Studie Rein en Onrein

<<deze studie is nog in bewerking>>

Dit is een studie over een onderwerp, die bij christenen nauwelijks in beeld is. En voor zover mijn ervaring, ook weerstand en ergernis oproept. Jammer vind ik dat. Ieder onderwerp in de Bijbel is van belang voor ons, ook dit onderwerp.

Rein en onrein is niet pas een onderwerp geworden toen het volk Israël bij de berg Sinaï de wet ontving. Het was een algemeen onderwerp van de mensheid.

Oude Testament

In het Oude Testament komen diverse woorden voor, die over rein en onrein gaan. Hier eerst het woord rein.

Tahor rein

Woorden rond het woord rein komen meer dan 200 keer in het Oude Testament voor. Geen klein onderwerp dus in de Bijbel. Hier het overzicht.

 Hebreeuws
woord
Soort woordStrongOpmerkingen:
1טָהוֹר
tahowr
Bijvoeglijk
naamwoord
H2889Rein
Komt 94 keer voor.
KJV: clean (50x), pure (40x), fair (2x), purer (1x), variant (1x).
2טָהֵר taherWerkwoordH2891Reinigen
Komt 94 keer voor.
KJV: clean (80x), purify (6x), purge (5x), pure (2x), purifier (1x).
3טָהֳרָה  tohorahZelfstandig naamwoord
vrouwelijk
H2893Reiniging
Komt 13 keer voor.
KJV: cleansing (7x), purifying (3x), purification (2x), cleansed (1x).
4טְהוֹר
tĕhowr
Zelfstandig naamwoord
mannelijk
H2892Reiniging
Komt 4 keer voor.
KJV: purifying (2x), clearness (1x), glory (1x).
5טֹהַר toharZelfstandig naamwoord
mannelijk
H2890Reiniging
Komt 2 keer voor.
KJV: clean (1x), pureness (1x).

Het boek Leviticus is vooral het boek dat informatie geeft over rein en reinigen.

Het woord tahowr, rein, komt 94 keer voor, waarvan 49 keer in de boeken Exodus en Leviticus. Het woord komt voor het eerst voor in Genesis 7, waar het gaat om reine en onreine dieren die zullen meereizen in de ark van Noach.

Van de 94 keer dat het werkwoord taher reinigen voorkomt, komt het 43 keer in het boek Leviticus voor. Voor de eerste keer komt het in Genesis 35:2 voor, zie citaat hieronder.

Reine en onreine dieren.

Dit komen we al tegen in de vroege geschiedenis van de mensheid namelijk bij de ark van Noach. Genesis 7 en 8. Hij liet van de tahor (reine) dieren, behema H929, er zeven in de ark en van de tame (onreine) dieren liet hij er twee in de ark. Dit was nog ver voor de tijd van de wetgeving bij de berg Horeb.

Genesis 7:1-3. Toen zei de HEER tegen Noach: ‘Ga de ark in, samen met je hele gezin, want ik heb gezien dat jij als enige van deze generatie rechtschapen bent. Van alle reine dieren moet je zeven mannetjes en hun wijfjes meenemen, van de onreine dieren moet je er twee meenemen, een mannetje en zijn wijfje, en van de vogels weer zeven mannetjes en wijfjes, om hun voortbestaan op aarde veilig te stellen.

Genesis 7:7-9. Om aan het water te ontkomen ging Noach de ark in, samen met zijn zonen, zijn vrouw en de vrouwen van zijn zonen. Van de reine en de onreine dieren, van de vogels en van alles wat op de aardbodem rondkruipt, kwamen er telkens twee bij Noach in de ark, een mannetje en een wijfje, in overeenstemming met wat God hem had opgedragen.

Opmerking: op de vraag waarom dieren rein of onrein zijn, heb ik geen antwoord.

Dit gebeurde nadat iedereen uit de ark de aarde weer kon bewonen.
Genesis 8:20. Noach bouwde een altaar voor de HEER; daarop bracht hij brandoffers van al het reine vee en alle reine vogels.

Hierna is er het advies, het gebod om alleen reine dieren te eten.
Leviticus 20: 24-26. Ik ben de HEER, jullie God, die jullie van alle andere volken heeft onderscheiden. Daarom moeten jullie onderscheid maken tussen reine dieren en onreine, tussen onreine vogels en reine, opdat je je keel niet verontreinigt met lopende dieren, vogels of kruipende dieren die ik voor jullie heb onderscheiden als ​onrein. Wees ​heilig​ omwille van mij, want ik, de HEER, ben ​heilig​ en ik heb jullie van de andere volken onderscheiden om mijn volk te zijn.

Rein (Puur) goud

In Exodus gaat het over rein, wat wij hebben vertaald met puur of zuiver, goud. Die uitdrukking komt een flink aantal keer voor. Er wordt ook twee keer gesproken over rein reukwerk.

Exodus 25:10. Laat van acaciahout een ark maken, een kist van twee-en-een-halve el lang, anderhalve el breed en anderhalve el hoog. Overtrek die met zuiver goud, zowel vanbinnen als vanbuiten; aan de bovenkant moet je rondom een gouden sierlijst aanbrengen.

Exodus 25:16-17. In de ark moet je de verbondstekst leggen die ik je zal geven. Je moet ook een verzoeningsplaat maken van zuiver goud, twee-en-een-halve el lang en anderhalve el breed. 

Exodus 25: 23-24. Maak een tafel van acaciahout, twee el lang, één el breed en anderhalve el hoog. Overtrek hem met zuiver goud en breng rondom een gouden sierlijst aan.

Exodus 25:29. Maak ook de bijbehorende schotels, schalen en kannen, en kommen voor de wijnoffers, allemaal van zuiver goud.

Exodus 25:31. Maak een lampenstandaard van zuiver goud. De voet, de schacht, de kelken, knoppen en bloemen moeten uit één stuk worden gedreven.

Exodus 25:36-39. De hele standaard, met de zes armen en de knoppen, moet uit één stuk zuiver goud gedreven worden. Maak er zeven lampen voor en zet die er zo op dat het licht naar voren valt. De snuiters en bakjes moeten ook van zuiver goud zijn. Gebruik voor de lampenstandaard en voor de bijbehorende voorwerpen een talent zuiver goud.

In de hoofdstukken Exodus 28, 30, 31, 37 en 39 wordt ook over rein goud gesproken.

En hier gaat het over rein reukwerk.
Exodus 30:34-35. De HEER zei tegen Mozes: ‘Neem balsemhars, cistushars en galbanum, en naast deze specerijen zuivere wierook, van alles een gelijke hoeveelheid, en bereid daaruit reukwerk, een mengsel zoals een reukwerker dat maakt. Meng er zout door, het moet zuiver en heilig zijn.

Exodus 37:29. Ook bereidde men de heilige zalfolie, en fijn reukwerk zoals een reukwerker dat maakt.

De reine kandelaar.
Eerst gaat het over de kandelaar, Strong H4501, van rein goud, Exodus 25:31 en 37:17. Dan spreekt de Bijbel ook over de reine kandelaar in Exodus 31:8 en 39:37. En tenslotte nog twee keer in deze verzen.

Leviticus 24:4. Op de kandelaar van zuiver goud moet hij de lampen voor het aangezicht van de HEERE voortdurend verzorgen. [HSV]
Toelichting: er staat in het Hebreeuws hier ‘reine menorah’, kandelaar.

Hier gaat het over de reine tafel. De toevoeging van het woord goud
Leviticus 24:6. U moet ze dan in twee rijen leggen, zes per rij, op de tafel die met zuiver goud overtrokken is voor het aangezicht van de HEERE. [HSV]
Toelichting: er staat in het Hebreeuws hier ‘reine tafel’, sjoelchan.

Het gaat hier over de nakomelingen van Aäron.
2 Kronieken 13:11. Ze dragen elke ochtend en elke avond brandoffers op aan de HEER, brengen reukoffers, leggen de toonbroden neer op de met zuiver goud overtrokken tafel en ontsteken elke avond de lampen in de gouden lampenstandaard. Wij nemen dus de voorschriften van de HEER in acht, maar u hebt u van hem afgewend.
Toelichting: er staat in het Hebreeuws hier ‘reine tafel’, sjoelchan.

Wat kunnen we hiervan leren?
Voor mij was totdat ik dit las goud goud ook al stond er puur goud bij. Dat puur had voor mij geen bijzonder extra. Maar nu ontdekte ik dat dit goud ook koosjer was. Hadden ze het op ee bijzondere manier vervaardigd? Ik weet het (nog) niet.

Reine plaats

Maqom H4725

Leviticus 4:11-12. Maar de huid van de stier en al het vlees moeten, net als de kop, de poten, de ingewanden en hun inhoud, buiten het kamp worden gebracht, naar de plaats waar de as van de offers wordt gestort. Daar, op die reine plaats, moet dit alles op een houtvuur verbrand worden.

Opmerking: de plaats is rein geworden omdat daar de as van de offers werd gestort. Daar konden dan resten van de offers worden verbrand zonder dat de plaats onrein zou worden.

Leviticus 6:11. Dan moet hij zijn kleding uittrekken en andere kleren aantrekken, en de as buiten het kamp naar een reine plaats brengen. [HSV]

Leviticus 10:14. Jullie moeten het eten op een heilige plaats; het is voor jou en je zonen bestemd als jullie aandeel in de offergaven voor de HEER. Zo is het mij opgedragen. Maar het borststuk en de rechterachterbout mogen jij en je zonen en dochters op elke reine plaats eten; ze zijn voor jou en je zonen bestemd als jullie aandeel in de vredeoffers van de Israëlieten.

In de tekst van Numeri 19:9 gaat het ook over een reine plaats. Deze tekst zal worden besproken bij het onderwerp reinigingswater.

Mensen zijn rein.

Leviticus 7:19. Iedereen die rein is mag van het offervlees eten.

Onderscheid tussen rein en onrein.

Dit is een woord van de HEER gericht tegen Aäron en zijn zonen. Het gaat er om dat priesters rein en onrein van elkaar kunnen scheiden. Dat is de opdracht van de HEER aan de priesters.
Leviticus 10:10-11. Jullie moeten onderscheid kunnen maken tussen wat ​heilig​ is en wat niet, tussen wat ​rein​ (tahowr) is en wat ​onrein (tame’), en de Israëlieten uitleg geven over alle bepalingen die de HEER bij monde van ​Mozes​ aan hen bekendgemaakt heeft.’

In de tekst staat eerst onrein en dan rein, waarom heeft de NBV dat omgewisseld?]

Leviticus 11:47. Er moet onderscheid worden gemaakt tussen wat rein is en wat onrein en tussen dieren die wel en dieren die niet gegeten mogen worden.

Ezechiël 22,26 De priesters deden mijn wetten geweld aan, wat aan mij was gewijd ontheiligden ze, ze maakten geen onderscheid tussen wat heilig is en wat niet, ze leerden niemand het verschil tussen rein (tahowr) en onrein (tame’) en de sabbat hielden ze niet in ere. Zo werd mijn naam door hen ontwijd.

Opmerking: in de tekst staat eerst onrein en dan rein, waarom heeft de NBV dat omgewisseld?

Een bron maakt rein.

Leviticus 11:36-38. Een bron of een waterput echter blijft rein als er een kadaver van een onrein dier in aangetroffen wordt, maar ieder die dat kadaver aanraakt, is onrein. Als zo’n kadaver op zaaigoed gevonden wordt, blijft het zaad rein, maar als het wordt gevonden op zaad dat in water staat, geldt dat zaad voor jullie als onrein.

Reinheid bij melaatsheid

Bij melaatsheid, in de NBV vraat of huidvraat, is veel onrein, behalve in deze gevallen.

Leviticus 13:12-13. Wanneer het ernaaruit ziet dat de aandoening zich over het hele lichaam heeft uitgebreid, moet de priester de betreffende persoon nader onderzoeken. Als hij vaststelt dat de aandoening het lichaam inderdaad van hoofd tot voeten heeft aangetast, moet hij hem rein verklaren. Aangezien hij helemaal wit is geworden, is hij rein. 
Toelichting: dit staat ook in vers 17.

Leviticus 14:1-2. De HEERE sprak tot Mozes: Dit is de wet voor de melaatse op de dag van zijn reiniging. Hij moet naar de priester gebracht worden, en de priester moet buiten het kamp gaan. Heeft de priester vervolgens gezien dat – zie! – de ziekte van de melaatsheid bij de melaatse genezen is, dan moet de priester opdracht geven dat men voor hem die gereinigd wordt, twee levende reine vogels neemt, cederhout, karmozijn en hysop.
Toelichting: in de volgende verzen gaan de uit te voeren handelingen nog verder.

Dit gaat over reinheid na een huiduitslag.

Levotocis 13:37-39. Wanneer de priester later vaststelt dat de uitslag zich niet verder heeft uitgebreid en dat er donker haar op de plek groeit, is de kwaal werkelijk genezen. De betreffende persoon is dan rein en de priester moet hem rein verklaren. Als een man of een vrouw lichte, witte vlekken op de huid heeft, moet de priester ernaar kijken. Als hij vaststelt dat de lichte witte plekken op de huid dof zijn, is het onschuldige uitslag die de huid heeft aangetast en is die man of vrouw rein.

Dit over haaruitval bij een man.

Leviticus 13:40-41. Als bij een man het haar op de kruin uitvalt, is dat gewoon kaalheid en is hij rein. Ook als zijn haar aan zijn voorhoofd uitvalt, is dat gewoon kaalheid en is hij rein.

Leviticus 14:54-57. Tot zover de voorschriften in verband met de verschillende soorten vraat: de voorschriften in geval van ziekelijke uitslag aan hoofdhuid of kin, van vraat aan stoffen of huizen, en van zwellingen, huiduitslag en vlekken op de huid. Zo kan men nauwkeurig bepalen wat er gedaan moet worden wanneer iets of iemand onrein is of rein. Tot zover de voorschriften omtrent vraat.

Reine offering (mincha)

Maleachi 1:11. Van waar de zon opgaat tot waar ze ondergaat staat mijn naam bij alle volken in aanzien, overal brengt men mij reukoffers en reine offergaven. Mijn naam staat bij alle volken in aanzien – zegt de HEER van de hemelse machten.

Tame onrein

Woorden rond onrein komt nog meer voor dan woorden rond rein. Het gaat wel om een kleine 300 keer.

 Hebreeuws
woord
Soort woordStrongOpmerkingen:
1טָמֵא   tame’WerkwoordH2930Onrein maken, verontreinigen.
Komt 161 keer voor
2טָמָה   tamahWerkwoordH2933 Onrein maken, verontreinigen.
Komt 2 keer voor. Betekent idem. Is een “collateral form” van 6.
3טָמְאָה   tum’ahZelfstandig naamwoord
vrouwelijk
H2932Onrein making, verontreiniging.
Komt 37 keer voor.
4 טָמֵא  tame’Bijvoeglijk naamwoordH2931Onrein
Komt 87 keer voor

Nidah

Er is nog een ander woord voor onreinheid namelijk “nidah”.

 Hebreeuws
woord
Soort woordStrongOpmerkingen:
1נִדָּה 
nidah
Zelfstandig
naamwoord
H5079
Onrein
Komt 29 keer voor
KJV: separation (14x), put apart (2x), filthiness (2x), flowers (2x), far (1x), set apart (1x), menstruous (1x), removed (1x), unclean thing (1x), unclean (1x), uncleanness (1x), menstruous woman (1x), removed woman (1x).

Het woord “nidah” komt van het werkwoord נָדַד  “nadad”, Strong H5074 dat vluchten betekent.

Het woord komt voor in Leviticus (10x), in Numeri (5x) en in Ezechiël (5x). Het geeft naast de onreinheid van tamee ook de onreinheid aan als vrouwen menstrueren, in hun maandelijkse periode zijn. Joodse vrouwen dienen na de menstruatie een bad te nemen, een mikwe en zijn dan weer rein.

Aan de hand van de vindplaatsen van deze woorden is mij meer duidelijk geworden. Het zou mooi zijn als iemand nog meer onderzoek kan doen, er ligt nog meer achter. Ik heb alleen een eerste stapje gedaan. <<>>

Koosjer

We kennen in Nederland het woord koosjer. Een woord dat de reinheid van bijvoorbeeld voedsel aangeeft. Als je in Israël reist kom je het regelmatig tegen. Koosjer is een woord met een Jiddische afkomst. Het komt van het Hebreeuwse kāshēr wat geschikt, zuiver of wettig betekent. (zie Collins encyclopedie en Online etymologisch woordenboek).

Bedoelt men met het woord “koosjer” hetzelfde als de Bijbel met “tahor”? Het lijkt mij wel.

Zie voor de spijswetten in het Jodendom http://nl.wikipedia.org/wiki/Kasjroet

 Hebreeuws woordSoort woordStrongOpmerkingen:
1כָּשֵׁר  kasherWerkwoordH3787Geschikt zijn
Komt drie keer voor in drie verzen.
KJV: right (1x), prosper (1x), direct (1x).
2כִּשְׁרוֹן  kishrownZelfstandig naamwoordH3788Geschikt
Komt drie keer voor in drie verzen
KJV: good (1x), right (1x), equity (1x)

Het werkwoord kasher komt in deze teksten voor.
Esther 8:5
Prediker 10:10.
Prediker 11:6. Zaai uw zaad in de morgen en trek uw hand in de avond niet terug. U weet immers niet of dit zal slagen of dat, of dat het allebei goed zal zijn.

Het zelfstandig naamwoord komt in deze teksten voor:
Prediker 2:21
Prediker 4:4
Prediker 5:11.

Wanneer rein of onrein?

Onrein worden door verkrachting
Ook voor de wetgeving op de berg Horeb is de geschiedenis over dochter Dina van aartsvader Jacob.  Dina werd ‘tame’’ (onrein) omdat ze werd verkracht. Zie Genesis 34.

Onrein door contact met vreemde goden
Ook voor de wetgeving op de berg Horeb is de geschiedenis is het verhaal van de reis van aartsvader Jacob met zijn familie naar Bethel.

Genesis 35:1-5. God zei tegen ​Jakob: ‘Ga naar Betel. Blijf daar en bouw er een ​altaar​ voor de God die daar aan jou verschenen is toen je op de vlucht was voor je broer ​Esau.’ Toen zei ​Jakob​ tegen zijn familieleden en tegen alle anderen die bij hem waren: ‘Doe de ​vreemde ​goden​ die jullie hebben weg, reinig (1) je en trek schone ​kleren​ aan. Laten we naar Betel gaan: daar wil ik een ​altaar​ bouwen voor de God die naar mij heeft omgezien toen ik diep in de ellende zat en die mij op mijn hele ​reis​ terzijde heeft gestaan.’ Ze gaven ​Jakob​ alle ​afgodsbeelden​ die ze in hun bezit hadden, en ook hun oorringen, en ​Jakob​ ​begroef​ alles onder de terebint bij Sichem. Daarna braken ze op. God joeg de inwoners van de steden in de omtrek zo’n angst aan dat ze het niet waagden ​Jakobs​ zonen te achtervolgen.

De reinheid van de familie van Jacob leidde tot bescherming voor de inwoners van de steden!! De tijd bij Betel werd een periode van heiliging, zie studie Heilig, Heiliging. De bescherming was er door reiniging.

Het contact met andere goden, occulte handelingen leidt tot grote onreinheid. Hieronder twee voorbeeld van de vele teksten over dit onderwerp.

Leviticus 19:31. Raadpleeg geen geesten en schimmen van doden. Wie zich tot hen wendt, verontreinigt zichzelf (tame’). Ik ben de HEER, jullie God.

Leviticus 20:3 en 25. (herhaling Moloch en eten onreine dieren)

Rein en onrein van een heel volk
Seksuele en godsdienstige uitspattingen maken niet alleen de mensen maar ook een heel volk onrein.

Leviticus 18:19-25. Heb geen gemeenschap met een vrouw wanneer zij vanwege haar ​menstruatie​ ​onrein​ is (nidah 10). Verontreinig (tame’ 6) jezelf niet door seksuele omgang te hebben met de vrouw van een ander. Ontwijd de naam van je God niet door een van je ​kinderen​ aan ​Moloch​ te ​offeren. Ik ben de HEER. Je mag niet het ​bed​ delen met een man zoals met een vrouw, dat is gruwelijk. Verontreinig jezelf niet door de geslachtsdaad te verrichten met een dier. En een vrouw mag niet een dier uitlokken om met haar te paren, dat is pervers. Verontreinig jezelf niet door dergelijke dingen te doen. De volken die ik voor jullie verdrijf hebben zich met al deze dingen ​verontreinigd, waardoor het land ​onrein​ werd. Vanwege de ​wandaden​ die er gepleegd zijn, heb ik het land geteisterd, zodat het zijn inwoners is gaan uitbraken.

Leviticus 20:1 De HEER zei tegen ​Mozes: ‘Zeg tegen de Israëlieten: “Wanneer een Israëliet of een ​vreemdeling​ die in Israël woont een van zijn ​kinderen​ aan ​Moloch​ ​offert, moet hij ter dood gebracht worden; het volk moet hem ​stenigen. Ikzelf zal mij tegen zo iemand keren en hem ​uit de gemeenschap​ stoten, omdat hij een van zijn ​kinderen​ aan ​Moloch​ heeft geofferd en daarmee mijn ​heiligdom​ heeft ​verontreinigd​ en mijn ​heilige​ naam​ heeft ontwijd. Mocht het volk oogluikend toestaan dat zo’n man zijn ​kinderen​ aan ​Moloch​ ​offert​ en hem niet ter dood brengen, dan zal ik mij tegen die man en zijn ​familie​ keren. Ik zal hem en allen die zich met hem en met ​Moloch​ inlaten, ​uit de gemeenschap​ stoten. [deze tekst is voor mij wel maatgevend hoe we met grove zonden in de gemeente dienen om te gaan]

Voor de zonden van het volk werd het volgende (bijvoorbeeld) gedaan.

Exodus 29:36. Elke dag moet je een stier als reinigingsoffer aanbieden om verzoening te bewerken. Het altaar moet je met een verzoeningsrite van zonde reinigen en je moet het zalven om het te heiligen. [NBV]

Numeri 35:34. Jullie mogen het land waarin jullie wonen en waarin ik woon, niet verontreinigen, want ik, de HEER, woon te midden van de Israëlieten.”’

Deuteronomium 21: 22-23. Als iemand een misdrijf heeft gepleegd waarop de ​doodstraf​ staat, en u hangt hem na voltrekking van het vonnis op aan een paal, dan moet u zijn lijk voor het einde van de dag ​begraven​ en het daar niet ’s nachts nog laten hangen; anders maakt u het land dat de HEER, uw God, u als grondgebied geeft ​onrein. Want op een gehangene rust Gods ​vloek.

Deuteronomium 24:1-4. Het volgende kan zich voordoen: Iemand heeft een vrouw getrouwd, maar om een of andere reden is hij ontevreden over haar. Hij schrijft een ​scheidingsbrief, die hij bij haar vertrek aan haar meegeeft. Ze gaat bij hem weg en wordt de vrouw van een ander. Maar dan krijgt die tweede man een afkeer van haar, en ook hij schrijft een ​scheidingsbrief​ en geeft haar die bij haar vertrek mee; of de man die als tweede met haar is getrouwd, komt te overlijden. In zo’n geval mag de eerste man, die van haar gescheiden is, haar niet opnieuw tot vrouw nemen, nu zij voor hem ​onrein​ geworden is. Want de HEER verafschuwt zulke dingen. Wanneer u zoiets doet, werpt u een smet op het land dat de HEER, uw God, u in eigendom zal geven.

2 Koningen 23:1-30 gaat er over hoe koning Josia het land reinigde van afgoderij. Een indrukwekkend voorbeeld. Het woord reinigen komt overigens als woord niet in het hoofdstuk voor.

Micha 2:10. Sta op, ga weg, hier zul je geen rust vinden. Dit land is onrein (tame’ 6), het brengt bederf en vreselijke vernietiging.

Nazireeërs <<hoort niet bij dit onderwerp>>
Dit is een mogelijkheid voor mensen om een rein en heilig leven te leiden. Monniken, nonnen, woestijnvaders zijn daar een vervolg op.

Het Nazireeër zijn is beschreven in Numeri 6:1-21. Bijzonder is dat de ons bekende Aäronitische zegen hier direct achter aan volgt. Ook onze Heer was een soort van Nazireeër en mij is ook wel eens uitgelegd dat het dorp waar Jezus opgroeide Nazareth haar naamwortels in dit Nazireeër zijn heeft. Maar dat klopt niet <<zie …>>

Ook Paulus op zijn pelgrimslijst naar Jeruzalem, zie Handelingen 21, deed ook aan  Nazireeër schap denkende geloften.

Reinigingswater <<hoort dit bij dit onderwerp?>>
Dit zijn handelingen inclusief een middel om weer rein te worden. Zie Numeri 19.

Onnadenkend leven is geen excuus
Leviticus 2:2-3. Ook wie vergeet dat hij in aanraking is geweest met iets onreins (tame’ 6), zoals het ​kadaver​ van een wild of tam dier of het ​kadaver​ van een kruipend dier, en daardoor ​onrein​ blijft, maakt zich schuldig, net als iemand wie het is ontschoten dat hij in aanraking is geweest met de ​onreinheid​ van een mens, van welke aard dan ook, [het is niet zo in deze vertaling te zien, maar het woord tame’ 6 komt vier in dit vers voor]

Leviticus 5 De betreffende persoon moet, zodra hij zich van zijn schuld bewust wordt, openlijk uitspreken wat hij misdaan heeft 6 en de HEER hiervoor bij wijze van genoegdoening een vrouwelijk dier, een ooi of een ​geit, als ​reinigingsoffer​ aanbieden. De ​priester​ zal voor hem de verzoeningsrite voltrekken. [hier wordt het woord חַטָּאָת chatta’ath Strong nr. H2403 gebruikt, de NBV vertaalt dat met reinigingsoffer] 

Onrein door aanraking dode dieren of mensen.
Leviticus 11 vanaf vers 24 tot 47 gaat over aanraking van kadavers in de categorie onrein dier. Oplossing:  je kleren wassen, gereedschap onderdompelen en de tijd laten verstrijken. Je bent tot de avond onrein. Verder gelden ook kruipende dieren als oneetbaar. Als je deze dieren eet verontreinig je jezelf. Vers 44 en 45 geeft een overzicht en afsluiting.

Ezechiël 39: 12 en 14. Reinigen door gestorven mensen, die in het veld liggen te begraven. Gestorven mensen, die in de openbare ruimte liggen dat is onrein. Het land wordt weer rein door deze mensen te begraven.

Onrein als je een kind hebt gebaard
Leviticus 12 gaat over ‘tamee’ zijn als je een kind hebt gebaard. Dan ben je een periode onrein. Bij een meisje ben je langer onrein  omdat het voorkomt dat de pasgeboren baby menstrueert?

Onrein door het eten van bepaald voedsel
Leviticus 17: 15. Een dier dat je eet dat het een natuurlijke dood is gestorven. Je kleren en jezelf wassen, dan ben je tot de avond onrein. Wie het wassen nalaat moet de gevolgen van zijn zonden dragen.

Onrein door ziekten
Leviticus 13 en 14 gaat over melaatsheid en andere huidaandoeningen. Hoofdstuk 13 over de onreinheid en hoofdstuk 14 hoe je weer rein kunt worden. Door een verzoeningsritueel vertaalt de NBV.

Leviticus 15 gaat over geslachtsziekten bij mannen. Het tweede deel van het hoofdstuk gaat over vrouwen die menstrueren of aan bloedingen leiden en over geslachtsgemeenschap. De oplossing is steeds het verstrijken van de tijd.

Het gevolg van onreinheid is dat je sterft als je in Gods nabijheid zou komen. In het NT lijkt dat meer dat je onbereikbaar bent voor God.

Geven van reine offers brengen
Leviticus 22:1-9 gaat over rein en onrein. Je mag als priester in onreine toestand niet met de heilige gaven van de Israëlieten omgaan (1-3).

Haggai 2:12-14. Als onreine mensen iets offeren is het een onrein offer.

Dit zegt iets over de kwaliteit als je iets aan de Heer wil geven.

Rein en onrein van je hart
Psalmen 24: 3-4 Wie mag de berg van de HEER bestijgen, wie mag staan op zijn heilige plaats? Wie reine handen heeft en een zuiver hart, zich niet inlaat met leugens en niet bedrieglijk zweert. [hier woorden, die ik nog niet in mijn lijstje had staan reine נָקִי naqiy Strong nr. H5355 handen en zuiver בַּר bar Strong nr. H1249 hart]

Psalmen 51:9. Neem met ​majoraan​ mijn ​zonden​ weg en ik word ​rein (taher 1), was mij en ik word witter dan sneeuw. [voor de betekenis van majoraan, zie een andere studie]

Psalmen 51:12. Schep, o God, een zuiver (tahor 3) ​hart​ in mij, vernieuw mijn geest, maak mij standvastig,  

Spreuken 22:11. Wie reinheid (2) van hart liefheeft, en vriendelijkheid van zijn lippen: een koning is zijn vriend. [HSV]

Hoe kun je weer rein worden?
Een aantal reden (huidvraat, geslachtsziekte, aanraking lijk, zaadlozing, onrein kruipend dier, onrein persoon) is tot de avond, als de zon ondergaat onrein en je moet ook je lichaam wassen, zie Leviticus 22: 4-7.

Andere bronnen


In commentaren op de Bijbel wordt rein en onrein nogal eens ritueel rein en onrein of cultisch rein of onrein genoemd. Het lijkt mij dat het juister is om geestelijk rein en onrein te zeggen.

Ik ken geen boeken over dit onderwerp. Er schijnt wel een promotie onderzoek over dit onderwerp te zijn.

Van de moslims kennen we halal (toegestaan) en haram (verboden).

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.