Les over het Einde

Hoe zal het verder gaan met deze wereld? Daar zijn we natuurlijk benieuwd naar, want dat kan betrekking op ons eigen leven of als we dan er niet meer op dat van ons nageslacht.

Er zijn heel wat boeken geschreven over wat ons nog te wachten staat. Er zijn ook sprekers, die er hun beroep van hebben gemaakt om over de ondewerpen van het einde te spreken. Maar wat zegt de Bijbel er over, daar gaat het in deze les om.

Schetsen de boeken van de Bijbel iets over onze toekomst? Zeker, maar dan wel over de toekomst zoals men die zich 2000 jaar of nog langer voor ogen had. Intussen is in die 2000 jaar of nog langer veel gebeurd hier op aarde.

Deze les geeft aan wat op grond van de Bijbel zeker nog moet komen en wat niet al geweest is. Dat is bijvoorbeeld de komst van Jezus, het eind van dit wereldtijdperk en de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

Daarna gaat het over een aantal andere onderwerpen, die voor de toekomst wellicht ook nog aan de orde zijn, het beest, de valse profeet, niet meer kunnen kopen, 666, Armageddon, Gog en Magog en de grote stad Babylon. En ook nog: zal er zoiets zijn als de opnamen van de gemeente. En tenslotte is de komst van de staat Israël het beeld van de vervulling van profetieën?

<<deze les is nog niet compleet>>

Er is toch al heel wat over geschreven?

Er is inderdaad al heel wat over de eindtijd gezegd en geschreven. Het doel van deze les is om duidelijk te maken wat echt nog komt. Dat gaat ons inzicht en hoop geven en ons ook aanzetten om juist nog aan de slag te gaan.

Bij de boeken en sprekers over de eindtijd is het mooie dat ze teksten hanteren, die in de Bijbel staan. Soms geven ze er een betekenis aan, die er niet staat. Uit de veelheid van informatie in de Bijbel worden er een paar teksten geselecteerd. En ze laten de geschiedenis weinig meewegen.

Wat vertellen ze? Het wordt een tijd heel moeilijk, maar let op Jezus komt spoedig terug. En sommigen zeggen: voor het echt moeilijk wordt, worden we opgenomen in de hemel.

Waarom vertellen ze het? Ik denk dat ze het vertellen om mensen voor te bereiden. Er komt een slechte tijd. Maar houdt moed, dan is ook bijna het einde.

Maar ik zie dat effect bij mensen is die dat lezen en horen overal het kwaad gaan zien, dat ze zich bezorgd maken en dat er ook heel wat mensen inactief worden. Ze wachten de klap af. Het bemoedigt de lezers en luisteraars niet om met het koninkrijk van God aan de slag te gaan.

Het eind van de tijd

In de Bijbel wordt regelmatig gesproken over wat iets dat toen het geschreven werd nog komen moest. Voor ons is het dan de vraag: is het nu wel of niet geweest. Dat volk dat zou verdwijnen en die stad, die verwoest zou worden, dat is soms al gebeurd. Dan is het duidelijk. Maar al die andere dingen?

Wat duidelijk nog moet komen is het eind van deze wereld. Dat is nog niet gekomen. Daar kunnen alle christenen het mee eens zijn. Laten we daar eens mee beginnen over wat daar staat.

Het begrip voltooiing van de wereld komt zes keer voor in het Nieuwe Testament. In het Grieks staat er ‘synteleia aion’. Teleia is doel. Synteleia alle doelen oftewel voleinding, voltooiing of einde.

Het woord komt altijd voor in combinatie met het woord aion. In het woord aion zit een tijdbegrip: eeuw, tijdperk, langdurig tijdperk. En dan is het samen met het woord synteleia zoiets als ‘de voltooiing van deze tijd, dit tijdperk’. Zou kunnen van Adam en Eva tot het eind.

Er worden vier dingen over de voltooiing van dit tijdperk gesproken.

1. Matteüs 13 dat het gepaard gaat met een schifting

Matteüs 13:36-43. Daarop stuurde hij de mensen weg en ging naar huis. Zijn leerlingen kwamen bij hem en vroegen: ‘Wilt u ons de gelijkenis van het onkruid op de akker uitleggen?’ Hij antwoordde hun: ‘Hij die het goede zaad zaait is de Mensenzoon, de akker is de wereld, het goede zaad dat zijn de kinderen van het koninkrijk; het onkruid dat zijn de kinderen van het kwaad, de vijand die het zaait is de duivel, de oogst staat voor de voltooiing van deze wereld en de maaiers zijn de engelen. Zoals het onkruid bijeengebonden wordt en in het vuur verbrand, zo zal het gaan bij de voltooiing van deze wereld: de Mensenzoon zal zijn engelen eropuit sturen, en ze zullen uit zijn koninkrijk allen die anderen ten val hebben gebracht en de wetten hebben verkracht bijeenbrengen en hen in de vuuroven werpen; daar zullen ze jammeren en knarsetanden. Dan zullen de rechtvaardigen in het koninkrijk van hun Vader stralen als de zon. Laat wie oren heeft goed luisteren!

Skandalon = struikelblokken, oftewel die anderen ten val hebben gebracht.
Doende ‘anomian’ = niet aan de wet houden. Doende wetteloosheid.
Schifting: mensen in de vuuroven. De rechtvaardigen zullen stralen als de zon.

Matteüs 13:47-50. Het is met het koninkrijk van de hemel ook als met een sleepnet dat in een meer werd geworpen en waarmee allerlei soorten vis werden gevangen. Toen het net vol was, trok men het op de oever en ging men zitten om de goede vis in kuipen te doen; de slechte vis werd weggegooid. Zo zal het gaan bij de voltooiing van deze wereld: de engelen zullen eropuit trekken en de kwaadwilligen van de rechtvaardigen scheiden, en ze zullen hen in de vuuroven werpen, waar ze zullen jammeren en knarsetanden.

In het Grieks staat niet het woord vis, maar een algemene uitdrukking. Wij zouden het zeefruit noemen? Het slechte uit de zee zal wel zijn wat onrein is en niet gegeten mocht worden zoals garnalen, kreeften en krabben. Het reine dat is de vis.
Opvallend dat hier ook de vuuroven wordt genoemd terwijl het onreine zeefruit werd teruggegooid zoals in de tekst staat. Alarmerend is dat je alles kan verliezen en een grandioos aanbod kan missen bij het eind van de tijd.

Het lijkt hier niet over alle mensen te gaan. Je hebt kwaadwilligen en rechtvaardigen. Maar hoe is het met al die mensen, die noch het één noch het ander zijn?

Diep verdrietig zijn, duidt op groot verlies. Knarsetanden duidt op wroeging. Deze uitdrukking komt zes keer bij Matteüs voor en eenmaal bij Lukas.

Matteüs 24: uitleg over wanneer.

Matteüs 24:3. Op de Olijfberg ging hij zitten met zijn leerlingen om zich heen, en nu ze onder elkaar waren vroegen ze: ‘Vertel ons, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we uw komst en de voltooiing van deze wereld herkennen?’

Er volgen een aantal woorden van Jezus over wat nog niet het einde zal zijn, namelijk oorlog en oorlogsdreiging, hongernoden, aardbevingen, valse profeten en veel mensen, die Gods geboden niet houden. Maar dan staat er een tekst over wat wel het teken zal zijn.

Matteüs 24:14. Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen.

Die uitdrukking ‘het verkondigen van het goede nieuws over het koninkrijk’ staat ook nog in drie andere teksten. Bij de twee teksten uit Matteüs (4:23 en 9:35) daar staat dan achteraan ‘en genas iedere ziekte en elke kwaal onder het volk’. Marcus 1:14 heeft die toevoeging niet. Het verkondigen gaat dus gepaard met wonderen en tekenen.

Dat is ook wat in de Bijbel bij elkaar hoort. Het woord van God horen en ook doen. Wonderen en tekenen. Dus niet alleen mooi preken, op zich prima, maar hier gaat het erom dat de werken van het Gods koninkrijk zichtbaar worden.

Je kunt het koninkrijk niet verkondigen zonder tekenen en wonderen. Dus als over de hele wereld de wonderen en tekenen van Gods koninkrijk zichtbaar zijn, dan is het einde het de komst van Jezus nabij. Zo niet, dan is het nog ver weg.

Matteüs 28: de missie tot het einde.

Matteüs 28:16-20. De elf leerlingen gingen naar Galilea, naar de berg die Jezus hun had genoemd, en toen ze hem zagen bewezen ze hem eer, al twijfelden enkelen nog. Jezus kwam op hen toe en zei: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’

Jezus heeft ons gezonden om de mensen te leren wat Jezus ons heeft geleerd en voorgedaan.

Hebreeën: eer aan het offer van Jezus.

Hebreeën 9:24-28. Christus is immers niet binnengegaan in een heiligdom dat door mensenhanden is gemaakt, in de voorafbeelding van het hemelse heiligdom, maar in de hemel zelf, waar hij nu bij God voor ons pleit. Hij brengt daar niet telkens opnieuw het offer van zijn leven; hij is dus niet te vergelijken met de hogepriester die elk jaar het heiligdom binnengaat, en dat met bloed dat niet het zijne is, want dan zou hij sinds de grondvesting van de wereld telkens opnieuw hebben moeten lijden. Nee, hij heeft zich bij de voltooiing van de tijden eenmaal geopenbaard, om met zijn offer de zonde teniet te doen. Eens moeten mensen sterven en daarna volgt het oordeel. Net zo zeker is het dat Christus, die eenmaal is geofferd om de zonden van velen te dragen, voor een tweede maal zal verschijnen om te redden wie hem verwachten, maar dan gaat het niet meer om de zonde.

In de brief aan de Hebreeën is de focus van de voltooiing van het tijdperk het offer van Jezus en zijn tweede komst hoort er ook bij. Dan komt Jezus redden, die Hem verwachten.

De komst van Jezus

De opstanding van de doden

De Nieuwe Hemel en de Nieuwe Aarde

Wat misschien ook nog een rol gaat spelen.

Verdrukking.

Je kunt natuurlijk afgaan op berichten van de media, maar die helpen slechts beperkt. ‘Het milieu vervuilt’, berichtten de media. Maar toen gingen we daar iets aan doen. ‘Honger in de wereld’ , maar dat is vooral een financieel probleem. ‘Energie gaat op termijn opraken’ maar toen zagen we nieuwe energiebronnen. Water is een probleem, maar toen gingen we zoet uit zout water halen. De aarde warmt op. Is dat erg? Misschien wel. Grondstoffen raken op, maar nu gaan we naar een circulaire economie. Lossen onze oplossingen alles op? Zeker niet. Dus waar gaat het naar toe?

Er wordt heel wat bericht in de Bijbel over verdrukking. Ik heb slechts eenmaal in het Oude Testament een tekst gevonden, die gaat over grote verdrukking. In Nehemia 9. Maar tekst die verwijst niet naar de toekomst maar alleen naar de eigen tijd.

Het gaat vier keer in het Nieuwe Testament over ‘grote verdrukking’. Dit zijn de teksten. <nog aanvullen>

Beesten

Ondergang van een goddeloze stad

Eindstrijd

Werkvorm

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.