Studie Schaamte en Schande

<<deze studie is nog niet gereed>>

Je kunt je over allerlei dingen schamen. Over je iets van je lichaam, over wat je hebt gedaan, over een keus, die je hebt gemaakt of wat je is overkomen. Over je afkomst of opleiding. Over iets wat je niet kunt.

Soms hebben de mensen om je heen ervoor gezorgd dat jij je schaamt. Soms is het vooral bij jezelf ontstaan.

Wat zegt de Bijbel over schaamte? Daar gaat het in deze studie over.

En dan is er nog iets dat een stap verder gaat, namelijk schande. Dan is ook sprake van onoirbaar. Wat niet hoort. En misschien ook wel strafbaar is.

Wij hebben in het Nederlands deze twee woorden, schaamte en schande. In het Hebreeuws zijn er wel zes verschillende woorden.

Wat in de teksten dikwijls aan de hand is, is dat er verschillende woorden in één tekst staan. Men wenst iemand bijvoorbeeld dat hij of zij zich ervoor gaan schamen en dat ze ook te schande worden gemaakt.

Schaamte

Er zijn zes woorden in het Hebreeuws, die met schamen of schaamte worden vertaald.

Hebreeuws woordSoort woordStrongOpmerkingen:
1בּוּשׁ 
buwsh
WerkwoordH954Schamen.
Komt 109 keer voor in 100 verzen.
KJV: ashamed (72x), confounded (21x), shame (9x), all 2 (inf. for emphasis), confusion (1x), delayed (1x), dry (1x), long (1x), shamed (1x).
1aבּשֶׁת boshethZelfstandig naamwoord vrouwelijkH1322Schaamte.
Komt 30 voor in 29 verzen. KJV: shame (20x), confusion (7x), ashamed (1x), greatly (1x), shameful thing (1x).
1bחָפֵר  chapherWerkwoordH2659Beschaamd worden.
Komt 17 keer voor in 17 verzen.
KJV: confounded (6x), ashamed (4x), shame (4x), confusion (2x), reproach (1x).
???WerkwoordH2778Verwijten
KJV: reproach (27x), defy (8x), betrothed (1x), blasphemed (1x), jeoparded (1x), rail (1x), upbraid (1x), winter (1x).
2חֶרְפָּה ???cherpahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH2781Verwijt.
Komt 73 keer voor in 72 verzen.
KJV: reproach (67x), shame (3x), rebuke (2x), reproachfully (1x).
4שִׁמְצָה shimtsahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH8103Leedvermaak, spot
Komt maar eenmaal voor in Exodus 32:25.

Sjimtsah leedvermaak

We beginnen met de laatste tekst, nummer 5 van de tabel. Dat is een bijzondere tekst.

Terwijl er een bijzonder periode was, dichtbij God, ging het volk een andere god vereren. Het verhaal van het gouden kalf in de woestijn. Hier de analyse, de conclusie van een van de meest dramatische gebeurtenissen van het volk Israël.
Exodus 32:25. Toen Mozes zag dat het volk losgeslagen was – want Aäron had het losgelaten – tot leedvermaak van hun tegenstanders. [HSV]

Twee keer komt in de tekst het woord פָּרַע para Strong G6544 voor. Dat betekent losmaken, loslaten. Hetzelfde woord wordt ook gebruikt aks Mozes aan de farao vraagt om zijn volk los te laten. Het kan ook over kleren loslaten gaan, naakt worden dus.

Het woord קוּם quwm Strong 6964 is hier met ‘tegenstanders’ vertaalt. Het woord duidt op opstaan. Opponenten van het volk. Wie waren de tegenstanders van de Israëlieten op dat moment? In die uithoek. In de woestijn? Geen mensen in ieder geval. Dan rest alleen de geestelijke wereld. En die hadden plezier, die zagen het mooie glorierijke wat daar gebeurde in duigen vallen. Tot leedvermaak. Sjimsja, een woord dat maar eenmaal in het Hebreeuws voorkomt. Een kleurrijk woord. Spekkie voor de kwade geesten, zou ik zeggen.

Buwsh en Bosjet schamen en schaamte

Dit zijn de woorden van nummer 1 in de tabel. Het zelfstandig naamwoord bosjeth heeft als wortel het werkwoord buwsh. Beide woorden komen samen bijna 140 keer voor. Er wordt heel wat afgeschaamd in de Bijbel.

Het woord Buwsh komt vooral in de Psalmen, Jesaja en Jeremia voor.

Het woord buwsh komt twee keer in de eerste vijf boeken van Mozes voor. Hier staan ze.

Genesis 2:25. Beiden waren ze naakt, de mens en zijn vrouw, maar ze schaamden zich niet voor elkaar.

Toelichting: Dit is het plaatje uit de ideale tijd. “Ze schaamden zich niet voor elkaar”. De gebruikelijke toelichting richt zich op het gemis aan kleren en dat we ons nu schamen als we naakt zijn (hoewel dat zeker niet voor iedereen geldt).

Maar het is veel breder. Men kon open en eerlijk zijn tegenover elkaar, zonder je te schamen. Zonder gevaar om afgeschoten te worden om een persoonlijke issue. Dat is ook de ideale situatie zoals we het in de nieuwe gemeente, met de nieuwe mens ook weer willen. Je kan transparant zijn en de omgeving blijft van je houden.

Exodus 32:1. Het volk wachtte lang op Mozes. Toen hij maar niet van de berg afkwam, verdrongen ze zich om Aäron en eisten van hem: ‘Maak een god voor ons die voor ons uit kan gaan, want wat er gebeurd is met die Mozes, die ons uit Egypte heeft geleid, weten we niet.’ 

Psalm 6:10-11. De HEERE heeft mijn smeken gehoord, de HEERE zal mijn gebed aannemen. Al mijn vijanden worden zeer beschaamd en door schrik overmand; zij deinzen terug, zij worden in een ogenblik beschaamd.

Psalm 14:10. Weliswaar beschaamt u het voornemen van de ellendige,
maar de HEERE is zijn toevlucht.[HSV]

Als een zwakke, arme of ellendige iets zegt kun je dat belachelijk maken. Maar let op: de HEER neemt het voor hem op.

Psalm 22:4-5. Op u hebben onze voorouders vertrouwd; zij hebben vertrouwd en u verloste hen, tot u geroepen en zij ontkwamen, op u vertrouwd en zij werden niet beschaamd.

Psalm 25:1-3. Een psalm van David. Tot U, HEERE, hef ik mijn ziel op, mijn God, op U vertrouw ik; laat mij niet beschaamd worden, laat mijn vijanden niet van vreugde over mij opspringen. Ja, allen die U verwachten, worden niet beschaamd; beschaamd worden zij die zonder reden trouweloos handelen. [HSV]

Psalm 35:4. Laat beschaamd en te schande [H3637] worden wie mij naar het leven staan; laat terugwijken en rood van schaamte [H2659] worden wie kwaad tegen mij bedenken. [HSV]

Rood van schaamte is de vertaling van het woord Strong H2659

Hier wenst de Psalm schrijver een ander, die op zijn val uit is ook schaamte en schande.
Psalm 35:26. Dat beschaamd staan en vernederd [H2659] wie zich verheugen op mijn ondergang. Dat met schaamte [H1322] en schande [H3639] bedekt worden wie zich boven mij verheffen.

Toelichting: de HSV heeft hier ook in plaats van ‘vernederd’ rood van schaamte.

Psalm 40:15. Laat tezamen beschaamd en rood van schaamte worden wie mij naar het leven staan om dat te vernielen; laat terugwijken en te schande worden wie vreugde vinden in mijn onheil. [HSV]

Spreuken 10:5. Wie in de zomer verzamelt, is een verstandige zoon, wie in de oogsttijd diep slaapt, is een zoon die beschaamd maakt. [HSV]

Joel 2:27. Dan zullen jullie inzien dat ik in Israëls midden ben, dat alleen ik, de HEER, jullie God ben; nooit zal mijn volk weer te schande gemaakt worden.

Deze tekst is bijzonder. God gaat geen antwoord geven.

Micha 3:5-8. Dit zegt de HEER over de profeten die mijn volk misleiden, die over vrede praten zolang ze maar iets te eten krijgen en die iedereen die hen niet op hun wenken bedient de oorlog verklaren: Voor jullie zal het een nacht zijn zonder visioenen, donker en zonder voorspellingen. Voor die profeten zal de zon ondergaan en zal de dag veranderen in duisternis. De zieners zullen beschaamd staan en de waarzeggers worden te schande gemaakt (H2659): ze zullen hun mond gesloten houden, want God geeft geen antwoord. Ik daarentegen ben vervuld van kracht, ik heb de geest van de HEER, ik ben rechtvaardig en ik heb de moed om aan Jakob zijn wandaden bekend te maken, en aan Israël zijn zonde.. 

1b. Bosheth

Hier twee verzen waar meer van bovenstaande woorden in één tekst te vinden zijn.

2 Kronieken 32:21. Toen zond de HEERE een engel, die alle strijdbare helden, leiders en bevelhebbers in het legerkamp van de koning van Assyrië uitroeide. Zo is hij in openlijke schande naar zijn eigen land teruggekeerd. Toen hij het huis van zijn god binnengegaan was, velden zij die uit zijn lichaam voortgekomen waren, hem daar met het zwaard neer.

Psalm 44: 15-16. … u hebt ons bij de volken gemaakt, ze schudden meewarig het hoofd. Heel de dag moet ik mijn schande (4) dragen, het schaamrood (2) bedekt mijn gezicht.

חָפֵר  chapher

Dit is het woord nummer 2 uit de tabel.

De HSV vertaalt soms dit woord met ‘rood van schaamte worden’.

Wat kunnen wij van deze teksten leren?
De oorzaken van schaamte:
– dat er iets is mislukt
– dat je afgoden hebt gediend

En hoe je van de schaamte kunt afkomen:

Dat je kunt bidden om verlost te worden van de schaamte en schande.

Schande

Hoewel in de KJV vertaling is vertaald met reproach, dat verwijt betekent, is het toch meer de betekenis van schande.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1חֶרְפָּה cherpahZelfstandig naamwoord
vrouwelijk
H2781Schande
Komt 73 keer voor in 72 verzen
KJV: reproach (67x), shame (3x), rebuke (2x), reproachfully (1x).
2חָרַף charaphWerkwoordH2778Komt 41 keer voor in 40 verzen.
KJV: reproach (27x), defy (8x), betrothed (1x), blasphemed (1x), jeoparded (1x), rail (1x), upbraid (1x), winter (1x).
3כָּלַם kalamWerkwoordH3637Tot schande worden gemaakt. Shamen.
Komt 38 keer voor in 38 verzen
KJV:
4כְּלִמָּה kelimmahZelfstandig naamwoord vrouwelijkH3639Schande making
Komt 30 keer voor in 29 verzen
KJV: shame (20x), confusion (6x), dishonour (3x), reproach (1x).

De woorden qala H7034 en qalown H7036 zijn nog niet in deze tekst opgenomen.

חֶרְפָּה cherpah

Dit woord nummer 1 uit de tabel Strong H2781

Genesis 30:23. … en zij werd zwanger en baarde een zoon. Toen zei ze: God heeft mijn schande weggenomen! [HSV]

Genesis 34:14. … en zeiden zij tegen hen: Wij kunnen dit niet doen, onze zuster geven aan een man die zijn voorhuid nog heeft, want dat zou een schande voor ons zijn. [HSV]

Bij de plaats Gilgal ging Jozua de mannen besnijden, die het beloofde land zouden gaan veroveren.
Jozua 5:9. En de HEER zei tegen Jozua: ‘Vandaag heb ik de schande van Egypte van jullie afgewenteld,’ en Jozua noemde die plaats Gilgal. Zo heet die plaats tot op de dag van vandaag.

Wat was de schande van Egypte? De slavernij? En die schande was weg zodra ze het land binnentrokken. Als besneden mensen.

Het gaat hier om een baard die is afgeschoren.

Psalm 4:3. Aanzienlijken, hoelang zult u mijn eer te schande maken? Hoelang zult u het lege liefhebben, de leugen zoeken? Sela

Psalm 15:1-3. HEERE, wie zal verblijven in Uw tent? Wie zal wonen op Uw heilige berg? Hij die oprecht wandelt en gerechtigheid beoefent,
die met zijn hart de waarheid spreekt. Die met zijn tong niet lastert,
zijn vrienden geen kwaad doet en geen smaad jegens zijn naaste op de lippen neemt. [HSV]

Psalm 22:7-9. Maar ik ben een worm en geen mens,
door iedereen versmaad, bij het volk veracht. Allen die mij zien, bespotten mij, ze schudden meewarig het hoofd: ‘Wend je tot de HEER! Laat hij je verlossen, laat hij je bevrijden, hij houdt toch van je?’

Deze tekst doet sterk aan uitspraken denken van Jezus aan het kruis. Hij stierf in schande. Hij zou een redder zijn, maar stierf als misdadiger. Hij zou koning worden, maar stierf als verliezer.

Psalm 31:11.

Psalm 39:8.

Psalm 44:13.

Spreuken 6:33. Plaag en schande [H7036] zal hij vinden en zijn smaad zal niet uitgewist worden.

Spreuken 18:3. Waar een goddeloze binnenkomt, komt ook verachting, en met schande [H7036] komt ook smaad.

H2778
Psalm 44:16. De hele dag zie ik mijn schande <H2778> voor mij en schaamte bedekt mijn gezicht,

Kalam Tot schande worden gemaakt

Nummer 3 in de tabel.

Numeri 12:14. De HEERE zei tegen Mozes: Stel dat haar vader haar verachtelijk in haar gezicht had gespuwd, zou zij niet zeven dagen te schande worden? Laat haar zeven dagen buiten het kamp gesloten worden, en daarna weer opgenomen worden.

1 Kronieken 19:5. Zij gingen op weg . Toen men David over de mannen vertelde, stuurde hij hun boden tegemoet, want deze mannen waren zeer te schande gemaakt. De koning zei: Blijf in Jericho tot uw baard weer aangegroeid is en kom dan terug.

Psalm 44:10. Niettemin hebt U ons verstoten en te schande gemaakt, omdat U met onze legers niet oprukt.

Spreuken 25:8. Ga er niet te snel op uit om iemand aan te klagen. Wat zult u anders uiteindelijk doen, wanneer uw naaste u te schande maakt?
Spreuken 28:7. Wie de wet in acht neemt, is een verstandige zoon, maar wie omgaat met hen die zich te buiten gaan, maakt zijn vader te schande.

<<hieronder nog weg halen>>

Psalm 53:6. Daar zijn zij door angst bevangen, maar er was niets angst wekkends ; want God heeft de beenderen van uw belagers verstrooid. U hebt hen te schande gemaakt, omdat God hen heeft verworpen.
Psalm 57:4
Hij zal hulp zenden uit de hemel en mij verlossen, Hij zal te schande maken wie mij wil opslokken. Sela God zal Zijn goedertierenheid en Zijn trouw zenden.
Psalm 69:7
Laat door mij niet beschaamd worden wie U verwachten, Heere, HEERE van de legermachten; laat door mij niet te schande worden wie U zoeken, o God van Israël.
Psalm 69:8
Want ter wille van U draag ik smaad, schande heeft mijn gezicht bedekt.
Psalm 69:20
Ú kent mijn smaad en mijn schaamte en mijn schande; allen die mij benauwen, zijn U bekend.
Psalm 70:3
Laat beschaamd en rood van schaamte worden wie mij naar het leven staan; laat terugwijken en te schande worden wie vreugde vinden in mijn onheil.
Psalm 71:13
Laat beschaamd en vernietigd worden wie mijn tegenstanders zijn; laat met smaad en schande bedekt worden wie mijn onheil zoeken.
Psalm 109:29. Laten mijn tegenstanders met schande bekleed worden, zich hullen in hun schaamte als in een mantel.

Kelimmah schande

De woorden zijn nummer 3 en 4 uit de tabel. Het woord kelimmah komt vooral in de Psalmen (7x) en Ezechiel (12x) voor.

Psalm 35:26. Dat beschaamd staan (1) en vernederd wie zich verheugen op mijn ondergang. Dat met schaamte (2) en schande (4) bedekt worden wie zich boven mij verheffen.

Spreuken 18:13. Wie antwoordt voordat hij geluisterd heeft, het is hem tot dwaasheid en schande.

Qalown schande

H7036.

Spreuken 3:35. Wijzen zullen eer ontvangen, maar dwazen laden schande op zich.

Spreuken 9:7. Wie een spotter bestraft, laadt schande op zich, en wie een goddeloze terechtwijst, draagt zijn schandvlek. ??

Spreuken 11:2. Komt overmoed, dan komt ook schande, maar bij de ootmoedigen is wijsheid.

Spreuken 12:16. De toorn van de dwaas wordt dezelfde dag bekend, maar wie schrander is, bedekt schande.

Spreuken 13:18. Armoede en schande zijn er voor wie vermaning verwerpt, maar wie bestraffing in acht neemt, zal geëerd worden.

Spreuken 22:10. Verdrijf een spotter, en de ruzie is weg, en het geschil zal mét de schande ophouden.

Voorbeelden

Job

In het leven van Job is schaamte en schande.

Het antwoord van Job aan Elifaz.

Job 6:20-21. Zij worden beschaamd [H954] in hun vertrouwen;
als zij erbij komen, worden zij teleurgesteld [H2659]. Voorzeker, zo zijn jullie nu voor mij geworden: niets! Jullie hebben de ontzetting gezien en jullie zijn bevreesd geworden. [HSV]

Uit de eerste toespraak van Bildad.
Job 8:20-22. Zie, God zal de oprechte niet verwerpen, en Hij grijpt kwaaddoeners niet bij de hand. Eens zal Hij je mond weer met lachen vervullen, en je lippen met gejuich. Wie je haten, zullen met schaamte [H1322] bekleed worden, en de tent van de goddelozen zal er niet meer zijn. [HSV]

Job 10:15. Als ik schuldig ben, wee mij! En als ik rechtvaardig ben, zal ik mijn hoofd niet opheffen, ik ben verzadigd van schande [H7036]; zie mijn ellende aan! [HSV]

In hoofdstuk 19 staat het antwoord van Job aan Bildad
Job 19:1-6. Job antwoordde echter en zei: Hoelang blijven jullie mijn ziel bedroeven, en mij met woorden verbrijzelen? Jullie hebben mij nu al tien keer schande [H3637] aangedaan; jullie schamen [H954] je niet om mij zo hard te behandelen. Maar ook als ik werkelijk gedwaald heb, zal mijn dwaling dan toch bij míj overnachten? Als jullie je werkelijk boven mij verheffen, en mijn schande [H2781] als bewijs tegen mij aanvoeren, weet dan dat God mij neergedrukt heeft, en mij met Zijn vangnet omsingeld heeft.

Bedek hun gezicht met schande

Psalm 83. De HSV geeft deze Psalm de titel:”Gebed om straf voor de vijand”. Diverse volken bedreigen Israël. De nood is hoog.

Psalm 83:15-19. Zoals vuur een woud verbrandt, zoals de vlam de bergen verzengt, achtervolg hen zó met Uw storm, jaag hun schrik aan met Uw wervelwind. Bedek hun gezicht met schande, [H7036] dan zullen zij, HEERE, Uw Naam zoeken. Laten zij beschaamd [H954] en door schrik overmand zijn tot in eeuwigheid, laten zij rood van schaamte [H2659] worden en omkomen. Dan zullen zij weten, dat U – Uw Naam is HEERE! – U alleen de Allerhoogste bent over de hele aarde. [HSV]

Koning David

1 Samuel 11:2. Maar Nahas, de Ammoniet, zei tegen hen: Op deze voorwaarde zal ik een verbond met u sluiten, dat ik bij u allen het rechteroog uitsteek. Zo zal ik schande over heel Israël brengen.

1 Samuel 17:26. David vroeg aan de soldaten die in zijn buurt stonden: ‘Wat gebeurt er met degene die die Filistijn daar verslaat en Israël van deze schande [H2781] bevrijdt? Wat denkt die onbesneden Filistijn wel, dat hij de gelederen van de levende God durft te beschimpen!’

1 Samuel 20:30. Toen ontstak Saul in woede tegen Jonathan, en hij zei tegen hem: Jij zoon van een ontaarde en opstandige vrouw , wist ik het niet dat jij voor de zoon van Isaï gekozen hebt, tot je eigen schande [H1322] en tot schande van de naaktheid van je moeder?

1 Samuel 20:32-34. Toen antwoordde Jonathan Saul, zijn vader, en zei tegen hem: Waarom moet hij gedood worden? Wat heeft hij gedaan?
Toen wierp Saul de speer naar hem om hem te doden. Zo merkte Jonathan dat zijn vader vastbesloten was David te doden.
Daarom stond Jonathan op van de tafel, heet van woede. Hij at op de tweede dag van de nieuwemaan geen brood, want hij was bedroefd om David, omdat zijn vader hem schandelijk [H3637] bejegend had.

2 Samuel 10:5. Toen men dit aan David vertelde, stuurde hij hun boden tegemoet, want deze mannen waren zeer te schande [H3637] gemaakt. De koning zei: Blijf in Jericho tot uw baard weer aangegroeid is en kom dan terug.

2 Samuel 13:13. Want ik, waar zou ik mijn schande [H2781] brengen? En wat jou betreft, jij zou zijn als een van de dwazen in Israël. Welnu, spreek toch met de koning, want hij zal mij aan jou niet onthouden.

Profeet Jesaja


Een belofte voor Israël.
Jesaja 41:8-11. Maar jou, Israël, mijn dienaar, Jakob, die ik uitgekozen heb, nakomeling van Abraham, mijn vriend, jou die ik heb weggehaald van de einden der aarde, die ik van haar verste uithoeken terugriep –
jou zeg ik: Jij bent mijn dienaar, jou heb ik gekozen, ik heb je niet afgewezen. Wees niet bang, want ik ben bij je, vrees niet, want ik ben je God. Ik zal je sterken, ik zal je helpen, je steunen met mijn onoverwinnelijke rechterhand. Allen die zich fel tegen je keerden
zullen gehoond worden [H954] en te schande staan. [H3637] Zij die jou bestreden worden minder dan niets en gaan te gronde.

Jesaja 42:17. Wie op ​afgodsbeelden​ vertrouwt, tegen een ​godenbeeld​ zegt: ‘U bent onze god,’ zal terugdeinzen en zich diep schamen [H954 en H1322].
Toelichting: Hier staat het werkwoord en het zelfstandig naamwoord achter elkaar om te benadrukken dat het om diep schamen gaat.

Dit gaat over makers van beelden van goden.
Jesaja 45:15-17. Voorwaar, U bent een God Die Zich verborgen houdt, de God van Israël, de Heiland. Zij allen zullen beschaamd [H954] en ook te schande worden [H3639], tezamen zullen zij met smaad weggaan,  de makers van afgodsbeelden. Israël echter wordt door de HEERE verlost: een eeuwige verlossing. U zult niet beschaamd [H954] en niet te schande [H3637] worden, voor eeuwig niet, nooit! [HSV]

Jesaja 50:4-7. De Heere HEERE gaf Mij een tong van een die onderwijs ontving, zodat Ik weet met de vermoeide een woord op de juiste tijd te spreken. Hij wekt Mij elke morgen, Hij wekt Mij het oor, zodat Ik hoor als zij die onderwijs ontvangen. De Heere HEERE heeft Mij het oor geopend, en Zelf ben Ik niet ongehoorzaam, Ik wijk niet terug. Ik geef Mijn rug aan hen die Mij slaan, Mijn wangen aan hen die Mij de baard uitplukken. Mijn gezicht verberg Ik niet voor smaad en speeksel. Want de Heere HEERE helpt Mij. Daarom word Ik niet te schande [H3639]. Daarom heb Ik Mijn gezicht gemaakt als hard gesteente, want Ik weet dat Ik niet beschaamd zal worden [H3637].

Dit gaat over de beloften voor Sion.
Jesaja 54:4. Wees niet bang: je zult niet worden beschaamd [H954]; wees niet bedrukt [H3637]: je zult niet worden vernederd [H2659]. Je zult de schande [H1322] van je jeugd vergeten, je de smaad [H2781] van je weduwschap niet meer herinneren.

Dit is de belofte van glorie.
Jesaja 61:7. In plaats van uw dubbele schaamte [H1322] en schande [H3639] zullen zij juichen over hun deel. Daarom zullen zij in hun land het dubbele in erfelijk bezit hebben, zij zullen eeuwige blijdschap hebben.

Dit is een tekst als aanloop voor het gedeelte van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Er is een oordeel
Jesaja 65:12-13. U zult allen moeten neerbukken ter slachting, omdat Ik geroepen heb, maar u niet geantwoord hebt, omdat Ik gesproken heb, maar u niet geluisterd hebt, maar gedaan hebt wat slecht was in Mijn ogen, en gekozen hebt voor wat Mij niet behaagt. Daarom, zo zegt de Heere HEERE: Zie, Mijn dienaren zullen eten, maar ú zult hongerlijden. Zie, Mijn dienaren zullen drinken,
maar ú zult dorst hebben. Zie, Mijn dienaren zullen verblijd zijn, maar ú zult beschaamd worden [H954].

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.