Studie de Grote Dag

<<deze studie is nog in bewerking, nog niet af>>

Het woord ‘dag’ is een veel voorkomend woord in de Bijbel. Soms gaat het om een speciale dag. Daar zijn allerlei uitdrukkingen voor, zoals de grote dag, de dag van de Heer, de dag van het oordeel, de dag van de wraak, de dag van de mens maar soms ook heel cryptisch die dag.

Hieronder aandacht voor teksten uit de Bijbel over al deze ‘dag’ uitdrukkingen en dan vooral of en zo ja wat ze zeggen over de toekomst.

Als titel voor deze studie heb ik gekozen voor die cryptische uitdrukking ‘die dag’. Vooral omdat het ook nog wel verborgen of een geheim is wat er precies gaat gebeuren.

De grote dag

De uitdrukking de grote dag komt enkele keren voor in de Bijbel. Hieronder de woorden die in het Hebreeuws of het Grieks daarvoor worden gebruikt.

  Woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1יוֹם yowmZelfstandig naamwoord
mannelijk
H3117Dag
Komt 2.287 keer voor in 1.931 verzen.
KJV: day (2,008x), time (64x), chronicles (with H1697) (37x), daily (44x), ever (18x), year (14x), continually (10x), when (10x), as (10x), while (8x), full (8x), always (4x), whole (4x), alway (4x), miscellaneous (44x).
2גָּדוֹל gadowlBijvoeglijk naamwoord
(ook als zelfst. naamw.)
H1419Groot.
Komt 529 keer voor en 499 verzen.
KJV: great (397x), high (22x), greater (19x), loud (9x), greatest (9x), elder (8x), great man (8x), mighty (7x), eldest (6x), miscellaneous (44x).
3ἡμέρα
hēmera
Zelfstandig naamwoord vrouwelijkG2250
SB2040
Dag.
Komt 389 keer voor in 366 verzen.
KJV: day (355x), daily (with G2596) (15x), time (3x), not translated (2x), miscellaneous (14x).
4μέγας megasBijvoeglijk naamwoordG3173Groot
Komt 195 keer voor in 185 verzen.
KJV: great (150x), loud (33x), miscellaneous (12x).

Er zijn zowel in het Hebreeuws als het Grieks slechts twee woorden om die combinatie van grote dag aan te geven. Hieronder de voorbeelden.

Dé grote dag in het Oude Testament
De combinatie groot en dag, oftewel ‘grote dag’ komt drie keer voor in het Oude Testament. Hieronder staan ze.

Genesis 29:7. ‘Maar het is nog volop dag,’ zei Jakob, ‘het is toch nog geen tijd om het vee bijeen te drijven? Jullie kunnen de dieren toch te drinken geven en ze daarna weer laten grazen?

Hosea 1:10-11. Eens echter zullen de kinderen Israëls talrijk wezen als het zand der zee, dat niet te meten of te tellen is. En ter plaatse waar tot hen gezegd wordt: Gij zijt mijn volk niet – zullen zij genoemd worden kinderen van de levende God. Dan zullen de kinderen van Juda en de kinderen van Israël zich bijeenscharen, één hoofd over zich stellen, en optrekken uit het land; want groot zal de dag van Jizreël zijn. <<Jizreël staat voor Israël?>>

Sefanja 1:14. De grote dag van de HEER is nabij, hij is nabij en komt zeer snel. Hoor! De dag van de HEER! Zelfs de dappersten schreeuwen het uit!

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Bij Jacob gaat het over de dag zelf, dat de rest van de dag nog groot is. De andere twee teksten laten iets zien over de toekomst t.o.v. de tijd dat ze zijn uitgesproken.

Hosea profeteerde tot 750 voor Christus en Sefanja rond 630 en 640 voor Christus. De profetieën over Israël kregen in de loop van de tijd steeds meer een waarschuwend karakter. Dat is ook te zien aan deze twee voorbeelden.

De profetie van Sefanja was ervoor bedoeld om het volk tot inkeer te bewegen. De profetie van Hosea gaf een ruim perspectief voor de toekomst.

Dé grote dag in het Nieuwe Testament
De combinatie groot en dag, oftewel grote dag, komt zes keer voor in het Nieuwe Testament.

Johannes 7:37. En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus daar en riep: Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken. [HSV]

Johannes 19:31. Opdat de lichamen niet aan het kruis zouden blijven op de sabbat, omdat het de voorbereiding was (want de dag van die sabbat was een grote dag), vroegen de Joden dan aan Pilatus of hun benen gebroken en zij weggenomen mochten worden. [HSV]

Handelingen 2:20. De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed voordat de grote, stralende dag van de Heer komt.

Judas 1:5-6. Ik wil u eraan herinneren – ook al weet u dit alles wel – dat de Heer zijn volk weliswaar voor eens en altijd uit Egypte heeft bevrijd, maar later allen die niet geloofden gedood heeft. Denk ook aan de engelen die hun oorspronkelijke positie ontrouw werden en de hun toegewezen plaats verlieten: tot het oordeel op de grote dag houdt hij hen met onverbreekbare boeien in de onderwereld gevangen.

Openbaringen 6:12-17. Ik zag, toen het zesde zegel verbroken werd, hoe er een zware aardbeving kwam. De zon werd zwart als een rouwkleed en de maan werd bloedrood. De sterren vielen op de aarde, zoals late vijgen die door een stormwind van de boom worden gerukt. De hemel scheurde los en rolde zich als een boekrol op. Geen berg of eiland bleef op zijn plaats. Koningen, machthebbers, legeraanvoerders, rijken, aanzienlijken, slaven en vrije mensen, iedereen trachtte zich te verbergen in grotten en tussen de rotsen in de bergen. Ze riepen de bergen en de rotsen toe: ‘Val op ons neer! Verberg ons voor het oog van hem die op de troon zit en voor de toorn van het lam! Want nu is de grote dag van hun toorn aangebroken, en wie kan die doorstaan?’

Openbaringen 16:12-16 De zesde engel goot zijn offerschaal leeg over de grote rivier de Eufraat. De rivier viel droog en maakte de weg vrij voor de koningen uit het oosten. Toen zag ik dat uit de bek van de draak, uit de bek van het beest en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten tevoorschijn kwamen in de vorm van kikkers. Dat zijn demonische geesten die tekenen verrichten en eropuit gaan om alle koningen op aarde bijeen te brengen voor de strijd op de grote dag van de almachtige God. ‘Ik kom onverwacht als een dief!’ Gelukkig is wie wakker blijft en zijn kleren aanhoudt: hij hoeft niet naakt rond te lopen en zich voor iedereen te schamen. Ze brachten hen bijeen op de plaats die in het Hebreeuws Harmagedon heet.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Twee feesten worden in de Bijbel grote dagen genoemd. Het eerste feest, Pesach, dat staat voor de bevrijding en verlossing van de slavernij. En het laatste feest, die duidt op de vreugdevolle tijd waar we heen gaan. Een feest dat de vreugde van de wet het sjimcha torah. Dit feest ziet vooruit dat we altijd in de wereld van God zijn, zijn woorden (wet) rechtstreeks kunnen horen. Het is de dag dat we voor altijd van het levend water kunnen drinken.

In de toespraak van Petrus op die bijzondere Pinksterdag wijst hij er op dat vanaf dat moment de periode van de grote sprankelende dag is begonnen. Jongeren gaan profeteren, ouderen gezichten zien in de aanloop van die grote dag.

De grote dag is volgens Judas ook de dag dat de gevallen engelen zullen worden geoordeeld.

En tenslotte komt de grote dag twee keer in het boek Openbaringen voor. Bij de zesde zegel en de zesde engel. De woede van God en Jezus zullen zich richten op hen die kwaad hebben gedaan van dictators, legeraanvoerders tot gewone mensen. Om dingen recht te zetten. Dat is wat gebeurt bij het verbreken van de zesde zegel.

Bij de komst van de zesde engel arrangeert God een oorlog. Alle kwaaddoeners zullen zich verzamelen onder inspiratie van kwade geesten om een grote strijd aan te gaan. Maar dit samenkomen geeft God juist de gelegenheid om ze in één keer, zowel geesten als kwaaddoeners te vernietigen.

In Openbaringen 16 staat dat de plaats van de strijd Harmagedon is. Waarom daar? In werkelijkheid ziet dat gebied er uit als een enorme rechtszaal. De heuvel (har) van Megiddo, die uitkijkt op de vlakte van Jizreeël.

Dat enorm duistere leger lijkt op te rukken vanuit het Oosten naar Israël. De mensen zullen er niet aan denken dat God in gaat grijpen. Maar dat doet hij wel. Vandaar de opmerking als een dief in de nacht. <<>>

De dag van de HEER

Een andere uitdrukking is de dag van de Heer: Jom JHWH. Deze woorden hebben de Strongnummers H3117 en H3068.

Er zijn veel teksten waarin het gaat over en ‘dag’ en over de ‘HEER’, maar in ieder geval gaat het zestien keer gaat over de dag van de Heer, die nog komt.

Op enkele plaatsen in de Bijbel wordt een dag van de Heer genoemd. In principe zijn alle dagen van de Heer. Psalm 118:24. Dit is de dag, die de Heer ons geeft, wees dan blij en zing verheugd. [eigen vertaling]

Maar ….. de dag van de Heer is ook een staande uitdrukking in de Bijbel. Wat zou dat betekenen? Is dat dé bijzondere dag aan het eind van de tijd? Of misschien denkt u wel aan de zondag als de dag van de Heer is, de dag des Heeren. Maar wat staat in de Bijbel?

Zowel in het Oude als het Nieuwe Testament komen we de dag van de Heer tegen.

De dag van de Heer, de dag des Heeren in het OT.
De combinatie van dag en Heer, Strong H3068 komt 72 keer voor in allerlei varianten. De KJV vertaalt twintig keer met “the day of the Lord”. Die teksten heb ik bekeken, ze worden hieronder genoemd.

Jesaja 2:12. Want de dag van de HEERE van de legermachten zal zijn tegen al wie hoogmoedig en trots is,tegen al wie zich verheft, opdat hij vernederd zal worden. [HSV]

Dit is een profetie over Babylonië.
Jesaja 13:6-13. Weeklaag! Want de dag van de HEER is nabij,de dag van ondergang die komt van de Ontzagwekkende! Daarom trillen alle handen en verweekt ieders hart van angst. De mensen zijn door schrik bevangen. Door kramp en pijn krimpen ze ineen als een vrouw in barensnood. Radeloos staren ze elkaar aan, de vlammen slaan hun uit. De dag van de HEER breekt aan, meedogenloos, grimmig, in brandende toorn. Het land zal in een woestenij veranderen, de zondaars die er wonen verdelgt hij. De sterren aan de hemel geven geen licht meer, sterrenbeelden doven uit, de zon is verduisterd als ze opkomt, het licht van de maan is verdwenen. Dan laat ik de wereld boeten voor haar slechtheid, de goddelozen voor hun verdorvenheid. Ik breek de trots van hoogmoedigen, hooghartige tirannen verneder ik. Ik maak mensen schaarser dan goud, stervelingen zeldzamer dan zuiver goud uit Ofir. Ik zal de hemel doen wankelen, de aarde raakt bevend van haar plaats op de dag van de HEER van de hemelse machten, de grimmige dag van zijn brandende toorn.

Dit is een tekst uit een profetie over Egypte.
Jeremia 46:10. Het is een dag van wraak voor de HEER, de God van de hemelse machten. Hij wreekt zich op zijn vijanden. Zijn zwaard doet zich te goed, het drinkt en raakt verzadigd van hun bloed. De HEER, de God van de hemelse machten, richt een slachting aan, in het noorden, bij de Eufraat.

Deze profetie is gericht tot de profeten.
Ezechiël 13:1-5. De HEER richtte zich tot mij: ‘Mensenkind, klaag alle profeten van Israël aan die het nog wagen te profeteren; zeg tegen de profeten die op eigen gezag spreken: “Luister naar de woorden van de HEER! Dit zegt God, de HEER: Wee de verdwaasde profeten die hun eigen ingevingen volgen zonder iets te hebben gezien! Israël, je profeten zijn als jakhalzen die leven tussen de ruïnes. Ze zijn niet in de bres gesprongen voor hun volk, ze hebben er geen muur omheen gebouwd waardoor het op de dag van de HEER in de strijd zou kunnen standhouden.

Dit lijkt te gaan over …<<>>
Ezechiël 30:3. Nabij is de dag, nabij is de dag van de HEER! Een dag van wolken zal het zijn, de dag van het oordeel over de volken.

Dit lijkt een profetie, die gaat over een komende <<>>
Joël 1:15. O angstwekkende dag! Nabij is de dag van de HEER, de dag van ondergang die komt van de Ontzagwekkende!

Joel 2:1-2. Blaas de ramshoorn op de Sion, blaas alarm op mijn heilige berg;laat alle inwoners van het land beven van ontzetting:de dag van de HEER komt! Hij is nabij! Het is een dag van duisternis en donkerheid,een dag van dreigende, donkere wolken.

Joël 2:11. Want het is de HEER –zijn stem schalt voor zijn leger uit, zijn strijdkrachten zijn geweldig, zijn bevel wordt met groot vertoon volbracht. Ja, groot en ontzagwekkend is de dag van de HEER, wie kan die dag doorstaan?

In Joël 2:28 (3:1 in NBV) staat die tekst in dit geheel van dag van de Heer, waar de apostel Petrus op die bijzondere Pinksterdag aan refereert, dat op dat moment zou plaatsvinden:
Joël 2:28. ‘Ik zal mijn geest uitgieten over al wat leeft. Jullie zonen en dochters zullen profeteren, oude mensen zullen dromen dromen, en jongeren zullen visioenen zien’.

<<>> Dat was dus ook een dag van de Heer’.

Joël 3:14. <<stond niet bij the day of the Lord>>

Joël 4:14. Dichte drommen bijeen in de vallei van het oordeel! Nabij is de dag van de HEER. Daar zal hij oordelen!

Amos 5:18-20. Wee degenen die verlangen naar de dag van de HEER! Wat zal hij jullie brengen, de dag van de HEER? Duisternis, geen licht. Zoals wanneer iemand die vlucht voor een leeuw, aangevallen wordt door een beer, en dan, als hij een huis binnenvlucht en met zijn hand tegen de muur leunt, gebeten wordt door een slang. De dag van de HEER zal duisternis zijn, en geen licht; aardedonker, zonder glans.

Obadja 1:15. Maar de dag van de HEER is nabij voor alle volken; dan zal met jou gedaan worden wat jij met hen gedaan hebt, dan zullen je daden op je eigen hoofd neerkomen.

Sefanja
In het eerste deel van het boek Sefanja gaat het ook over de dag van de HEER. Dit eerste deel lijkt uit drie delen te bestaan. Een deel, Sefanja 1:1-13. gericht op het volk Juda, die een oordeel krijgen voor hun occulte activiteiten hun leven met de goden en demonen van de duisternis. Het tweede deel, Sefanja 1:14-18 lijkt een oordeel te zijn met een wereldwijde omvang. En dan Sefanja 2:1-3. Voor hen, die nederig van hart zijn, dat wil zeggen alleen met God leven en zijn geboden houden, hen zal wellicht het oordeel niet treffen.

Trouwens de zonden van Juda hebben wel een wereldwijd gevolg van ellende, zie hieronder de teksten van het eerste deel.

Sefanja 1:1-8. Dit zijn de woorden die de HEER richtte tot Sefanja, de zoon van Kusi, de zoon van Gedalja, de zoon van Amarja, de zoon van Hizkia, toen Josia, de zoon van Amon, in Juda regeerde. De dag van de HEER. Alles zal ik van de aardbodem wegvagen – spreekt de HEER. Mens en dier zal ik wegvagen. Ik zal de vogels aan de hemel wegvagen en de vissen in de zee, alles wat de zondaars ten val heeft gebracht. En ik laat de mensen van de aardbodem verdwijnen – spreekt de HEER. Ik zal mijn hand naar Juda en de inwoners van Jeruzalem uitstrekken. Daar zal ik de Baäls, de afgodendienaars en de priesters vernietigen. Ik zal wegvagen wie op het dak knielt voor het sterrenleger aan de hemel, wie knielt voor de HEER en trouw aan hem zweert, maar tegelijk ook aan Milkom. Ik zal vernietigen wie de HEER de rug toekeert, hem niet zoekt en hem niet raadpleegt. Wees stil voor God, de HEER, de dag van de HEER is nabij! De HEER zal een offermaaltijd houden en zijn genodigden heiligen. Op de dag van die maaltijd zal ik de leiders en de koningszonen straffen, en al wie zich hult in uitheemse kledij.

Sefanja 1:14-16. De grote dag van de HEER is nabij, hij is nabij en komt zeer snel. Hoor! De dag van de HEER! Zelfs de dappersten schreeuwen het uit! Die dag zal een dag zijn van razernij,
een dag van angst en benauwdheid,
een dag van rampspoed en onheil,
een dag van duisternis en donkerheid,
een dag van dreigende, donkere wolken,
een dag van hoorngeschal en krijgsgeschreeuw
tegen de vestingsteden en hun hoge torens.

Sefanja 2:1-3. Kom tot jezelf en kom samen, schaamteloos volk, voordat mijn besluit gestalte krijgt – een dag verwaait als kaf –, voordat de brandende toorn van de HEER zich tegen je keert, voordat de dag van de toorn van de HEER zich tegen je keert. Zoek de HEER, allen in het land die nederig zijn en naar zijn wetten leven, zoek rechtvaardigheid, zoek nederigheid: misschien blijven jullie dan gespaard op de dag van de toorn van de HEER.

Zacharia 14
In Zacharia 14 spreekt de profeet over zaken, die nog niet zijn gebeurd. Deze teksten komen uit de Willibrord vertaling. Zij vertalen als enige als de dag van de HEER, wat ook de KJV doet, in plaats van de dag voor de Heer.
Zacharia 14:1-2. Er komt een dag van de HEER, een dag waarop u geplunderd wordt en de buit binnen uw muren wordt verdeeld. Ik zal namelijk alle volkeren bijeenbrengen om tegen Jeruzalem te strijden; de stad zal worden veroverd [Willibrord]

Verder hieronder een selectie van tekst van wat er zal gebeuren.
Zacharia 14:4. Op die dag zal Hij zijn voeten op de Olijfberg zetten, die tegenover Jeruzalem ligt, aan de oostkant; dan splijt de Olijfberg in tweeën, van oost naar west, zodat er een geweldig dal ontstaat; de ene helft van de berg wijkt noordwaarts, de andere helft zuidwaarts.

Zacharia 14:6-9. Op die dag zal er geen licht, koude en vorst meer zijn;
één dag zal er zijn, alleen aan de HEER bekend, dat het dag noch nacht is,
maar op het avonduur zal het licht worden. Op die dag zal er levend water uit Jeruzalem stromen, de ene helft naar de oostelijke zee, de andere helft naar de westelijke zee; zo zal het zijn, zomer en winter. De HEER zal koning zijn over de gehele aarde: op die dag zal de HEER de enige zijn en zijn naam de enige naam.

Zacharia 14: 12-14. Maar dit zal de ramp zijn, waarmee de HEER al de volken zal treffen, die tegen Jeruzalem zijn opgetrokken: Hij zal hun vlees laten wegteren terwijl ze nog op hun voeten staan; hun ogen zullen in de kassen wegteren en hun tong zal wegteren in hun mond. Op die dag zal de HEER een hevige paniek onder hen laten uitbreken; de ene man zal grijpen naar de hand van de andere en zij zullen met elkaar slaags raken. Ook Juda zal in Jeruzalem strijden; de rijkdom van alle omwonende volkeren zal verzameld worden: goud, zilver en een zeer grote hoeveelheid gewaden.

Zacharia 14:16. En alle overlevenden van al de volkeren die tegen Jeruzalem waren opgetrokken zullen dan ieder jaar naar Jeruzalem gaan
om zich neer te buigen voor de koning, de HEER van de machten, en om het Loofhuttenfeest te vieren.

Zacharia 14:20. Die dag zal er op de bellen van de paarden staan: ‘Aan de HEER gewijd!’

Wat kunnen we van deze teksten leren?
De dag van de Heer kan aan de orde zijn bij de Babylonië en bij Egypte. Dat zullen wel verschillende dagen zijn. Was in ieder geval aan de orde op die Pinksterdag nadat Jezus was opgestaan.

De relatie met ‘dag van de Heer’ met de zondag heb ik nog niet gevonden. Ik verwacht ook niet dat dat gaat lukken.

Er is zeker een relatie van de dag van de Heer met de toekomst. Zeker aan het eind van de tijd zal er nog een dag van de Heer zijn.

De dag van het Heer in het Nieuwe Testament.
De combinatie dag en Heer, Strongs G2250 en G2962, oftewel de dag van de Heer, komt vijf keer voor. Drie keer vertaalt de KJV hier ook met “the day of the Lord” namelijk in 2 Korintiërs 1:14, 1 Tessalonicenzen 5:2 en 1 Petrus 3:10 van onderstaande teksten.

Hieronder de vijf plaatsen waar de uitdrukking dag van de Heer in voorkomt.

Handelingen 2:20 (staat ook bij grote dag hierboven). De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed voordat de grote, stralende dag van de Heer komt.

1 Korintiërs 5:4-5. Wanneer u en ik dus in de geest bij elkaar zijn, en de kracht van onze Heer Jezus bij ons is, moet u die persoon aan Satan uitleveren. Dan gaat zijn huidige bestaan verloren, opdat hij zal worden gered op de dag van de Heer.

2 Korintiërs 1:13-14. Wat u in onze brieven leest en eruit begrijpt, hebben we ook precies zo bedoeld. Ik hoop dat u eens ten volle zult begrijpen wat u al gedeeltelijk begrepen hebt, namelijk dat u op de dag van onze Heer Jezus trots op ons kunt zijn, zoals wij op u.

1 Tessalonicenzen 5:1-6. Broeders en zusters, ik hoef u niet te schrijven over het moment waarop dit zal gebeuren, want u weet zelf maar al te goed dat de dag van de Heer komt als een dief in de nacht. Als de mensen zeggen dat er vrede en veiligheid is, worden ze plotseling getroffen door de ondergang, zoals een zwangere vrouw door barensweeën. Vluchten is dan onmogelijk. Maar u, broeders en zusters, u leeft niet in de duisternis, zodat de dag van de Heer u zou kunnen overvallen als een dief, want u bent allen kinderen van het licht en van de dag. Wij behoren niet toe aan de nacht en de duisternis, dus laten we niet slapen, zoals anderen, maar waken en op onze hoede zijn. [de tweede keer dat dag van de Heer wordt genoemd staat er in het Grieks ‘die dag’. Ook een uitdrukking]

2 Petrus 3:10. Eén ding mag u niet over het hoofd zien, geliefde broeders en zusters: voor de Heer is één dag als duizend jaar en duizend jaar als één dag. De Heer is niet traag met het nakomen van zijn belofte, zoals sommigen menen; hij heeft alleen maar geduld met u, omdat hij wil dat iedereen tot inkeer komt en niemand verloren gaat. De dag van de Heer zal komen als een dief. De hemelsferen zullen die dag met luid gedreun vergaan, de elementen gaan in vlammen op, de aarde wordt blootgelegd en alles wat daarop gedaan is komt aan het licht.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
De dag van de Heer is de grote stralende dag. Handelingen 2.

Paulus beveelt voor iemand als pastoraal traject aan om iemand over te geven aan Satan zodat hij uiteindelijk zal worden gered op de dag van de Heer. 1 Korintiërs.

Op die dag kunnen wij ook trots zijn op elkaar als we met volharding Jezus hebben gevolgd. 2 Korintiërs.

Hier komen we ook weer twee keer de dief in de nacht tegen.

En tenslotte dat één dag kan zijn als duizend jaar. De dag van de Heer zal wel eens een periode van duizend jaar kunnen beslaan.

De dag van het oordeel

Er komt een dag waar zal worden geoordeeld, daar spreekt de Bijbel over. Hier een overzicht van de woorden, die voorkomen in combinatie met het woord dag.

<ik heb nog geen Hebreeuwse variant gevonden>>

  Woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1κρίσις krisis Zelfstandig naamwoord vrouwelijk G2920
SB2604
Oordeel, veroordeling.
Komt 48 keer voor in 47 verzen. KJV: judgment (41x), damnation (3x), accusation (2x), condemnation (2x).
κρίνω krinō   WerkwoordG2919
SB2603
Oordelen

KJV: judge (88x), determine (7x), condemn (5x), go to law (2x), call in question (2x), esteem (2x), miscellaneous (8x).

De combinatie van dag, Strong G2250, SB2040, met oordeel komt in negen verzen voor. De KJV vertaalt met ‘the day of judgment’ (8x) en de ‘judgment of the great day’ (1x).

De combinatie van dag met het werkwoord oordelen komt vier keer voor.

De dag van het oordeel

De uitdrukking ‘de dag van het oordeel’ komt tien keer voor in het Nieuwe Testament. Hier staan ze alle tien.

Vier keer gaat het om een vergelijking hoe andere steden het af zal gaan als de groep waar Jezus tegen spreekt.

Jezus spreekt dit tegen zijn leerlingen als hij ze twee aan twee het land instuurt. Dit gebeurt met de bezochte steden als ze niet willen luisteren.
Matteüs 10:15. Ik verzeker jullie: de dag van het oordeel zal voor het land van Sodom en Gomorra draaglijker zijn dan voor die stad.

Dit is wat Jezus zegt tegen twee steden, die zich niet bekeerden.
Matteüs 11:22. Ik zeg jullie: op de dag van het oordeel zal het lot van Tyrus en Sidon draaglijker zijn dan dat van jullie.

En dit nog tegen een derde stad, waar de krachten niet gebleven zijn.
Matteüs 11:24. Ik zeg je dat op de dag van het oordeel het lot van Sodom draaglijker zal zijn dan dat van jou.’

En hier weer tegen de leerlingen, die werden uitgezonden.
Marcus 6:11. En zo wie u niet zullen ontvangen, noch u horen, vertrekkende van daar, schudt het stof af, dat onder aan uw voeten is, hun tot een getuigenis. Voorwaar zeg Ik u: Het zal Sódom of Gomórra verdragelijker zijn in de dag des oordeels dan die stad. [SV]
Toelichting: deze tekst staat niet in alle handschriften.

En dit zei Jezus bij het onderwijs van de menigte.
Matteüs 12:36. Ik zeg u: van elk nutteloos woord dat mensen spreken, zullen ze op de dag van het oordeel rekenschap moeten afleggen.

2 Petrus 2:9. De Heer blijkt dus vromen uit de beproeving te kunnen redden en onrechtvaardigen gevangen te kunnen houden tot de dag van het oordeel, om hen dan te straffen.

2 Petrus 3:7. Maar de tegenwoordige hemel en aarde worden door datzelfde woord bewaard om op de dag van het oordeel, waarop de goddelozen ten onder zullen gaan, te worden prijsgegeven aan het vuur.

1 Johannes 4:17. Zo is de liefde bij ons werkelijkheid geworden, en daardoor kunnen we op de dag van het oordeel vol vertrouwen zijn, want hoewel wij nog in deze wereld zijn, zijn we als Jezus.

De uitdrukking wijkt hier iets af. Het gaat hier om het oordeel op de grote dag.
Judas 1:6. Denk ook aan de engelen die hun oorspronkelijke positie ontrouw werden en de hun toegewezen plaats verlieten: tot het oordeel op de grote dag houdt hij hen met onverbreekbare boeien in de onderwereld gevangen.

De dag en oordelen

In vier tekstgedeelten wordt het werkwoord oordelen gehanteerd voor een bepaalde dag.

Jezus zegt dat als je zijn woorden afwijst, dan heb je al één die je oordeelt, de NBV vertaalt met rechter.
Johannes 12:48. Wie mij afwijst en mijn woorden niet aanneemt heeft al een rechter: alles wat ik gezegd heb zal op de laatste dag over hem oordelen.
Toelichting: ik denk dat hier de uitgesproken woorden van Jezus hier worden gepersonificeerd als de rechter.

Handelingen 17:31. want hij [God] heeft bepaald dat er een dag komt waarop hij een rechtvaardig oordeel over de mensheid zal laten vellen door een man die hij voor dat doel heeft aangewezen. Het bewijs dat het om deze man gaat, heeft hij geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Openbaringen 18:8. Daarom zullen alle plagen haar op één dag treffen: dodelijke ziekte, rouw en hongersnood, en ze zal in vlammen opgaan. Want God, de Heer, die dat vonnis heeft geveld [oordelen] , is machtig. Toelichting: het gaat hier over de stad Babylon.

Hier nog drie voorbeelden van tekstgedeelten waarbij het gaat over oordelen, maar waarbij het woord dag niet in de Griekse tekst staat. De NBV vond het logisch om het woord dag toe te voegen bij de eerste twee tekstgedeelten.

Matteüs 12:41-42. Op de dag van het oordeel zullen de Ninevieten samen met deze generatie opstaan en haar veroordelen; want zij hadden zich bekeerd na de prediking van Jona, en hier ziet u iemand die meer is dan Jona! Op de dag van het oordeel zal de koningin van het Zuiden samen met deze generatie opstaan en haar veroordelen; want zij was van het uiteinde van de aarde gekomen om te luisteren naar de wijsheid van Salomo, en hier ziet u iemand die meer is dan Salomo!

Lucas 11:31-32. Op de dag van het oordeel zal de koningin van het Zuiden samen met de mensen van deze generatie opstaan en hen veroordelen, want zij was van het uiteinde van de aarde gekomen om te luisteren naar de wijsheid van Salomo, en hier zien jullie iemand die meer is dan Salomo! Op de dag van het oordeel zullen de Ninevieten samen met deze generatie opstaan en haar veroordelen; want zij hadden zich bekeerd na de prediking van Jona, en hier zien jullie iemand die meer is dan Jona!

Het gaat hier over het oordelen van de levenden en de doden.
2 Timoteüs 4:1. Ik roep je dringend op, ten overstaan van God en van Christus Jezus, die zal oordelen over de levenden en de doden, ik bezweer je bij zijn komst en heerschappij.

Het laatste oordeel

Kunstliefhebbers kennen natuurlijk wel schilderijen met als thema het laatste oordeel. Ik heb maar één tekst in de Bijbel kunnen vinden waar die uitdrukking in voorkomt.

Hebreeën 6:2. … de leer over het dopen en de handoplegging, en over de opstanding van de doden en het laatste oordeel.

Het komende oordeel

Er zijn vier teksten, die spreken over het komende oordeel of het oordeel dat komt. Het komende oordeel wordt steeds als waarschuwing gebruikt voor mensen.

Matteüs 3:7. Toen hij zag dat veel farizeeën en sadduceeën op zijn doop afkwamen, zei hij tegen hen: ‘Addergebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel?

Lucas 3:7. Johannes zei tegen de mensen die massaal uitliepen om zich door hem te laten dopen: ‘Addergebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel?

Lucas 10:14. Wanneer het oordeel komt, zal het lot van Tyrus en Sidon draaglijker zijn dan dat van jullie.

Handelingen 24:25. Maar toen Paulus sprak over gerechtigheid en zelfbeheersing en over het komende oordeel van God werd Felix bang en zei: ‘Voorlopig kunt u gaan. Wanneer ik in de gelegenheid ben, zal ik u weer laten roepen.’

De ‘dag’ van het beproeven.

Deze tekst geeft inzicht hoe dat proces van oordelen zal gaan. Er is een hele pericoop aan gewijd in de eerste brief van Paulus aan de Korintiërs.

Hoewel hier in de vertaling, dag van het oordeel staat, staat dat niet in het Grieks. Er wordt gesproken van ‘dag’ en van beproeven, Strong G1381.

1 Korintiërs 3:9b-15. U bent een bouwwerk van God. Overeenkomstig de taak die God mij uit genade heeft opgelegd, heb ik als een kundig bouwmeester het fundament gelegd, en anderen bouwen daarop voort. Laat ieder erop letten hoe hij bouwt, want niemand kan een ander fundament leggen dan er al ligt – Jezus Christus zelf. Of er op dat fundament nu verder wordt gebouwd met goud, zilver en edelstenen of met hout, hooi en stro, van ieders werk zal duidelijk worden wat het waard is. Op de dag van het oordeel zal dat blijken, want dan zal het door vuur aan het licht worden gebracht. Het vuur zal laten zien wat ieders werk waard is. Wanneer iemands bouwwerk blijft staan, zal hij worden beloond. Wanneer het verbrandt, zal hij daarvoor de prijs betalen; hijzelf zal echter worden gered, maar door het vuur heen.

De dag van de toorn en of openbaring

Over de dag van de toorn gaat het een enkele keer in het Nieuwe Testament. In het Oude Testament heb ik die nog niet gevonden.

  Woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1
2ὀργή 
orgē
Zelfstandig naamwoord vrouwelijkG3709
SB3192
Toorn, woede, verbolgenheid
KJV: wrath (31x), anger (3x), vengeance (1x), indignation (1x).

De dag van de woede of de boosheid komt twee keer voor in het Nieuwe Testament. Hieronder staan ze alle twee.

Hier een groot citaat uit de Romeinen brief. Hier staat uitgebreid hoe welke criteria zullen gelden bij het oordelen. Ten eerste gaat het over de dag dat hij zijn rechtvaardig vonnis uitspreekt.
Romeinen 2:1-5. Natuurlijk, u veroordeelt dit alles. Maar u bent evenmin te verontschuldigen. Het oordeel dat u over anderen velt, velt u over uzelf, want de dingen die u veroordeelt doet u zelf ook. Wij weten dat God hen die dergelijke dingen doen terecht veroordeelt. Of denkt u soms dat u, die zelf doet wat u in anderen veroordeelt, de straf van God kunt ontlopen? Veracht u dan zijn onbegrensde goedheid, geduld en verdraagzaamheid, en weet u niet dat zijn goedheid u tot inkeer wil brengen? Doordat u zo hardleers bent en niet tot inkeer wilt komen, maakt u dat de straf waartoe God u veroordeelt op de dag dat hij zijn ​rechtvaardig​ vonnis uitspreekt en uitvoert, alleen maar zwaarder wordt.

Romeinen 2:6-11. God beloont ieder mens naar zijn daden. Aan wie het goede doet en daarin volhardt, aan wie glorie, eer en onsterfelijkheid zoekt, schenkt hij het eeuwige leven. Maar wie handelt uit geldingsdrang, de waarheid niet eerbiedigt en zich laat leiden door ​onrecht, straft hij met zijn toorn en woede. Iedereen die het slechte doet wacht leed en ellende, de ​Joden​ in de eerste plaats, maar ook de andere volken. Iedereen die het goede doet wacht glorie, eer en ​vrede, de ​Joden​ in de eerste plaats, maar ook de andere volken. God maakt geen onderscheid.

De dag waarop Christus Jezus oordeelt.
Romeinen 2:12-16. Allen die gezondigd hebben zonder de wet te kennen, zullen ook zonder de wet verloren gaan; en allen die gezondigd hebben terwijl ze de wet wel kennen, zullen door de wet worden veroordeeld. Niet wie de wet slechts aanhoort zal voor God ​rechtvaardig​ zijn, maar wie de wet naleeft. Wanneer namelijk heidenen, die de wet niet hebben, de wet van nature naleven, dan zijn ze zichzelf tot wet, ook al hebben ze hem niet. Ze bewijzen door hun daden dat wat de wet eist in hun ​hart​ geschreven staat; en hun geweten bevestigt dit, omdat ze zichzelf met hun gedachten beschuldigen of vrijpleiten. Dit alles zal blijken op de dag waarop, volgens het evangelie dat ik verkondig, God door Christus Jezus oordeelt over wat er in de mens verborgen is.

Openbaringen 6:17. Koningen, machthebbers, legeraanvoerders, rijken, aanzienlijken, slaven en vrije mensen, iedereen trachtte zich te verbergen in grotten en tussen de rotsen in de bergen. Ze riepen de bergen en de rotsen toe: ‘Val op ons neer! Verberg ons voor het oog van hem die op de troon zit en voor de toorn van het lam! Want nu is de grote dag van hun toorn aangebroken, en wie kan die doorstaan?’

De dag van de wraak

Wraak heeft de betekenis van vereffenen. Normaliter is dat het recht. Jij hebt mij een som geld afgenomen, datzelfde bedrag moet je terug geven. Bij God is zijn boosheid, zijn toorn vooral verontwaardiging voor wat is gebeurd. Hij is geen boze God, maar Hij komt in beweging en is daar zelfs emotioneel bij betrokken om degenen, die onrecht hebben meegemaakt, recht te doen.

  Woord Soort woord Strong Opmerkingen:
1נָקָם
naqam
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
H5359Wraak
Komt 17 keer voor in 17 verzen.
KJV: vengeance (15x), quarrel (1x), avenge (1x).
2שִׁלּוּם
šillûm
Zelfstandig
naamwoord
mannelijk
H7966Vergelding, recht
Komt drie keer voor.
KJV: recompense (2x), reward (1x).
3ἐκδίκησις ekdikēsisZelfstandig
naamwoord
vrouwelijk
G1557
SB1401
Rechtverschaffing, wraak
Komt 9 keer voor in 9 verzen.
KJV: vengeance (4x), avenge (with G4060) (3x), revenge (1x), punishment (1x).

De combinatie van dag en wraak komt vier keer voor in het Oude Testament. Hieronder staan alle teksten. En daarbij ook twee keer een jaar van vergelding. Het Strongnummer van jaar is H8141.

De eerste tekst gaat over de wraak van een mens. Namelijk iemand, die jaloers is. De andere teksten gaan over de wraak van God.

Spreuken 6:34. … want jaloersheid is de woede van een man en hij zal geen medelijden hebben op de dag van de wraak. [HSV]

Deze tekst gaat over de wraak van God voor de omringende volkeren. God is in woede, ik denk omdat ze Israël aanvielen.
Jesaja 34:8. Want de HEER houdt een dag van wraak, een jaar van vergelding: hij verdedigt Sion.

Dit is de tekst, die Jezus bij zijn eerste toespraak in Nazareth hanteerde.
Jesaja 61:1-2. De geest van God, de HEER, rust op mij, want de HEER heeft mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft hij mij gezonden, om aan verslagen harten hoop te bieden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan geketenden hun bevrijding, om een genadejaar van de HEER uit te roepen en een dag van wraak voor onze God,om allen die treuren te troosten,

Jesaja 63:1-4. Wie is het die uit Edom komt, uit Bosra, in purper gekleed, met praal getooid, die zich groots en machtig verheft?’ Ik ben het die in gerechtigheid spreekt en bij machte is te redden. ‘Hoe komen uw kleren zo rood, als de kleren van iemand die de wijnpers treedt?’ Ik heb de perskuip alleen getreden, geen van de volken hielp me daarbij. Ik trad hen in mijn woede, vertrapte hen in mijn toorn. Hun bloed bespatte mijn kleren, al mijn kleren werden besmeurd. Ik had besloten tot een dag van wraak, het jaar van vergelding was aangebroken.
Toelichting: Hier staat ook jaar van vergelding in de vertaling, maar er staat het jaar van het inwisselen, afrekeken.

In Jesaja 34:8 komt de uitdrukking een jaar van vergelding voor. In de tekst hieronder ‘dagen van vergelding’. In het tweede deel van de tekst gaat Hosea al in op de kritiek, die hij zal krijgen.
Hosea 9:7. De dagen van de vergelding zijn gekomen. De dagen van de afrekening zijn gekomen. Israël zal het weten. De profeet is dwaas, de man met de geest is krankzinnig. Vanwege de grootheid van uw ongerechtigheid is ook de vijandschap groot. [HSV]

Naast dagen van vergelding staat hier ook de dagen van de afrekening. Het is de vertaling van het Hebreeuwse woord Strong H6486, dat overzicht, bezoek, de dag van het tellen betekent. Best wel een neutraal begrip.

De dag van de wraak in het Nieuwe Testament

Het woord wraak is een heftig woord. Het Griekse woord kun je ook vertalen met rechtverschaffen. Door het recht worden de onterecht ontstane verschillen weer recht gemaakt. Een vereffening. Dat kan tussen mensen.

Lucas 21:20-24. Wanneer u zult zien dat Jeruzalem door legers omringd wordt, weet dan dat zijn verwoesting nabij is. Laten dan wie in Judea zijn, vluchten naar de bergen en wie in het midden van Jeruzalem zijn, daaruit wegtrekken en wie op de velden zijn, er niet in gaan. Want dit zijn dagen van wraak, opdat al wat geschreven staat, vervuld wordt. Maar wee de zwangeren en de zogenden in die dagen, want er zal grote nood zijn in het land en toorn over dit volk. En zij zullen vallen door de scherpte van het zwaard en in gevangenschap weggevoerd worden onder alle heidenen. En Jeruzalem zal door de heidenen vertrapt worden, totdat de tijden van de heidenen vervuld zullen zijn.

De laatste dag

Er is een aparte studie over de laatste dagen. Meervoud. Dat is een periode. Maar de apostel Johannes schrijft ook over de laatste dag. En wel in zeven teksten, hieronder staan ze allemaal.

Johannes 6:39-40. Dit is de wil van hem die mij gezonden heeft: dat ik niemand van wie hij mij gegeven heeft verloren laat gaan, maar dat ik hen allen laat opstaan op de laatste dag. Dit wil mijn Vader: dat iedereen die de Zoon ziet en in hem gelooft, eeuwig leven heeft, en dat ik hen op de laatste dag uit de dood zal opwekken.

Johannes 6:44. Toch kan niemand bij mij komen, tenzij de Vader die mij gezonden heeft hem bij me brengt, en ik zal hem op de laatste dag tot leven wekken.

Johannes 6:53-55. Daarop zei Jezus: ‘Waarachtig, ik verzeker u: als u het lichaam van de Mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, hebt u geen leven in u. Wie mijn lichaam eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven en hem zal ik op de laatste dag uit de dood opwekken. Mijn lichaam is het ware voedsel en mijn bloed is de ware drank.

Hier gaat het over de laatste dag van het loofhuttenfeest.
Johannes 7:37. En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus en riep, zeggende: Indien iemand dorst heeft, hij kome tot Mij en drinke! [NBG, hier dus niet jongste dag. Zou ook niet overeenstemmen met de context]

Bij de opwekking uit de dood van Lazarus.
Johannes 11:23-25. Jezus zei: ‘Je broer zal uit de dood opstaan.’ ‘Ja,’ zei Marta, ‘ik weet dat hij bij de opstanding op de laatste dag zal opstaan.’ Maar Jezus zei: ‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat?’

Dit zegt Jezus tegen de mensen, die moeite hebben om in hem te geloven.
Johannes 12:48. Wie mij afwijst en mijn woorden niet aanneemt heeft al een rechter: alles wat ik gezegd heb zal op de laatste dag over hem oordelen.

Opvallend is dat de NBG Bijbel bij de teksten van Johannes, op één na, eschaton hemera vertaalt met ‘ten jongste dage’. Bedoelt men bij de NBG dat de laatste dag ook gelijk de eerste dag is van een nieuw tijdperk?

De combinatie van dag en wraak komt vier keer voor. Spreuken 6:34 en Jesaja 34:8, 61:2 en 63:4.De dag van de wraak, combinatie dag en wraak komt drie keer voor. Alleen in het Oude Testament. In het Nieuwe Testament wel een verwizing <<>>

Wat kunnen we van deze teksten leren?
De evangelist Johannes geeft allerlei woorden van Jezus weer over de laatste dag.

De Vader brengt je in contact met Jezus. En Jezus zal je op de laatste dag tot leven wekken of laten opstaan. 6:39-44.

Wie Jezus lichaam eet en zijn bloed drinkt heeft eeuwig leven en zal op de laatste dag opstaan. 6:54.

Marta zei dat ze zal opstaan op de laatste dag. Een mooi perspectief. Maar Jezus maakt dat nog groter. Als je sterft zul je leven. 11:25.

Als je Jezus woorden niet aanneemt, weet dan dat je naar het opvolgen van zijn woorden zal worden beoordeeld. 12:48.

Andere bronnen

In de Studiebijbel is excurs 2 opgenomen met als titel “De dag des HEREN’. Van bladzijde 811 tot en met bladzijde 815. Deze excurs geeft aanvullende informatie over dit onderwerp.

Overwegingen

Er komt een dag dat er een soort eindafrekening komt aan het einde van deze tijd. We komen daarvoor een tiental verschillende uitdrukkingen tegen in de Bijbel, die daar over gaan.

Een deel van de teksten gaan over eerdere van die dagen. Dagen, die al geweest zijn. Maar er is wel een categorie, die ondubbelzinnig over die dag gaan die nog komt.

Hoewel er verschillende benamingen zijn, lijkt het toch over dezelfde dag te gaan. Door die verschillende benamingen krijg je wel een indruk van die dag in de toekomst.

Het is een grote dag, een dag van de Heer. Gelukkig is de Heer boos geworden over al het onrecht. Een dag van oordeel, misschien beter te benoemen als beoordelen. Een dag van rechtzetten wat scheef is geworden (wraak). Het is het laatste oordeel en dat op de laatste dag.

Overigens is dag wellicht als een periode te zien omdat er wel twee teksten zijn waarin ook een jaar wordt genoemd.

Wat kunnen we van deze teksten leren?

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.