studie Ekklesia

Voor het bij elkaar komen en het bij elkaar zijn van een groep mensen, een vergadering, gebruikten de Grieken het woord ἐκκλησία. In Latijnse letters geschreven: ekklesia. De schrijvers van het Nieuwe Testament gingen dat woord gebruiken voor de gelovigen, die bij elkaar komen.

Het woord ekklesia hangt samen met het werkwoord ek-kaleo dat tevoorschijn roepen betekent. We roepen inderdaad mensen op om te voorschijn te komen en je aan te sluiten bij de ekklesia.

Voor het bij elkaar komen of verzamelen gebruikten de Grieken ook het woord synago. Daar is een aparte studie van. Ekklesia en synago zijn een tweeluik, woorden die bijna hetzelfde betekenen.

De twee woorden voor eenzelfde zaak is in navolging van het Oude Testament, waar ook twee woorden worden gebruikt. Zowel het bij elkaar komen als het bij elkaar zijn betekenen ze. Mij is niet bekend waarom er twee woorden zijn gebruikt en vooral bij de Hebreeuwse woorden wat precies het onderscheid is. Dat heb ik niet kunnen vinden.  

Grieks
woord
Soort
woord
StrongOpmerkingen
1.ἐκκλησία
ekklesia
Zelfstandig
naamwoord
vrouwelijk
G1577
SB1421
Gemeente.
Komt 115 keer voor
in 112 verzen.
KJV: church (115x),
assembly (3x).
2.ἐκκλησία
θεός
ekklesia
theos
CombiG1577
G2316
Komt vijftien keer voor.
KJV: “church of God” 8x

Het woord ekklesia komt 3 x voor in de evangeliën, 24 x in Handelingen, 5 x in Romeinen 16, 30 x in de brieven aan de Korintiërs en 19 x in Openbaringen (waarvan 18 x in hoofdstukken 1 t/m 3).

Ekklesia bij de Grieken
In de Griekse wereld gebruikte men het woord ekklesia voor een bijeenkomst waar de mensen voor werden bijeengeroepen. Ook in de Bijbel in Handelingen 19 komt het in die betekenis voor. Het gaat dan om de mensen van Efeze, die samenkomen om Paulus te veroordelen.

Handelingen 19:32. Daar schreeuwde de menigte inmiddels van alles door elkaar, want er heerste grote verwarring en de meeste mensen wisten niet eens waarom ze bijeengekomen waren.
Handelingen 19:39-40. Als er daarbuiten nog iets anders is dat u wenst, zal dat op een officiële volksvergadering behandeld worden. We lopen toch al het gevaar dat we ter verantwoording worden geroepen voor het oproer van vandaag, daar we deze onlusten op geen enkele manier kunnen goedpraten. Na deze woorden maakte hij een einde aan de bijeenkomst.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Je ziet hier al een algemeen principe van de schepping. Als mensen bij elkaar komen heeft dat betekenis, zeggenschap. Dat was ook zo in Efeze. Een demonstratie bijvoorbeeld, zoals dat in Nederland wel eens is, is een betekenisvol drukmiddel. Het belang kun je een beetje indammen door het te negeren.

De ekklesia bij het volk Israël in Oude Tijden
Er zijn twee teksten in het Nieuwe Testament, die gaan over de ekklesia van het volk Israël in het Oude Testament.

Handelingen 7:38. Hij was het die, toen het volk in de woestijn bijeen was, als bemiddelaar optrad tussen onze voorouders en de engel die op de berg Sinai tegen hem sprak, hij was het die de levenbrengende woorden ontving om ze aan ons door te geven. [De NBG en de SV gebruiken het woord ‘vergadering’ hier en de HSV over ‘samenkomst’. Het gaat over Mozes]

Hebreeën 2:12. … wanneer hij zegt: Ik zal uw naam bekendmaken aan mijn broeders en zusters, u loven in de kring van mijn volk.  [verwijzing naar Psalm 22:23. SV, HSV en NBG vertalen hier i.p.v. kring met ‘gemeente’]

Wat kunnen we van deze teksten leren?
In oude tijden toen het volk Israël in de woestijn verbleef waren samenkomsten er ook al voor de communicatie van God met zijn volk. En ook om samen God te loven. Zie ook de studie over Qahal en Edah, de tweeluik aan woorden van oudsher.

Opbouw van deze studie
Er worden allerlei soorten dingen gezegd over deze ekklesia. Om overzicht te krijgen heb ik de teksten naar soort betekenis gerubriceerd. Allereerst gaat het over de verbinding van de ekklesia met God, met Jezus en met de Geest.

1.    De Ekklesia is van God.

Deze ekklesia in de Bijbel wordt verbonden met God maar ook met Jezus en met de Geest.

De schrijvers spreken veertien keer over de gemeente God oftwel de ekklesia van God namelijk in Handelingen 20:28, 1 Korintiërs 1:2, 10:32,11:16, 11:22, 15:9, 2 Korintiërs 1: 1, Galaten 1:3 “ik vervolgde de gemeente Gods”, 1 Tessalonicenzen 1:1, 2:14 en  2 Tessalonicenzen 1:1, 1:4 , 1 Timoteüs 3:5 en 15 (levende God).

Zestien keer wordt in een tekst de relatie gelegd van Jezus met de gemeente, slechts eenmaal, in Romeinen 16:16, wordt de gemeente, de gemeente van Christus, genoemd. Een andere variant staat in Galaten 1:22, dat spreekt van de gemeente in Christus [HSV en Statenvertaling. De NBV vertaalt dit met ‘christengemeenten’. NBG: gemeente van Christus.]

Ook de relatie van de Geest met de gemeente wordt gelegd. De Geest helpt de gemeente, Handelingen 9:31, de Geest geeft de gemeente bedieningen (Handelingen 20:28, de Geest geeft gaven, 1 Korintiërs 14:12, en de Geest spreekt tot de gemeente, diverse keren in Openbaringen.  

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Na die bijzondere Pinksterdag zou je de gemeente, de gemeente van de Geest kunnen noemen. Maar de Bijbel doet dat niet. Het is de gemeente van God, wat naar God de Vader verwijst. Wij zijn als nieuwe gemeenschap verankerd in dat grote rustpunt, God de Vader, de hoogste macht van hemel en aarde.

2.    De Ekklesia van Plaatsen en Personen.

In de brieven worden gemeenten van allerlei plaatsen en gebieden genoemd. De gemeenten zijn ook verbonden aan bepaalde personen.

2 Korintiërs 1:1. Van Paulus, apostel van Christus Jezus door de wil van God, en van onze broeder Timoteüs. Aan de gemeente van God in Korinte en aan alle heiligen in heel Achaje.
2 Korintiërs 8:1. Broeders en zusters, wij willen u niet onthouden wat Gods genade tot stand heeft gebracht in de gemeenten van Macedonië.

Romeinen 16:1. Ik beveel onze zuster Febe bij u aan, die in dienst staat van de gemeente in Kenchreeën.
Romeinen 16:4-5. … die voor mij hun leven op het spel hebben gezet. Niet alleen ik ben hun dankbaar, maar ook alle gemeenten van de heidenen. Groet ook de gemeente die bij hen in huis samenkomt. Groet mijn geliefde Epenetus, die als eerste in Asia tot het geloof in Christus is gekomen. [in het Grieks staat er niet heidenen, maar volken]
Romeinen 16:23. Gajus, die mijn gastheer is en die zijn huis voor de hele gemeente openstelt, laat u groeten. Erastus, die de gelden van de stad beheert, en mijn broeder Quartus laten u groeten.  –

1 Korintiërs 1:2. Aan de gemeente van God in Korinte, geheiligd door Christus Jezus, aan hen die zijn geroepen om zijn heiligen te zijn, en aan allen die de naam van onze Heer Jezus Christus aanroepen, waar dan ook, bij hen en bij ons.

Galaten 1:2. Aan de gemeenten in Galatië, ook namens alle broeders en zusters die bij mij zijn.
Galaten 1:22. De christengemeenten in Judea hadden mij nog nooit ontmoet.

Kolossenzen 4:15. Wilt u de broeders en zusters in Laodicea groeten, en ook Nymfa en de gemeente die bij haar thuis samenkomt.
Kolossenzen 4:16. Wanneer deze brief bij u is voorgelezen, moet u ervoor zorgen dat hij ook in de gemeente van Laodicea wordt voorgelezen, en dat u de brief aan hen te lezen krijgt.

1 Tessalonicenzen 1:1. Van Paulus, Silvanus en Timoteüs. Aan de gemeente in Tessalonica, die toebehoort aan God, de Vader, en de Heer Jezus Christus. Genade zij u en vrede.
2 Tessalonicenzen 1:1. Van Paulus, Silvanus en Timoteüs. Aan de gemeente in Tessalonica, die toebehoort aan God, onze Vader, en de Heer Jezus Christus.

Filemon 1:2. … aan onze zuster Apfia en onze medestrijder Archippus, en aan de gemeente die bij u thuis samenkomt.

3 Johannes 1:6. Ten overstaan van de gemeente hebben zij van uw liefde getuigd. Wees zo goed hen voor de verdere reis uit te rusten op een wijze die God waardig is. [het gaat hier om Gajus, iemand die Johannes liefheeft]

Wat kunnen we hiervan leren?
Overal ontstonden nieuwe gemeenschappen van nieuwe mensen. Die kwamen samen o.a. bij mensen thuis. De namen, die zijn genoemd zullen wel de steunpilaren zijn geweest. Mannen en vrouwen zoals Febe, Nympha en Apfia.

3.   Het Lijden van de Ekklesia.

Vanaf het moment op die bijzondere Pinksterdag, toen de Heilige Geest werd uitgestort, overkomt de ekklesia van alles. Ook vervolging en lijden.

Handelingen 8:1. Nog diezelfde dag brak er een hevige vervolging los tegen de gemeente in Jeruzalem, zodat allen verspreid werden over Judea en Samaria, met uitzondering van de apostelen.
Handelingen 8:3. Saulus probeerde de gemeente te vernietigen door mannen en vrouwen met geweld uit hun huizen te sleuren en hen te laten opsluiten in de gevangenis.

Handelingen 12:1. Omstreeks die tijd nam koning Herodes enkele leden van de gemeente gevangen en mishandelde hen.

1 Korintiërs 15:9. Want ik ben de minste van de apostelen, ik ben de naam apostel niet waard omdat ik Gods gemeente heb vervolgd.

Galaten 1:13. U hebt gehoord hoe ik vroeger volgens de Joodse godsdienst leefde, dat ik de gemeente van God fanatiek vervolgde en haar probeerde uit te roeien.

Filippenzen 3:6. … en heb de gemeente fanatiek vervolgd. Aan wat er in de wet over gerechtigheid staat, voldeed ik volledig.

Kolossenzen 1:24. Ik ben blij dat ik nu voor u lijd en dat ik in mijn lichaam mag aanvullen wat er nog aan Christus lijden ontbreekt, ten behoeve van zijn lichaam, de kerk.

1 Tessalonicenzen 2:14. Het is u vergaan, broeders en zusters, als Gods gemeenten in Judea die Christus Jezus toebehoren. U hebt even zwaar onder uw stadsgenoten geleden als zij onder de Joden.

2 Tessalonicenzen 1:4. Wij spreken dan ook in de gemeenten van God vol trots over uw standvastigheid en trouw onder de vervolgingen en onderdrukking die u moet doorstaan.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Eén kant van ekklesia, de nieuwe gemeenschap is, dat ze haar eigen dynamiek heeft en dat ze niet past in dictatoriale en autoritair geleide maatschappijen. De nieuwe gemeenschap kan zich niet aanpassen aan de bestaande cultuur. Dan zou ze gelijk verdwenen zijn. Het resultaat is dat een dictatoriale overheid je kan gaan vervolgen, gevangen zetten of mishandelen, je laat lijden.

Tragisch dat de latere apostel Paulus aan die vervolging mee heeft gedaan. Hij komt er eerlijk in zijn brieven voor uit. Als hij in de brief aan de Kolossenzen schrijft dat hij een bijdrage wil leveren met zijn persoonlijk lijden aan het lijden van de kerk, dan zal dat wel met zijn rol destijds te maken hebben.

4.    Geestelijke zegeningen voor de Ekklesia.

Hier zijn de teksten te lezen waar is beschreven welke zegen de Heer en zijn Heilige Geest bewerkt in de gemeente. Dit gebeurt er als van een ekklesia sprake is.

Matteüs 16:18. En ik zeg je: jij bent Petrus, de rots waarop ik mijn kerk zal bouwen,  – en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigen. [NBG vertaalt niet met kerk, maar met gemeente]

Uitleg:
Op deze Petra zal ik mijn ekklesia bouwen. Staat “Petra” voor een mens of staat het voor het getuigenis van Petrus dat Jezus Heer is. Het lijkt me dat laatste. Waar het getuigenis is, dat Jezus Heer is, daar is de ekklesia prima bestand tegen de duisternis.

Handelingen 2:47. Ze loofden God en stonden in de gunst bij het hele volk. De Heer breidde hun aantal dagelijks uit met mensen die gered wilden worden. [Statenvertaling vertaalt met: En prezen God, en hadden genade bij het ganse volk. En de Heere deed er dagelijks tot de gemeente toe, die zalig werden]

Uitleg:
Je hebt allerlei gemeenschappen. Er is ook een gemeenschap van mensen, die zalig wordt. Zalig is: ze werden aangeraakt door de Heilige Geest en werden nieuwe mensen, nieuwe scheppingen. Let op dat de vertaling van de Statenvertaling veel steviger is: “ze werden zalig”, terwijl de NBV zegt: “ze wilden worden gered”.

Handelingen 5:11. De hele gemeente en allen die hiervan hoorden, werden door grote schrik bevangen. [het gaat hier om ontzag voor God. Dat is houding, die zegen geeft]

Handelingen 9:31. In heel Judea en Galilea en Samaria leefde de gemeente in vrede en kwam tot bloei. De gelovigen leefden in ontzag voor de Heer, en dankzij de bijstand van de heilige Geest nam hun aantal steeds meer toe.

Handelingen 12:5. Terwijl Petrus onder zware bewaking zat opgesloten, bleef de gemeente vol vuur voor hem bidden tot God.

Handelingen 13:1. Er waren in de gemeente van Antiochië profeten en leraren, onder wie Barnabas, Simeon die Niger werd genoemd, Lucius de Cyreneeër, Manaën, een jeugdvriend van de tetrarch Herodes, en Saulus.

Handelingen 16:5. De gemeenten werden steeds sterker in het geloof en het aantal leerlingen nam dagelijks toe.

Handelingen 20:28. Zorg voor uzelf en voor de hele kudde waarover de heilige Geest u als herder heeft aangesteld; u bent de opzieners van Gods gemeente, die hij verworven heeft door het bloed van zijn eigen Zoon. [het gaat over de ouderlingen van Efeze]

1 Korintiërs 7:17. In het algemeen: laat ieder in de positie blijven die de Heer hem heeft gegeven, blijven wat hij was toen God hem riep. Dat schrijf ik voor aan alle gemeenten.

1 Korintiërs 12:28. God heeft in de gemeente aan allerlei mensen een plaats gegeven: ten eerste aan apostelen, ten tweede aan profeten en ten derde aan leraren. Dan is er het vermogen om wonderen te verrichten, de gave om te genezen en het vermogen om bijstand te verlenen, leiding te geven of in klanktaal te spreken.

Efeziërs 1:22. Hij heeft alles aan zijn voeten gelegd en hem als hoofd over alles aangesteld, voor de kerk

Efeziërs 3:10. Zo zal nu door de kerk de wijsheid van God in al haar schakeringen bekend worden aan alle vorsten en heersers in de hemelsferen,
Efeziërs 3:21. … aan hem komt de eer toe, in de kerk en in Christus Jezus, tot in alle generaties, tot in alle eeuwigheid. Amen.

Efeziërs 5:23-25. … want een man is het hoofd van zijn vrouw, zoals Christus het hoofd is van de kerk, het lichaam dat hij gered heeft. En zoals de kerk het gezag van Christus erkent, zo moeten vrouwen in ieder opzicht het gezag van hun man erkennen. Mannen, heb uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft prijsgegeven.
Efeziërs 5:27. … en om haar (verwijst naar de kerk in vers 25) in al haar luister bij zich te nemen, zodat ze zonder vlek of rimpel of iets dergelijks zal zijn, heilig en zuiver.
In de Statenvertaling: Opdat Hij haar Zichzelf heerlijk zou voorstellen, een Gemeente, die geen vlek of rimpel heeft, of iets dergelijks, maar dat zij heilig zou zijn en onberispelijk.
Efeziërs 5:29. Niemand haat ooit zijn eigen lichaam, integendeel: men voedt en verzorgt het, zoals Christus de kerk.
Efeziërs 5:32. Dit mysterie is groot en ik betrek het op Christus en de kerk. [het gaat er hier om dat Jezus het hoofd is van de gemeente als lichaam]

Kolossenzen 1:18. Hij is het hoofd van het lichaam, de kerk. Oorsprong is hij, eerstgeborene van de doden, om in alles de eerste te zijn.

1 Timoteüs 3:15. … voor het geval ik mocht worden opgehouden. Dan weet je hoe men zich moet gedragen in het huis van God, dat wil zeggen de kerk van de levende God, fundament en pijler van de waarheid.

Hebreeën 12:22-23. Maar u bent genaderd tot de berg Sion en tot de stad van de levende God, tot het hemelse Jeruzalem en tot tienduizendtallen van engelen, tot een feestelijke vergadering en de gemeente van de eerstgeborenen, die in de hemelen opgeschreven zijn, en tot God, de Rechter over allen, en tot de geesten van de rechtvaardigen, die tot volmaaktheid zijn gekomen, en tot de Middelaar van het nieuwe verbond, Jezus, en tot het bloed van de besprenkeling, dat van betere dingen spreekt dan dat van Abel. [HSV]

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Waar het getuigenis is dat Jezus Heer is, daar is de ekklesia prima bestand tegen de duisternis. Matteüs 16.

Door de aanraking van de Heilige Geest werden mensen zalig. Zalig is: het ging hun goed. Beter kon niet. Handelingen 2.

Een gemeente,die ontzag voor God heeft, dat is een groot goed. Dan gaan mensen hun leven een andere koers geven. Handelingen 5.
Handelingen 9: vrede, bloei, ontzag, hier ook weer genoemd. Hun aantal nam toe: ook een kernmerk van zegen.
Handelingen 12: ze bidden vol vuur, dat kun je niet zonder de Geest.
Er waren, ineens, profeten en leraren in de gemeente. Geroepen door de Geest. Handelingen  13.
Handelingen 16: steeds sterker in het geloof. Het aantal neemt ook toe. Dat zal wel met geloof te maken hebben. 

De ouderlingen van Efeze zijn als herder door de Geest aangesteld. Handelingen 20. Dat geldt ook voor de gemeente van Korinte. Ieder is tot iets geroepen en ook wel voor bijzondere diensten. 1 Korintiërs 7 en 12.

God de Vader heeft Jezus als hoofd van de ekklesia aangesteld. En die ekklesia geeft de wereld wijsheid. Efeziërs 1 en 3.
Christus heeft de ekklesia lief, hij reinigt en zuivert haar. Christus voedt en verzorgt de kerk. Christus is met de ekklesia verbonden zoals in een huwelijk. Efeziërs 5.

Christus is in alles de eerste in de ekklesia. De apostel Paulus krijgt de kracht om persoonlijk lijden nog toe voegen aan dat van Jezus. Kolossenzen.

De ekklesia is van de levende God, fundament en pijler van de waarheid. 1 Timoteüs.

Hebreeën 12:23 geeft een onmetelijk vergezicht. Wat een mooie vooruitzichten. O.a. genaderd tot de stad van de levende God.

5.    Mensen dragen ook de ekklesia.

Hieronder de teksten, waarin te lezen is hoe de apostelen en de oudsten hun verantwoordelijkheid namen om allerlei maatregelen en beslissingen te nemen. Een wonderlijke samenwerking tussen God en mensen.

Handelingen 11:22. Het nieuws over hun optreden bereikte de gemeente in Jeruzalem, waar men besloot Barnabas naar Antiochië te zenden.
Handelingen 11:26. … en toen hij hem gevonden had, nam hij hem mee naar Antiochië. Een heel jaar lang kwamen ze met de gemeente daar bijeen en gaven ze onderricht aan tal van mensen. Het was in Antiochië dat de leerlingen voor het eerst christenen werden genoemd.

Handelingen 14:23. In elke gemeente stelden ze oudsten aan, en na gevast en gebeden te hebben bevalen ze hen aan bij de Heer, in wie ze hun vertrouwen hadden gesteld.
Handelingen 14:27. Daar aangekomen riepen ze de gemeente bijeen en brachten verslag uit van alles wat God door hen tot stand had gebracht. Ze vertelden hoe hij voor de heidenen de deur naar het geloof had geopend.

Handelingen 15:3-4. Nadat de gemeente hun uitgeleide had gedaan, gingen ze op weg en trokken ze door Fenicië en Samaria. Daar verhaalden ze uitvoerig over de bekering van de heidenen, iets dat bij alle gelovigen grote vreugde wekte. Bij hun aankomst in Jeruzalem werden ze verwelkomd door de apostelen en de oudsten en door de rest van de gemeente. Ze brachten verslag uit van alles wat God door hen tot stand had gebracht.
Handelingen 15:22. Daarop besloten de apostelen en de oudsten in overleg met de hele gemeente enkele afgevaardigden met Paulus en Barnabas mee te zenden naar Antiochië. De keuze viel op twee leiders uit de gemeente: Judas, wiens bijnaam Barsabbas luidde, en Silas.
Handelingen 15:30. Ze namen afscheid en vertrokken naar Antiochië, en nadat ze daar de gemeente hadden bijeengeroepen, overhandigden ze de brief.
Handelingen 15:41. Hij (Paulus) trok door Syrië en Cilicië, waar hij de gemeenten bemoedigde.

Handelingen 18:22. Nadat hij in Caesarea aan land was gegaan, reisde hij via Jeruzalem, waar hij een bezoek bracht aan de gemeente, naar Antiochië.

Handelingen 20:17. Vanuit Milete stuurde hij iemand naar Efeze met het verzoek aan de oudsten van de gemeente om bij hem te komen.

Romeinen 16:16. Groet elkaar met een heilige kus. Alle gemeenten van Christus laten u groeten.

1 Korintiërs 16:1. Wat de collecte voor de heiligen betreft, moet u de richtlijn volgen die ik aan de gemeenten in Galatië gegeven heb .
1 Korintiërs 16:19. De gemeenten van Asia groeten u. Ook Aquila en Prisca en de gemeente die bij hen in huis samenkomt laten u, met wie zij één zijn in de Heer, hartelijk groeten.

2 Korintiërs 8:18-19. Wij sturen een broeder met hem mee die om zijn werk voor het evangelie door alle gemeenten geprezen wordt. Bovendien is hij door de gemeenten in Macedonië gekozen om met ons mee op reis te gaan en ons te helpen bij dit goede werk, dat wij verrichten ter ere van de Heer en om onze goede bedoelingen te tonen.
2 Korintiërs 8:23-24. Wat Titus betreft: hij is mijn metgezel en werkt met ons mee ten dienste van u. Wat de twee andere broeders betreft: ze zijn de vertegenwoordigers van de gemeenten in Macedonië en strekken Christus tot eer. Bewijs hun, en daarmee de gemeenten, dat u hen liefhebt en laat zien dat wij terecht zo trots op u zijn.

2 Korintiërs 11:8. Andere gemeenten heb ik geplunderd door geld aan te nemen om u van dienst te kunnen zijn.
2 Korintiërs 11:28. En dan laat ik al het andere nog buiten beschouwing: de druk waaronder ik dagelijks sta vanwege mijn zorg voor de gemeenten.

2 Korintiërs 12:13. U bent in vergelijking met de andere gemeenten niets tekortgekomen, op één ding na: ik heb u niets gekost. Vergeef me deze onrechtvaardigheid.

Filippenzen 4:15. U weet zelf, Filippenzen, dat toen ik na mijn vertrek uit Macedonië met de verkondiging begon, uw gemeente de enige is geweest die gedeeld heeft in mijn tegoeden en tekorten.

1 Timoteüs 3:5. Als iemand geen leiding kan geven aan zijn huisgezin, hoe zou hij dan voor de gemeente van God kunnen zorgen?

1 Timoteüs 5:16. Als een gelovige vrouw weduwen in haar familie heeft, moet zij die zelf ondersteunen en niet de gemeente met de zorg belasten. Dan kan de gemeente voor weduwen zorgen die alleen staan.

Jakobus 5:14. Laat iemand die ziek is de oudsten van de gemeente bij zich roepen; laten ze voor hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer.

3 Johannes 1:9-10. Ik heb hierover al aan de gemeente geschreven, maar Diotrefes, die daar de dienst wil uitmaken, trekt zich niets van ons aan. Als ik kom, zal ik zijn gedrag ter sprake brengen. Die man verspreidt laster over ons, en daar laat hij het niet bij: hij weigert de broeders te ontvangen, en houdt degenen tegen die dat wel willen en verjaagt hen uit de gemeente.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
De Heer is via de Geest actief in de kerk, maar in Handelingen en in de brieven lezen we van allerlei maatregelen en activiteiten, waarbij mensen het voortouw nemen. Natuurlijk vol van de Geest. Hier waar de teksten over spreken.

Men besluit om Barnabas te zenden, die op zijn beurt Paulus meeneemt om onderwijs te geven. Handelingen 11.
Ze stellen oudsten aan en bevelen hen aan bij de Heer. Ze roepen de gemeente bijeen en brengen verslag uit. Handelingen 14.
Ze getuigden van de bekering van de volken. Ze verhaalden wat God door hen tot stand had gebracht. Ze vaardigden een grotere groep af, die mee zouden reizen. Ze roepen de gemeente bijeen, dat komt vaker voor dus. Paulus bemoedigde de gemeenten. Handelingen 15.
Later bezoekt Paulus de gemeente en daarna nog weer verzoekt hij de oudsten om bij hem te komen. Handelingen 18 en 20.

Elkaar de groeten overbrengen komt regelmatig voor. En collectes is ook een onderwerp. 1 Korintiërs.
Een broeder meesturen, die door een gemeente is gekozen. 2 Korintiërs 8.
Geld aannemen of juist niet is ook een onderwerp. 2 Korintiërs 12 en Filippenzen.

Waarop we moeten letten als we leiders aanstellen. 1 Timoteüs.
Paulus spreek over mijn zorg voor de gemeente. 2 Korintiërs 11. De gemeente moet ook de zorg voor gemeenteleden organiseren. 1 Timoteüs 5.

De ziekenzalving is een taak van de oudsten van de gemeente. Jakobus.
En tenslotte ook de zorg om de leiding van een gemeente niet in verkeerde handen te laten vallen. 3 Johannes.

6.    Hoe gaan we met elkaar om.

Jezus doet al uitspraken hoe we binnen de ekklesia, de nieuwe gemeenschap met elkaar om moeten gaan. Voor de apostel Paulus is dit ook een belangrijk onderwerp.

Matteüs 18:15. Als een van je broeders of zusters tegen je zondigt, moet je die daarover onder vier ogen aanspreken. Als ze luisteren, dan heb je ze voor de gemeente behouden.
Matteüs 18:17. Als ze naar hen niet luisteren, leg het dan voor aan de gemeente. Weigeren ze ook naar de gemeente te luisteren, behandel hen dan zoals je een heiden of een tollenaar behandelt.

1 Korintiërs 4:17. Daarom ook stuur ik Timoteüs naar u toe, die mijn geliefd kind is, trouw aan de Heer. Hij zal u in herinnering brengen hoe ik in verbondenheid met Christus Jezus leef. Dat is wat ik overal aan iedere gemeente leer. [HSV: mijn wegen, die in Christus zijn]

1 Korintiërs 10:32. Geef geen aanstoot aan de Joden, aan andere volken of aan Gods gemeente.

1 Korintiërs 11:16. Iemand die meent zo eigenzinnig te moeten zijn af te wijken van wat ik zeg, dient te bedenken dat wij noch de gemeenten van God een ander gebruik kennen.
1 Korintiërs 11:18. Om te beginnen: ik hoor dat u bij uw samenkomsten in de gemeente partijen vormt. Tot op zekere hoogte geloof ik dat ook.
1 Korintiërs 11:22. Hebt u soms geen eigen huis waar u kunt eten en drinken? Of veracht u de gemeente van God en wilt u de armen onder u vernederen? Wat moet ik hierover zeggen? Moet ik u soms prijzen? Dat doe ik in geen geval.

1 Korintiërs 14:4-5. Iemand die in klanktaal spreekt is daar alleen zelf bij gebaat; iemand die profeteert doet dat ten bate van de gemeente. Ik zou willen dat u allen in klanktaal kon spreken, maar ik wil nog liever dat u profeteert. Iemand die profeteert is nuttiger dan iemand die in klanktaal spreekt, tenzij hij uitlegt wat hij zegt, zodat de gemeente er baat bij heeft.
1 Korintiërs 14:12. Dit geldt ook voor u: als u zo graag geestelijke gaven bezit, moet u ernaar streven uit te blinken in de opbouw van de gemeente.

1 Korintiërs 14:19. … maar om in de gemeente anderen te onderwijzen, gebruik ik liever een paar begrijpelijke woorden dan ontelbaar veel in klanktaal.
1 Korintiërs 14:23. Wanneer namelijk de hele gemeente samenkomt en iedereen zich in klanktaal uit, zullen ongelovige buitenstaanders die de samenkomst bezoeken dan niet zeggen dat u krankzinnig bent?

1 Korintiërs 14:26. Broeders en zusters, wat betekent dit voor uw samenkomsten? Wanneer u samenkomt draagt iedereen wel iets bij: een lied, een onderwijzing, een openbaring, een uiting in klanktaal of de uitleg daarvan. Laat alles tot opbouw van de gemeente zijn. [hier staat in het Grieks niet het woord ekklesia, maar het verwijst er naar]

1 Korintiërs 14:28. Maar als er geen uitlegger is, laat hij dan in de gemeente zwijgen, maar laat hij tot zichzelf spreken en tot God. [HSV, de NBV vertaalt het woord ekklesia niet)
1 Korintiërs 14:33. want God is niet een God van wanorde maar van vrede. Zo is het in alle gemeenten van de heiligen.

De NBV vertaalt ekklesia in onderstaande teksten met ‘samenkomsten’. Dat zou wel eens een precieze vertaling kunnen zijn omdat het gaat over spreken en zwijgen. Dat is toch alleen verstorend als er een spreker is? Het is ook net zoals iemand, die in tongen wil spreken, maar er is geen uitlegger, die moet ook zwijgen.
1 Korintiërs 14:34-35. Vrouwen moeten gedurende uw samenkomsten zwijgen. Ze mogen niet spreken, maar moeten ondergeschikt blijven, zoals ook in de wet staat. Als ze iets willen leren, moeten ze het thuis aan hun man vragen, want het is een schande voor een vrouw als ze tijdens een samenkomst spreekt.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
Mensen aanspreken en desnoods uit de gemeente verwijderen, die het verkeerde pad op gaan. Matteüs.
Onderwijs omvat ook uit hoe je in verbondenheid met Jezus leeft, de wegen in de Heer. 1 Korintiërs 4.
Profeteren in een samenkomst is het belangrijkste, spreken in tongen ook mooi als er uitleg is. 1 Korintiërs 14:4-5, 23 en 28.
Met geestelijke gaven kun je elkaar helpen als de gemeente samenkomt. 1 Korintiërs 14:19.
In een samenkomst heeft ieder wel iets tot opbouw van de gemeente. 1 Korintiërs 14:26.
Er moet ook orde in de samenkomst zijn. 1 Korintiërs 14:33. Het kan heel irritant zijn als mensen steeds door elkaar heen praten. Zou dat de reden zijn van ‘de zwijgtekst’ van 1 Korintiërs 14:34-35?

7.    Profetieën zeven gemeenten in Azië.

In het boek Openbaringen staan profetieën aan zeven gemeenten in wat toen Azië heette. Ze liggen nu in het westen van Turkije. Wat zeggen die profetieën aan de gemeenten ons nu nog? Laten we ze eerste een lezen.

Eerst lezen we een soort opening.
Openbaringen 1:4. Van Johannes, aan de zeven gemeenten in Asia. Genade zij u en vrede van hem die is, die was en die komt, en van de zeven geesten voor zijn troon.

De zeven gemeenten

Openbaring 1:11. … en die tegen me zei: Schrijf alles wat je ziet in een boek en stuur dat naar de zeven gemeenten, naar Efeze, Smyrna, Pergamum, Tyatira, Sardes, Filadelfia en Laodicea.
Openbaring 1:20. Dit is de betekenis van de zeven sterren die je in mijn rechterhand zag en van de zeven gouden lampenstandaards: de zeven sterren zijn de engelen van de zeven gemeenten, en de zeven standaards zijn de zeven gemeenten zelf.

Openbaring 2:1. Schrijf aan de engel van de gemeente in Efeze: Dit zegt hij die de zeven sterren in zijn rechterhand houdt en tussen de zeven gouden lampenstandaards verblijft:
Openbaringen 2:7. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt. Wie overwint zal ik laten eten van de levensboom die in Gods paradijs staat.

Openbaring 2:8. Schrijf aan de engel van de gemeente in Smyrna: Dit zegt hij die de eerste en de laatste is, die dood was en nu leeft.
Openbaring 2:11. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt. Wie overwint zal van de tweede dood geen schade ondervinden.

Openbaring 2:12. Schrijf aan de engel van de gemeente in Pergamum: Dit zegt hij die het scherpe, tweesnijdende zwaard heeft.
Openbaring 2:17. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt. Wie overwint zal ik van het verborgen manna geven, en ook een wit steentje waarop een nieuwe naam staat die niemand kent, behalve degene die het ontvangt.

Openbaring 2:18. Schrijf aan de engel van de gemeente in Tyatira: Dit zegt de Zoon van God, die ogen heeft als vlammend vuur en voeten als brons.
Openbaring 2:23. … haar kinderen zal ik laten sterven aan een dodelijke ziekte. Laat elke gemeente beseffen dat ik het ben die hart en ziel van de mens doorgrondt en dat ik ieder van u zal belonen naar zijn daden.
Openbaring 2:29. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.

Openbaring 3:1. Schrijf aan de engel van de gemeente in Sardes: Dit zegt hij die de zeven geesten van God en de zeven sterren heeft: Ik weet wat u doet; overal wordt beweerd dat u het leven hebt, terwijl u dood bent.
Openbaring 3:6. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.

Openbaring 3:7. Schrijf aan de engel van de gemeente in Filadelfia: Dit zegt hij die heilig en betrouwbaar is, die de sleutel van David heeft wanneer hij opendoet, kan niemand sluiten, wanneer hij sluit, kan niemand openen.
Openbaring 3:13. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.

Openbaring 3:14. Schrijf aan de engel van de gemeente in Laodicea: Dit zegt Amen, de trouwe en betrouwbare getuige, het begin van Gods schepping.
Openbaring 3:22. Wie oren heeft, moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.

Openbaring 22:16. Ik, Jezus, heb mijn engel gestuurd om jullie deze dingen bekend te maken voor de gemeenten. Ik ben de telg van David, zijn nakomeling, de stralende morgenster.

Wat kunnen we van deze teksten leren?
De boodschappen voor de zeven gemeenten in het boek Openbaringen zijn van een bijzondere profetische schoonheid. Het zijn gemeenten in steden, die nu in het Westelijk deel van het huidige Turkije liggen.

In iedere boodschap zit een openbaring over wie Jezus is en wel in het eerste deel van de tekst. Dan is er de inhoud van de profetie voor de gemeente. En dan is er een afsluiting met een oproep om naar de Geest te luisteren. Voor drie gemeenten is er daarbij nog een aanvullende boodschap.

Deze tekst in Openbaringen geeft een mooi beeld van wat de Geest tot de ekklesia, ook die van vandaag, zou kunnen zeggen: complimenten over standvastigheid en betrouwbaarheid, aanmerkingen bijvoorbeeld over de liefde die verslapt, oproep tot bekering en wat de consequenties zijn als er geen bekering is. Wees trouw tot in de dood. Doe afstand van een verkeerde leer is belangrijk. Breek met mensen, die de gemeente op het slechte pad brengen. Hou je niet bezig met geheimen van de duisternis.  

Opvallend dat deze gemeenten, die in dezelfde streek liggen toch verschillende profetieën krijgen. Dat zal bij ons ook zijn.

De ekklesia van de ene stad of dorp is ook anders, dan die andere. Wie heeft een profetie voor de ekklesia in de eigen woonplaats? En wie durft de profetie naar voren te brengen ?

8. Werkvorm

Stel voor jezelf vast. Hoor ik al bij een ekklesia? Zo nee, ga er één zoeken. Ook al vind je slechts één ander nieuw mens, waarmee je samen een ekklesia kunt vormen.

We willen weer opnieuw van Jezus leren. Hij gaf lessen voor een goed leven.