Studie Kruisiging

Jezus is door de Romeinen met hulp van Joodse leiders en individuen ter dood gebracht aan een kruis.

Een kruisiging was een doodstraf, die door de Romeinen was bedacht. Het was een uiterst wrede dood. Het stond ook symbool voor iets vreselijks.

Voor het Joodse volk waren ophanging aan een paal, steniging en in een ravijn gooien doodstraffen. De dood van Jezus leek op de doodstraf aan een paal.

Hangen aan een boom of paal (OT)

In het Oude Testament komt als doodstraf het ophangen aan een boom of een paal voor. Hier de gegevens.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1עֵץ ʿēṣZelfstandig naamwoord
mannelijk
H6086Boom, hout, paal.
Komt 330 keer voor in 288 verzen.
KJV: tree (162x), wood (107x), timber (23x), stick (14x), gallows (8x), staff (4x), stock (4x), carpenter (with H2796) (2x), branches (1x), helve (1x), planks (1x), stalks (1x).
2תָּלָה tālâWerkwoordH8518Hangen
Komt 29 keer voor in 27 verzen.
KJV: hang (25x), hang up (2x), variant (1x).

De combinatie van het woord voor boom, paal of hout én het werkwoord hangen komt in dertien verzen voor. Hieronder staan ze.

Genesis 40:19. Over drie dagen zal de farao u een hoge plaats geven – hij zal u laten onthoofden en u aan een paal laten hangen, en dan zullen de vogels het vlees van uw botten pikken.’

Deuteronomium 21:22-23. Als iemand een misdrijf heeft gepleegd waarop de doodstraf staat, en u hangt hem na voltrekking van het vonnis op aan een paal, dan moet u zijn lijk voor het einde van de dag begraven en het daar niet ’s nachts nog laten hangen; anders maakt u het land dat de HEER , uw God, u als grondgebied geeft onrein. Want op een gehangene rust Gods vloek.

Jozua 8:29. De koning van Ai hing hij op aan een boom en hij liet hem hangen tot de avond. Pas bij zonsondergang gaf Jozua bevel zijn lijk van de boom te halen en het in de stadspoort neer te gooien. Daar bedolven ze het onder een grote hoop stenen, en die is er tot op de dag van vandaag.

Jozua 10:24-26. Jozua liet alle manschappen aantreden en riep de aanvoerders naar voren, de mannen die hem in de strijd terzijde hadden gestaan. ‘Zet jullie voet op de nek van die koningen,’ beval hij hun. Nadat ze dit hadden gedaan, zei hij: ‘Wees niet bang en laat je door niets ontmoedigen, blijf vastberaden en standvastig. De HEER zal met alle vijanden die jullie nog moeten bevechten hetzelfde doen als met deze koningen.’ En met die woorden sloeg Jozua de vijf koningen dood, waarna hij hen aan vijf bomen liet ophangen. Daar hingen ze tot de avond.

In het boek Esther is het ‘ophangen aan een paal’ één van de thema’s. De uitdrukking komt acht keer voor.

Esther 2:23. De zaak werd onderzocht en de beschuldiging bleek gegrond. De beide mannen werden aan een paal gehangen.

Ester 6:4. Daarop vroeg de koning: ‘Is er iemand in de hof?’ Nu was Haman zojuist in de buitenhof van het paleis gekomen om de koning te zeggen dat hij Mordechai aan de paal moest hangen die Haman voor hem had laten klaarzetten.

Esther 5:14. Zijn vrouw Zeres en al zijn vrienden zeiden toen tegen hem: ‘Laat een paal neerzetten van vijftig el hoog en zeg morgenochtend tegen de koning dat Mordechai daaraan moet worden gehangen. Dan kun je daarna vrolijk met de koning aan tafel gaan.’ Dat voorstel beviel Haman, en hij liet de paal klaarzetten.

Esther 6:4. Daarop vroeg de koning: ‘Is er iemand in de hof?’ Nu was Haman zojuist in de buitenhof van het paleis gekomen om de koning te zeggen dat hij Mordechai aan de paal moest hangen die Haman voor hem had laten klaarzetten.

Ester 7:9-10. Charbona, een van de eunuchen die de koning dienden, zei: ‘Staat er bij Hamans eigen huis niet al een paal van vijftig el hoog, die Haman heeft neergezet voor Mordechai, dezelfde Mordechai die de koning ooit zo’n grote dienst heeft bewezen?’ ‘Hang hem daaraan,’ zei de koning. Zo werd Haman aan de paal gehangen die hij had laten klaarzetten voor Mordechai. Toen bedaarde de woede van de koning.

Esther 8:7. Koning Ahasveros zei tegen koningin Ester en tegen de Jood Mordechai: ‘Hamans bezittingen heb ik al aan Ester gegeven en hijzelf is aan de paal gehangen omdat hij de Joden om het leven wilde brengen.

Esther 9:13, 25. Ester antwoordde: ‘Als het de koning goeddunkt, laat hij de Joden in Susa dan toestemming geven om ook morgen te handelen volgens de wet die voor vandaag geldt. En laat de lijken van Hamans tien zonen aan een paal gehangen worden.’

Esther 9:25. Maar nadat Ester zich tot de koning had gewend, gaf deze niet alleen toestemming om een brief te schrijven, maar besloot hij ook dat het onheil dat Haman met zijn verderfelijke plan tegen de Joden had beraamd, op diens eigen hoofd zou neerkomen. Hij en zijn zonen werden aan de paal gehangen.

Kruis en kruisiging (NT)

In het Nieuwe Testament komt als doodstraf de kruisiging voor, de dood aan het kruis. Dit zijn de gegevens over die woorden.

WoordSoort woordStrongOpmerkingen:
1σταυρός staurosZelfstandig naamwoord
mannelijk
G4716Kruis
Komt 28 keer voor in 28 verzen.
KJV: cross (28x).
2σταυρόω stauroōWerkwoordG4717Kruisigen
Komt 46 keer voor in 42 verzen.
KJV: crucify (46x).
3συσταυρόω systauroōWerkwoordG4957Kruisigen met
Komt in vijf keer voor in vijf verzen.
KJV: crucify with (5x).
4ξύλον
xylon
Zelfstandig
naamwoord
onzijdig
G3586Boom
Komt 19 keer voor in 17 verzen.
KJV: tree (10x), staff (5x), wood (3x), stocks (1x).
5κρεμάννυμι kremannymiWerkwoordG2910Hangen
Komt 7 keer voor in 7 verzen.
KJV: hang (7x).

De teksten, waarin de woorden in de tabel zijn opgenomen kun je indelen in drie onderdelen. De woorden van Jezus vooraf aan zijn kruisdood. De kruisiging van Jezus. En de theologie van het kruis en de kruisiging in de brieven van het Nieuwe Testament.

Bij het zelfstandig naamwoord xylou gaat het vijf of zes keer om een verwijzing naar het kruis. Lukas 23:31? Handelingen 5:30, 10:39, 13:29, Galaten 3:13, 1 Petrus 2:24. Soms is in de vertaling met kruishout vertaald. <<>>

Bij het werkwoord hangen gaat het drie keer om hangen als straf namelijk in Lucas 23:39, Handelingen 5:30 en 10:39 en Galaten 3:13.

Je kruis opnemen.

Matteüs 10:38. Wie niet zijn kruis op zich neemt en Mij volgt, is Mij niet waard.
Matteüs 16:24. Toen zei Jezus tegen zijn leerlingen: ‘Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en Mij volgen.

Marcus 8:34. Hij riep de menigte samen met de leerlingen bij zich en zei: ‘Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en Mij volgen.

Dit zegt Jezus tegen de rijke jongeling.
Marcus 10:21. En Jezus keek hem aan en had hem lief, en Hij zei tegen hem: Eén ding ontbreekt u: ga heen, verkoop alles wat u hebt en geef het aan de armen en u zult een schat hebben in de hemel; en kom dan, neem het kruis op en volg Mij.

Lucas 9:23. Tegen allen zei Hij: ‘Wie achter Mij aan wil komen, moet zichzelf verloochenen en dagelijks zijn kruis op zich nemen en Mij volgen.
Lucas 14:27. Wie niet zijn kruis draagt en achter Mij aan komt, kan niet mijn leerling zijn.

Aankondiging van de kruisdood

Matteüs 20:19. Ze zullen hem uitleveren aan de heidenen, die de spot met hem zullen drijven en hem zullen geselen en kruisigen. Maar op de derde dag zal hij worden opgewekt uit de dood.’

Matteüs 23:34. Dat is de reden waarom ik profeten en wijzen en schriftgeleerden naar jullie zal sturen. Jullie zullen sommigen van hen doden, kruisigen zelfs, en anderen in jullie synagogen geselen en van stad tot stad vervolgen.

Matteüs 26:2. Toen Jezus deze laatste rede had uitgesproken, zei hij tegen zijn leerlingen: ‘Over twee dagen is het, zoals jullie weten, Pesach. Dan wordt de Mensenzoon uitgeleverd om gekruisigd te worden.’

De kruisiging van Jezus

Matteüs 27:22-23. Pilatus vroeg hun: ‘Wat moet ik dan doen met Jezus die de messias wordt genoemd?’ Allen antwoordden: ‘Aan het kruis met Hem!’ Hij vroeg: ‘Wat heeft Hij dan misdaan?’ Maar ze schreeuwden alleen maar harder: ‘Aan het kruis met Hem!’
Opmerking: hier gaat het tot twee keer toe om het werkwoord kruisigen.

Matteüs 27:26. Daarop liet Pilatus Barabbas vrij, maar Jezus leverde hij uit om gekruisigd te worden, nadat hij hem eerst nog had laten geselen.

Marcus 15:13-15. En ze begonnen weer te schreeuwen. ‘Kruisig hem!’ riepen ze. Pilatus vroeg: ‘Wat heeft hij dan misdaan?’ Maar ze schreeuwden nog harder: ‘Kruisig hem!’ Omdat Pilatus de menigte tevreden wilde stellen, liet hij Barabbas vrij. Jezus leverde hij uit om gekruisigd te worden, nadat hij hem eerst nog had laten geselen.

Lucas 23:21-23. Maar ze schreeuwden het uit: ‘Kruisig hem, kruisig hem!’ Voor de derde maal zei hij tegen hen: ‘Wat voor kwaad heeft die man dan gedaan? Ik heb niets gevonden waarvoor hij de doodstraf verdient. Dus zal ik hem vrijlaten, nadat ik hem heb laten geselen.’ Maar ze bleven luidkeels eisen dat hij gekruisigd zou worden, en met hun geschreeuw wonnen ze het pleit.

Johannes 19:6. Maar toen de hogepriesters en de gerechtsdienaars hem zagen begonnen ze te schreeuwen: ‘Kruisig hem, kruisig hem!’ Toen zei Pilatus: ‘Neem hem dan maar mee en kruisig hem zelf, want ik zie niet waaraan hij schuldig is.’

Johannes 19:10. ‘Waarom zegt u niets tegen mij?’ vroeg Pilatus. ‘Weet u dan niet dat ik de macht heb om u vrij te laten of u te kruisigen?’

Johannes 19:15-16. Meteen schreeuwden ze: ‘Weg met Hem, weg met Hem, aan het kruis met Hem!’ Pilatus vroeg: ‘Moet ik uw koning kruisigen?’ Maar de hogepriesters antwoordden: ‘Wij hebben geen andere koning dan de keizer!’ Toen droeg Pilatus hem aan hen over om hem te laten kruisigen. Zij voerden Jezus weg.
Opmerking: hier staat het werkwoord kruisigen.

De mishandeling van Jezus
Matteüs 27:31. Nadat ze hem zo hadden bespot, trokken ze hem de mantel uit, deden hem zijn kleren weer aan en leidden hem weg om hem te kruisigen.

Marcus 15:20. Nadat ze hem zo hadden bespot, trokken ze hem het purperen gewaad uit en deden hem zijn kleren weer aan. Toen brachten ze hem naar buiten om hem te kruisigen.

Op weg naar de kruisplaats, Simon van Cyrene
Johannes 19:17. Hij droeg zelf het kruis naar de zogeheten Schedelplaats, in het Hebreeuws Golgota.

Matteüs 27:32. Bij het verlaten van het pretorium troffen ze een man uit Cyrene die Simon heette, en hem dwongen ze het kruis te dragen. Marcus 15:21. Ze dwongen een voorbijganger die net de stad binnenkwam, Simon van Cyrene, de vader van Alexander en Rufus, om het kruis te dragen.
Lucas 23:26. Toen Jezus werd weggeleid, hielden de soldaten een zekere Simon van Cyrene aan, die net de stad binnenkwam. Ze legden het kruis op zijn rug en lieten hem het achter Jezus aan dragen.

De kruisiging, de misdadigers en het bordje.
Lukas 23:33. Aangekomen bij de plek die de Schedelplaats heet, werd hij gekruisigd, samen met de twee misdadigers, de een rechts van hem, de ander links.

Johannes 19:18-19. Daar kruisigden ze hem, met twee anderen, aan weerskanten één, en Jezus in het midden. Pilatus had een inscriptie laten maken die op het kruis bevestigd werd. Er stond op: ‘Jezus van Nazaret, koning van de Joden’.

Matteüs 27:35-36. Nadat ze hem gekruisigd hadden, verdeelden ze zijn kleren onder elkaar door erom te dobbelen, en ze bleven daar zitten om hem te bewaken. Boven zijn hoofd bevestigden ze de aanklacht, die luidde: ‘Dit is Jezus, de koning van de Joden’. Daarna werden er naast hem twee misdadigers gekruisigd, de een rechts van hem, de ander links.

Marcus 15:24-25.Ze kruisigden hem en verdeelden zijn kleren onder elkaar; ze dobbelden erom wie wat zou krijgen. Het was in het derde uur na zonsopgang toen ze hem kruisigden.

Marcus 15:26-27. Het opschrift met de aanklacht tegen hem luidde: ‘De koning van de Joden’. Samen met hem kruisigden ze twee misdadigers, de een rechts van hem, de ander links.

Johannes 19:20. Het stond er in het Hebreeuws, het Latijn en het Grieks, en omdat de plek waar Jezus gekruisigd werd dicht bij de stad lag, werd deze inscriptie door veel Joden gelezen.

Johannes 19:23. Nadat ze Jezus gekruisigd hadden, verdeelden de soldaten zijn kleren in vieren, voor iedere soldaat een deel. Maar zijn onderkleed was in één stuk geweven, van boven tot beneden.

Woorden bij het kruis
Matteüs 27:40. ‘Jij was toch de man die de tempel kon afbreken en in drie dagen weer opbouwen? Als Je de Zoon van God bent, red jezelf dan en kom van dat kruis af!’
Matteüs 27:42. ‘Anderen heeft Hij gered, maar zichzelf redden kan Hij niet. Hij is toch koning van Israël? Laat Hij dan nu van het kruis afkomen, dan zullen we in Hem geloven.

Marcus 15:30. … red jezelf toch door van het kruis af te komen.’
Marcus 15:32. laat die messias, die koning van Israël, nu van het kruis afkomen. Als we dat zien, zullen we geloven!’ Ook de twee andere gekruisigden beschimpten Hem.
Opmerking: hier staat het werkwoord ‘mede gekruisigd’ dat met gekruisigden is vertaald.

Lucas 23:39. Een van de gekruisigde misdadigers zei spottend tegen hem: ‘Jij bent toch de messias? Red jezelf dan en ons erbij!’
Opmerking: hier staat in het Grieks niet gekruisigden en gehangenen.

Matteus 27:44. Precies zo beschimpten hem de misdadigers die samen met hem gekruisigd waren.
Opmerking: hier het werkwoord ‘mede gekruisigden’

Aan het eind
Johannes 19:25. Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder en haar zus, en Maria, de vrouw van Klopas, en Maria van Magdala.

Johannes 19:31-32. Het was voorbereidingsdag, en de Joden wilden voorkomen dat de lichamen op sabbat, en nog wel een bijzondere sabbat, aan het kruis zouden blijven hangen. Daarom vroegen ze Pilatus of de benen van de gekruisigden gebroken mochten worden en of ze de lichamen mochten meenemen.
Opmerking: het werkwoord ‘mede gekruisigden’ is hier vertaal met gekruisigden.

Jezus naar het graf gebracht
Johannes 19:41. Dicht bij de plaats waar Jezus gekruisigd was lag een olijfgaard, en daar was een nieuw graf, waarin nog nooit iemand begraven was.

Marcus 15:46. Josef kocht een stuk linnen, haalde Jezus van het kruis en wikkelde Hem in het linnen. Daarna legde hij Hem in een graf dat in de rots was uitgehouwen en rolde een steen voor de ingang.
Opmerking: het woord kruis komt in het Grieks niet voor. Er staat een Grieks werkwoord dat je met ‘naar beneden halen’ kan vertalen.

Lucas 23:53. Nadat hij het lichaam van het kruis had gehaald, wikkelde hij het in linnen doeken en legde het in een rotsgraf dat nog nooit was gebruikt.
Opmerking 1: hij is Jozef
Opmerking 2: het woord kruis komt in het Grieks niet voor. Er staat: ‘Nadat hij Hem ervan af had gehaald’.

Wat de engelen bij het graf zeiden
Matteüs 28:5. De engel richtte zich tot de vrouwen en zei: ‘Wees niet bang, ik weet dat jullie Jezus, de gekruisigde, zoeken.

Marcus 16:6. Maar hij zei tegen hen: ‘Wees niet bang. U zoekt Jezus, de man uit Nazaret die gekruisigd is. Hij is opgewekt uit de dood, hij is niet hier; kijk, dat is de plaats waar hij was neergelegd.

Lucas 24:6-7. Hij is niet hier, hij is uit de dood opgewekt. Herinner u wat hij u gezegd heeft toen hij nog in Galilea was: de Mensenzoon moest worden uitgeleverd aan zondaars en moest gekruisigd worden en op de derde dag opstaan.’ 8Toen herinnerden ze zich zijn woorden.

Hoe er daarna op werd teruggekeken.
Lucas 24:20. Onze hogepriesters en leiders hebben hem ter dood laten veroordelen en laten kruisigen.

Handelingen 2:23. Deze Jezus, die overeenkomstig Gods bedoeling en voorkennis is uitgeleverd, hebt u door heidenen laten kruisigen en doden.
Opmerking: hier staat een werkwoord dat eenmalig voorkomt namelijk προσπήγνυμι, prospēgnymi, Strong G4362. ‘Pros’ geeft nadruk: nota bene, voorzeker ….

Handelingen 2:36. Laat het hele volk van Israël er daarom zeker van zijn dat Jezus, die u gekruisigd hebt, door God tot Heer en messias is aangesteld.’

Handelingen 4:10. … dient u allen en het hele volk van Israël te weten dat deze man hier gezond voor u staat dankzij de naam van Jezus Christus uit Nazaret, die door u gekruisigd is, maar die door God uit de dood is opgewekt.

Handelingen 5:30. De God van onze voorouders heeft Jezus weer tot leven gewekt, nadat u hem had vermoord door hem aan een kruishout te hangen.
Opmerking: dit is één van de vier teksten, waarbij wordt verwezen naar het kruis als gehangen.
Opmerking: er staat in het Grieks het woord voor boom, xylou Strong G3586

Handelingen 10:39. Wij zijn de getuigen van alles wat hij gedaan heeft, in het land van de Joden en ook in Jeruzalem. Zeker, ze hebben hem gedood door hem aan een kruishout te hangen,
Opmerking: dit is één van de vier teksten, waarbij wordt verwezen naar het kruis als gehangen.
Opmerking: er staat in het Grieks het woord voor boom, xylou Strong G3586

Handelingen 13:29.
Opmerking: er staat in het Grieks het woord voor boom, xylou Strong G3586

De theologie van Paulus

Romeinen 6:6. Immers, we weten dat ons oude bestaan met hem gekruisigd is omdat er een einde moest komen aan ons zondige leven: we mochten niet langer slaven van de zonde zijn.
Opmerking: hier staat het werkwoord ‘mede gekruisigd’

1 Korintiërs 1:13. Is Christus dan verdeeld? Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of is het in de naam van Paulus dat u bent gedoopt?

1 Korintiërs 1:17-18. Christus heeft mij immers niet gezonden om te dopen, maar om te verkondigen – en niet door middel van diepzinnige welsprekendheid, want dan zou het kruis van Christus van zijn kracht worden beroofd. De boodschap over het kruis is dwaasheid voor wie verloren gaan, maar voor ons die worden gered is het de kracht van God.
Les 1: het kruis is symbool voor de gevolgen van het onvoorwaardelijk volgen van Jezus.
Les 2: het kruis is ook de kracht van God.

1 Korintiërs 1:23. …. maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor Joden aanstootgevend en voor heidenen dwaas.

1 Korintiërs 2:2. Ik had besloten u geen andere kennis te brengen dan die over Jezus Christus – de gekruisigde.

1 Korintiërs 2:8. Geen van de machthebbers van deze wereld heeft die wijsheid gekend; zouden ze haar wel hebben gekend, dan zouden ze de Heer die deelt in Gods luister niet hebben gekruisigd.

2 Korintiërs 13:4. Dat hij gekruisigd werd past bij zijn zwakheid, maar nu leeft hij door Gods kracht. Wij apostelen zijn net als Christus zwak, maar u zult merken dat wij net als hij leven door Gods kracht.

Galaten 2:19. Want ik ben gestorven door de wet en leef niet langer voor de wet, maar voor God. Met Christus ben ik gekruisigd.
Opmerking: hier staat het werkwoord ‘mede gekruisigd’

Galaten 3:1. Galaten, u hebt uw verstand verloren! Wie heeft u in zijn ban gekregen? Ik heb u Jezus Christus toch openlijk en duidelijk als de gekruisigde bekendgemaakt?

Galaten 3:13. Maar Christus Jezus heeft ons vrijgekocht van deze vloek door voor ons te worden vervloekt, want er staat geschreven: ‘Vervloekt is ieder mens die aan een paal hangt.
Opmerking: één van de vier teksten, die verwijst naar het kruis aan hangen aan een boom of paal.

Galaten 5:11. En wat mijzelf betreft, broeders en zusters, als ik nog altijd de besnijdenis zou verkondigen, waarom word ik dan vervolgd? Dan zou het kruis toch geen aanstoot meer geven?

Galaten 5:24. Wie Christus Jezus toebehoort, heeft zijn aardse natuur met alle hartstocht en begeerte aan het kruis geslagen.
Opmerking: hier staat het werkwoord.

Galaten 6:12. Degenen die u dwingen u te laten besnijden willen daarmee goede sier maken, alleen maar om te voorkomen dat ze worden vervolgd omwille van het kruis van Christus.
Galaten 6:14. Maar ik – ik wil me op niets anders laten voorstaan dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus, waardoor de wereld voor mij is gekruisigd en ik voor de wereld.

Efeziërs 2:16. …. en verzoende Hij door het kruis beiden in één lichaam met God, door in zijn lichaam de vijandschap te doden.

Filippenzen 2:8. heeft Hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis.
Les: Jezus was gehoorzaam ook tot het uiterste gevolg.

Filippenzen 3:18. Ik heb u al vaak gezegd, en zeg nu zelfs met tranen in mijn ogen: Velen leven als vijand van het kruis van Christus.
Opmerking: het lijkt mij te betekenen als je alleen vanwege het comfort en de gezelligheid Jezus wil volgen.

Kolossenzen 1:20. … en door Hem en voor Hem alles met zich willen verzoenen, alles op aarde en alles in de hemel, door vrede te brengen met zijn bloed aan het kruis.

Kolossenzen 2:14. Hij heeft het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd, nietig verklaard en het weggedaan door het aan het kruis te nagelen.
Opmerking: door het onvolwaardelijk volgen van Jezus is er niets meer wat ons aan kan klagen.

Hebreeën 12:2. Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof: met de vreugde voor ogen die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij het kruis verdragen en de schande ervan aanvaard, en heeft Hij zijn plaats ingenomen aan de rechterzijde van de troon van God.

Openbaring 11:8. Dan liggen hun lijken op het plein van de grote stad die in figuurlijke zin Sodom of Egypte heet, de stad waar ook hun Heer gekruisigd is.

De plaats van de kruisiging van Jezus

De kruisen van Jezus en de twee misdadigers, die met hem werden gekruisigd stonden niet op een heuvel wat dikwijls de aanname is, zowel bij tekeningen als bij schilderijen. De kruisen stonden langs de weg. In dit geval was het langs de weg van Jeruzalem naar Damascus.

Iedereen op de weg in de richting van Damascus kwam langs de kruisen en zag de kruisen. Zo deden de Romeinen dat.

Bij iedere gekruisigde stond op een bord boven de misdadiger wat zijn misdaad was. Bij Jezus stond op het bord: Koning van de Joden.

De kruisen stonden langs de weg zo’n honderd meter buiten de poort van Jeruzalem. Het was ter hoogte van de heuvel Golgotha. Dat woord betekent schedelplaats. De heuvel had in het zuidelijk deel een wand en die zag er uit als een schedel. Voor de Romeinen een toepasselijke plek om juist hier de kruisen op te richten.

De heuvel is er nu nog, maar hij is door een busstation beneden aan de voet van de heuvel en door de begraafplaats boven op de heuvel wel wat aangetast. Rond de begraafplaats en op de begraafplaats boren ze soms gaten in de grond om mensen te begraven.

Zo is ‘de neus’ op de wand van de heuvel, die een paar jaar terug nog te zien was, er nu afgevallen.

Op zo’n honderd meter van deze heuvel is een graf uit de eerste eeuw van Christus. Het zou het graf van Jozef van Arimathea kunnen zijn. De man, die aan Pilatus om het dode lichaam van Jezus had gevraagd. <<>>

Dit graf is nu nog steeds te bezoeken. Het is onderdeel van de graftuin in Jeruzalem. De beheerders van deze graftuin zorgen voor het graf en de tuin, die erbij. Je kunt hier ook de wand van de heuvel van Golgotha zien.

Een graf bestond destijds meestal uit twee delen. Het linker deel was de toegang en een plek voor de klaagvrouwen. In het rechter deel konden drie mensen liggen. Uit de teksten van de Bijbel is af te leiden dat je bij binnenkomst in het graf direct rechts het lijk van Jezus kon zien. <<>>

Het graf in de graftuin heeft een grote ronde steen voor het graf, een soort van wiel, van dertig centimeter dikte. De steen voor dit graf weegt wel zo’n 2000 kilo. Dan moet je wel met een paar stevige mannen hebben om zo’n steen weg te rollen.

Boven het deel, waar de dode mensen lagen, was een luchtgat. Dat was voor het afvoeren van de lijklucht. Als een dode een jaar in het graf had gelegen opende men het graf en verzamelden de botten en deed met die in een kist. Kisten werden elders bewaard. Dikwijls bij de plaats waar men was geboren.

Daar komt het gezegde van dat we in de Bijbel kunnen lezen dat de dode werd verzameld bij zijn voorvaderen. <<>>

Andere bronnen

Er zijn enkele boeken over de kruisiging van Jezus geschreven.

Samenvatting

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.