobus 5:16. Beken elkaar uw zonden en bid voor elkaar, dan zult u genezen. Want het gebed van een rechtvaardige is krachtig en mist zijn uitwerking niet. 

In het Grieks staat er letterlijk dat het gebed van een rechtvaardige ‘werkt’. Een uitdrukking, die wij ook vaker zouden mogen gebruiken.

De HSV vertaalt het eerste gedeelte met ‘Belijd elkaar de overtredingen’, een zware vertaling.
De Statenvertaling SV ‘Belijdt elkander de misdaden’. Een nog strengere vertaling.

Ik vind ‘werken’ ook mooier dan de HSV en SV tekst ‘brengt veel tot stand’ en ‘vermag veel’.

Vier keer wordt het woord erkennen dus gebruikt in combinatie met narigheid of zonden. De andere keren wordt erkennen bijvoorbeeld gebruikt om de Vader te erkennen, ook te erkennen voor zijn wijsheid (Matteüs 11:25 en Lukas 10:21). Of om Jezus te erkennen als Heer (Filippenzen 2:4).

Bloedschuld?

Ik moest nog denken aan bloedschuld. Een begrip dat ik op een conferentie heb geleerd.

De NBV heeft zeven keer het woord bloedschuld. Hieronder staan al die zeven teksten.

Exodus 22:1-2. Betrapt iemand de dief op heterdaad en slaat hij hem dood, dan laadt hij daarmee geen bloedschuld op zich. Gebeurt dit echter na zonsopgang, dan laadt hij wel bloedschuld op zich. De dief moet alles vergoeden; bezit hij niets, dan moet men hem verkopen voor een bedrag ter waarde van het gestolene.

In het Hebreeuws staat er de eerste keer “en dammim”, geen bloedvergieten” en de tweede keer “dammim low”, bloedvergieten en een woord dat men niet vertaalt of kan vertalen. Gezien het zinsverband zou het wel bloedvergieten kunnen zijn.

De derde keer
Numeri 35:27. … en treft de bloedwreker hem dan buiten die vrijplaats aan en doodt hij hem, dan laadt de bloedwreker daarmee geen bloedschuld op zich.

Dit zijn de twee teksten waar in de KJV guilt in voorkomt.
Deuteronomium 19:13. Als echter iemand een ander uit haat en met voorbedachten rade doodt, en dan naar een van die steden uitwijkt, moeten de oudsten van zijn stad hem daar laten ophalen en hem aan de bloedwreker uitleveren. Wees daarin onverbiddelijk. Zo bevrijdt u zich van de bloedschuld die op Israël rust, en u zult er wél bij varen.

In het Hebreeuws staat er: “dam hannaki” dam = bloed. hannaki = de schone, de reine, de onschuldige. Je bevrijd je dus van de zonde dat er op onrechtmatige wijze bloed gevloeid.

Deuteronomium 21:8-9. Ach HEER, houd Israël, het volk dat u bevrijd hebt, niet verantwoordelijk voor deze moord, en reken het ons niet aan dat er onder uw volk een onschuldige is gedood.’ Dan zal die moord hun niet worden aangerekend. Zo bevrijdt u zich van de bloedschuld. Daarmee doet u wat goed is in de ogen van de HEER.

Hier staat bijna dezelfde uitdrukking. “haddam hannaki”. Er staat nu alleen een lidwoord voor: het bloed.

1 Samuel 25:26. Zo waar de HEER leeft, mijn heer, en zo waar u zelf leeft, de HEER heeft u ervan weerhouden om het recht in eigen hand te nemen en bloedschuld op u te laden. Maar ik hoop dat het al uw vijanden en tegenstanders zal vergaan zoals Nabal. [Hebreeuws: komt bloedvergieten over je]

Joël 4:21. Zou ik die bloedschuld niet wreken? O zeker zal ik die wreken! Want de HEER woont op de Sion. [Hebreeuws: schoon zijn van bloedvergieten]

De HSV heeft elf keer het woord bloedschuld. T.o.v. de NBV vertaling vijf keer extra en eenmaal minder. Joel 4:21 niet.

De NBG vertaling heeft 26 keer het woord bloedschuld. O.a. 7 keer in het boek Leviticus. Hier een gedeelte waar twee keer met bloedschuld is vertaald.
Leviticus 20:9-11. Wanneer er iemand is, die zijn vader of zijn moeder vervloekt, die zal zeker ter dood gebracht worden; zijn vader of zijn moeder heeft hij vervloekt, zijn bloedschuld is op hem. En een man, die echtbreuk pleegt met iemands vrouw, echtbreuk pleegt met de vrouw van zijn naaste, zal zeker ter dood gebracht worden; zowel de overspeler als de overspeelster. Een man die gemeenschap heeft met de vrouw van zijn vader, de schaamte zijns vaders heeft hij ontbloot – beiden zullen zeker ter dood gebracht worden, hun bloedschuld is op hen.

In het Hebreeuws staat hier: als je dit gedaan hebt, of dat gedaan hebt, dan ……”zijn bloed komt over hem”. Dat klinkt bekend van wat de Joden riepen bij de veroordeling van Jezus door Pilatus. Het is een heel sterke uitdrukking. Het heeft te maken met wat je zou kunnen noemen een veroordeling of een vloek.

Andere bronnen

Op het Christelijk Informatie Platform is een pagina waar de twintig belangrijkste teksten over schuld en schaamte wordt gegeven. Zie link

Het zijn prachtige teksten, maar opvallend is dat het woord schuld in alle twintig teksten maar eenmaal voorkomt.

Overwegingen en samenvatting

Schuld en schuldgevoel zijn in diverse kerken in Nederland een belangrijk onderdeel van het kerk zijn. ‘Wij zijn schuldig voor God’ kan er gezegd worden. Maar die uitdrukking heb ik nog niet in de Bijbel kunnen vinden.

Schuld is geen groot thema in de Bijbel, hoewel het ook wel voorkomt. ‘Goed en kwaad’ en ‘Zonden’ zijn daarentegen wel grote thema’s in de Bijbel. Zie de onderwerp #47 en #48.

De Bijbel is er op gericht dat je weet wat goed en kwaad. Dat je herstelt wat je een ander aan kwaad hebt gedaan. Dat je tenminste aan de ander en aan God erkent wat je een ander aan kwaad hebt gedaan.

Als je voor je gevoel tekortschiet als kind van God: doe wat je kunt en besef dat je geen god bent, maar dat je een mens bent met fouten en gebreken.

In het Oude Testament als je een gebod had overtreden, dan moest je een dier offeren. Daar zat erkenning van je overtreding in en het koste je ook wat.

In de tijd van het Nieuwe Testament is het bloed van Jezus het offer. Wij kunnen nu onze overtredingen erkennen aan de Heer. En het volgen van Jezus, het luisteren naar zijn stem kost ook wat.

Natuurlijk blijven grote kwade daden, zonden wel aan je knagen. Daar had koning David last van. Wellicht heeft hij zijn eigen Psalm, Psalm 22 regelmatig gezongen. En ook Petrus zal met pijn aan de verloochening van Jezus hebben gedacht. En Paulus, hij had volgelingen van Jezus vermoord, ook dat knaagde aan hem.

Het gaat er om dat we goed gaan leven. Dat is het belangrijke. Daar gaat het om. Heel praktisch. Heel doelgericht. Niet of we ons schuldig voelen. Dat levert op zich niets goeds op. Is alleen nadelig, vooral voor de persoon zelf.

Wil God wel dat we bij Hem in het krijt staan? Nee!

Trouwens zou ik willen dat iemand bij mij in het krijt staat? Wel fijn als iemand mij benadeelt, en dat is wel een paar keer voor gekomen, dat die persoon het nadeel weer goed maakt. Dan is die persoon wat mij betreft ook weer vrij. Ik wil dus ook niet dat iemand bij mij in het krijt staat.

Als je iets doet waardoor schuld kan ontstaan. Herstel het. Zorg dat er geen schuld ontstaat!

Hoe komt het dat zoveel mensen last hebben van schuldgevoel in Nederland? Ik denk door het eeuwenlang van de bevolking inpeperen dat we schuldig zijn.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.