In protestantse en evangelische kerken zijn geen altaren en Rooms Katholieke kerken zijn wel altaren. Wat zegt de Bijbel over altaren? daar gaat het in deze studie over.
De teksten zijn van de NBV21 vertaling tenzij anders aangegeven.
Studievragen
Bij dit onderwerp zijn de volgende vragen te stellen.
Wat heeft een altaar als doel?
Wat kan het gebruik van een altaar, een offer brengen, voor gevolgen hebben?
In het laatste hoofdstuk Lessen staan antwoorden op deze vragen.
Oude Testament
Er is een groot verschil tussen altaren voor God en altaren die door de duisternis worden gebruikt. Daarom zijn de teksten die over altaren gaan in twee verschillende hoofdstukken ondergebracht.
[Hieronder samenvatting AI Google] Bij de officiële, centrale tempeldienst in het oude Israël waren er twee altaren aanwezig. Dit gold zowel voor de eerdere tabernakel (de verplaatsbare tent) als voor de latere vaste tempels in Jeruzalem. De twee altaren hadden elk een heel eigen functie en locatie binnen het heiligdom.
Het brandofferaltaar (koperen altaar) Locatie: Dit altaar stond buiten, in de voorhof (het plein voor het tempelgebouw). Materiaal: Bij de tabernakel was het gemaakt van acaciahout overtrokken met koper. In de tempel van Salomo was dit een veel groter, massief koperen altaar. Functie: Hierop brachten de priesters de dagelijkse dieroffers en spijsoffers. Het was de plek waar verzoening voor de zonden van het volk werd gedaan. Het vuur op dit altaar moest altijd blijven branden.
Het reukofferaltaar (gouden altaar). Locatie: Dit altaar stond binnen in het tempelgebouw, specifiek in het Heilige, vlak voor het voorhangsel dat de scheiding vormde met het Allerheiligste. Materiaal: Het was gemaakt van acaciahout overtrokken met puur goud. Functie: Hierop mochten geen bloed- of vleesoffers worden gebracht. Het werd uitsluitend gebruikt om ’s ochtends en ’s avonds een speciaal, heilig reukwerk (wierook) op te branden. Dit opstijgende reukwerk symboliseerde de gebeden van het volk die opstegen naar God.
Mizbēaḥ, altaar (1)
Dit zijn de gegevens van het woord mizbēaḥ.
| | Woord | Soort woord | Strong | Opmerkingen |
| 1 | מִזְבֵּחַ mizbēaḥ | Zelfstandig naamwoord manneljk | H4196 | Altaar Komt 403 keer voor in 338 verzen KJV: altar (402x) |
| 2 | זָבַח zāḇaḥ | Werkwoord | H2076 | Offeren Komt 134 keer voor in 127 verzen KJV: sacrifice (85x), offer (39x), kill (5x), slay (5x) |
De wortel van het woord mizbēaḥ is het woord zāḇaḥ.
Numeri 3:31. Zij hadden de zorg voor de ark, de tafel, de kandelaar, de altaren, de heilige voorwerpen die bij de dienst gebruikt werden en het voorhangsel. Alles wat hiermee te maken had, was hun werk.
1 Koningen 19:10. Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER , de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’
Mizbēaḥ, altaar (2)
In de teksten hieronder gaat het om altaren voor de offering en aanbidding van andere goden.
Numeri 23:1. Bileam droeg Balak op om daar zeven altaren te bouwen, en zeven stieren en zeven rammen gereed te maken voor een offer.
Numeri 23:4. waar God bij hem kwam. ‘Ik heb zeven altaren laten oprichten,’ zei Bileam, ‘en op elk altaar heb ik een stier en een ram laten offeren.’
Numeri 23:14. En hij nam hem mee naar de top van de Pisga, in de Sofimvlakte, bouwde zeven altaren en offerde op elk ervan een stier en een ram.
Numeri 23:29. Bileam droeg Balak op om er zeven altaren te bouwen en zeven stieren en zeven rammen gereed te maken voor een offer.
Vernietigen van altaren Strong H5422 H4196 komt 16 keer voor in het Oude Testament.
Exodus 34:13. Breek hun altaren af, verbrijzel hun gewijde stenen en hak hun Asjerapalen om,
Deuteronomium 7:5. Nee, dít staat u te doen: u moet hun altaren slopen en hun gewijde stenen verbrijzelen, hun Asjerapalen omhakken en hun godenbeelden verbranden.
Deuteronomium 12:3. … hun altaren slopen en hun gewijde stenen verbrijzelen; hun Asjerapalen moet u verbranden en hun godenbeelden in stukken hakken. Alles wat aan die goden herinnert moet u wegvagen.
Rechters 2:2. Maar jullie mochten geen verdragen sluiten met de inwoners van dit land en hun altaren moesten jullie afbreken. Maar jullie hebben niet geluisterd naar wat Ik heb gezegd. Hoe hebben jullie dat kunnen doen?
Rechters 6:28-32. De volgende ochtend zagen de inwoners van de stad dat het altaar van Baäl was afgebroken en dat de Asjerapaal ernaast was omgehakt. Ze zagen ook dat de stier was geofferd, en wel op een nieuw altaar. Ze vroegen zich af wie dat gedaan kon hebben, en na enig onderzoek kwamen ze erachter dat Gideon, de zoon van Joas, de schuldige was. Toen eisten ze van Joas: ‘Lever uw zoon aan ons uit. Hij moet sterven, want hij heeft het altaar van Baäl gesloopt en de Asjerapaal omgehakt.’ Maar Joas zei tegen de mensen die bij zijn huis te hoop waren gelopen: ‘U wilt het voor Baäl opnemen? U wilt hem te hulp komen? Wie het voor Baäl opneemt, zal nog voor de ochtend sterven! Als Baäl een god is, zal hij wel voor zichzelf opkomen wanneer iemand zijn altaar heeft gesloopt.’ En hij gaf Gideon de naam Jerubbaäl, en zei: ‘Laat Baäl het maar tegen hem opnemen omdat hij zijn altaar heeft gesloopt.’
2Ki 11:18
2Ki 23:12, 15
2Ch 23:17
2Ch 31:1
2Ch 33:3
2Ch 34:4, 7
Nieuwe Testament
Ook het Nieuwe Testament spreekt van altaren. Er worden twee Griekse woorden gebruikt. Hieronder staan ze.
Thysiastērion, altaar
Dit zijn de gegeven van het woord thysiastērion
| | Woord | Soort woord | Strong | Opmerkingen |
| 1 | θυσιαστήριον thysiastērion | Zelfstandig naamwoord onzijdig | G2379 | Altaar Komt 23 keer voor in 21 verzen KJV: altar (23x) |
| 2 | θυσία thysia | Zelfstandig naamwoord vrouwelijk | G2378 | Offeren Komt 29 keer voor in 29 verzen KJV: sacrifice (29x) |
| 3 | θύω thyō | Werkwoord | G2380 | Doden Komt 14 keer voor in 13 verzen KJV: kill (8x), sacrifice (3x), do sacrifice (2x), slay (1x). |
Het woord thysiastērion is een afleiding van thysia. De wortel van thysia is het werkwoord thyo.
Ad. 1. Thysiastērion, altaar.
Hieronder alle teksten waarin het woord voorkomt.
Matteüs 5:23-24. Wanneer je dus je offergave naar het altaar brengt en je je daar herinnert dat je broeder of zuster jou iets verwijt, laat je gave dan bij het altaar achter; ga je eerst met die ander verzoenen en kom daarna je offer brengen.
Matteüs 23:18-20. Zo zeggen jullie ook: “Wanneer iemand zweert bij het altaar, is dat niet geldig. Alleen wie zweert bij de offergave die daarop ligt, is aan die eed gebonden.” Blind zijn jullie. Wat is nu van meer waarde: de offergave of het altaar dat de offergave heiligt? Wie dus zweert bij het altaar, zweert daarbij en bij alles wat daarop ligt.
Matteüs 23:35. Zo zal al het onschuldige bloed dat op aarde is vergoten jullie worden aangerekend, vanaf het bloed van Abel, de rechtvaardige, tot het bloed van Zecharja, de zoon van Berechja, die jullie vermoord hebben tussen de tempel en het altaar.
Lucas 1:10-11. En heel de menigte van het volk was buiten aan het bidden op het uur van het reukoffer. En er verscheen aan hem een engel van de Heere, die aan de rechterzijde van het reukofferaltaar stond.
Opmerking: er staat het altaar thymiama dat is reukwerk G2368 een woord dat in deze twee verzen voorkomt en daarna nog vier keer in het boek Openbaring.
Lucas 11:51. …van het bloed van Abel tot het bloed van Zecharja, die omkwam tussen het altaar en het heiligdom. Ja, Ik zeg jullie, van deze generatie zal genoegdoening worden geëist!
Romeinen 11:1-3. Dan is nu mijn vraag: heeft God zijn volk soms verstoten? Beslist niet. Ik ben immers zelf een Israëliet, een nakomeling van Abraham, afkomstig uit de stam Benjamin. God heeft zijn volk, dat Hij al van tevoren uitgekozen heeft, niet verstoten. Of weet u niet wat de Schrift over Elia zegt, hoe hij Israël bij God aanklaagt? ‘Heer, uw profeten hebben ze gedood, uw altaren verwoest. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’
1 Korintiërs 9:13. U weet toch dat wie in de tempel dienstdoen daarvan leven, en dat wie aan het altaar dienen een deel van het offervlees krijgen?
1 Korintiërs 10:16-20. De drinkbeker der dankzegging, die wij met dankzegging zegenen, is die niet de gemeenschap met het bloed van Christus? Het brood dat wij breken, is dat niet de gemeenschap met het lichaam van Christus? Omdat het brood één is, zijn wij, die velen zijn, één lichaam, want wij allen hebben deel aan het ene brood. Let op het Israël naar het vlees: hebben niet zij die de offers eten, gemeenschap met het altaar? Wat zeg ik hiermee dan? Dat een afgod iets is, of dat een afgodenoffer iets is? Nee, ik zeg dit omdat wat de heidenen offeren, zij dat aan demonen offeren en niet aan God, en ik wil niet dat u met de demonen gemeenschap hebt. [HSV]
Hebreeën 7:13. Welnu, degene over wie dit alles wordt gezegd, behoort tot een andere stam, waarvan niemand zich in dienst van het altaar gesteld heeft.
Hebreeën 13:10. Wij hebben een altaar waarvan zij die in de tent dienstdoen niet mogen eten.
Jakobus 2:21. Werd onze voorvader Abraham niet rechtvaardig verklaard om wat hij deed toen hij zijn zoon Isaak op het altaar wilde offeren?
Openbaring 6:9. Toen het lam het vijfde zegel verbrak, zag ik aan de voet van het altaar de zielen van al degenen die geslacht waren omdat ze over God hadden gesproken en vanwege hun getuigenis.
Openbaring 8:3. Toen kwam er een andere engel, die met een gouden wierookschaal bij het altaar ging staan. Hij kreeg een grote hoeveelheid wierook om die op het gouden altaar voor de troon te offeren, samen met de gebeden van alle heiligen.
Openbaring 8:5. Toen nam de engel de wierookschaal, vulde hem met vuur van het altaar en wierp dat op de aarde. Er volgden donderslagen, groot geraas, bliksemschichten en een aardbeving.
Openbaring 9:13. Toen blies de zesde engel op zijn bazuin. Uit de vier hoorns van het gouden altaar dat voor God staat, hoorde ik een stem
Openbaring 11:1. Vervolgens kreeg ik een rietstengel als meetstok, met de opdracht: ‘Neem de maten op van Gods tempel en van het altaar, en tel degenen die God daar aanbidden.
Openbaring 14:18. Bij het altaar vandaan kwam weer een andere engel, degene die zeggenschap heeft over het vuur. Hij riep de engel met de scherpe sikkel luid toe: ‘Laat je scherpe sikkel komen om de druiven te oogsten in de wijngaard op de aarde, want de druiven zijn rijp.’
Openbaring 16:7. Ik hoorde het altaar antwoorden: ‘Ja, Heer, onze God, Almachtige, uw oordelen zijn betrouwbaar en rechtvaardig.’
Opmerking: een altaar dat spreekt. De HSV vertaalt met ‘En ik hoorde een ander bij het altaar vandaan zeggen: Ja Heere, almachtige God! Uw oordelen zijn waarachtig en rechtvaardig’.
Wat kunnen we van deze teksten leren?
Regelmatig is er een verwijzing naar het gebruik van een altaar in het Oude Testament. Jakobus 2:21.
Bomos, altaar op verhoging
Dit zijn de gegevens van het woord bomos
| | Woord | Soort woord | Strong | Opmerkingen |
| 1 | βωμός bōmos | Zelfstandig naamwoord mannelijk | G1041 | Altaar Komt eenmaal voor KJV: altar (1x) |
De ‘Outline of Biblical Usage’ verklaart ‘an elevated place’, ‘very often a raised place on which to offer a sacrifice, an altar’.
Handelingen 17:23. Want toen ik in de stad rondliep en alles wat u vereert nauwlettend in ogenschouw nam, ontdekte ik ook een altaar met het opschrift: “Aan de onbekende god”. Wat u vereert zonder het te kennen, dat kom ik u verkondigen.
Opmerking: de apostel Paulus past een judotechniek toe. Neem de kracht van een ander om die te gebruiken de ander een les te leren.
Andere Bronnen
<<moet ik nog invullen>>
Overwegingen
<<moet ik nog invullen>>
Lessen
Hier staan antwoorden op vragen die bij Studievragen zijn gesteld.
Wat heeft een altaar als doel?
Een altaar is een plek van aanbidding. En wel aanbidding van een geestelijk wezen: de God van Israël of een andere god.
Wat kan het gebruik van een altaar, een offer brengen, voor gevolgen hebben?
Aanbidding van de God van Israël heeft vrede en vrijheid tot gevolg en aanbidding van een god, die rebelleert tegen de God van Israël heeft een binding en angst tot gevolg.