Studie Manifestaties

Manifestaties zijn bovennatuurlijke zaken, die met onze zintuigen waar te nemen zijn. Er zijn diverse soorten manifestaties. Zoals manifestaties in de natuur, denk aan water dat als een muur staat, zoals bij de doortocht door de Rode Zee van het volk Israël, en manifestaties in of rond mensen.

Het gaat in deze studie over wat er met mensen kan gebeuren als die andere onzichtbare geestelijke wereld zo dichtbij en intens is, dat we ons vreemd gaan gedragen. Vreemd in de zin, dat het niet is wat voor ons gebruikelijk is. Genezingen en bevrijdingen horen daar ook bij, maar die komen in een andere studie aan de orde. In deze studie komen die andere zaken aan de orde die bij mensen kunnen gebeuren behalve genezingen en bevrijdingen.

Er is een enorme diversiteit als het gaat om manifestaties. In deze studie zijn ze samengevoegd onder allerlei kopjes, zie de inhoudsopgave.

De Bijbel heeft geen theologie over manifestaties. Al die voorbeelden van manifestaties in deze studie zijn beschrijvingen van wat in werkelijkheid gebeurde. Het is ook niet zo dat mensen zochten of verlangden naar manifestaties. Het waren mensen, die zochten Gods wil te doen en een God, die iets bijzonders wilde doen en dan gebeurden er ‘rare’ dingen.

Deze studie heeft dan ook niet het doel het zoeken naar manifestaties aan te sporen. Nee, maar wel om manifestaties te herkennen en daardoor te weten hoe je er tegenover moet  staan. En nog meer, als dit soort dingen gebeuren dat je weet dat de geestelijke wereld dichtbij is. En als het een uitstorting van de Geest is dan weet je dat op dat moment de kerk vernieuwt en dat er daardoor weer hoop voor de wereld is.

Verder is het goed om te weten dat in het ene tijdperk meer manifestaties zijn dan in het andere, maar dat het van alle tijden is, zeker ook van onze tijd. En verder dat deze manifestaties er ook zijn vanuit de occulte wereld. Voorbeelden van teksten uit de Bijbel staan hieronder. Het is daarom goed om te kunnen onderscheiden waar de manifestaties vandaan komen.

Wat komt allemaal aan de orde? In extase/trance zijn, in geestvervoering raken, dronken in de Geest, glans en luister, niet meer in staat zijn, vallen, opheffen, springen, meenemen en lachen, roepen, luid gejuich en er komt iets op je.

1. Opmerkingen vooraf

De meesten van ons zullen zijn opgevoed met de uitspraak “spoken bestaan niet”. Als je onze kijk op het bovennatuurlijk zou moeten samenvatten zou dat in deze drie woorden kunnen. Dat geldt dan niet alleen voor spoken maar ook over al die andere bovennatuurlijke zaken. Onze kijk is steeds meer twee dimensionaal geworden zonder een geestelijke diepte. Het is tijd om dat te veranderen, ga daarom aan de slag met deze studie.

Je ziet dat verschil al tussen de Statenvertaling die bijvoorbeeld nog mensen laat vallen in de nabijheid van God, en de NBV waarbij de mensen zich neerbuigen. In deze studie is zonder nadere aanduiding de NBV gebruikt, behalve daar waar de Statenvertaling (SV) ruimte geeft voor een geestelijke kijk en de NBV dat niet doet.

In de boeken van de Bijbel vind je nergens een overzicht of een beschouwing over manifestaties. Het woord manifestaties komt ook niet voor. Zoals bij veel onderwerpen geeft ook hier de Bijbel een veelheid aan gebeurtenissen, die allemaal een stukje van het verhaal vertellen. Met deze studie leer je hopelijk om een aantal van die stukjes in je op te nemen. De grote uitdaging van deze studie is, voor ons als platlanders, het bovennatuurlijke in de tekst weer te leren zien.

Ik heb bij deze studie gebruik gemaakt van de sites debijbel.nl voor de vertalingen, de blueletterbible.com voor de woordnummers, de biblehub.com voor de interlineaire vertalingen voor de precies tekst en van de boeken van de Studiebijbel van Centrum voor Bijbelonderzoek. Deze studie is niet compleet, er zijn diverse woorden en teksten, die nog niet zijn bekeken.

2. Manifestaties

Het Nieuwe Testament schrijft regelmatig over manifestaties.

Grieks woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1. φανέρωσις phanerōsis Zelfstandig  naamwoord vrouwelijk G5321 Manifestatie.
Het woord komt twee keer voor in twee verzen.
KJV: manifestation (2x).
2. φανερόω phaneroōWerkwoord G5319 Manifesteren, openbaar maken.
Het woord komt 58 keer voor in 43 verzen.
KJV: make manifest (19x), appear (12x), manifest (9x), show (3x), be manifest (2x), show (one’s) self (2x), manifestly declare (1x), manifest forth (1x).

Het gaat wat het eerste woord betreft eenmaal om de manifestaties van de Geest en eenmaal om de manifestaties van de waarheid.

1 Korintiërs 12:7. In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente. [manifestatie van de Geest

2 Korintiërs 4:1-2. Omdat God ons in zijn ​barmhartigheid​ deze taak gegeven heeft, verzaken wij onze plicht niet. Integendeel, we hebben ons afgekeerd van heimelijke lafheid: we gaan niet sluw te werk, vervalsen het woord van God niet, maar maken de waarheid openlijk bekend. Zo bevelen we ons ten overstaan van God aan bij ieders geweten. [NBG de waarheid aan het licht brengen; SV/HSV: openbaring van de waarheid]

<<het tweede woord uit de tabel nog verder uitzoeken>>

3. In extase/trance zijn

De King James Vertaling gebruikt het woord trance twee keer in het Oude Testament. In het Hebreeuws is er geen woord voor trance, althans ik heb het niet gevonden. Het gaat dan in het Hebreeuws om een uitdrukking met drie woorden, waarvan twee werkwoorden: vallen openen ogen. Zie in de tabel hieronder.

Grieks woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1.נָפַל naphalWerkwoord H5307 H5869.Vallen.
Komt 435 keer voor in 403 verzen.
KJV: fall (318x), fall down (25x), cast (18x), cast down (9x), fall away (5x), divide (5x), overthrow (5x), present (5x), lay (3x), rot (3x), accepted (2x), lie down (2x), inferior (2x), lighted (2x), lost (2x), miscellaneous (22x).
2.גָּלָה galahWerkwoord H1540Ontdekken, openen.
Komt 190 keer voor in 168verzen.
KJV: uncover (34x), discover (29x), captive (28x), carry away (22x), reveal (16x), open (12x), captivity (11x), shew (9x), remove (6x), appear (3x), miscellaneous (18x).
3.ew עַיִן (`ayin),Zelfstandig
naamwoord
mannelijk of
vrouwelijk
H5869Ogen.
Komt 888 keer voor in 830 verzen.
KJV: eye (495x), sight (216x), seem (19x), colour (12x), fountain (11x), well (11x), face (10x), pleased (with H3190) (10x), presence (8x), displeased (with H3415) (8x), before (8x), pleased (with H3474) (4x), conceit (4x), think (4x), miscellaneous (66x).

In trance vallen
Numeri 24:3-6. ‘Zo spreekt ​Bileam, de zoon van Beor, zo spreekt de man wiens oog geopend is, zo spreekt hij die Gods woorden hoort en ziet wat de Ontzagwekkende toont, in ​vervoering, met ontsloten ogen: Hoe mooi zijn uw ​tenten, ​Jakob, hoe mooi uw woningen, Israël, als palmbomen, overal verspreid, als tuinen langs een rivier, als aloë’s door de HEER geplant, als ceders langs het water.

Numeri 24:15-17. ‘Zo spreekt ​Bileam, de zoon van Beor, zo spreekt de man wiens oog geopend is, zo spreekt hij die Gods woorden hoort, die weet wat de Allerhoogste weet en ziet wat de Ontzagwekkende toont, in ​vervoering, met ontsloten ogen: Wat ik zie is niet in het heden, wat ik waarneem is niet nabij. Een ster komt op uit ​Jakob, een ​scepter​ uit Israël. Hij verbrijzelt ​Moab​ de slapen, de ​kinderen​ van ​Set​ slaat hij neer. Etc.

De combinatie vallen openen ogen komt alleen in deze twee verzen van Numeri 24 voor. Het zijn beide teksten over Bileam een priester uit de volken.

In het Nieuwe Testament gebruikt de KJV het woord trance in het verhaal van Petrus als hij in vervoering raakt op het dak en een droom ziet over de dieren. Handelingen 10:10, 11:5 en 22:17. Hier wordt het woord extasis gebruikt.

Grieks woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1.ἔκστασις ekstasis Zelfstandig naamwoord vrouwelijk G1611Buiten zinnen. Extase.
Komt 7 keer voor in 7 verzen.
KJV: trance (3x), be amazed (with G3083) (2x), amazement (1x), astonishment (1x).

Markus 5:42. Hij (Jezus) pakte het ​kind​ bij de hand en zei haar: ‘Talita koem.’ In vertaling betekent dat: Meisje, Ik zeg je, sta op.  Meteen stond het meisje op en liep rond. Ze was twaalf jaar. Ze raakten buiten zichzelf van opwinding. [Willibrord vertaling. Er staat letterlijk: onmiddellijk groot (mega) extase. De NBV: met stomheid geslagen]

Markus 16:8. Ze vluchtten naar buiten, van het ​graf​ weg, bevend van angst en buiten zichzelf. Ze zeiden niemand iets, want ze waren bang. [Willibrord vertaling. HSV: ontsteltenis . NBG: ontzetting. NBV: schrik]

Lukas 5:26. Verrukking maakte zich van iedereen meester. Ze verheerlijkten God en zeiden vol ontzag: ‘Het is ongelooflijk wat we vandaag gezien hebben.’ [Willibrord vertaling. HSV: ontsteltenis. NBV: stonden versteld]

Handelingen 3:6-10. Maar ​Petrus​ zei: ‘Geld​ heb ik niet, maar wat ik wel heb, geef ik u: in de naam van ​Jezus​ ​Christus​ van ​Nazaret, sta op en loop.’ Hij pakte hem bij zijn rechterhand om hem overeind te helpen. Onmiddellijk kwam er kracht in zijn voeten en enkels. Hij sprong op, ging staan en begon te lopen. Daarna ging hij samen met hen de ​tempel​ binnen, lopend en springend en God lovend. Alle tempelbezoekers zagen hem lopen en hoorden hem God loven. Ze herkenden hem als de bedelaar die altijd bij de tempelpoort had gezeten en waren buiten zichzelf van verbazing over wat er met hem was gebeurd.

Handelingen 10:9-10. En de volgende dag, terwijl zij op ​reis​ waren en de stad naderden, klom ​Petrus​ op het ​dak​ om te ​bidden, ongeveer op het zesde uur, en hij kreeg honger en wilde iets nuttigen. En terwijl zij het eten bereidden, raakte hij in geestvervoering. [HSV. De NBV kreeg een visioen. Dat staat niet in de tekst]

Handelingen 11:5. Ik was in de stad Joppe aan het ​bidden​ en zag in geestvervoering een ​visioen: een bepaald voorwerp daalde neer, dat leek op een groot ​linnen​ laken, dat aan de vier hoeken neergelaten werd uit de hemel, en het kwam tot dicht bij mij. [HSV. De NBV werd ik gegrepen door een visioen. Er staat letterlijk: ik zag in extase een visioen]

Handelingen 22:17. En het overkwam mij, toen ik in ​Jeruzalem​ teruggekeerd was en in de ​tempel​ bad, dat ik in geestvervoering raakte, en dat ik Hem zag en Hij tegen mij zei: Haast u en ga met spoed uit ​Jeruzalem​ weg, want ze zullen uw getuigenis over Mij niet aannemen. [HSV.

Verbijsterd over de verschijning
Het gaat in beide onderstaande teksten over ontzetting  שָׁמֵם (shamem) Strong nummer H8074 en over het gezicht מַרְאֶה (mar’eh), Strong nummer H4758.

Jesaja 52:14. 14 Zoals velen zich over u ontzet hebben, alzo verdorven was Zijn gelaat, meer dan van iemand, en Zijn gedaante, meer dan van andere mensenkinderen [SV]

Daniel 8:27. Toen werd ik, Daniël, zwak, en was enige dagen krank; daarna stond ik op, en deed het werk des konings; en ik was ontzet over dit gezicht; maar niemand merkte het. [SV]

In deze tekst wordt de ontzetting verbonden met het woord יָשַׁב yashab, Strong H3427, dat hier zitten betekent: Ik zit waar ik zit en was verdoofd. [SV verbaasd]

Ezechiël 2:12-15. Toen hief een geest mij op, en ik hoorde achter mij een zwaar dreunend geluid: ‘De luister van de HEER zij geloofd in zijn woning!’ Het was het geluid van de vleugels van de wezens die elkaar raakten, en van de wielen naast hen; het klonk als een hevig dreunen. De geest hief mij op en voerde mij weg. Bitter gestemd en ontdaan ging ik mee; de hand van de HEER had mij vastgegrepen. Ik kwam weer in Tel-Abib, bij de ballingen die wonen bij het Kebarkanaal. Daar zat ik zeven dagen verdoofd in hun midden. [wat betreft het opheffen, die het betreffende hoofdstuk]

Extase/Buiten jezelf staan ἐξίστημι (ex-istemi)
Al lezend in mijn nieuwe NBV Bijbel kwam ik enkele jaren terug in 2 Korintiërs 5:13 ineens het woord extase tegen. Hè, extase? Paulus schrijft het op alsof het voor hem gewoon is. Paulus regelmatig in extase? Paulus is toch ons voorbeeld? Je zou je af kunnen vragen: “Als het voor hem gewoon was, waarom dan niet voor ons?”

2 Korintiërs 5:13. ‘Zijn we in extase, dan is het voor God; zijn we bij zinnen, dan is het voor u’. [SV: ‘zijn we uitzinnig’,  NBG: ‘zijn we in geestvervoering’, Het Boek:  ‘Als wij in vervoering zijn, is het voor God. Als wij nuchter en kalm zijn, is het voor u’]

Paulus gebruikt het Griekse werkwoord ἐξίστημι ex-istemi, dat betekent ‘buiten jezelf gaan staan’,  het is Strong nummer G1839 en komt 21 keer voor in 17 verzen[1].

Meestal staat het er als er een groot wonder is gebeurd waar je met je normale verstand niet bij kunt. Men vertaalt dit woord dan bijvoorbeeld met ‘ontzet’, ‘verbijsterd’.

In  Marcus 3:21 wordt gezegd dat zijn verwanten op weg gingen om Jezus mee te nemen omdat ze dachten dat hij ‘buiten zichzelf was gekomen’ na alle commotie die Jezus had veroorzaakt door de genezingen. <<de andere 15 verzen zijn het waard om nog verder te onderzoeken>>

Extase/buiten jezelf raken ἔκστασις (ekstasis)
Het zelfstandig naamwoord ‘ekstasis’, waar ons woord ‘extase’ van is afgeleid, komt op zeven plaatsen in de bijbel voor, het is Strong nummer G1611[2].

Het woord heeft de betekenis van ‘buiten jezelf raken’. Dat kan door een extase zijn, maar ook omdat je verbijsterd of ontzet raakt door wat je meemaakt, doordat je bijvoorbeeld een opwekking van een dode meemaakt zoals in Marcus 5:42.

Er zijn drie teksten waarbij het Griekse ekstasis om het Nederlandse extase gaat.

Handelingen 10:10. Maar hij [Petrus] kreeg honger en wilde iets eten. Terwijl er eten voor hem werd klaargemaakt, werd hij gegrepen door een visioen. [SV ‘viel over hem een vertrekking van zinnen’, KJV ‘he fell into a trance’]

In Handelingen 11:5 staat dezelfde omschrijving. Petrus is het hier, die het verhaal doorvertelt.

Handelingen 22:17. Later, toen ik [Paulus] terug was in Jeruzalem en in de tempel aan het bidden was, werd ik opeens gegrepen door een visioen. [SV en KJV hanteren dezelfde vertalingen als hiervoor]

Hier vertelt Paulus aan een menigte op de trappen van de tempel dat hij bij het bidden in de tempel in de tijd van zijn bekering ‘buiten zichzelf raakte’ en Jezus zag die tot hem sprak.

Gezichten en openbaringen van de Heer optasias kai apokalupseis kuriou
1 Korintiërs 12:1-4. Ik word er wel toe gedwongen hoog van mezelf op te geven. Daarom zal ik, hoewel het geen enkel doel dient, het hebben over visioenen en openbaringen die de Heer ons schenkt. Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen –  werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken. Van zo iemand wil ik hoog opgeven. Wat mijzelf betreft zal ik me slechts op mijn zwakheid laten voorstaan.

Paulus verhaalt van gezichten en openbaringen van de Heer (optasias kai apokalupseis kuriou), die ‘een mens’ had gehad. Hij was tot in de derde hemel, werd weggevoerd naar het paradijs, en hoorde onuitsprekelijke woorden.

Van zo iemand wil ik hoog opgeven schrijft Paulus om maar aan te geven dat Paulus bijzonder positief tegen gezichten en openbaringen aankijkt.

Gezichten ὀπτασία (optasias)
Het zelfstandig naamwoord ὀπτασία optasias, gezichten, Strong G3701, komt vier keer voor in het Nieuwe Testament. De KJV vertaalt alle vier keer met ‘vision’. Naast hierboven uit 1 Korintiërs komt het woord voor in:

Lukas 1:22. En toen hij [Zacharias] uitkwam, kon hij tot hen niet spreken; en zij bekenden, dat hij een gezicht in de tempel gezien had. En hij wenkte hun toe, en bleef stom.

Lukas 24:22-23. Maar ook sommige vrouwen uit ons [de Emmaüsgangers] hebben ons ontsteld [existimi, zie hierboven], die vroeg in de morgenstond aan het graf geweest zijn; En Zijn lichaam niet vindende, kwamen zij en zeiden, dat zij ook een gezicht van engelen gezien hadden, die zeggen, dat Hij leeft. [SV, de NBV maakt het minder geestelijk]

Handelingen 26:13-20. Zag ik [Paulus op weg naar Damascus], o koning, in het midden van de dag, op de weg een licht, boven de glans der zon, van de hemel mij en hen, die met mij reisden, omschijnende. En toen wij allen ter aarde neergevallen waren, hoorde ik een stem, tot mij sprekende, en zeggende in de Hebreeuwse taal: Saul, Saul, wat vervolgt gij Mij? Het is u hard, tegen de prikkels de verzenen te slaan. En ik zeide: Wie zijt Gij, Heere? En Hij zeide: Ik ben Jezus, Die gij vervolgt. Maar richt u op, en sta op uw voeten; want hiertoe ben Ik u verschenen, om u te stellen tot een dienaar en getuige der dingen, beide die gij gezien hebt en in welke Ik u nog zal verschijnen; Verlossende u van dit volk, en van de heidenen, tot welke Ik u nu zend; Om hun ogen te openen, en hen te bekeren van de duisternis tot het licht, en van de macht van de satan tot God; opdat zij vergeving der zonden ontvangen, en een erfdeel onder de geheiligden, door het geloof in Mij. Daarom, o koning Agrippa, ben ik dat Hemels gezicht niet ongehoorzaam geweest; [SV, de NBV maakt het minder geestelijk]

Openbaringen ἀποκάλυψις (apokalupseis)
Het zelfstandig naamwoord ἀποκάλυψις apokalupseis, openbaringen, Strong G602, komt totaal 18 keer voor in het Nieuwe Testament. KJV vertaalt met”: revelation (12x), be revealed (2x), to lighten (with G1519) (1x), manifestation (1x), coming (1x), appearing (1x). <<dit is nog verder uit te zoeken>>

4.  In geestvervoering raken

In de boeken van de Bijbel komt het Hebreeuwse werkwoord נָבָא (naba’) voor, Strong nummer H5012. Het woord komt 115 keer voor in 102 verzen. Je kunt dit woord met profeteren vertalen. Je kunt profeteren in verstaanbare woorden en dan ook een boodschap hebben. Het kan ook zijn, althans dat is mijn indruk, dat het lange tijd doorgaat en niet zozeer een duidelijke boodschap heeft. Het lijkt of is dan als het spreken in tongen.

De NBV vertaalt het woord נָבָא (naba’) 16 keer in 14 verzen met vervoering. Deze verzen staan hieronder.

Numeri 11:24-26. Mozes ging naar buiten en bracht de woorden van de HEER aan het volk over. Daarna bracht hij zeventig oudsten van het volk bijeen en stelde hen rond de tent op. Toen daalde de HEER af, in de wolk. Hij sprak tot Mozes en droeg een deel van de geest die op hem rustte, op de zeventig oudsten over. Zodra de geest op hen rustte begonnen ze te profeteren. Dat is daarna niet opnieuw gebeurd. Twee mannen, van wie de een Eldad heette en de ander Medad, waren in het kamp gebleven; ze stonden wel op de lijst van zeventig maar waren niet naar de tent gegaan. Zodra de geest op hen rustte begonnen ook zij te profeteren, in het kamp.

Numeri 11:27-29. 27 Een jongeman rende naar Mozes toe en zei: ‘Eldad en Medad zijn in het kamp aan het profeteren!’ ‘Zeg dat ze daarmee ophouden, heer!’ zei Jozua, de zoon van Nun, die van jongs af aan Mozes’ rechterhand was geweest. Maar Mozes zei: ‘Denk je soms dat jij voor mijn belangen moet opkomen? Legde de HEER zijn geest maar op heel het volk! Profeteerde iedereen maar!’

[De laatste onderstreepte tekst lijkt sterk op de uitspraak van Paulus ‘spraken jullie allemaal maar in tongen”, 1 Korintiërs 14:5, waarmee hij dus bewust de Torah citeerde]

Het profeteren of in vervoering raken komen we vervolgens tegen na de zalving van Saul.

1 Samuel 10:1. Hij goot een kruikje olie over Sauls hoofd uit, kuste hem en zei: ‘Hierbij zalft de HEER u tot vorst over het volk dat hem toebehoort.’

1 Samuel 10:5-7. Als u ten slotte terugkomt in Gibea-Elohim, zult u in de buurt van de stad, bij de Filistijnse wachtpost, een stoet profeten tegenkomen die in vervoering van de offerhoogte afdaalt, voorafgegaan door muzikanten met harpen, tamboerijnen, fluiten en lieren. Dan zult u worden gegrepen door de geest van de HEER en ook in vervoering raken, en u zult een ander mens worden.  Tijdens de gebeurtenissen die ik zojuist heb beschreven kunt u doen zoals uw hart u ingeeft, want God staat u bij.

1 Samuel 10:9-13. En inderdaad, zodra Saul zich had omgedraaid om zijn weg te vervolgen, maakte God van hem een ander mens. En alle voorspelde gebeurtenissen kwamen diezelfde dag nog uit. Toen ze bij Gibea aankwamen, kwam hun een stoet profeten tegemoet. Saul werd gegrepen door de geest van God en raakte net als zij in vervoering. Allen die hem van vroeger kenden en zagen dat hij zich in vervoering bij de profeten had aangesloten, zeiden tegen elkaar: ‘Wat is er met de zoon van Kis gebeurd? Hoort Saul nu ook al bij de profeten?’ En een van hen merkte op: ‘Wie is hun vader eigenlijk?’ Zo komen we aan de uitdrukking: Hoort Saul nu ook al bij de profeten? Toen zijn vervoering voorbij was, ging Saul naar de offerhoogte.

De tweede keer dat Saul in vervoering raakt.

1 Samuel 19:18b-24. Hij [David] nam zijn intrek bij Samuel in het profetenhuis. Toen Saul hoorde dat David in het profetenhuis in Rama verbleef, stuurde hij er mannen naartoe om hem gevangen te nemen. Daar aangekomen zagen ze de hele profetengemeenschap in vervoering, onder toezicht van Samuel. Ook Sauls mannen werden door de geest van God overmand en ook zij raakten in vervoering. Toen Saul hiervan hoorde, stuurde hij andere mannen, maar ook die raakten in vervoering. Saul gaf niet op en stuurde een derde groep, maar ook die raakte in vervoering. Ten slotte ging hij er zelf op af. Toen hij bij de grote put in Sechu aankwam, vroeg hij: ‘Waar zijn Samuel en David?’ ‘Die zijn in het profetenhuis in Rama,’ luidde het antwoord. Saul begaf zich naar Rama en onderweg werd ook hij overmand door de geest van God. De hele weg naar het profetenhuis was hij in vervoering, en daar aangekomen trok ook hij zijn kleren uit en viel naakt en tierend voor Samuel op de grond. Dat ging een hele dag en nacht zo door, en sindsdien zegt men: Hoort Saul nu ook al bij de profeten?

In de Bijbel zie je dat er profetengroepen waren, met tientallen en soms honderden profeten (1 Koningen 18:4; 2 Koningen 2:7). Die groepen liepen soms of dikwijls, dat weten we niet, in geestvervoering in het openbaar rond, zoals hierboven in 1 Samuel 10:5. In die profetengroepen waren ook vrouwen, zoals de vrouw van Jesaja. Over die groepen is zo goed als niets bekend, behalve dat Saul en zijn soldaten al in trance kwamen, als ze een profetenhuis nog maar naderden!

Tenslotte nog twee voorbeelden het vervolg van de geschiedenis van Israël.

1 Koningen 18:29. In vervoering bleven ze schreeuwen, maar ook toen het middaguur allang voorbij was en het uur voor het graanoffer aanbrak, was er nog steeds geen enkele reactie gekomen: het bleef stil, niemand gaf antwoord. [hier zijn de priesters van Baäl in vervoering om vuur uit de hemel te ontvangen]

1 Koningen 22:10. De koning van Israël en de koning van Juda, Josafat, zaten ieder in hun staatsiegewaad op een troon op de dorsvloer voor de stadspoort van Samaria, in gezelschap van de in vervoering geraakte profeten. [dit waren profeten waar koning Josafat van Juda geen goede indruk van had en die zoals achteraf bleek ook leugens hadden geprofeteerd. Dezelfde tekst staat in 2 Kronieken 18:9]

1 Kronieken 25:1-3. En David, alsook de legeroversten, scheidde af tot de dienst, van de kinderen van Asaf, en van Heman, en van Jedúthun, die met harpen, met luiten en met cimbalen profeteren zouden; en die onder hen geteld werden, waren mannen, bekwaam tot het werk van hun dienst. Van de kinderen van Asaf waren Zakkur, en Jozef, en Nethánja, en Asaréla, kinderen van Asaf; onder de hand van Asaf, die onder de handen van de koning profeteerde. Aangaande Jedúthun: de kinderen van Jedúthun waren Gedálja, en Zeri, en Jesája, Hasábja en Mattíthja, zes; onder de handen van hun vader Jedúthun, op harpen profeterende met de Heere te danken en te loven. [SV. De NBV vertaalt het met zingen]

Ik was in de Geest ἐγενόμην ἐν πνεῦμα  egonomen en pneuma.
In het Griekse deel van de Bijbel komen we de uitdrukking “Ik was in de geest” tegen. Dat bevat woorden met Strong nummers G1096, G1722 en G4151 en komt twee keer voor.

Openbaringen 1:10-11a. En ik was in de geest op de dag des Heeren; en ik hoorde achter mij een grote stem, als van een bazuin, Zeggende: Ik ben de Alfa en de Oméga, de Eerste en de Laatste; en hetgeen gij ziet, schrijf dat in een boek, en zend het aan de zeven gemeenten, die in Azië zijn [SV, de NBV ‘raakte in vervoering’]

Openbaringen 4:2-3. En terstond werd ik in de geest; en ziet, er was een troon gezet in de hemel, en er zat Een op de troon. En Die daarop zat, was in het aanzien de steen jaspis en sardius gelijk; en een regenboog was rondom de troon, in het aanzien de steen smaragd gelijk. [SV, de NBV ‘raakte in vervoering’]

<<er zullen teksten zijn met in de geest, die ook op een bovennatuurlijke manifestatie duiden. Dat nog uitzoeken>>

5. Dronken in de Geest

Zowel in het Oude als het Nieuwe Testament komt een dronken zijn voor, die met de aanwezigheid van Geest van God te maken heeft.

Dronken שָׁכַר (shakar)
Het Hebreeuwse woord voor dronken is שָׁכַר (shakar), Strong H7937 en komt 19 keer voor in 19 verzen. De eerste keer dat in de boeken van de Bijbel het woord is gebruikt is als Noach dronken is, dat is na de zondvloed. Daarna als Jozef zijn broers dronken voert bij de eerste ontmoeting van hem met zijn broers.

1 Samuel 1:14-15. Hij sprak haar aan en vroeg: ‘Gaat dit nog lang zo duren? Als u dronken bent, ga dan uw roes uitslapen!’ ‘U vergist u, heer,’ antwoordde Hanna. ‘Ik heb geen wijn of andere drank gedronken. Nee, ik ga gebukt onder een zwaar verdriet en stort mijn hart uit bij de HEER.

Hooglied 5:1b. Eet, vriend en vriendin! Drink, en word dronken van liefde!

Dit lijkt op de tekst van Psalm 36 vers 2 in de Oude Berijming: Uw goedheid, Heer’, is hemelhoog, Uw waarheid tot den wolkenboog, Uw recht is als Gods bergen, Uw oordeel grondloos; Gij behoedt, En zegent mens en beest,en doet Uw hulp nooit vruchtloos vergen. Hoe groot is Uw goedgunstigheid, Hoe zijn Uw vleuglen uitgebreid! Hier wordt de rust geschonken; Hier ’t vette van Uw huis gesmaakt. Een volle beek van wellust maakt, Hier elk in liefde dronken.

Er is trouwens ook nog een dronken in de geest, die niet tot opbouw is van het geloof maar, die tot onvruchtbaarheid leidt. 

Jesaja 29:9b-10. De profeten zijn dronken, maar niet van de wijn, de priesters waggelen, maar niet door de drank. Want een geest van diepe slaap heeft de HEER over jullie uitgestort: hij heeft jullie ogen, de profeten, gesloten en jullie verstand, de zieners, verduisterd.

Het dronken zijn komt negen keer in Jesaja en Jeremia voor en steeds in de zin dat de HEER ze dronken maakt om het oordeel te ontvangen. Eenmaal is er hoop voor de kinderen van Israël.

Jesaja 51:20-23a. Je kinderen zijn bezweken … overweldigd door de toorn van de HEER, verlamd door de dreiging van je God. Daarom, luister hiernaar, ongelukkige, jij die beschonken bent, maar niet door de wijn. Dit zegt je God, de HEER, de God die het opneemt voor zijn volk: Ik neem de bedwelmende beker uit je hand, de kelk, de beker van mijn toorn, je hoeft er niet meer uit te drinken. Ik geef hem aan hen die jou kwelden.

Het is duidelijk dat er een scheiding en geen verwarring moet zijn tussen het dronken in de geest en het van het onder invloed komen van wijn. In Leviticus staat daar de regels voor de priester voor.

Leviticus 10: 8-9. Toen zei de HEER tegen Aäron: ‘Jij en je zonen mogen geen wijn of andere drank drinken voor je naar de ontmoetingstent komt, anders sterven jullie. Deze bepaling blijft voor jullie en je nakomelingen voor altijd van kracht.

In de ontmoetingstent was er zoveel aanwezigheid van God dat het een manifesterende werking had op de mensen, die in de tent waren. <<verder uitzoeken>>

Dronken μεθύω (methyō)
In het Grieks is het woord voor dronken μεθύω methyō, Strong G3184, dit woord komt acht keer voor in zeven verzen. In vijf teksten heeft het een relatie met de Heilige Geest of een andere geestelijke betekenis.

Johannes 2:10. en zei tegen hem: ‘Iedereen zet zijn gasten eerst de goede wijn voor en als ze dronken zijn de minder goede. Maar u hebt de beste wijn tot nu bewaard!’ [context is de bruiloft van Kana als Jezus water in wijn verandert]

Handelingen 2:11-13. Joden en proselieten, mensen uit Kreta en Arabië – wij allen horen hen in onze eigen taal spreken over Gods grote daden.’ Verbijsterd en geheel van hun stuk gebracht vroegen ze aan elkaar: ‘Wat heeft dit toch te betekenen?’ Maar sommigen zeiden spottend: ‘Ze zullen wel dronken zijn.’

Blijkbaar is er meer aan de hand met de apostelen, en allen die bij hen waren, dan alleen dat ze op luide toon vreemde talen spraken. Als dat alleen aan de hand is, kom je niet op het idee dat men dronken is.

Handelingen 2: 15-17. Deze mensen zijn niet dronken, zoals u denkt; het is immers pas het derde uur na zonsopgang. Wat hier nu gebeurt, is aangekondigd door de profeet Joël: “Aan het einde der tijden, zegt God, zal ik over alle mensen mijn geest uitgieten. Dan zullen jullie zonen en dochters profeteren, jongeren zullen visioenen zien en oude mensen droomgezichten.

De verklaring van Petrus is dat de geest is uitgegoten en blijkbaar heeft dat het effect dat mensen geraakt worden en zich zo gaan gedragen, dat het op dronkenschap lijkt.

In Openbaringen wordt tweemaal over dronken gesproken in negatieve zin, over dronken van de wijn van de ontucht (17:2) en dronken van het bloed van de heiligen (17:6). Dat laatste is een verwijzing naar Jesaja 49:26.

Er is ook nog een werkwoord dronken zijn μεθύσκω (methyskō), Strong G3182, dat woord komt drie keer voor in de Bijbel waarvan eenmaal in geestelijke betekenis namelijk:

Efeziërs 5:18-20. Bedrink u niet, want dat leidt tot uitspattingen, maar laat de Geest u vervullen en zing met elkaar psalmen, hymnen en liederen die de Geest u ingeeft. Zing en jubel met heel uw hart voor de Heer  en dank God, die uw Vader is, altijd voor alles in de naam van onze Heer Jezus Christus.

Waarom zou Paulus de verbinding maken met door de Geest vervulde zaken en ‘bedrinken’? Er zijn genoeg mensen die het dronken zijn in de Geest hebben ervaren: niet goed meer kunnen denken en niet zeker meer op je benen staan. Een aanraking van de Geest kan leiden tot het vallen in de Geest, zie daarvoor de volgende paragraaf.

Natuurlijk we moeten ook nuchter en waakzaam zijn. Er is een tijd voor dronken in de Geest en een andere tijd. Het lijkt me trouwens ook geen tegenstelling, je kunt dronken in de Geest zijn en tegelijker tijd geestelijke nuchter en waakzaam.

Waggelen נוּעַ (nuwa`)
In het Hebreeuws is er het woord נוּעַ (nuwa`) voor , Strong H5128, dat 42 keer voor komt in 36 verzen. Naast waggelen, kan in sommige gevallen ook met schudden of trillen worden vertaald.

Het woord wordt gebruikt bij het bidden van Hanna, zie vorige paragraaf en ook in de hierboven genoemde tekst van Jesaja 29. <<verder nog uitzoeken>>

6. Glans en luister

Het glanzen kom je al in het Oude Testament tegen, maar we komen het ook tegen in de vroeg christelijke kunst waar om Jezus, de apostelen en de heiligen een aureool werd geschilderd.

Allereerst komt dat doordat onze God een stralende verschijning is.
Psalmen 76:5. Hoe stralend bent u, hoe machtig!
Ezechiël 8:4. Daar zag ik de stralende verschijning van de God van Israel

Glanzen קָרַן qaran
Het Hebreeuwse werkwoord קָרַן qaran, Strong H7160 komt vier keer voor, waarvan drie keer in Exodus 34. De NBV vertaalt met glanzen, de SV met glinsteren. Het woord kan ook de betekenis hebben van horens van een dier, wellicht zoals horen kunnen glinsteren. De betekenis van horens komt terug in Psalm 69:32. De Vulgata ‘gebruikte in Exodus 34 ook het (latijnse) woord voor horens. Dat is de reden waarom de beroemde Italiaanse beeldhouwer Michelangelo het beeld van Mozes maakte met twee horentjes.

Exodus 34:29-30. En het geschiedde, toen Mozes van de berg Sinaï afging (de twee tafelen der getuigenis nu waren in de hand van Mozes, toen hij van de berg afging), zo wist Mozes niet, dat het vel van zijn aangezicht glinsterde, toen Hij met hem sprak. 30 Toen nu Aäron en al de kinderen Israëls Mozes aanzagen, ziet, zo glinsterde het vel van zijn aangezicht; daarom vreesden zij tot hem toe te treden. [SV}

Exodus 34:34-35. Doch als Mozes voor het aangezicht des Heeren kwam, om met Hem te spreken, zo nam hij de bedekking af, totdat hij uitging; en nadat hij uitgegaan was, zo sprak hij tot de kinderen Israëls, wat hem geboden was. Zo zagen de kinderen Israëls het aangezicht van Mozes, dat het vel van het aangezicht van Mozes glinsterde; derhalve deed Mozes de bedekking weer op zijn aangezicht, totdat hij inging om met Hem te spreken. [SV]

<<hieronder nog verder uitwerken>>

Psalmen 34:9. Wie naar hem opzien, stralen van vreugde.
Spreuken 4:18. De weg van de rechtvaardigen is stralend als de zon die opkomt, hoger klimt, totdat de dag zijn licht verspreidt.
Jesaja 60:1. Sta op en schitter, je licht is gekomen, over jou schijnt de luister van de Heer. [schitter komt van het Hebreeuwse werkwoord אוֹר (‘owr) Strong H215 en de luister van het zelfstandig naamwoord כָּבוֹד (kabowd), Strong H3519
Jesaja 60:5. Je zult stralen van vreugde als je het ziet, je hart zal van blijdschap overslaan.

Matteüs 17:2. Voor hun ogen veranderde hij van gedaante, zijn gezicht straalde als de zon en zijn kleren werden wit als het licht.
Lucas 9:26. Wanneer hij komt in de stralende luister die hemzelf, de Vader en heilige engelen omgeeft.

2 Korintiërs 3:7-8. Wanneer wat de dood bracht en met letters in steen werd gegrift, al met zo veel luister verscheen dat het volk van Israël niet naar Mozes kon kijken door de stralende glans op zijn gezicht – een glans die verdween –, zal dan wat de Geest brengt niet nog groter luister hebben?

2 Korintiërs 3:9-18. Wanneer wat tot veroordeling leidt al met luister is bekleed, dan is wat tot vrijspraak leidt dat des te meer. De luister van toen is niets in vergelijking met de overweldigende luister van nu. Wanneer wat verdwijnt al luister bezit, geldt dat des te meer voor wat blijft. Dit is onze hoop, en daarom handelen we in alle openheid en zijn we niet als Mozes, die zijn gezicht met een sluier bedekte, zodat de Israëlieten niet konden zien dat de glans verdween. Hun denken verstarde, en dezelfde sluier ligt tot op de dag van vandaag over het oude verbond wanneer het voorgelezen wordt. Hij wordt alleen in Christus weggenomen. Tot op de dag van vandaag ligt er een sluier over hun hart, telkens als de wet van Mozes wordt voorgelezen. Maar telkens als iemand zich tot de Heer wendt, wordt de sluier weggenomen. Welnu, met de Heer wordt de Geest bedoeld, en waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid. Wij allen die met onbedekt gezicht de luister van de Heer aanschouwen, zullen meer en meer door de Geest van de Heer naar de luister van dat beeld worden veranderd.  

7. Niet meer in staat zijn

In een tweetal gevallen in de boeken van de Bijbel is het duidelijk dat ze door de aanwezigheid van God niet konden blijven staan of hun kracht verloren.

De eerste gaat over de inwijding van de tempel.

2 Kronieken 5:13-14. Het geschiedde dan, toen zij eenparig trompetten en zongen, om een eenparige stem te laten horen, prijzende en lovende de Heere; en toen zij de stem verhieven met trompetten, en met cimbalen, en andere muzikale instrumenten, en toen zij de Heere prezen, dat Hij goed is, dat Zijn weldadigheid is tot in eeuwigheid; dat het huis met een wolk vervuld werd, namelijk het huis des Heeren. En de priesters konden, vanwege die wolk, niet staan, om te dienen; want de heerlijkheid des Heeren had het huis Gods vervuld. [SV. NBV: De priesters konden hun dienst niet meer verrichten, want de majesteit van God vulde de hele tempel]

In de bijbel worden de werkwoorden יָכֹל  yakol, Strong H3201, kunnen, עָמַד amad Strong H5975 plaatsnemen en שָׁרַת sharath Strong H8334 dienen, gebruikt. De laatste in de betekenis van niet dienen. Je zou kunnen vertalen: ze konden niet plaatsnemen om te dienen. De reden is de aanwezigheid van de wolk. Wat het precies met de priesters deed staat er niet bij. Dat was henzelf wellicht ook niet duidelijk, maar ze waren niet in staat om hun dienst te doen.

Het andere voorbeeld gaat over de profeet Daniel nadat hij God had gezocht.

Daniel 10: 7-11  En ik, Daniël, alleen zag dat gezicht, maar de mannen, die bij mij waren, zagen dat gezicht niet; doch een grote verschrikking viel op hen, en zij vluchtten, om zich te versteken. Ik dan werd alleen overgelaten, en zag dit grote gezicht, en er bleef in mij geen kracht over; en mijn sierlijkheid werd aan mij veranderd in een verderving, zodat ik geen kracht behield. En ik hoorde de stem van Zijn woorden; en toen ik de stem van Zijn woorden hoorde, zo viel ik in een diepe slaap op mijn aangezicht, met mijn aangezicht ter aarde. En ziet, een hand roerde mij aan, en maakte, dat ik mij bewoog op mijn knieën, en de palmen van mijn handen. En Hij zeide tot mij: Daniël, gij zeer gewenste man! merk op de woorden, die Ik tot u spreken zal, en sta op uw standplaats, want Ik ben alsnu tot u gezonden; en toen Hij dat woord tot mij sprak, stond ik bevende. [SV. Vervolgens krijgt Daniel profetieën over de eindtijd]

8. Vallen (Oude Testament)

In de boeken van de Bijbel gaat het diverse malen over vallen op je gezicht. Het vallen gebeurt een enkele keer in combinatie met lachen, juichen en diepe slaap.

Vallen op je gezicht נָפַל פָּנִים (naphal paniym)
Het vallen op het aangezicht, נָפַל naphal vallen en פָּנִים paniym gezicht, Strong nummers H5307 en H6440 komt negentig keer voor in het Oude Testament.

Je kunt om diverse redenen op je gezicht gaan. Soms is het figuurlijk zoals bij Kain, die vond dat hij op zijn gezicht was gegaan bij het samen met Abel offeren (Genesis 4: 5 en 6). Of soms is die diepe buiging, die de mensen maken in het Midden Oosten, gebruikelijk om respect en ontzag te tonen.

Maar als het gaat om respect voor een mens zijn de gebruikelijke woorden het werkwoord שָׁחָה (shachah), Strong H7812 een woord dat 172 keer voorkomt in 166 verzen en het werkwoord קָדַד (qadad), Strong H6915 dat 15 keer voorkomt in 15 verzen.

Maar als je de HEER ontmoet of een engel van de HEER ontmoet of een mens met de Geest van de HEER of er een enorme geestelijke aanwezigheid is vanwege doorbraak of strijd, dan kun je als persoon niet meer blijven staan. Jongeren zouden zeggen “dan ga je op je plaat”. Een uitstekende verwoording van deze Hebreeuwse woorden.

Vooral de moderne vertalers van de Bijbel hebben de neiging om de teksten alledaags en menselijk te maken. Daardoor verdwijnt de geestelijke diepte in de vertalingen. Dat geldt ook voor dit onderwerp. Hierbij als voorbeeld Genesis 17:1 uit de Statenvertaling en andere bekende Nederlandse vertalingen.

Genesis 17: 1-4 Toen nu Abram negen en negentig jaren oud was, zo verscheen de Heere aan Abram, en zeide tot hem: Ik ben God, de Almachtige! Wandel voor Mijn aangezicht, en wees oprecht! En Ik zal Mijn verbond stellen tussen Mij en tussen u, en Ik zal u gans zeer vermenigvuldigen. Toen viel Abram op zijn aangezicht, en God sprak met hem, zeggende: Mij aangaande, zie, Mijn verbond is met u; en gij zult tot een vader van menigte der volken worden! [Statenvertaling]

NBG: “Toen wierp Abram zich op zijn aangezicht” [het overkomt Abram niet, maar hij doet het zelf]
HSV: “Toen wierp Abram zich met het gezicht ter aarde” [ook een daad van Abram]
NBV: “Abram boog zich diep neer” [idem, maar het is ook een culturele uiting geworden]
Willibrod vertaling: “Toen boog Abram diep neer”
Het Boek: “Abram wierp zich op de grond”
Bijbel in Gewone Taal: “Abram maakte een diepe buiging” [dit is wel de meest geestelijk platte vertaling]
Van de Engelse vertalingen hier The Message: “Overwhelmed, Abram fell flat on his face”. [hierbij lijkt het een emotionele reactie]

Genesis 17:17. Toen viel Abraham op zijn aangezicht, en hij lachte; en hij zeide in zijn hart: Zal een, die honderd jaren oud is, een kind geboren worden; en zal Sara, die negentig jaren oud is, baren? [SV]

Hier is de combinatie van vallen en lachen. In het Hebreeuws staat er: וַיִּצְחָ֑ק פָּנָ֖יו עַל־ אַבְרָהָ֛ם וַיִּפֹּ֧ל Als je de woorden van rechts naar links bekijkt, staat er:  way·yip·pōl (toen viel) abraham ‘al (op) pa-naw (gezicht) way·yiṣ·ḥāq (en lachte). Abraham noemt later zijn zoon Isaak. De naam Isaak is een verbuiging van de Hebreeuwse naam Jitschak, dat hij lachte of hij zal lachen betekent. Het lachen is blijkbaar zo belangrijk dat Abraham zijn zoon ernaar vernoemt.

Genesis 44:14-16. En Juda kwam met zijn broeders in het huis van Jozef; want hij was nog zelf aldaar; en zij vielen voor zijn aangezicht neer ter aarde [SV]. ‘Wat hebben jullie gedaan?’ verweet Jozef hun. ‘Beseften jullie niet dat een man als ik kan zien wat voor anderen verborgen is?’ Juda antwoordde: ‘Wat kunnen wij u hierop antwoorden, heer? Hoe kunnen we ons vrijpleiten? God heeft de misdaad van uw dienaren aan het licht gebracht. Wij zijn bereid uw slaaf te worden, mijn heer, niet alleen degene bij wie de beker is gevonden, maar wij allemaal.’ [NBV]

Deze geschiedenis, je zou dit hele verhaal moeten lezen, heeft een enorme impact op het geestelijk welzijn van het volk Israël. Men had, zoals men later met Jezus zou doen, hun door God aangewezen leider en broer Jozef willen vermoorden. Maar de HEER brengt hen in deze geschiedenis in de positie om aan het oordeel wat hen zou wachten een keer te brengen. Dit voorbeeld is dus vallen vanwege een persoon, een mens.

Leviticus 9:23-24. Toen ging Mozes met Aäron in de tent der samenkomst; daarna kwamen zij uit, en zegenden het volk; en de heerlijkheid des Heeren verscheen aan al het volk. Want een vuur ging uit van het aangezicht des Heeren, en verteerde op het altaar het brandoffer, en het vet. Toen het ganse volk dit zag, zo juichten zij, en vielen op hun aangezichten. [SV. Hier zie je twee soorten geestelijke uitingen juichen en vallen. In één samenkomst]

Numeri 14:4-5. En zij zeiden de een tot de ander: Laat ons een hoofd opwerpen, en weerkeren naar Egypte! Toen vielen Mozes en Aäron op hun aangezichten, voor het aangezicht van de ganse gemeente van de vergadering van de kinderen Israëls. [SV. Hier zie je het vallen vanwege een botsing tussen de geestelijke rijken het licht en de duisternis]

Numeri 16:3-4. En zij vergaderden zich tegen Mozes, en tegen Aäron, en zeiden tot hen: Het is te veel voor u, want deze ganse vergadering, zij allen, zijn heilig, en de Heere is in het midden van hen; waarom dan verheft gij u over de gemeente des Heeren? Toen Mozes dit hoorde, zo viel hij op zijn aangezicht. [SV. Ook hier die botsing en nog wel met een vrome smoes]

Numeri 16:20-22. En de Heere sprak tot Mozes en tot Aäron, zeggende: Scheidt u af uit het midden van deze vergadering, en Ik zal hen als in een ogenblik verteren! Maar zij vielen op hun aangezichten, en zeiden: O God! God der geesten van alle vlees! een enig man zal gezondigd hebben, en zult Gij U over deze ganse vergadering grotelijks vertoornen? [SV]

Numeri 16:44-45. Toen sprak de Heere tot Mozes, zeggende: Maak u op uit het midden van deze vergadering, en Ik zal hen verteren, als in een ogenblik! Toen vielen zij op hun aangezichten. [SV]

Numeri 20:6. Toen gingen Mozes en Aäron van het aangezicht der gemeente tot de deur van de tent der samenkomst, en zij vielen op hun aangezichten; en de heerlijkheid des Heeren verscheen hun. [SV]

Jozua 5:13-15. Voorts geschiedde het, toen Jozua bij Jericho was, dat hij zijn ogen ophief, en zag toe, en ziet, er stond een Man tegenover hem, Die een uitgetrokken zwaard in Zijn hand had. En Jozua ging tot Hem, en zeide tot Hem: Zijt Gij van ons, of van onze vijanden? En Hij zeide: Neen, maar Ik ben de Vorst van het heer des Heeren: Ik ben nu gekomen! Toen viel Jozua op zijn aangezicht ter aarde en aanbad, en zeide tot Hem: Wat spreekt mijn Heere tot Zijn knecht? Toen zeide de Vorst van het heer des Heeren tot Jozua: Trek uw schoenen af van uw voeten; want de plaats, waarop gij staat, is heilig. En Jozua deed alzo. [SV]

Jozua 7:6 en 10 6 Toen verscheurde Jozua zijn klederen, en viel op zijn aangezicht ter aarde, voor de ark des HEEREN, tot de avond toe, hij en de oudsten van Israël; en zij wierpen stof op hun hoofd. 10 Toen zeide de HEERE tot Jozua: Sta op; waarom ligt gij dus neer op uw aangezicht? [SV]

Het vallen was een initiatief van Jozua naar aanleiding van de verloren slag om Ai. Hier wekt de HEER Jozua op om stappen te zetten. Sta op. Dat kan dus ook.

Richteren 13:20. En het geschiedde, toen de vlam van het altaar opvoer naar de hemel, zo voer de Engel des Heeren op in de vlam van het altaar. Toen Manóach en zijn vrouw dat zagen, zo vielen zij op hun aangezichten ter aarde. [SV. Het gaat hier over de ouders van Simson. Een bovennatuurlijk verschijnsel kan voor ons mensen leiden tot vallen, dat kan hier aan de orde zijn geweest]

Twee keer ging het beeld van de god Dagon van Asdod op zijn plaat omdat hij in de nabijheid van de ark was.

1 Samuel 5:3-4. Maar toen die van Asdod de volgende dag vroeg opstonden, ziet, zo was Dagon op zijn aangezicht ter aarde gevallen voor de ark des Heeren. En zij namen Dagon en zetten hem weer op zijn plaats. Toen zij nu de volgende dag des morgens vroeg opstonden, ziet, Dagon lag op zijn aangezicht ter aarde gevallen voor de ark des Heeren; maar het hoofd van Dagon, en de beide palmen van zijn handen afgehouwen, aan de dorpel; alleen was Dagon daarop overgebleven. [SV]

Dan een tekst, die erover gaat dat vijanden vallen en zo gemakkelijk kunnen worden gedood.

1 Samuel 14:12-13. Verder antwoordden de mannen van de bezetting aan Jónathan en zijn wapendrager, en zeiden: Klimt op tot ons, en wij zullen het u wijs maken. En Jónathan zeide tot zijn wapendrager: Klim op achter mij, want de Heere heeft hen gegeven in de hand van Israël. Toen klom Jónathan op zijn handen en op zijn voeten, en zijn wapendrager hem na; en zij vielen voor Jónathans aangezicht, en zijn wapendrager doodde ze achter hem. [SV]

Opvallend is dat er ongeveer hetzelfde gebeurt bij David en Goliath alleen was het toen een door de Geest geleide steen die Goliath raakte.

1 Samuel 17:49. En David stak zijn hand in de tas, en hij nam een steen daaruit, en hij slingerde, en trof de Filistijn in zijn voorhoofd; zodat de steen zonk in zijn voorhoofd, en hij viel op zijn aangezicht ter aarde. [SV]

Ook bij de geschiedenis van het profeteren van de boden van Saul, zie hoofdstuk in geestvervoering raken, gaat Saul zelf ook profeteren en valt voor het aangezicht van Samuel. Bloot nog wel.

1 Samuel 19:24. En hij trok zelf ook zijn klederen uit, en hij profeteerde zelf ook, voor het aangezicht van Samuël; en hij viel bloot neer die zelfde ganse dag, en de ganse nacht. Daarom zegt men: Is Saul ook onder de profeten? [SV]

Van koning David ook een voorbeeld van vallen voor een oordeel, namelijk toen David het volk had laten tellen.

1 Kronieken 21:16. Toen David zijn ogen ophief, zo zag hij de engel des Heeren, staande tussen de aarde en tussen de hemel, met zijn uitgetrokken zwaard in zijn hand, uitgestrekt over Jeruzalem; toen viel David, en de oudsten, bedekt met zakken, op hun aangezichten.

De volgende tekst gaat over de strijd tussen de priesters van Baäl en de profeet Elia.

1 Koningen 18:38-40. Toen viel het vuur des Heeren, en verteerde dat brandoffer, en dat hout, en die stenen, en dat stof, ja lekte dat water op dat in de groeve was. Toen nu het ganse volk dat zag, zo vielen zij op hun aangezichten, en zeiden: De Heere is God, de Heere is God! En Elía zeide tot hen: Grijpt de profeten van Baäl, dat niemand van hen ontkome. En zij grepen ze; en Elia voerde hen af naar de beek Kison, en slachtte hen aldaar. [SV]

Het hoofdstuk van de volgende tekst staat bol van de manifestaties van de HEER. Hier de tekst over de aanleiding en het gevolg.

2 Kronieken 20:3 en 18.  3 Jósafat nu vreesde [vanwege de legers van zijn vijanden], en stelde zijn aangezicht, om de Heere te zoeken; en hij riep een vasten uit in gans Juda. 18 Toen neigde zich Jósafat met het aangezicht ter aarde; en gans Juda en de inwoners van Jeruzalem vielen neer voor het aangezicht des Heeren, aanbiddende de Heere. [SV]

Van de profeten is het Ezechiël degene die regelmatig valt en we lezen het ook van de profeet Daniel.

Ezechiël 1:28. Gelijk de gedaante van de boog, die in de wolk is ten dage van de plasregen, alzo was de gedaante van de glans rondom; dit was de gedaante van de gelijkenis van de heerlijkheid des Heeren; en toen ik het zag, viel ik op mijn aangezicht, en ik hoorde een stem van Een, Die sprak.

Ezechiël 3:23. En ik maakte mij op, en ging uit in de vallei, en ziet, de heerlijkheid des Heeren stond aldaar, gelijk de heerlijkheid, die ik gezien had bij de rivier Chebar; en ik viel op mijn aangezicht.

Twee teksten gaan over de reactie van Ezechiël, bij het zien van de nieuwe tempel.

Ezechiël 43:3. En alzo was de gedaante van het gezicht, dat ik zag, gelijk het gezicht, dat ik gezien had, toen ik kwam, om de stad te verderven; en het waren gezichten, als het gezicht, dat ik gezien had aan de rivier Kebar; en ik viel op mijn aangezicht.
Ezechiël 44:4. Daarna bracht hij mij naar de weg van de noorderpoort, voor aan het huis; en ik zag, en ziet, de heerlijkheid des Heeren had het huis des Heeren vervuld; toen viel ik op mijn aangezicht.

Tenslotte het vallen en het komen in diepe slaap als de profeet Daniel de aartsengel Gabriel ontmoet.

Daniel 8:16-18. En ik hoorde tussen Ulai de stem van een mens, die riep en zeide: Gabriël! geef deze het gezicht te verstaan. En hij kwam naast de plaats, waar ik stond; en toen hij kwam, verschrikte ik, en viel op mijn aangezicht. Toen zeide hij tot mij: Versta, gij mensenkind! want dit gezicht zal zijn tot de tijd van het einde. Toen hij nu met mij sprak, viel ik in een diepe slaap op mijn aangezicht ter aarde; toen roerde hij mij aan, en hij stelde mij op mijn standplaats.

9. Vallen (Nieuwe Testament)

Het vallen in het Nieuwe Testament gebeurt als eerste door mensen, die door demonen bezeten zijn. Ze vallen voor hem, dat is Jezus neer.

Vallen προσπίπτω (prospiptō)
Het zijn de Griekse woorden προσπίπτω prospiptō, Strong G4363 ‘vallen voor’ en αὐτός autos G846 ‘hem’. Het ‘vallen voor hem’ komt zeven keer voor. Misschien goed om er maar eens vanuit te gaan dat het kwam door de autoriteit van Jezus dat ze voor hem vielen en niet dat ze vielen omdat ze respect voor Jezus hadden.

Marcus 3:11. Telkens als de onreine geesten hem zagen, vielen ze voor hem neer en schreeuwden: ‘Jij bent de Zoon van God!’

Marcus 5:33. De vrouw [de bloed vloeiende vrouw], die bang was geworden en stond te trillen omdat ze wist wat er met haar was gebeurd, kwam naar hem toe en viel voor hem neer en vertelde hem de hele waarheid. [dit staat ook in Lukas 8:47]

Marcus 7:25. Integendeel, er kwam al meteen een vrouw [Syro Fenicische vrouw] die over hem gehoord had naar hem toe, en zij viel voor zijn voeten neer. Ze had een dochter die door een onreine geest bezeten was.

Lukas 5:8. Toen Simon Petrus dat zag [de wonderbare visvangst], viel hij op zijn knieën voor Jezus neer en zei: ‘Ga weg van mij, Heer, want ik ben een zondig mens.

Lucas 8:28. Toen hij [de bezeten man in het gebied van de Gerasenen] Jezus zag, viel hij schreeuwend voor hem neer en riep luidkeels: ‘Wat heb ik met jou te maken, Jezus, Zoon van de allerhoogste God? Ik smeek je, doe me geen pijn!’

Handelingen 16:28-30. Maar Paulus riep met grote stem, zeggende: Doe uzelf geen kwaad; want wij zijn allen hier. En toen hij licht geëist had, sprong hij naar binnen, en werd zeer bevende, en viel voor Paulus en Silas neer aan de voeten; En hen buiten gebracht hebbende, zeide hij: Lieve heren, wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?  [SV]

Vallen πίπτω (piptō)
Er wordt nog een ander Grieks woord gebruikt voor vallen, namelijk πίπτω piptō, Strong G4098. Dat woord is gebruikt bij de verheerlijking op de berg, de gevangenneming van Jezus, de bekering van Paulus en bij Johannes op Patmos.

Matteus 17:5-7. Terwijl hij nog sprak, ziet, een luchtige wolk heeft hen overschaduwd; en ziet, een stem uit de wolk, zeggende: Deze is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb: hoort Hem!  En de discipelen, dit horende, vielen op hun aangezicht, en werden zeer bevreesd. En Jezus, bij hen komende, raakte hen aan, en zeide: Staat op en vreest niet. [SV]

In deze tekst staat er in het Grieks πίπτω piptō, Strong G4098, vallen, ἐπί epi Strong G1909, op, αὐτός autos, Strong G846, hun en πρόσωπον prosōpon Strong G4383 gezicht. Dus: vallen op hun gezicht.

De combinatie vallen en gezicht met deze woorden komt verder nog zeven keer voor en lijkt in de volgende onderstaande verzen van 1 Korintiërs en Openbaringen 7:11 en 11:16 ook te komen door de bovennatuurlijke kracht van God.

1 Korintiërs 14:23-25. Wanneer namelijk de hele gemeente samenkomt en iedereen zich in klanktaal uit, zullen ongelovige buitenstaanders die de samenkomst bezoeken dan niet zeggen dat u krankzinnig bent? Maar profeteert iedereen, dan zal een ongelovige buitenstaander door iedereen worden beoordeeld en terechtgewezen. [NBV] 25 En alzo worden de verborgen dingen van zijn hart openbaar; en alzo, vallende op zijn aangezicht, zal hij God aanbidden, en verkondigen, dat God waarlijk onder u is. [SV]

Zou in die charismatische gemeenten van Korinte bezoekers vallen onder de aanwezigheid van God?

Openbaringen 7:11. En al de engelen stonden rondom de troon, en rondom de ouderlingen en de vier dieren; en vielen voor de troon neer op hun aangezichten, en aanbaden God. [SV]

Openbaringen 11:16. En de vier en twintig ouderlingen, die voor God zitten op hun tronen, vielen neer op hun aangezichten, en aanbaden God. [SV]

Hierboven ging het in alle gevallen om vallen op je gezicht. Hieronder nog vier teksten, die gaan over vallen.

Openbaring 1:17. Toen ik [de apostel Johannes] hem [iemand die er uitzag als een mens] zag viel ik als dood voor zijn voeten neer. Maar hij legde zijn rechterhand op me en zei: ‘Wees niet bang. Ik ben de eerste en de laatste.

Openbaring 5:8. En toen Het dat boek genomen had, vielen de vier dieren en de vier en twintig ouderlingen voor het Lam neer, hebbende elk citers en gouden schalen, zijnde vol reukwerk, welke zijn de gebeden der heiligen. [SV]

Openbaringen 5:14. En de vier dieren zeiden: Amen. En de vier en twintig ouderlingen vielen neer, en aanbaden Hem, Die leeft in alle eeuwigheid. [SV]

Openbaringen 19:4. En de vier en twintig ouderlingen, en de vier dieren vielen neer, en aanbaden God, Die op de troon zat, zeggende: Amen, Halleluja! [SV]

Vallen op de grond
Er zijn een drietal teksten, die gaan over vallen op de grond, met drie variaties van het woord, dat voor grond wordt gebruikt.

Johannes 18:4b-6. Hij liep naar hen toe en vroeg: ‘Wie zoeken jullie?’ Ze antwoordden: ‘Jezus uit Nazaret.’ ‘Ik ben het,’ zei Jezus, terwijl Judas, zijn verrader, erbij stond. Toen hij zei: ‘Ik ben het,’ deinsden ze achteruit en vielen op de grond. [het Griekse woord voor grond is hier χαμαί (chamai) Strong G5476]

Handelingen 9:3-9.Toen hij onderweg was en Damascus naderde, werd hij plotseling omstraald door een licht uit de hemel. Hij viel op de grond en hoorde een stem tegen hem zeggen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ Hij vroeg: ‘Wie bent u, Heer?’ Het antwoord was: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt. Maar sta nu op en ga de stad in, daar zal je gezegd worden wat je moet doen.’ De mannen die met Saulus meereisden, stonden sprakeloos; ze hoorden de stem wel, maar zagen niemand.  Saulus kwam overeind, en hoewel hij zijn ogen open had, kon hij niets zien. Zijn metgezellen pakten hem bij de hand en brachten hem naar Damascus. Drie dagen lang bleef hij blind en at en dronk hij niet. [het Griekse woord voor grond is hier γῆ gē, Strong G1093 dat je ook met aarde kan vertalen]   

In Handelingen 22:6 verhaald Paulus deze geschiedenis nogmaals, alleen gebruikt Lucas hier  ἔδαφος edaphos, Strong G1475 als woord voor grond.   

Opvallend is het verschil in ervaring van Paulus en de mensen, die bij hem waren. De drie dagen blind lijken op de situatie van Zacharias, die een periode stom werd.

10. Opheffen/Springen/Meenemen

Er staan diverse woorden in de Bijbel die erover gaan dat mensen op een bovennatuurlijke manier worden bewogen.

Opheffen נָשָׂא nasa’
In het Hebreeuws komt het woord נָשָׂא nasa’ Strong H5375 voor, het betekent opheffen. Wel apart dat het Amerikaanse ruimtevaart bedrijf ook NASA heet.

Job 30:22. U tilt me op en laat me rijden op de wind, uw woedende storm schudt mij heen en weer.

Ezechiël 3:12-15. Toen hief een geest mij op, en ik hoorde achter mij een zwaar dreunend geluid: ‘De luister van de HEER zij geloofd in zijn woning!’ Het was het geluid van de vleugels van de wezens die elkaar raakten, en van de wielen naast hen; het klonk als een hevig dreunen. De geest hief mij op en voerde mij weg. Bitter gestemd en ontdaan ging ik mee; de hand van de HEER had mij vastgegrepen. Ik kwam weer in Tel-Abib, bij de ballingen die wonen bij het Kebarkanaal. Daar zat ik zeven dagen verdoofd [שָׁמֵם shamem Strong H8074, hiervoor besproken] in hun midden.

In Ezechiël 8:3, 11:1, 11:24, 43:5 staat ook dat de profeet door de Geest wordt opgeheven.

In de Opwekking bundel komt het lied “Til mij op” voor. Nummer 581.

Springen σκιρτάω skirtaō
In het Grieks komt drie keer het woord σκιρτάω (skirtaō), Strong G4640 springen voor.

Lukas 1:41. Toen Elisabet de groet van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot; ze werd vervuld van de heilige Geest.

Lukas 1:44. Toen ik je groet hoorde, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot.

Lukas 6:22-23. Gelukkig zijn jullie wanneer de mensen jullie omwille van de Mensenzoon haten en buitensluiten en beschimpen en je naam door het slijk halen. Wees verheugd als die dag komt en spring op van blijdschap, want jullie zullen rijkelijk beloond worden in de hemel. Vergeet niet dat hun voorouders de profeten op dezelfde wijze hebben behandeld.  

Weggedragen worden in de geest ἀπήνεγκέν με ἐν πνεῦμα  apenenken me en pneuma
Openbaringen 17:3. En hij [een van de zeven engelen] bracht mij weg in een woestijn, in de geest, en ik zag een vrouw, zittende op een scharlakenrood beest, dat vol was van namen der godslastering, en het had zeven hoofden en tien hoornen. [SV, de NBV heeft vervoering en meenemen]

Openbaringen 21:10. En hij voerde mij weg in de geest op een grote en hoge berg, en hij toonde mij de grote stad, het heilige Jeruzalem, neerdalende uit de hemel van God. [SV, de NBV heeft vervoering en meenemen]

Handelingen 8:39-40. Toen ze uit het water kwamen, greep de Geest van de Heer Filippus en nam hem mee, en de eunuch zag hem niet meer, maar vervolgde zijn weg vol vreugde. Filippus kwam terecht in Azotus; van daar reisde hij verder en verkondigde in alle steden het evangelie, tot hij in Caesarea aankwam [hier staat het Griekse werkwoord ἁρπάζω harpazō, Strong G726 dat grijpen betekent]

11. Lachen/roepen/luid geluich

Er staan diverse woorden in de Bijbel die erover gaan dat mensen zich op een bovennatuurlijke manier uiten.

Lachen צָחַק (tsachaq)
Het werkwoord צָחַק (tsachaq), Strong H6711 komt 13 keer voor in 12 verzen. Het gaat vooral om uitlachen of schamper lachen, maar een enkele keer niet.

Genesis 17:17. Toen viel Abraham op zijn aangezicht, en hij lachte; en hij zeide in zijn hart: Zal een, die honderd jaren oud is, een kind geboren worden; en zal Sara, die negentig jaren oud is, baren? [SV. Dit gebeurde, nadat de HEER met Abraham sprak ]

Lachen en vrolijk zijn
De combinatie van de werkwoorden שׂוּשׂ suws, Strong H7797 blij zijn en  שָׂמַח samach Strong H8055 verblijden, komt vier keer voor, waarvan twee keer naar mijn idee met een bovennatuurlijke duiding.

Psalmen 40:17. Wie bij u hun geluk zoeken zullen lachen en vrolijk zijn, wie van u hun redding verwachten zullen steeds weer zeggen: ‘Groot is de HEER.’
Psalmen 70:5. Wie bij u hun geluk zoeken zullen lachen en vrolijk zijn, wie van u hun redding verwachten zullen steeds weer zeggen: ‘God is groot!’

Verder komt het woord שְׂחוֹק (sĕchowq), het lachen/lachbui, Strong nummer H7814 15 keer voor in 14 verzen, waarvan twee keer naar idee met een bovennatuurlijke duiding.

Job 8:20-21. Maar nooit zal God onschuldigen verachten, nooit zal hij hem die kwaad doet sterken. Eens zal hij je mond weer vullen met gelach, de vreugde van je lippen laten klateren [tĕruw`ah zie hieronder].

Psalmen 126:2. Toen werd onze mond vervuld met lachen, en onze tong met gejuich; toen zeide men onder de heidenen: De Heere heeft grote dingen aan dezen gedaan. [SV]

Hard geluid תְּרוּעָה (tĕruw`ah)
In het Hebreeuws staat er ook nog het woord תְּרוּעָה (tĕruw`ah), Strong H8643 wat in het Engels met shouting wordt vertaald. Wat is een goed Nederlands woord? Luid gejuich? Het woord komt 36 keer voor in 33 verzen <<ik heb nog niet alle teksten bekeken>>

Job 33:26. Hij zal tot God ernstig bidden, Die in hem een welbehagen nemen zal, en zijn aangezicht met gejuich aanzien; [SV]

Psalmen 33:3. Zing voor hem een nieuw lied, speel en zing met overgave. [SV: Zingt Hem een nieuw lied; speelt wel met vrolijk geschal. KJV: Sing unto him a new song; play skilfully with a loud noise]

Groot geluid גָּדוֹל (gadowl) en קוֹל (qowl)

De combinatie גָּדוֹל (gadowl), Strong H1419 groot en קוֹל (qowl) Strong H6963 geluid, komt 47 keer voor in de Hebreeuwse tekst. Onderstaande tekst is een voorbeeld waar dit woord in voorkomt.

Ezechiël 11:13. Terwijl ik nog aan het profeteren was stierf Pelatja, de zoon van Benaja. Ik wierp me voorover en schreeuwde: ‘Ach HEER, mijn God, gaat u nu ook de rest van het volk nog vernietigen?’

Ook in het Nieuwe Testament zullen er voorbeelden zijn van bovennatuurlijk roepen, schreeuwen of lachen. << nog uitzoeken>>

Lucas 6:21. Gelukkig jullie die honger hebben, want je zult verzadigd worden. Gelukkig wie nu huilt, want je zult lachen.

12. Er komt iets op je

Lukas 3:21-22. Heel het volk liet zich dopen, en toen ook Jezus was gedoopt en hij aan het bidden was, werd de hemel geopend en daalde de heilige Geest in de gedaante van een duif op hem neer, en er klonk een stem uit de hemel: ‘Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik vreugde.’

In dit geval is het een duif en een stem uit de hemel.
<<verder nog niet uitgezocht>>

13. Slotopmerkingen

Op internet is veel te lezen over manifestaties. Er zijn vooral kritische geluiden. Manifestaties passen niet in ons westerse wereldbeeld. En deels zal de kritiek ook terecht zijn.

Het is goed om te kunnen beoordelen wat de oorsprong is van een manifestaties. Is die van het Koninkrijk van het Licht of van de duisternis. Om dat te kunnen beoordelen is de gave van onderscheid nodig.
Jij kijkt naar het uiterlijk, maar IK KIJK NAAR HET HART. (Zie 1 Samuel 16)
Want zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn mijn wegen hoger dan uw wegen en mijn gedachten dan uw gedachten. (Jesaja 55:9).


[1] Het zijn de woordnummers zijn 1664 en 2208 van de Studiebijbel van het Centrum voor Bijbelonderzoek

[2]   Nummer  1455 in de Studiebijbel.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.